PlusAchtergrond

De Beneliga is nog nooit zo dichtbij geweest

Nog nooit in de voetbalgeschiedenis was een Beneliga zo dichtbij. De Belgische en Nederlandse topclubs geloven steeds sterker in het potentieel van een gezamenlijke competitie, ondersteund door een onderzoek van Deloitte.

David Neres tijdens de wedstrijd tegen Standard Luik in de derde voorronde van de Champions League.Beeld ANP

Een topoverleg in Eindhoven bracht de elf grootste clubs van Nederland en België donderdagmiddag dichter bij elkaar dan ooit. Na decennia van dagdromen en discussiëren ligt er voor het eerst een concreet plan voor een gezamenlijke competitie, waarbij alle grote clubs zijn aangesloten.

In het Philips Stadion van PSV presenteerde accountantsbureau Deloitte vandaag een grondig rapport aan de directies van de Belgische top (AA Gent, RC Genk, Anderlecht, Standard Luik en Club Brugge) en de zes Nederlandse clubs die het initiatief namen: Ajax, PSV, Feyenoord, AZ, Vitesse en FC Utrecht.

Conclusie van de onderzoekers: een Belgisch/Nederlandse competitie biedt significant grotere financiële en sportieve groeimogelijkheden dan twee afzonderlijke competities. Daarnaast wordt een Beneliga potentieel als ‘attractiever’ beoordeeld, en voorzien de betrokkenen een sportief sterkere competitie met meer onderlinge weerstand.

Kleinere clubs moeten ook profiteren

De financiële groeipotentie geldt niet alleen voor de achttien beoogde deelnemers aan die topcompetitie, maar ook voor de clubs in de divisies daaronder. Voor de KNVB, de KBVB en de Eredivisie CV was dat laatste cruciaal; ook de middelgrote en kleine profclubs moeten meeprofiteren van een eventuele Beneliga, óók als ze zelf in een eigen nationale competitie blijven spelen. 

In het voorlopige concept wordt uitgegaan van een gezamenlijke topcompetitie van tien Nederlandse en acht Belgische clubs. Daaronder komen dan twee nationale competities, zowel in Nederland als in België, waarbij een promotie/degradatieregeling wordt ingebouwd. 

Buiten de elf aangesloten topclubs worden de zeven overige clubs in de eerste Beneliga normaal gesproken geselecteerd op basis van prestaties in de voorafgaande seizoenen. Volgens Deloitte gaat onder alle omstandigheden het ‘complete Belgische en Nederlandse voetballandschap’ er significant op vooruit: de media- en marketingrechten gaan volgens het rapport aanzienlijk méér opbrengen, en dat vloeit door naar de lagere echelons.

2025 moet startjaar worden 

Er zal nog volop weerstand volgen, maar de weg ligt open naar de volgende fase van het traject. In de komende maanden wordt een businessplan uitgewerkt richting 2025, het jaar waarin de Nederlandse televisierechten op de markt komen, en daarmee het beoogde startjaar van de Beneliga.

De komende tijd zullen ook de overige Nederlandse en Belgische club betrokken worden in de besluitvorming, terwijl het Deloitte-rapport verder wordt getoetst, onder andere met een publieks- en supportersonderzoek. Ook worden er gesprekken gepland met de diverse overheden. Er liggen nog veel obstakels op de weg, zo zien alle betrokkenen, maar duidelijk is wel dat alle elf clubs het plan een vervolg willen geven.

Myron Boadu van AZ in duel met Abdoulaye Seck van Royal Antwerp.Beeld EPA

Ook Ajax is vooralsnog positief, van alle clubs de meest internationaal georiënteerde club, en daarmee ook het meest kritisch over de potentiële groeicijfers. De Amsterdamse club legt de potentie van een Beneliga naast die van een mogelijke Europese SuperLeague, ofwel een verder uitgebreide Champions League. Maar ook de Nederlandse landskampioen ziet het potentieel.

Hoofdpunten

De Belgische clubs waren voorafgaand meer verdeeld, waarbij Standard Luik als groot scepticus gold, en RC Genk en AA Gent juist als voortrekkers. Maar in Eindhoven vonden de betrokken partijen elkaar vooralsnog op hoofdpunten; aan het einde van de middag brachten ze een gezamenlijk en unaniem persbericht naar buiten.

De oorsprong van het Deloitte-onderzoek ligt in oktober 2019, toen de elf grootste Belgische en Nederlandse clubs voor het eerst bij elkaar kwamen over het thema, destijds ook in Eindhoven. Daar werd besloten om een onafhankelijk rapport gezamenlijk te financieren.

De bonden KNVB en KBVB, de Eredivisie CV en de Belgische Pro League betalen niet mee aan het onderzoek, maar praten wel mee als strategisch gesprekspartner. De komende maanden zullen zij ook het aanspreekpunt zijn voor de overige profclubs.

Ook de rol van de UEFA wordt belangrijk in het proces. De Europese voetbalbond moet een mogelijke Beneliga niet alleen goedkeuren, maar cruciaal is dat ook het aantal Europese tickets op peil blijft. Volgens ingewijden staat de UEFA, in tegenstelling tot in het verleden, vooralsnog positief tegenover de plannen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden