PlusAchtergrond

Ajax heeft in Lissabon niks meer om zich achter te verschuilen

Ajax trainde dinsdag in het Estadio Jose Alvalade in Lissabon.  Beeld MAURICE VAN STEEN/ANP
Ajax trainde dinsdag in het Estadio Jose Alvalade in Lissabon.Beeld MAURICE VAN STEEN/ANP

De basisploeg is intact gebleven, de bank oogt sterker en de tegenstand in de groepsfase bescheiden. Als Ajax er nu niet in slaagt de ambities in de Champions League waar te maken, wanneer dan wel?

Met twintig selectiespelers zette Ajax dinsdag rond 16.00 uur voet op Portugese bodem. Vijf van hen deden dat drie jaar geleden ook, toen in november de aanval van Benfica werd afgeslagen (1-1) en in Lissabon een reuzenstap naar de knock-outfase van de Champions League werd gezet. De stad die in 2018 nog als prettig tussenstation diende richting een glorieus vervolg in de lente van 2019, moet woensdagavond een vertrekpunt blijken voor nieuw Europees succes.

Dat laat alweer een paar jaar op zich wachten. Eind 2019 schakelde Valencia Ajax uit in de groepsfase en vorig jaar zette Atalanta de voet dwars. De landskampioen verliet andermaal al in december het hoogste Europese podium. De oorzaak: van de ploeg die eerder vriend en vijand had verrast door de finale van het miljoenenbal tot op een paar tellen te naderen, waren steeds minder smaakmakers overgebleven.

Geen brede selectie

“We moeten steeds opnieuw bouwen. Dat heeft tijd nodig,” was het niet geheel onterechte excuus bij Ajax, toen na Matthijs de Ligt en Frenkie de Jong vorig jaar ook Hakim Ziyech en Donny van de Beek naar grotere clubs in het buitenland vertrokken. Toch hield Ajax lang uitzicht op overwintering. Zonder Daley Blind en David Neres ging het echter mis tegen Atalanta, dat net als Valencia een jaar eerder met 0-1 won in de Arena. “We hebben dit seizoen geen heel brede selectie voor de Champions League. Dan moet het meezitten zoals twee jaar geleden, toen onze sleutelspelers steeds beschikbaar waren,” stelde trainer Erik ten Hag na die laatste uitschakeling.

Maar waar Ajax zich in voorgaande jaren nog achter het vertrek of wegvallen van sleutel­spelers kon verschuilen, gaat dat voor deze nieuwe Europese campagne op voorhand veel minder op. Geen enkele basisspeler verliet de club, die met een ongeslagen reeks in 2021 de dubbel van landstitel en beker veroverde en in de kwartfinale van de Europa League strandde tegen AS Roma. Wat wel veranderd is ten opzichte van een jaar geleden, is dat de langdurig geschorste doelman Andre Onana niet van de partij is. Maar transfers van Nicolás Tagliafico en Neres bleven wederom uit, de routiniers zijn nog altijd aan boord en de talenten overwogen nu eens geen vertrek.

Alleen de reservebank kreeg een ander gezicht. Maar daar is Ajax niet per se slechter van geworden. Ja, het transfervrije vertrek van spits Brian Brobbey was een aderlating, maar spelers als Lassina Traoré, Jurgen Ekkelenkamp en Kjell Scherpen kwamen toch al nauwelijks meer aan bod. Bovendien trok Ajax in Steven Berghuis één van de meest waardevolle eredivisiespelers aan. Mohamed Daramy is de door Ten Hag al langer vurig gewenste snelheidsduivel voor de aanval.

Zo heeft de trainer een stevig fundament behouden onder zijn elftal, dat vooral in de aanval ook een stootje moet kunnen hebben. Natuurlijk, voor een succesvolle Europese campagne moet Ajax rampspoed bespaard blijven, maar dat geldt ook voor opponenten als Sporting en Besiktas, die er een veel minder waardevolle selectie op nahouden. Dat Ajax’ basisploeg intact is gebleven, betekent dat het team ook niet heeft ingeboet aan Europese ervaring. Daar kunnen Besiktas en zeker Sporting niet aan tippen.

Dik 40 miljoen

En daarmee kan de kracht van de opponenten in deze groepsfase ook niet worden aangedragen als een obstakel. Met Sporting, Borussia Dortmund en Besiktas had Ajax het vanuit elke pot slechter kunnen treffen. Zeker in de eerste twee bakken. RB Leipzig en Club Brugge, die werden gekoppeld aan Manchester City én Paris Saint-Germain, kunnen erover meepraten. Zo staan of vallen de Europese aspiraties van Ajax ook met de loting. Door het ontlopen van de echte giganten heeft de Nederlandse kampioen, die zich bovendien weer verzekerd heeft van dik 40 miljoen euro aan inkomsten, ook op dat punt dus niets te klagen.

Toen Ten Hag in april bij zijn contractverlenging stelde de Europese topclubs weer te willen ‘ergeren’, doelde hij op nieuwe stunts in de knock-outfase, zoals in 2019 tegen Real Madrid en Juventus. Zijn spelers hebben de heilig verklaarde missie van het overwinteren in de Champions League voor dit seizoen nog eens ingeprent gekregen. Twee maanden later, nu Ajax in Lissabon terugkeert op het hoogste Europese podium, lijkt aan alle voorwaarden voldaan om na drie jaar nogmaals door te stoten naar het territorium van de echte Europese elite.

Sneuvelt Ajax wederom in de groepsfase, dan wordt het hoog tijd dat de club een toontje lager zingt. Want wie drie keer op rij de Europese subtop niet onder zich weet te houden, heeft bij de grote jongens helemaal niets te zoeken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden