PlusInterview

Amsterdammer Jesse Edwards (22) is klaar voor de NBA

Jesse Edwards. Beeld Chantal Heijnen
Jesse Edwards.Beeld Chantal Heijnen

Na vier jaar collegebasketbal is Jesse Edwards klaar voor de volgende stap. De Amsterdammer probeert zich in de kijker te spelen bij Amerikaanse profclubs. ‘Het NBA-pad is nu mijn plan.’

Koen van der Velden

Het is tegen middernacht als Jesse Edwards aan zijn avondeten begint. Bij het buffet in het hotel heeft hij wat frietjes, een hamburger en groenten gehaald. ‘Niks bijzonders’, zegt hij, maar de energievoorraad moet worden aangevuld. De 22-jarige basketballer uit de Amsterdamse Watergraafsmeer is op bezoek in Brooklyn, waar hij in het Barclays Center, thuishaven van profclub Nets, een wedstrijd heeft gespeeld met zijn universiteitsteam van Syracuse. Het is laat geworden.

De 2,11 meter lange Edwards is bezig aan een cruciaal seizoen. In Syracuse, in het noorden van de staat New York, is hij de afgelopen vier jaar tot wasdom gekomen als mens, student, en basketballer. Edwards mikt op een profbestaan, hopelijk in de Verenigde Staten, anders in Europa. Nog een paar maanden kan hij zich bij clubs in de kijker spelen.

Op universiteitsniveau geldt hij als een van de beste spelers op zijn positie, center. In zijn vierde en laatste jaar is hij met een gemiddelde van 14,4 punten en 11,2 rebounds bezig aan een sterk seizoen. Op twee spelers na blokkeert hij de meeste schoten per wedstrijd; ruim 65 procent van zijn schotpogingen zijn raak. Met deze statistieken behoort Edwards tot de landelijke top.

Entourage

Tijdens de wedstrijd in het Barclays Center kijkt hij soms zoekend naar de tribunes. Zijn vader David en moeder Simone zijn op bezoek, maar hij kan ze niet vinden. Het baarde hem zorgen, zegt hij later. De autorit vanuit Syracuse bleek vertraagd, pas in het laatste kwart nemen zijn ouders plaats op de tribune.

Ook zijn oom, diens partner en Edwards’ Nederlandse vriendin Quirine zijn meegekomen. Hij leerde haar kennen in Syracuse, waar ze in het hockeyteam van de universiteit speelde. Ook zij is een van de beteren in haar sport.

In het hotel wordt Edwards herenigd met zijn entourage. Van zijn moeder krijgt hij een stevige knuffel en een kus. Ondanks de grote afstand is de band met zijn familie hecht gebleven. Elke week belt hij met zijn ouders. Ook zijn broers Rens en Kai – profbasketballer in de tweede Spaanse divisie – spreekt hij regelmatig.

Zijn Britse vader David is mogelijk zijn grootste supporter. Nauwgezet volgt de Londenaar met een voorliefde voor cricket de verrichtingen van zijn zoon in de VS. Midden in de nacht staat hij op voor wedstrijden van Syracuse. Elk punt, elke rebound krijgt hij mee. “Hij heeft ons altijd aangemoedigd,” zegt Edwards junior. “Welke sport we ook deden. Gepusht heeft hij ons nooit. Zolang we maar plezier hadden.”

In de straat van zijn ouders wonen meer fans, weet Edwards: tegenover zijn ouderlijk huis kijkt zijn 92-jarige oma via een iPad, met een beetje hulp, nog altijd naar de sportieve hoogtepunten van haar kleinzoon.

Privéjet

In zijn jeugd beoefende Edwards verschillende sporten. Atletiek, voetbal, pas later kwam basketbal. Zijn broers deden het, dus waagde ook hij een poging. Kai ging universiteitsbasketbal spelen in de VS, bij Northern Colorado. Jesse speelde in Amsterdam bij Apollo en begon bij de befaamde IMG Academy in Florida aan zijn Amerikaanse avontuur. Het kreeg een vervolg in Syracuse.

Routineus, alsof hij er een extra zintuig voor heeft ontwikkeld, bukt hij bij de deuropeningen in het hotel. Edwards wandelt naar zijn riante kamer met twee bedden, allebei te klein voor zijn lange lichaam. Nog twee nachten en één wedstrijd en hij vliegt in de privéjet van de universiteit met zijn team terug naar Syracuse. Het leven als ‘student athlete’ is soms onwerkelijk.

Op de campus wordt hij geregeld herkend en aangesproken, zegt hij, behalve door de ‘nerds’ van zijn studie biotechnologie. “Die kijken niet naar de wedstrijden.” Edwards vindt het wel prettig.

Zelf is hij geïnteresseerd in meer dan sport. Als kind leerde hij de piano te bespelen, nog altijd maakt hij muziek. Ooit wilde hij graag dokter worden. Edwards is een lieve jongen, zegt zijn familie, immer met oog voor zijn omgeving. Als hij spreekt, verschijnt er steevast een glimlach op zijn gelaat.

Na vier jaar Syracuse is hij klaar voor een volgende stap. “Hoe langer je ergens bent, hoe meer je opbouwt,” zegt hij, “maar op een gegeven moment is het klaar.”

Naar de NBA

Edwards wil blijven basketballen in de VS, het liefst in profcompetitie NBA. Na het collegeseizoen zal hij zich inschrijven voor de draft, de jaarlijkse selectieprocedure waarbij profteams nieuw talent toevoegen. “Het NBA-pad is nu mijn plan.” Of hij gekozen wordt, moet blijken, maar Edwards kijkt nu al uit naar het scoutingproces.

Voormalige teamgenoten vertelden hem over de periode waarin profclubs talenten uitnodigen om hun kunsten te komen vertonen. “Je komt dan bij de mooiste trainingscomplexen en -kampen. Het is een lang proces met veel trainen en oefenwedstrijden. Alleen dat lijkt me al mooi om mee te maken.” Edwards’ plan B is een mooie club in Europa.

Vorig jaar kende hij zijn grote doorbraak bij Syracuse, Hij kreeg meer speelminuten, maar een polsbreuk maakte een vroegtijdig einde aan zijn seizoen. Eenmaal hersteld maakte Edwards zijn debuut voor het Nederlands team, waarmee hij in de zomer het EK speelde. Daar kon hij wennen aan de grote jongens.

Zo stond hij in de wedstrijd tegen Servië een paar minuten tegenover Nikola Jokic, de afgelopen twee seizoenen de beste speler van de NBA. “Die was echt indrukwekkend,” zegt Edwards. “Hij speelt met een hoop geduld, komt altijd waar hij wil komen. En het is een beer van een vent.”

Komend voorjaar speelt hij zijn laatste wedstrijd in de Carrier Dome in Syracuse, een imposant stadion met plek voor ruim 34.000 toeschouwers. Ook dan zullen zijn ouders van de partij zijn. Vierdejaarsspelers zoals hij, de zogeheten seniors, worden met een speciale ceremonie uitgezwaaid. “Je familie komt het veld op en je krijgt een ingelijst shirt. Ik hoop op een mooi afscheid. Waarschijnlijk zullen de tranen dan wel komen.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden