Bondscoach Dean Gorré wil met Suriname naar het WK

Het nationale elftal van Suriname is in Nederland. Bondscoach Dean Gorré heeft een missie. Hij wil naar de Gold Cup. Of een WK. Of gewoon goede profs maken. 

De mannen van het Surinaamse elftal leggen de piepjestest af. Op de voorgrond trainer Dean Gorré. Beeld Pim Ras Fotografie

Mocht Suriname een keer op een WK terechtkomen, dan is de basis gelegd in Badhoevedorp op het kunstgrasveld van RKSV Pancratius, naast een gele wipkip. Ronaldo Kemble maakt er net een kikkersprong en naast hem staat een serieuze man met een meetlint. Het is vandaag meet- en weetdag bij het nationale team van Suriname, dat in de volksmond Natio heet.

Dat staat ook groot op de rug van bondscoach Dean Gorré (48). De voormalige speler van Feyenoord en Ajax heeft zijn selectie mee naar Nederland genomen om oefenwedstrijden te spelen tegen Almere City en Telstar. Met het ultieme doel om een WK te halen. Of eerst maar eens de Gold Cup, het landenkampioenschap van Noord- en Midden-Amerikaanse landen.

Kwalificatie voor de Gold Cup is zo makkelijk nog niet. Gorré beschikt niet over het enorme potentieel aan van oorsprong Surinaamse eredivisiespelers. In Suriname schrijft de wet voor dat die spelers dan hun Nederlandse paspoort in moeten leveren. Dat doet niemand.

Gorré moet vooral scouten op de sport­velden van het moederland, bij clubs als Inter Moengotapoe, Robinhood, Transvaal en Leo Victor. Geen probleem, want hij heeft een missie. “Het is de liefde voor het land,” zegt Gorré in de kantine van Pancratius. “Ik heb besloten om twee jaar van mijn leven te geven. Ik woon weer in Suriname. Mijn gezin woont nog in Engeland.”

Gorré ziet potentie, ook bij de spelers uit de Surinaamse competitie. “Ik keek er naar wedstrijden en dacht soms echt: wauw! Bij sommigen denk ik: waarom speelt hij niet op het hoogste niveau? Er lopen Gullits en Rijkaards in Suriname. Maar er mist structuur. Geen stadions, geen organisatie. Uiteindelijk hebben ze allemaal een baan ernaast. Deze jongens ook. Ze werken bij de brandweer of bij telecombedrijven. De slimme zitten bij verzekeringsmaatschappijen. Maar je weet het nooit. Straks eindigen ze als mangoverkoper. Of ze gaan het leger in.”

Plastic poppen

Dat toekomstbeeld heeft Ronaldo Kemble niet. De enige speler van de selectie die niet uit de omgeving van Paramaribo komt, is vernoemd naar de Braziliaanse wereldster, dus hij moest wel voetballer worden. “Ik voetbalde gewoon op straat. Zo werd ik gescout.” Nu speelt hij bij topclub Transvaal. “Ik wil ooit naar een WK. Of prof worden in Nederland.”

Nog nooit was hij in Nederland. Hij kijkt zijn ogen uit. Net nog zag hij een paar plastic poppen naast elkaar staan. “Een muurtje. Dat was nieuw voor me.” Op Schiphol struikelden drie spelers op de horizontale roltrap. “Je lacht je rot met ze,” zegt Gorré. “Eentje noemt zich een wereldreiziger. Hij is hier deze week voor de tweede keer in zijn leven.” De trip van vandaag naar de Zaanse Schans belooft een happening te worden.

Surinaams-Nederlandse stervoetballers geven gul. Kemble en zijn teamgenoten spelen op kleurrijke en vrij nieuwe kicksen van Ryan Gravenberch. Andere spelers lopen op schoenen van Mo Salah en Sadio Mané. Cadeautjes van Georginio Wijnaldum, die bij Liverpool een kleine inzameling hield. Sowieso is het trainingskamp mogelijk dankzij de bijdrage van spelers als Quincy Promes en Jeremain Lens.

In Suriname zelf wordt wat argwanender gekeken naar Gorré. “Ze zien me als een buitenlandse trainer. Ik ben nota bene geboren in Suriname. Dat doet wel pijn. Maar het gaat erom of we de mensen meekrijgen. Als IJsland (met minder inwoners dan Suriname, red.) een WK kan halen, dan kan Suriname dat ook.”

Schrik

Maar Suriname bokst op tegen Guyana, dat wel beschikt over Franse profs. Nicaragua is groter en Panama, Costa Rica en Honduras speelden al op een WK.

Als zijn spelers prof worden in Mexico of Amerika is de basis gelegd, vindt Gorré. Voor navolging van de jaren zeventig, toen Suriname zelfs Europese ploegen schrik aanjoeg. “Pelé kwam met Santos naar Suriname. André Kamperveen was vedette. En Humphrey Mijnals natuurlijk.”

Mijnals, ooit de pionier voor Surinaamse voetballers in Nederland, overleed deze week. Dat Suriname juist nu stappen gaat zetten naar nieuwe horizons? Een fraaie toevalligheid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden