PlusAchtergrond

De nieuwe generatie Duitse trainers: van krachtvoetbal naar flair

Ajax staat woensdag tegenover het Liverpool van Jürgen Klopp. Duitse trainers drukken deze jaren hun stempel op het moderne voetbal. Met één belangrijke overeenkomst: ze zoeken altijd de kortste weg naar het doel.

Jurgen Klopp, trainer van Liverpool, is een van de vele Duitse coaches.Beeld BSR Agency

Hansi Flick werd onlangs door de Uefa uitgeroepen tot beste trainer/coach van het voorbije seizoen. Met Bayern München won hij de Champions League, de Europese én Duitse Super Cup, het landskampioenschap en de beker. Flick bleef in de verkiezing Jürgen Klopp en Julian Nagelsmann voor. Wat de drie coaches gemeen hebben? Ze komen uit Duitsland, maar ze speelden zelf nooit een interland. Sterker, Klopp reikte als profvoetballer niet hoger dan de Tweede Bundesliga en Nagelsmann moest zijn carrière al heel jong opgeven vanwege een knieblessure.

Er is een nieuwe generatie Duitse trainers opgestaan. De huidige trainer van Telstar, Andries Jonker, maakte een deel van de omwenteling van nabij mee toen hij zelf trainer was van VfL Wolfsburg. “De oude garde, met coaches als Felix Magath, Jupp Heynckes en Ottmar Hitzfeld, zwaaide de afgelopen jaren af. De nieuwe trainers in de top luisterden echter niet naar namen als Andreas Brehme of Oliver Kahn, gelouterde ex-internationals, maar naar Thomas Tuchel en Julian Nagelsmann. Toen volslagen onbekend bij het grote publiek.”

Tuchel (47) en Nagelsmann (33) zijn vrienden. Ze stonden een paar maanden geleden in de halve finale van de Champions League tegenover elkaar. Tuchel als coach van Paris Saint-Germain, Nagelsmann als eindverantwoordelijke bij RB Leipzig. Nooit was een coach in de halve eindstrijd van de Champions League jonger dan Nagelsmann.

Geen imposante loopbaan

Ze leerden elkaar kennen bij Augsburg. Nagelsmann was destijds 19 jaar en raakte vanwege een knieblessure op een zijspoor. Tuchel, ook vroeg afgekeurd voor betaald voetbal, was trainer van het tweede elftal. Hij vroeg Nagelsmann analyses voor hem te maken: van spelers, van zijn eigen elftal, van tegenstanders. Als baantje naast zijn studie economie en psychologie. De rest is geschiedenis.

De nieuwe generatie trainers in Duitsland heeft de weg naar de top en die naar andere Europese landen gevonden. Coaches die elkaar inspireren en die de ruimte hebben gekregen om zich te ontwikkelen. “Geen van allen had een imposante loopbaan als speler,” weet Jonker. “Ook bondscoach Joachim Löw en Liverpooltrainer Jürgen Klopp niet. In Nederland leeft het idee dat het voor een trainer op het hoogste niveau een voorwaarde is dat hij een behoorlijk aantal interlands heeft gespeeld. In Duitsland denken ze daar anders over, zowel bij de bond als bij de clubs.”

Nagelsmann haalde op zijn 28ste het hoogste trainersdiploma. In Nederland is het bijna onmogelijk op die leeftijd – en zonder enige voetbalachtergrond – te worden toegelaten tot de cursus. Jürgen Klopp was pas 41 jaar toen hij werd aangesteld als hoofdcoach van topclub Borussia Dortmund – en dat gold zeven jaar later ook voor zijn opvolger Thomas Tuchel, maar zij hadden als trainer wél een karrenvracht aan ervaring opgedaan.

Allerlaagste niveau

In Nederland zijn momenteel drie Duitse coaches werkzaam in de eredivisie: Frank Wormuth (Heracles), Roger Schmidt (PSV) en Thomas Letsch (Vitesses). Schmidt en Letsch hebben een verleden bij Red Bull Salzburg. Net als Marco Rose, die naam maakt bij Borussia Mönchengladbach. Rose voetbalde een jaar onder Jürgen Klopp, bij Mainz, waar Rose ook zelf zijn trainerscarrière begon.

Het grijpt allemaal in elkaar, zegt Letsch. Veel van deze trainers hebben dezelfde achtergrond. Ze delen dezelfde voetbalfilosofie en hebben elkaar (deels) gevormd. Het aloude Duitse krachtvoetbal ruilden zij in voor flair, tempo en initiatief.

Letsch (52) had nooit gedacht dat hij een beroepstrainer zou worden. Als speler was hij ook blijven steken op het hoogste amateurniveau. “Ik ben op het allerlaagste niveau begonnen met trainen. Wat beslissend is geweest voor mijn carrière, is een telefoontje van Ralf Rangnick. Hij vroeg me in 2012 om bij Red Bull Salzburg hoofd jeugdopleidingen te worden. Daar kon ik me enorm ontwikkelen, met die aanvallende stijl van voetbal. Ik geloof in dat concept. Ik wil niet 70 procent balbezit en nauwelijks kansen; ik wil controle over de wedstrijd, ook als de tegenstander de bal heeft. Leg je wil op, duw ze een bepaalde kant op, wacht niet af tot de tegenstander een fout maakt, maar dwing die fout af. En zoek zo snel mogelijk het doel.”

Bij Vitesse heeft Letsch zijn spelers in korte tijd op zijn lijn gekregen. De Duitse trainer is ook een moderne trainer. Het voetbal verandert. Commando’s geven en drillen werkt niet meer. De voetballer vraagt tekst en uitleg; Letsch geeft die. “Vroeger was de voetballer een sporter. Nu is hij atleet. Hij is snel, musculair. Er zit geen gram vet meer op. Alles gaat sneller en alles wordt gemeten. Hoeveel ze lopen, waar ze lopen en wanneer ze lopen.”

Didactische uitdagingen

Letsch en zijn geestverwanten Rangnick, Tuchel, Schmidt, Klopp en Nagelsmann worden om hun deels wetenschappelijke benadering soms denigrerend ‘laptoptrainers’ genoemd. Het zal ongetwijfeld te maken hebben met het feit dat zij zelf niet of nauwelijks op niveau hebben gevoetbald. De trainer met een rijk verleden krijgt vaak meteen het respect van zijn spelers, maar dat raakt hij kwijt als hij zijn vak niet verstaat. Een trainer zonder noemenswaardige carrière als voetballer moet dat krediet opbouwen.

Letsch: “Het kan een voordeel zijn als je zelf topspeler bent geweest, omdat je weet wat er in het hoofd van de voetballers omgaat, maar ik vind trainer-coach vooral een ervaringsvak. Ik ben op het allerlaagste niveau begonnen. Alle ervaringen in dit vak maken je sterk: goede en slechte. Je persoonlijkheid vormt zich, je wordt didactisch uitgedaagd en gevormd. Kijk naar de Duitse trainers die nu succesvol zijn: hun filosofie komt misschien overeen, maar ze zetten allemaal hun eigen accenten. Ze hebben allemaal hun eigen werkwijze, het zijn allemaal verschillende persoonlijkheden.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden