Amsterdamse marathonschaatser op scherp

Arjen van Ketel (51) bereidt zich gedegen voor. Foto Peter Elenbaas Beeld
Arjen van Ketel (51) bereidt zich gedegen voor. Foto Peter Elenbaas

LELYSTAD - Om zes uur vanmorgen is hij van huis vertrokken: de Amsterdamse marathonschaatser Arjen van Ketel (51). Het doel: de Nederlandse kampioenschappen marathonrijden op de Oostvaardersplassen in Flevoland. Nee, de wekker hoefde de Van Ketel, van professie fondsenwerver voor goede doelen, niet te zetten. ''Voor het eerst in twaalf jaar maken we dit weer mee.''

Sterker nog, je moet zeker een paar uur van tevoren wakker zijn, weet hij als geoefend sporter. ''En goed eten, boterhammen en banaantjes. Al is het ook weer geen Elfstedentocht. Dan moet je nog meer koolhydraten stapelen.''

75 kilometers staan er vandaag op het programma voor de veteranen van wie Van Ketel deel uitmaakt. Voor hen begint de tocht om acht uur 's ochtends.

Bij de start worden de schaatsers vooral gemaand niet 'hutje mutje' te gaan staan. Ze moeten in beweging blijven om het ijs, dat door de hogere temperaturen toch kwetsbaarder is geworden, te ontzien.

''Niet allemaal bij elkaar!'' schalt het over het ijs. ''Anders is Pieter van den Hoogenband straks de kampioen.

Kort voor de start slaat de hectiek even bij Van Ketel toe. Bij het verkleden is hij zijn rugnummer, 38, kwijt. Gelukkig, hij heeft het gedachteloos in zijn broekzak gestoken.

De inhoud van het rugzakje voor onderweg wordt nog even goed gecontroleerd, de flesjes drinken opengedraaid en dan weer dicht. ''Zo gaan ze straks gemakkelijker open. Hoef je minder kracht te zetten.'' Allemaal trucjes aan de hand van zijn jarenlange ervaring.

Want Van Ketel is een oudgediende. En nog altijd een topper, al ziet hij zich vandaag niet als kanshebber. ''Dat is niet reëel.'' Normaal schaatst hij tochten van zo'n twintig kilometer, zoals vele veteranen. Een fiks verschil.

Toch heeft hij zich gekwalificeerd bij de beste 125 mannen van boven de veertig die mee mogen doen. Een paar kameraden met wie hij op de Jaap Edenbaan trainde, hebben het niet gehaald. ''Die baalden ontzettend.

Zelf heeft hij de afgelopen weken veel toertochten geschaatst, onder andere in het dorpje Neck, bij Purmerend. Hij voelt zich in prima conditie.

Er verdwijnt nog een banaan in zijn voedselzakje. De schil is ook voorzien van zijn rugnummer. De proviand die hij meeneemt, is uitgekiend. Naast de flessen drinken ook nog een soort gel met geconcentreerde voeding. ''Nee, geen Mars. Zo'n reep veranderd onderweg in een ijsmars. Niet meer doormidden te krijgen.

Dan is het tijd. De meute vertrekt. Twee uren zijn uitgetrokken voor hun tocht. De eerste ronden hangt er zo'n dikke mist dat iedereen verplicht bij elkaar moet blijven.

Van Ketel vindt zijn ritme. Waaraan je moet denken als je op natuurijs rijdt? ''Je moet een beetje rustig beginnen, ontspannen en goed achter op je schaatsen staan. Kunstijs is vaak van betere kwaliteit, je kunt wat meer voorover leunen, meer snelheid maken.

Maar vandaag maakt dat allemaal niet uit. Voor het eerst in tijden schaatst Van Ketel in eigen land weer op het 'echte' ijs. Een droom. En winnen? Nee, dat deed hij inderdaad niet. Dat deed Arnold Stam. Van Ketel finishte rond de veertigste plaats. Tevreden? Zeker. ''Het ging super.'' (BART VAN ZOELEN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden