PlusReportage

Eerst het WK curling en dan hopen op ‘nieuwe Van Dorps’

De Nederlandse curlingmannen willen op het WK, dat vrijdag begint in het Canadese Calgary, een flinke stap voorwaarts zetten. In de breedte blijft nieuwe aanwas echter uit.

Netherlands skip Jaap Van Dorp in actie op het WK van 2018. Beeld AP
Netherlands skip Jaap Van Dorp in actie op het WK van 2018.Beeld AP

Jaap van Dorp (31) weet nog goed hoe het vijf jaar geleden was. Net afgestudeerd als technisch natuurkundige aan de Technische Universiteit Delft zocht hij een woning en een baan. Hij moest voltijds gaan werken, want als een van de beste curlers van Nederland viel er met zijn sport niks te verdienen. Het internationale hightechbedrijf ASML bood uitkomst.

“Slechts een deel van de kosten werd door de curlingbond betaald,” zegt Van Dorp vlak voor hij met zijn teamgenoten Wouter Gösgens, Laurens Hoekman, Carlo Glasbergen en reserve Tobias van den Hurk vertrekt naar Canada voor het WK. “Voor toernooien moesten we soms zelf geld bijleggen.”

Hoewel een volle werkweek moeilijk te combineren was met zijn leven als topsporter, hield hij samen met zijn teamgenoten van het Nederlandse curlingteam vertrouwen. Onverzettelijkheid was Van Dorp toen al niet vreemd. Ooit zou hij kunnen leven van hun sport, ooit zou hij serieus meedoen op een wereldkampioenschap, ooit zou hij zich plaatsen voor de Olympische Spelen.

Professionaliseringsslag

Tweeënhalf jaar geleden werd, door de hulp van NOC*NSF, zijn vertrouwen beloond. De sportkoepel voegde het curlingteam toe aan TeamNL, goed voor een jaarlijks stipendium van drie ton. De curlers maakten direct een grote professionaliseringsslag. Van Dorp regelde bij zijn werkgever dat hij nog maar één dag per week hoefde te komen en besteedde de overige tijd aan curling.

“Ik heb geen greintje twijfel gehad. Elke keuze in mijn loopbaan is de juiste geweest,” zegt Van Dorp, die als skip van het team bepalend is voor de strategie. “Eigenlijk leefde ik daarvoor al als fulltime prof. Het voordeel is nu dat ik kan trainen en spelen wanneer ik wil en niet afhankelijk ben van lange werkdagen.”

Alleen al door de toenemende tegenstand hebben de Nederlandse mannen zich de laatste jaren flink verbeterd. Van Dorp: “We konden ineens drie keer per jaar naar Canada, toch het curlingmekka van de wereld, om toernooien te spelen. Wij leerden ons daar te meten met de absolute top.”

Met het team, dat al jaren bij elkaar is, moet een plek bij de eerste zes mogelijk zijn, denkt Van Dorp. Hoewel Van Dorp en zijn ploegmaten door corona al anderhalf jaar geen groot toernooi hebben gespeeld, is het verschil met de drie laatste WK’s, waarop Nederland elfde en twee keer tiende werd, dat er meer consistentie in het spel zit. “We verloren soms met één steen verschil, dan lieten we het net liggen. Die druk op één zo’n worp kunnen we nu beter aan, waardoor we strategischer gooien en de tegenstander in moeilijker posities kunnen brengen.”

150 beoefenaars

Achter het selecte groepje topsporters blijft de groei in het Nederlandse curling steken. Na Van Dorp en zijn teamgenoten zit een bescheiden talentenpool met onder anderen de 20-jarige Tobias van den Hurk. De laatste jaren is het aantal curlers stabiel: de sport kent 150 beoefenaars in ons land, verdeeld over vier verenigingen.

De tweede doelstelling van de bond en NOC*NSF, naast olympische kwalificatie, is daarmee voorlopig mislukt. “We hopen dat een goede prestatie helpt,” zegt Van Dorp. “Als je het een keer probeert, dan wil je het vaker doen. Maar dan moeten er wel voldoende faciliteiten en mogelijkheden zijn.”

Veel enthousiaste jongeren als Van den Hurk zijn er niet. Hij kwam als jochie naar curlingclub Prins Willem-Alexander in Zoetermeer, nadat zijn ouders hem hadden gewezen op een oproepje in de krant. Van den Hurk kwam en ging nooit meer weg. “Er is heel weinig ijs beschikbaar voor beginnende clubs,” zegt Van den Hurk, die zich opmaakt voor zijn eerste WK. “Mensen moeten dan om 23.00 uur naar de baan komen, of in het weekend om 6.00 uur. Wie maak je daar lekker voor?”

Van den Hurk verwacht dat Nederlandse curlers op de Olympische Spelen de ‘nieuwe Van Dorps’ naar de sport gaan trekken. “De eerste kans krijgen we dit WK. En anders hebben we nog een nieuwe mogelijkheid tijdens het olympisch kwalificatietoernooi later dit jaar.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden