Gesink gaat in de Vuelta het diepe in

Robert Gesink, in actie op de tijdrit tijdens de Olympische Spelen. Foto EPA/Franck Robichon Beeld
Robert Gesink, in actie op de tijdrit tijdens de Olympische Spelen. Foto EPA/Franck Robichon

Robert Gesink (22) begint vandaag in Granada aan zijn eerste grote ronde, de Vuelta. De Nederlandse wielerfans kijken reikhalzend uit naar dit debuut. Het talent zelf ook.

De dag begon woensdag vroeg voor Robert Gesink. Met de auto van Varsseveld naar Düsseldorf, dan met het vliegtuig door naar Madrid, en vervolgens de laatste etappe naar de startplaats Granada. Een lange reis voor een nieuw avontuur.

''Mijn eerste grote ronde, daar ben ik ook benieuwd naar,'' zegt de lange Achterhoeker met een knipoog naar de koers waar wielerminnend Nederland nieuwsgierig naar uitkijkt.

Thomas Dekker staat tijdelijk aan de kant, Robert Gesink treedt in de schijnwerpers. ''Ik merk dat de belangstelling voor mijn optreden hier groot is. Het is leuk dat mensen enthousiast zijn. Ik hoop een beetje aan hun verwachtingen te kunnen voldoen.'' Gesink heeft zich in snel tempo ontwikkeld tot de nieuwe hoop van het vaderlandse wielrennen. Hij is daarin dit jaar zelfs Thomas Dekker voorbijgestoken. Parijs-Nice verloor hij op de voorlaatste dag in de afdaling van de Col de Tanneron (waardoor hij uiteindelijk als vierde eindigde), en in de nog zwaardere Dauphiné Libéré plofte hij eveneens net naast het podium. ''Ik begrijp dat veel mensen zich daarna hebben afgevraagd waarom ik de Tour niet reed. Maar de afspraak was nu eenmaal gemaakt dat het beter was om in Spanje pas mijn eerste grote ronde te rijden.'' ''Natuurlijk kriebelt het als je de Tour op de televisie ziet, maar ik ben blij dat we achter die beslissing zijn blijven staan. De Vuelta is wat betreft lengte van de etappes en de manier van koersen veel geschikter om te rijden als eerste grote ronde.'' Gesink start wel als de kopman van de ploeg die vorig jaar met de Rus Denis Mentsjov de Vuelta won.

''Iedereen zal toch begrijpen dat het mijn eerste grote ronde is. Ik krijg nog de ruimte om te leren.''

Maar toch, het land is ongeduldig.

''Daar lijkt het op, ja. Zelf wil ik ook zo snel mogelijk zo goed mogelijk zijn, maar je moet daarnaast ook realistisch blijven. Het verloop van Parijs-Nice was ook voor mij een verrassing. In de Dauphiné Libéré ging het tussen de grote mannen die in topvorm waren ook goed, maar de routine van het rijden van dat soort wedstrijden zit er nog niet in.'' Een drie wekende durende ronde is weer heel iets anders. ''Daar ben ik dus ook benieuwd naar. Deze ronde is op een bepaalde manier een test. Het grote verschil met die andere koersen wordt de derde week. Hoe verteer je die?''

''Ik wil een zo goed mogelijk klassement rijden. Ik wil ronderenner worden, dus moet je ook als zodanig een koers in gaan. Ik heb er alles aan gedaan om zo goed mogelijk aan de ronde te beginnen. Op de Olympische Spelen (tiende in de wegwedstrijd, tiende in de tijdrit, red.) heb ik laten zien dat de vorm er weer is. Afgelopen maandag heb ik de Grand Prix Plouay gereden als een laatste test. Dat ging ook goed.''

Ook voor Gesink is duidelijk wie de komende weken de grote favoriet is voor de eindzege. ''Alberto Contador. Ook al omdat zijn ploeg (Astana, met Leipheimer en Klöden, red.) erg sterk is. Daarnaast moet je rekening houden met Carlos Sastre en de gebruikelijke onverwachte Spanjaarden.''

Dat Gesink kan klimmen, liet hij zien in Parijs-Nice en Dauphiné Libéré. In Peking bleek dat hij ook hij niet voor niets in de jongere categorieën menige tijdrit heeft gewonnen.

''Toen kon ik inderdaad redelijk tijdrijden. Peking was geen verrassing, omdat ik voor mezelf wel wist dat ik in een lastige tijdrit aankan. De eerste tijdrit in de Vuelta is echter een ander verhaal. Ik weet niet waar ik sta in dat soort rechttoe- rechtaan-ritten.'' Klimmen en tijdrijden zijn twee voorname voorwaarden om een grote ronde te kunnen winnen. Gesink heeft het allebei in zijn bagage. Hij ziet wel kinken die in de kabel kunnen komen als het aankomt op het rijden van een goed klassement. Lachend: ''Ik ken er wel een paar, ja. Contador, Kreuziger, Andy Schleck. Die zijn ook nog lekker jong.''

Thomas Dekker is ook jong. Hij verliet de de Raboploeg enkele weken geleden.

''Ik vind het jammer dat hij weg is. Ik voelde me op mijn gemak achter hem op de tweede rij. Toch denk ik niet dat er veel verandert. Ik laat me namelijk niet zo snel gek maken.'' (AD PERTIJS)

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden