PlusAchtergrond

Fabio Jakobsen: ‘Langzaam maar zeker voel ik me weer een profrenner’

Fabio Jakobsen zit, na zijn val vorig jaar, weer op de fiets. Hij is weer thuis bij familie, zoals hij zijn ploeg omschrijft – eindelijk weer deel van het team.

Het gaat beter met wielrenner Fabio Jakobsen na zijn ongeluk in de Ronde van Polen vorig jaar.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Fabio Jakobsen zit, na zijn val vorig jaar, op de fiets. Hij is thuis bij familie, zoals hij zijn ploeg omschrijft, en eindelijk weer deel van het team.

Het herstel verloopt nog steeds langzaam, maar Fabio Jakobsen denkt vijf maanden na zijn zware val in de Ronde van Polen, waarbij hij door Dylan Groenewegen in de hekken werd gefietst, toch aan fietsen op het hoogste niveau.

Dat vertelde Jakobsen tijdens de persconferentie bij het begin van het seizoen van zijn ploeg Deceuninck-Quick-Step. “Langzaam maar zeker voel ik me weer een profrenner.”

“Vergeleken met 4 augustus gaat het niet zo goed, maar vergeleken met 6 augustus gaat het juist erg goed,” zei Jakobsen (24) gisteren. Precies tussen die twee data zat de val in de Ronde van Polen, waarbij hij onder meer een gebroken neus opliep, tien tanden en een stuk van zijn boven- en onderkaak kwijtraakte. “Het was een van de ergste ervaringen in mijn leven, net als de weken daarna. Dat ik nu hier ben, daar ben ik extreem blij mee.”

Hij zit op de fiets en doet soms weer met trainingen mee, maar het komt voor dat hij een deel van de route afsnijdt om eerder bij het hotel te zijn. In een filmpje van de ploeg was te zien hoe hij lachend een af­daling inzette, handen onderin de beugel, terwijl hij zijn collega te snel af was en bijna de cameraman voorbijreed.

Op weg naar oude niveau

Gisteren, het eerste persmoment na zijn val, oogde Jakobsen ontspannen. De tijd van terugkijken was voorbij; er wordt vooral vooruitgekeken. Hij is in Spanje op trainingskamp thuis bij familie, zoals hij zijn team omschreef. Meerdere malen prees hij de manier waarop hij is opgevangen.

Team­genoot Zdenek Stybar zei net als het hele team te geloven dat Jakobsen weer op zijn oude niveau terugkomt. En dat lukt al redelijk, vertelde hij, al gaat het nog wel moeizaam.

Wanneer hij weer zou kunnen racen? Daar is nog geen antwoord op. “Ik kan maar één datum geven”, zei Jakobsen. “Dat is in februari, als ik een nieuwe operatie moet ondergaan. Misschien is het dan mogelijk om na één of twee maanden alweer te rijden, maar dat is onduidelijk. Er kunnen nog complicaties zijn.”

Herstel eerste zorg

Het is ook nog niet de bedoeling om meteen weer voor een resultaat te rijden. Herstel is de eerste zorg. De ambitie is zeker gebleven, vertelde hij, daarbij wijzend naar de mannen die op afstand naast hem waren komen te zitten: Sam Bennett, winnaar van de groene puntentrui in de Tour de France, en Mark Cavendish, de man met de meeste sprintzeges in de Tour de France. “Dat ik hier zit, tussen de beste sprinter van de Tour en de beste aller tijden, dat geeft mij een grote motivatie.”

Ook dat was opvallend aan het gesprek: Jakobsen kreeg niet de meeste aandacht. Die ging naar Cavendish, de nieuwe oude sprinter van de ploeg. Het ging over sprinttreinen, vergezichten over nieuwe generaties – en dus vooral weer over sport. Jakobsen was een van de velen, ‘gewoon’ een teamgenoot. Precies zoals het zijn bedoeling was.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden