Plus PS

Bob (18) is talentvol keeper én behoort tot de wereldtop op de Playstation

Op gras geldt keeper Bob van Uden (18) van Almere City FC als groot talent, maar op de Playstation behoort de Amstelvener tot de wereldtop. 'Na de training zit ik drie, vier uur achter de computer.'

Bob van Uden, op zijn zolderkamer: 'Sommige jongens proberen je uit je spel te halen. Moet je je niets van aantrekken.' Beeld Ivo van der Bent

Hij heeft tactisch inzicht, zegt hij zelf. Eigenlijk ziet hij in één oogopslag of zijn elf spelers in 4-4-2 of in 4-3-3 moeten spelen. Of hij ze bij balverlies naar achteren laat lopen of dat hij zijn voetballers gedisciplineerd druk laat zetten ('als collectief').

Praat met Bob van Uden en termen als 'winnaarsmentaliteit' en 'mentale weerbaarheid' vliegen je om de oren. En toch, het gaat hier niet over voetballers van vlees en bloed - althans, niet altijd. Hij heeft het over elektronische spelers, die door hem worden bestuurd via een console.

Van Uden is een wereldtopper in, tja, wat eigenlijk? "Noem me maar gewoon e-sporter. Dat is de gebruikelijke term. Sinds oktober ben ik toegetreden tot het e-sportteam van eredivisieclub PEC Zwolle."

Hij speelt namens PEC in de eDivisie, begin dit jaar gelanceerd door de ­eredivisie, waarin achttien eredivisieclubs virtueel strijden om het kampioenschap in de voetbalgame Fifa 18.

Van Uden kan dus héél goed voetballen op een spelcomputer, een Playstation om precies te zijn. In januari van dit jaar, hij was nog 17, brak hij door toen hij 116 van de 120 wedstrijden van de zogenaamde Fifa 18 Weekend League winnend wist af te sluiten.

Het betekende zijn doorbraak. Op dat moment stond hij, onder zijn spelersnaam Kingep, vijftiende op de wereldranglijst.

Van Madrid tot Berlijn
Van Uden verdient geld als speler van PEC, maar ook ­omdat hij regelmatig leuke prijzen bij elkaar speelt tijdens de internationale wedstrijden waaraan hij elk weekend meedoet.

Zo speelde hij grote internationale wedstrijden in Madrid en Berlijn. En afgelopen week was hij in ­Parijs, waar hij, naar eigen zeggen onterecht, werd uitgeschakeld door een Fransman ("Foute beslissing van de scheids, die Fransen zijn zo partijdig als de pest").

Kort en goed: Bob van Uden is lekker bezig. Zijn manager Delano Limaheluw, die zijn zaken regelt, had het voorafgaand aan het interview nog gezegd: "Er gebeuren grote dingen in de e-sports. Er gaat geld in om, het wordt met sprongen populairder. En Bob telt mee in dat wereldje."

Maurice, zijn vader, heeft een eigen bedrijf en werkt veel vanuit huis. Hij had wel het idee dat Bob behoorlijk ­bedreven is in Fifa, maar ook hij stond te kijken toen zijn zoon op een dag beneden kwam en vertelde dat hij naar een groot evenement in Madrid zou gaan. "Eerst dacht ik: dat kan niet, dat is niet in de haak. Maar we hebben het goed uitgezocht en het bleek allemaal waar te zijn."

Normaal gesproken zit hij hier, op een zolderkamer in een fraai jarendertighuis in Amstelveen. Een dijk van een stoel domineert de ruimte, die verder hoofdzakelijk wordt ­opgevuld met een onopgemaakt jongensbed.

Terwijl hij ­tegenstanders van over de hele wereld alle hoeken van het digitale speelveld laat zien, komen er met regelmaat beledigende berichten van opponenten binnen - "Ach, ­sommige jongens proberen je uit je spel te halen. Moet je je niets van aantrekken."

Naast Justin Kluivert
Mocht er iemand denken dat deze Van Uden een hologige verschijning is, bleek, pafferig en onaangepast door de vele uren achter een computerscherm: die vergist zich. Hij is in alles een sportman, afgetraind, soepel bewegend en met een scherpe blik.

Want Van Uden is niet alleen e-sporter, hij is ook op het echte voetbalveld een uitgesproken ­talent. Na een aantal jaren in de jeugdopleiding van Ajax - hij speelde met onder anderen Matthijs de Ligt en Justin Kluivert - is hij nu keeper van het belofteteam van eerstedivisieclub Almere City FC.

Wat is hij eigenlijk meer, e- of echte sporter? Van Uden weet het ­gewoon nog niet, zegt hij. "Deze zomer ben ik geslaagd voor mijn vwo en sindsdien heb ik een tussenjaar. Overdag train ik bij Almere en als ik thuiskom, zit ik drie, vier uur achter de computer. Meer tijd is er niet in een dag."

"Hoe dat moet als ik volgend jaar zou gaan studeren? Ik heb geen idee, dat past eigenlijk niet." Hij hoeft ook nog niet te kiezen, vindt hij, zolang hij alle balletjes in de lucht weet te houden.

"Ik zie dit jaar ook als een jaar waarin ik onderzoek hoe het zou kunnen gaan. Ik investeer in mezelf, zowel als e-sporter als in het echte voetbal. Ik hoop op een contract bij Almere, maar tegelijk ontwikkel ik me ook als e-sporter."

Het is een wonderlijk leven en ergens ook best een beetje een schizofrene situatie: succesvol als e-sporter, de ­wedstrijden die hij speelt staan voorgoed op internet en worden gretig bekeken door een grote schare fans.

Terwijl die topsport plaatsvindt in een heel gewoon huis in een heel gewone straat in Amstelveen. Ronaldo en Messi ­spelen in echte stadions, maar de gametoppers hebben soms een veel groter publiek, verspreid over tienduizenden schermen in kamers over de hele wereld.

In de weekenden verlaat Van Uden hoofdzakelijk het huis om te keepen bij Almere, daaromheen speelt hij zijn vaste potjes in de Weekend League. Veertig moet hij er afwerken, tussen vrijdagochtend acht uur en maandagochtend dezelfde tijd.

"Dat is echt topsport, ook fysiek, want je moet soms tien uur achter elkaar totaal gefocust zijn. Soms gaan mijn vrienden uit, maar blijf ik thuis, omdat ik weet dat ik de volgende dag scherp moet zijn."

Moeilijke momenten
Ondertussen gaat thuis alles door alsof er niets bijzonders aan de hand is. Er worden zaterdagse boodschappen gedaan, vader Maurice loopt een rondje met de hond, alles is business as usual. Het hele gezin - vader, moeder, broer en zus - is inmiddels gewend aan topsport onder hun dak.

Vader Maurice: "Ja, een héél enkele keer horen we een enorme kreet en klinkt er een scheldwoord. Daar schrikken we niet meer van."

Zijn voetbalervaring, de druk waaronder hij op het echte gras ook weet te presteren, het helpt hem ook op de moeilijke momenten achter zijn beeldscherm. Hij zal niet snel in paniek raken. "Ik blijf altijd rustig," zegt hij.

"Met name op grote evenementen, als sommige tegenstanders ­bezwijken onder het feit dat ze gewend zijn altijd maar ­alléén in hun kamertje te spelen, dan blijf ik kalm mijn ­eigen spel spelen."

Eigenlijk is er maar één ding waar Van Uden niet ­tegen kan: als het internet gaat wapperen en hij er tijdens een wedstrijd uitvliegt. "Als dat gebeurt, heb je automatisch verloren. Dat is me deze maand een aantal keren ­gebeurd en daar kan ik dan écht helemaal gek van ­worden."

Beeld Ivo van der Bent

300.000 kijkers

E-sport, de term voor gamen in competitie, groeit razendsnel en er gaat ook elk jaar meer geld in om. ­Marktonderzoeksbureau Newzoo ­becijferde dat in 2020 het bedrag dat in de online sport omgaat bijna 1,5 miljard dollar zal bereiken.

Ook neemt ­wereldwijd het aantal e-sportkijkers toe. In 2015 keken 115 miljoen mensen geregeld op hun computer naar de wedstrijden, ­inmiddels is dat opgelopen tot 194 miljoen (en verwacht wordt dat dit er in 2020 303 miljoen zijn). ­

Nederland telt bijna zes ­miljoen fans van het echte voetbal, maar ook het ­digitale voetbal kent zo'n 300.000 liefhebbers. Met name jongeren (21 tot 35 jaar) kijken graag beelden van e-sporters in actie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden