Plus Reportage

Dylan Groenewegen: ‘Ik kwam er net lekker in’

Dylan Groenewegen in het zand bij de Ouderkerkerplas. Beeld Marc Driessen

Veel veldrijders strijden in de donkere maanden in de Amsterdamse Cross Competitie. Als Dylan Groenewegen komt opdagen, is er van een spannende wedstrijd geen sprake meer.

Komt hij wel of komt hij niet? Organisatoren van de Amsterdamse Cross Competitie, een reeks van elf veldritten in en rond Amsterdam, weten het ook niet. “Als Dylan Groenewegen komt, is dat voor ons ook bonus, het is helaas nooit met zekerheid te zeggen.”

Een van de snelste fietsers ter wereld, inmiddels vier overwinningen in de Tour de France op zak, laat zich zo nu en dan zien in de reeks wedstrijden. De Amsterdammer met de dikke dijen kondigt zijn aanwezigheid nooit aan. Groenewegen (26) staat aan de start als hij er zin in heeft of als het goed uitkomt.

Als laatste van start

Vorige week reed hij nog mee op Sportpark Sloten in Nieuw-West en greep met grote voorsprong de winst. Groenewegen is de Mathieu van der Poel van de Amsterdamse Cross Competitie: hij doet niet mee in alle wedstrijden, maar als hij verschijnt, wint hij. Veel andere deelnemers proberen te voorkomen dat ze een ronde worden ingehaald.

Willard Gerritsen (56), tien jaar geleden een van de initiatiefnemers van de reeks cross­wedstrijden, heeft het al een paar keer zien gebeuren. “Ik weet niet hoe Groenewegen het doet. Omdat hij er maar sporadisch is, doet hij niet mee in het klassement en start hij vaak als laatste, maar na een ronde ligt hij zonder te schreeuwen of stennis te schoppen al derde. Weer een ronde later heeft hij een minuut voorsprong.”

De zevende wedstrijd van de competitie is bij de Ouderkerkerplas. Over de hele ochtend worden ongeveer 250 deelnemers verwacht, verdeeld in verschillende leeftijdsklassen. Op het inschrijvingsbureau, in de schuur achter de statige boerderij Elisabeth Hoeve aan de rand van het parcours, hebben ze een uur voor de wedstrijd nog geen Groenewegen gezien. De eigenaresse, die onder andere snert en tosti’s verkoopt, heeft een blauw dekzeil op de houten vloer gelegd. Ze wil die beschermen tegen de modderige wielerschoenen, want de komende avonden, staat countrylinedance op het programma.

‘Kijk papa, daar is hij!’

Wanneer de mannen van de veteranencategorie hun rondes maken op het bijna drie kilometer lange parcours, wordt in de verte een wielrenner in geel tenue ontwaard. “Kijk papa! Daar is hij, Dylan Groenewegen,” klinkt het uit de mond van een kind. De vader neemt het enthousiasme over als hij de coureur van Jumbo-Visma in de verte ziet warmrijden.

Zoals gebruikelijk krijgt Groenewegen, afgelopen seizoen goed voor veertien individuele zeges op het hoogste niveau, geen voordelige startpositie tussen de andere 61 deelnemers. Anders dan de vorige keer schiet de voormalig Nederlands kampioen na machtige meters als derde de eerste bocht in met ruim vijftig kilometer per uur. Na een halve ronde draait hij vooraan het strand van de Ouderkerkerplas op, de laatste drie overgebleven achtervolgers sterven in zijn wiel. De koers is nog geen zeven minuten bezig.

Moederziel alleen

Anders dan in de wegwedstrijden wacht Groenewegen niet tot de massasprint met zijn versnelling. Een omloop later rijdt Groenewegen moederziel alleen aan de leiding.

Met de feliciterende woorden van de speaker passeert Groenewegen met een opgestoken hand na ruim vijftig minuten wielrennen de finishstreep bij het water van de plas. “Jammer. Dit had van mij nog wel even lekker mogen duren,” zijn de eerste woorden die hij met een kwak modder boven zijn lippen uitspreekt. “Ik kwam er net een beetje lekker in.” Een handvol fans verzamelt zich om de profrenner heen en vraagt om een handtekening.

Lekker klooien

Voor aanvang van de veldrit heeft Groenewegen al twee uur op zijn fiets gezeten. De wedstrijd ziet hij als een aangename onderbreking en trainingsprikkel. “Ik doe dit al vanaf mijn jeugd. Dit is beter dan saai vijf uur aan een stuk fietsen. Ik houd van lekker klooien. Meestal win ik zonder heel diep te gaan.”

Voor wie denkt dat Groenewegen, net terug van een vakantie op Curaçao, de crosswedstrijden rijdt buiten medeweten van zijn ploeg, heeft het mis. De wielrenner vraagt zelf aan zijn trainer Merijn Zeeman of hij een paar keer mag starten. In zijn trainingsschema staat bij sommige zondagen ‘ga maar crossen’.

Andreaskruisen

“Als ik dit mag van Zeeman, ben ik rest van de week scherper,” zegt Groenewegen die zich opmaakt voor de uitreiking van de bloemen. “Hier rijden voelt als een beloning. Ik heb plezier gehad. Dan blijf ik gemotiveerd voor de rest van de winter.”

Die winter duurt nog heel lang voor de snelle man van Jumbo-Visma. Zijn officiële start van het seizoen zal waarschijnlijk ergens in februari zijn.

Na de korte huldiging stapt Groenewegen weer op zijn zelfontworpen fiets met drie andreas­kruisen. Op weg naar nog eens anderhalf uur trainen voor het nieuwe seizoen. Niemand weet wanneer ze hem weer in de Amsterdamse modder zien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden