Plus Interview

De werkdag van Ricardo Clarijs, de ultieme handbalcoach

De handbalsters van VOC spelen zondag de eerste wedstrijd in de ­finale om de landstitel. De 29-jarige coach Ricardo Clarijs kan voor het derde jaar op rij kampioen worden met de ploeg uit Amsterdam-Noord. Hoe ziet de werkdag van deze trainer eruit?

Ricardo Clarijs Beeld Marc Driessen

08.00 uur. Schiedam, woning ­Ricardo Clarijs

Tijdens het ontbijt gaat de laptop open om meteen alle opgeslagen data van de vorige dag te bekijken van de spelers en speelsters die hij onder zijn hoede heeft. Dat zijn er veel. Hij is namelijk niet alleen coach van VOC, maar ook talentcoach op de Handbalacademie en bondscoach van de handbalvrouwen onder 16 en onder 17 jaar.

Geen rustig begin van de dag dus, want ook de planning van de rest van zijn handbalwerkdag wordt grondig doorgenomen “Of het nu vroeg in de ochtend is of ’s avonds laat, ik denk nooit: wat vervelend,” aldus Clarijs. “Ik wist het altijd al: coachen is wat ik het liefste doe.”

Dat coachen doet Clarijs al sinds hij 21 jaar is. Eerst bij DWS in zijn woonplaats Schiedam, om vervolgens met de handbalsters van Foreholte uit Voorburg kampioen van de eerste ­divisie te worden. De successen vielen op bij het Nederlands Handbalverbond en inmiddels is hij een van de dragende krachten van de Handbalacademie.

Als alles op de laptop is bekeken, stapt hij in de auto naar Arnhem.

12.00 uur. Arnhem, kantine sportcentrum Papendal

In de kantine is het tijdens lunch een komen en gaan van bekende sporters. Zo zoekt atlete Dafne Schippers met een dienblad in de hand rustig naar een plekje. Het valt Clarijs niet op. Hij is druk in bespreking met zijn team over de training en dus pakt hij zijn laptop erbij.

Clarijs haalt zijn informatie en kennis niet alleen uit zijn computer. Hij praat ook veel met zijn speelsters en spelers. “Ik zie mezelf als coach ook als een onderdeel van het team. Ik vind het daarom belangrijk iedereen te kennen. Ze mogen me ook altijd benaderen als ze ergens mee zitten. Al ben ik net 29 jaar en train ik ook speelsters die ouder zijn, ik weet echt wel wat er in de wereld te koop is.”

Het gaat nog te vaak over zijn leeftijd, vindt hij. Waar hij ook begon als coach, er waren altijd sceptici die hem erg jong vonden voor zijn baan. “Kun je alleen kampioen worden als je al meer dan twintig jaar in het vak zit? Natuurlijk helpt het als je dingen een keer hebt meegemaakt, maar dan nog is niet alles te voorspellen, zeker niet in sport. Leeftijd zegt, volgens mij, daarom niet veel over de kans op succes.”

15.30 uur. Sporthal Papendal, de training van de handbalsters van de Handbalacademie

Er staat een conditietest op het programma, maar dat betekent niet dat Clarijs met zijn handen over elkaar langs de kant zit. Hij spoort de speelsters aan en als de vermoeidheid toeslaat, probeert hij ze toch nog dat laatste sprintje te laten trekken. Twee speelsters die terugkomen van blessures worden daarna onder handen genomen.

De coach is serieus, maar gelachen wordt er ook. Clarijs vindt het, in tegenstelling tot sommige van zijn collega’s, niet zwaar vrouwen te trainen. “Speelsters denken in het team­belang, terwijl ik merk dat mannen vaak meer met hun eigen individuele prestatie bezig zijn. Geen mens is echter hetzelfde, dus ik laat me niet leiden door vooroordelen over sporters en sportsters. Dan heb je het als coach nooit zwaar.”

Om 18.00 uur stapt Clarijs in de auto naar Amsterdam. Tijd om te dineren heeft hij niet, dus snel wat boterhammen naar binnen. Het is het eerste moment van de dag dat hij niet met handbal bezig is. “Autorijden is voor mij, hoe gek het ook klinkt, ontspannend. Ik kies als ik thuis ben ook momenten om niet met handbal bezig te zijn. Al is het soms lastig dingen te plannen met vrienden. Gelukkig ken ik de meesten van handbal, dus ze ­weten waarom ik er niet altijd ben.”

19.30 uur. Amsterdam, Sporthal ­Elzenhagen, training VOC

Tijdens de training van VOC is er weinig verschil te zien met zijn training bij de Handbalacademie. Hij staat geen moment stil en praat constant. Het plezier straalt ervan af.

VOC haalde hem in 2017 als coach naar Amsterdam-Noord, nadat Bert Bouwer voortijdig was vertrokken. Prompt werd de club voor het eerst in zeven jaar landskampioen.

Clarijs is op zijn plek in Noord. Het enige waar de speelsters hem op aanpakken, is zijn favoriete voetbalclub: ­Feyenoord. Dat wordt hem vooralsnog vergeven, want VOC kan tegen Quintus voor het derde jaar op rij de landstitel pakken. De Amsterdammers lijken favoriet; VOC verloor geen enkele competitiewedstrijd (zestien overwinningen, twee gelijke spelen) en maakte liefst 456 doelpunten (een gemiddelde van 38 doelpunten per wedstrijd). Ook de beide wedstrijden in de halve finale van de play-offs tegen VZV werden gewonnen.

“Goede cijfers zijn leuk, maar we hebben nog niets,” zegt Clarijs, voordat hij om 22.00 uur in zijn auto stapt naar Schiedam. “Quintus is niet zomaar een ploegje, maar we hebben laten zien dat we voor niemand bang hoeven te zijn. Een derde titel zou de kers op de taart zijn van een mooi ­seizoen.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.