Plus Longread

Ajax-Benfica 1969: De eerste contouren van het grote Ajax

In Europa stelt Ajax in 1969 nog niet veel voor. Dan moeten ze in de kwartfinale van de Europa Cup 1 tegen het grote Benfica een beslissingswedstrijd spelen. In Parijs. Half Amsterdam reist mee om dat te zien.

Derde en beslissende wedstrijd van de kwartfinale Europacup I voor landskampioenen Ajax - Benfica 3-0. Beeld ANP

Het is 5 maart 1969. Talloze Parijzenaars kijken verwonderd naar de rood-witte supporterszee die van de Arc de Triomphe naar het oude stadion in de banlieue ­Colombes trekt, en weer ­terug.

Al vroeg op die woensdag­middag treedt het clownesk uitgedoste Ajaxlegioen opgetogen de beslissingswedstrijd in de kwartfinale van de Europa Cup 1 tegen Benfica tegemoet: 'Ajax, toet-toet-toet,' davert het overal. En er wordt luidkeels gezongen: Op 'n slof en 'n ouwe voetbalschoen en Mien, waar is m'n feestneus, de carnavalskraker van Toon Hermans.

Wanneer de avond van deze gedenkwaardige voetbaldag valt, zoeken vele duizenden euforische Hollanders hun weg naar de bussen, treinen en vliegtuigen die hen naar huis zullen brengen. Maar er zijn ook duizenden die achterblijven en zich in het Parijse nachtleven storten. Nog altijd toeterend en zingend, van de Zilvervloot nu. Want die heeft Ajax gewonnen.

Pikant cabaret
Tegen middernacht strijken linksbuiten Piet Keizer en verzorger Salo Muller met hun dames neer op een terras aan de Champs-Élysées. Een beetje achteraf, zo onopvallend mogelijk, laten ze het achter een flesje wit, een flesje rood en een mooie kaasplank ochtend worden. Een paar meter verder, op de trottoirs, komt maar geen einde aan de Hollandse polonaise.

Muller en Keizer, het grillige genie dat aan de basis stond van de 3-0 zege - in de verlenging - op Benfica, zijn niet zo van het lawaaiig feesten. Na het overwinningsdiner in Le Royal Monceau, het luxehotel van de spelersvrouwen, trok Rinus Michels de avondklok in. "Het ontbijt morgenochtend is vrij," had de strenge trainer gezegd.

De spelers gingen aan de zwier. Keizer en Muller ook, zij het apart van de groep. "Kom op, Salo," had Piet gezegd, "we gaan de stad in, maar niet met al dat schorem." Ze waren, nogal per ongeluk, in Le Crazy Horse Saloon aan de Avenue George V beland. Omdat ze in clubkostuum waren, werden ze met alle egards ontvangen en aan een tafeltje pal voor het danspodium van de blote meisjes geplaatst. Wat wilde het geëerde Ajaxgezelschap drinken? De dames vroegen om een glas champagne, de mannen om een whisky. Maar in de club van het pikante cabaret werd niet per glas, maar per fles besteld.

Frivoliteiten
Toen Keizer en Muller hoorden wat die flessen kostten, wisselden ze een blik van verstandhouding: wegwezen hier. Ze wurmden zich langs de tafeltjes, stamelden 'pardon' en 'excusez-moi' en zochten een goed heenkomen. Dat vonden ze uiteindelijk in de betrekkelijke rust van dit knusse terras, waar ze konden bijkomen van het zenuwslopende Europa Cupgevecht in het kabaal van Colombes.

Vijf jaar eerder hing Keizers carrière aan een zijden draadje. Een harde kopbotsing met DWS-verdediger André Pijlman in het Olympisch Stadion had een niet van risico ontblote hersenoperatie tot gevolg. De ingreep slaagde en Piet herstelde, al duurde het driekwart jaar voordat hij terugkeerde in het eerste elftal. Dat was begin 1965 in slechte doen, er moest zelfs degradatievoetbal worden gespeeld. Ajax was een ploeg zonder verband, met nogal wat spelers die de vrije hand van trainer Vic Buckingham aangrepen om op de training de kantjes eraf te lopen en zich te buiten te gaan aan frivoliteiten.

Buckingham, die eerder in Amsterdam wel succesvol was geweest, ging halverwege het slechtste eredivisieseizoen van Ajax gretig in op een aanbieding van Fulham. Met zijn ontslag werd van harte ingestemd door de nieuwe voorzitter, Jaap van Praag. De 'charmeur van 't Spui', waar hij zijn grammofoonplatenzaak tot de bekendste van de stad had gemaakt, stak vervolgens zijn nek uit door Rinus Michels aan te stellen.

Deze nog onervaren trainer had als speler van Ajax in de jaren vijftig de reputatie van losbol, maar terug op het oude nest ontpopte hij zich als de doordrammer die orde op zaken wist te stellen in De Meer.

Ingewisseld voor nummers
Gefaciliteerd door Van Praag maakte Michels met straffe hand een einde aan de organisatorische chaos. Zelfdiscipline en teambelang worden zijn sleutelwoorden in een proces dat de gevoelsmens Keizer doet huiveren.

De trainer heeft de vrijblijvendheid uit Ajax geranseld en een team gesmeed dat weliswaar prachtig aanvallend voetbalt, maar waarin de spelers hun namen hebben ingewisseld voor nummers. Dit tot afschuw van Keizer, die vindt dat Michels in zijn meedogenloze aanpak schromelijk overdrijft.

Dat Ajax onder leiding van De Bul floreert, kan hij moeilijk ontkennen: in nog geen vier jaar tijd drie keer landskampioen en nu, in Parijs, op het hoofdpodium van het Europese voetbal geklommen.

'Ajax, toet-toet-toet', tettert het nog altijd in de Parijse binnenstad. Heel Nederland heeft 's middags op televisie naar het duel met Benfica gekeken. Michels heeft Ajax tot een nationale trots gemaakt. Keizer spreekt er tegen Muller zijn waardering over uit, toch houdt hij moeite met Michels, een potentaat in een tijd waarin overal in de westerse wereld jongeren hun vrijheid bevechten. De democratisering, waarvan volgens de barse trainer in het voetbal onmogelijk sprake kan zijn, slaat aan alle kanten toe.

Invasie van malligheid
De geboortegolf na de Tweede Wereldoorlog heeft een generatie gebracht die zich niet gedwee het conservatisme van de autoriteiten laat opleggen. De babyboomers tarten het gezag met een culturele revolutie waaraan in de Verenigde Staten de hippies en in Nederland de provo's en kabouters bijdragen.

In Parijs slaat in mei 1968 de vlam in de pan, als het studentenprotest op de Sorbonne razendsnel uitloopt op massale arbeidersstakingen. Op het hoogtepunt van de revolte gaan in Frankrijk tien miljoen mensen niet naar hun werk en lijkt de oorlog in het centrum van Parijs te zijn weergekeerd. Maar de protestvuren doven als de strijd tegen de aloude, katholieke moraal meer een spontane woedeaanval blijkt dan een goed voorbereide opstand met een vastomlijnd doel.

President Charles de Gaulle, de oud-generaal en oerconservatieve ijzervreter, slaagt erin de rust te herstellen en zelfs de verkiezingen van juni te winnen. De in besluiteloosheid gesmoorde revolutie brengt echter wel degelijk een omwenteling teweeg. Liberalisme vindt zijn weg in alle geledingen van de samenleving en maakt zo een einde aan de alomtegenwoordigheid van het gaullisme. De president zelf verdwijnt in 1969 tamelijk plotseling van het politieke ­toneel, om een jaar later te overlijden.

Parijs is nog maar net bekomen van de ontzetting van mei '68 wanneer de stad wordt opgeschrikt door een Hollandse invasie van malligheid. Het beeld van de nuchtere, kalme, kleurloze bewoners van het lage land aan de Noordzee kantelt bij het zien van al die voetbalsupporters op klompen, in klederdracht, met scheepstoeters, malle hoge hoeden en Ajaxpetjes.

Ze komen uit het hele land, getuige de vele honderden spandoeken die zij meevoeren: 'Utrecht ook bij Ajax' en: 'Leiden groet Ajax.'

De Parijzenaars staan erbij en kijken ernaar, met verbazing, sympathie en ook een beetje jaloezie. Want als het om de sport gaat, is er in Parijs buiten het tennis op Roland Garros niet veel te beleven. Zo ligt het hoofdstedelijke voetbal op z'n gat, met alleen Red Star nog, als laagvlieger in de hoogste afdeling.

In de Franse kranten zal de dag na Ajax-Benfica lovend worden geschreven over de onvoorstelbaar grote Nederlandse supportersmenigte, die wordt geschat op bijna 40.000 mannen en opvallend veel vrouwen. L'Aurore raakt zelfs opgewonden van 'de vrolijke, joviale menigte die Parijs heeft overvallen' en heeft het over 'grote kerels en prachtige gezonde meisjes, die we straks terug zullen zien in de Olympische zwembaden of in het Lido.'

Proeve van bekwaamheid
Benfica behoort in de jaren zestig tot de heersende Europese klasse en heeft de Europa Cup 1, het toernooi der landskampioenen, dat decennium al twee keer gewonnen. In 1968 was de grootmacht uit Lissabon nog verliezend finalist tegen Manchester United, dus is het op basis van zijn status favoriet tegen Ajax.

Maar Michels heeft zijn elftal inmiddels in gereedheid gebracht voor een mars naar de Europese top. Na drie keer achter elkaar de landstitel te hebben veroverd, is de Europa Cup nu prioriteit voor de Amsterdamse trainer.

In de eerste ronde had Ajax overtuigend afgerekend met de kampioen van West-Duitsland, FC Nürnberg, en in de tweede ronde werd zowel thuis als uit gewonnen van de lastige Turken van Fenerbahçe.

Het Ajax-legioen verovert Parijs. Beeld ANP

Benfica is in de kwartfinale voor Michels en zijn elftal een grotere proeve van bekwaamheid. Met het dalen van de temperatuur in februari stijgt het optimisme bij Ajax en zijn aanhang voor de wedstrijd in Amsterdam.

Maar op het steenharde en besneeuwde veld van het Olympisch Stadion blijken de Portugezen verrassend goed uit de voeten te kunnen. Ajax, ingepakt in maillots en handschoenen, gaat af tegen Benfica, dat zich met blote benen en handen in de vrieskou superieur toont: 1-3.

In de return weet Michels de rollen echter om te draaien en zijn spelers te motiveren tot groots spel, waarmee zij de wat nonchalante thuisploeg overrompelen: 1-3.

Omdat een gelijke stand na twee wedstrijden in 1969 nog niet tot een verlenging en eventueel strafschoppen leidt, moet er een derde, beslissende wedstrijd komen. Daarvoor wijst de Uefa Parijs als speelstad aan, waarop de Franse voetbalbond de oudste, maar ook grootste sport­arena van de stad naar voren schuift, het Stade de Colombes.

Dat was in 1924, bij de Spelen van Parijs, zelfs het Stade Olympique de Colombes en in 1938 werden er drie wedstrijden van het WK voetbal afgewerkt, waaronder de eindstrijd tussen Italië en Hongarije (4-2). De kwartfinale tussen Frankrijk en Italië (1-3) was de grootste publiekstrekker van dat WK geweest, met bijna 60.000 toeschouwers.

Voor Ajax-Benfica worden ruim dertig jaar later nog meer kaartjes aan de man gebracht: 63.638, een Frans voetbalrecord dat pas zal sneuvelen wanneer voor het WK van 1998 in Saint-Denis, een voorstad verderop, het Stade de France wordt geopend. Van het oude Colombes, dat officieel de naam van de legendarische Franse rugbyer Yves du Manoir draagt, zal alleen de hoofdtribune overeind blijven. Voor het stadion, waarin tegenwoordig wordt gerugbyd en atletiek wordt bedreven, gloort zowaar Olympisch eerherstel. Wanneer de Spelen in 2024 terugkeren in Parijs, zal in het Stade Olympique Yves du Manoir hoogstwaarschijnlijk worden gehockeyd: hockey sur gazon.

Nationale vervoering
Ajax' uitglijder op het gladde eigen veld tegen Benfica schokt voetbalminnend Nederland. Des te uitbundiger is de reactie op het mirakel van Lissabon. De uitwedstrijd tegen Benfica wordt niet eens rechtstreeks op televisie uitgezonden, de return in het Estadio Da Luz zou immers toch maar een formaliteit zijn.

De samenvatting toont vage zwart-witbeelden, maar desondanks is duidelijk te zien dat Ajax in het halfduister van het Stadion van 't Licht als een wervelwind over het natte gras raast.

Het land staat op zijn kop. Iedereen wil naar Parijs, om erbij te zijn wanneer Ajax het karwei tegen Benfica gaat afmaken. Door de Franse bond worden 23.000 toegangskaarten in Amsterdam afgeleverd. Veel te weinig. Administrateur Nico Dalmulder, die een aardig woordje Frans spreekt, wordt namens Ajax naar Parijs gestuurd. Bij de Franse bond praat hij vijfduizend extra kaarten los, maar dat is nog niet genoeg.

Dalmulder gaat opnieuw naar Parijs, waar hij op de zwarte markt nog eens drieduizend kaarten op de kop weet te tikken. De aanhang van Benfica blijkt niet zo nodig van de partij te hoeven zijn in het Colombes. De Portugese supporters houden hun geld liever op zak voor de halve finale of de finale, die hun club gewend is te spelen.

Tienduizend Nederlanders reizen op 3, 4 en 5 maart zuidwaarts, met auto's, bussen, speciale treinen en extra vliegtuigen. En zelfs die belanden in een file. Boven Parijs is het langdurig rondjes draaien, omdat Le Bourget, dan nog een internationale luchthaven, de constante aanvoer uit Nederland nauwelijks aankan.

Vanuit de Amsterdamse Pontanusstraat vertrekken twintig bussen met bestemming Stade de Colombes. Ze zijn geregeld door Sjaak Swart, de rechtsbuiten van Ajax, die al jaren een deal heeft met het touringcarbedrijf Meering uit Buitenveldert. Voor elke uitwedstrijd bestelt Sjakie één of twee supportersbussen, voor Feyenoord-uit wel twintig, voor Benfica in Parijs dus ook.

De beroemde voetballer doet zelf de indeling van de bussen. In bus 1 en 2 zitten de vaste mensen en ome Louis, Sjakies vader, ziet voor de deur van Sigarenzaak Sjaak Swart toe op het instappen.

Dertien wagons
De uittocht over de weg, het spoor en door de lucht is even spectaculair als opvallend. Waar komt die nationale vervoering opeens vandaan? Nederland staat verbaasd om zichzelf. Maar ach, is het niet gewoon tijd om leuke dingen te doen? Het gaat goed met het herrezen Nederland, de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog is goeddeels voltooid en dankzij de grote Groningse gasbel neemt de welvaart in rap tempo toe.

Johan Cruijff na de overwinning op Benfica omringd door journalisten in de kleedkamer. Beeld ANP

Er is optimisme alom, ook in de sport. Jan Jansen heeft in 1968 de Tour de France gewonnen, Ard en Keessie brengen massa's schaatssupporters op de been en Ajax heeft nu Cruijffie en Pietje Keizer, voetbalvirtuozen die het collectief van Rinus Michels boven zichzelf doen uitstijgen.

Reden genoeg om achter Ajax aan te gaan, naar Parijs. Dat kan op tal van manieren, er kan zelfs op de trein worden gestapt via de krant. Zo hebben de commerciële afdelingen van Het Parool, de Volkskrant en de Haagsche Courant gezamenlijk een trein van dertien wagons, goed voor duizend supporters, geregeld.

De kranten staan al vol van Ajax-Benfica als de strijd in het Colombes nog lang niet is losgebarsten. De Tijd meldt op de voorpagina dat de Apollo 9 moet wijken voor Ajax. Een rechtstreekse reportage vanuit het bemande ruimteschip, dat een testvlucht voor een maand­landing uitvoert, zal op beeldband worden vastgelegd en later worden uitgezonden. Het voetballen van Ajax gaat voor.

In een advertentie in Het Parool en De Telegraaf laat het Amsterdamse reisbureau De Magneet op de Ceintuurbaan weten dat er wegens ziekte enkele plaatsen zijn vrijgekomen op een supportersvlucht: '1-daagse vliegreis per KLM DC-9, f 169,-.'

Ook in Het Parool: een groepsfoto van de Ajax-spelersvrouwen op Schiphol. In het uitgebreide bijschrijft wordt vermeld dat Jaap van Praag de dames in Parijs bij zich heeft geroepen, om ze te vertellen dat de getrouwde vrouwen de nacht na de wedstrijd weer bij hun mannen mogen slapen, maar dat 'de verloofde meisjes met elkaar genoegen moeten nemen'. 'Giechelend protest werd zijn deel,' aldus de krant.

Het land valt stil
Op de wedstrijddag veel Ajax-Benfica op de voorpagina van De Telegraaf, tot in de reclame voor Stimorolkauwgum aan toe: 'De smaak is raak: veel succes Ajax!'
Blikvanger voorop de krant is een foto van mevrouw Danny Cruijff, 'in een creatie van Yves Saint Laurent, na een bezoek aan zijn boetiek op de linker Seine-oever.'

Treurig nieuws is er ook, Het Parool bericht over drie Ajaxfans die op weg naar Parijs bij een verkeersongeval ter hoogte van Deurne om het leven zijn gekomen.

De wedstrijd, waar miljoenen reikhalzend naar uitkijken, doet het land praktisch stilvallen. Omdat het Stade de Colombes kunstlicht ontbeert, wordt om 15.00 uur afgetrapt. Behalve de lagere scholen, die ook in de jaren zestig al dicht zijn op woensdagmiddag, krijgen middelbare scholieren vrij. Of ze nemen het. Hetzelfde geldt voor kantoorpersoneel en fabrieksarbeiders. Tot irritatie van de VNO, de Vereniging van Nederlandse Ondernemers, die Jaap van Praag in een telegram geërgerd verzoekt dergelijke internationale wedstrijden voortaan 'buiten normale werktijden te spelen'.

Ook de Tweede Kamer is op 5 maart vrijwel uitgestorven bij een debat over krotopruiming en stadsvernieuwing. De volksvertegenwoordigers verdringen zich bij de televisie in de koffie­kamer.

Aanfluiting
Ajax-Benfica is qua schouwspel een aanfluiting. De torenhoge verwachtingen worden geen moment waargemaakt. De straffe wind heeft in het tamelijk open Colombes vrij spel en de zenuwen gieren door het volgestampte stadion.

De Portugezen spelen normaliter achterin met vier man op rij, zonder vrije verdediger. In Lissabon heeft Ajax optimaal van deze zonedekking van Benfica kunnen profiteren doordat de snelle centrumaanvallers Johan Cruijff en Inge Danielsson voortdurend de diepte in sprinten.

Ajax supporters geven hier in hartje Parijs, uiting aan hun vreugde over de verwinning van hun club. Beeld ANP

Maar in Parijs past de Braziliaanse coach Otto Gloria zich aan Ajax aan. Hij laat Benfica mandekking spelen en daar hebben Cruijff en Keizer het knap lastig mee. Ook de grote mannen van Benfica, Eusebio en de boomlange midvoor ­José Torres, liggen stevig aan de ketting bij respectievelijk Tonnie Pronk en Barry Hulshoff.
Het gevolg is een akelige patstelling, Ajax en Benfica zijn als twee gelijkwaardige zwaar­gewicht boksers die maar tegen elkaar aan hangen.

Totdat de verlenging aanbreekt en Keizer wat gelukkig combineert met Danielsson, rechtsback Adolfo volledig mistrapt en Cruijff met links volleert. Keeper Henrique keert het harde schot maar half en met een curieuze boog zeilt de bal in het doel.

Imposante techniek
Fotografen rennen het veld in om het juichen der Ajacieden vast te leggen en de tribunes schudden vervaarlijk onder de last van duizenden uitzinnige supporters. Johan Cruijff zal naderhand beweren dat het ogenschijnlijk houdbare schot onhoudbaar was. "Want ik nam 'm halfvolley en gaf 'm met buitenkant links zoveel effect mee, dat de bal wel uit de handen van die Henrique móest springen."

Benfica is gebroken en het jongere, fittere Ajaxelftal is plots superieur. De uitgekookte Piet Keizer leidt nog twee doelpunten van Danielsson in en de dansende mensenmassa begeleidt het bijna hooghartige samenspel van Ajax met hilarisch gezang: "Hélène, Hélène, meid wat heb je mooie bène," ook al van Toon Hermans.

Met 3-0 plaatst Ajax zich overtuigend voor de halve finales van de Europa Cup en de Franse bladen schrijven jubelend over het Hollandse voetbalfeest in Parijs. In zijn sportkrant L'Équipe toont Jacques Goddet, behalve journalist ook directeur van de Tour de France, zich onder de indruk van het Ajaxspel. De kop boven zijn verhaal: 'Machtig Ajax wint door imposante techniek.'

Cruijff, vanwege zijn rushes, en Keizer, vanwege zijn splijtende passes, worden alom als de uitblinkers gezien.

En over al die duizenden mallotige supporters niets dan lof. Goedgemutst waren zij Parijs binnengetrokken, door het dolle verlaten zij de stad. In opperbeste stemming laten zij zich de chaos bij het vertrek welgevallen.

Supporters worden lukraak in bussen, treinen en vliegtuigen gestopt. Het is: instappen, volstouwen, deur dicht en wegwezen. Hoe? Het doet er niet toe, want: "Hij heeft gewonnen de zilver-vlo-ho-ho-hoot."

Dat lied, dat triomfantelijke gevoel van een overwinning voor het hele land, de nationale blijheid en trots, zouden voor Trouwcolumnist Bart Crum wel eens de verklaring kunnen zijn voor 'de sportverdwazing' die in Nederland ineens zo krachtig de kop opsteekt. 'Hoe is het mogelijk dat meer dan 30.000 mensen zoveel geld, tijd en moeite voor een voetbalwedstrijd over hebben,' vraagt Crum zich af. Komt dat omdat het werk van de Nederlander doorgaans saai is? 'Zoekt hij in het stadion wat hij mist in de fabriek en op kantoor?'

Is de Ajaxgekte vergelijkbaar met de enorme populariteit van de schaatsers Ard Schenk en Kees Verkerk? 'Is er een verband met de overwinningen die ons land in ver vervlogen tijden wist te behalen? Is Cruijff een soort De Ruyter en Keessie een Piet Hein?'

Waarom ook niet? Het is in elk geval een zilvervloot die Ajax en zijn geweldige supporters­schare mee terugnemen naar Nederland.

Johan Cruijff verlaat het Stade de Colombes temidden van een kordon van Franse gendarmes. Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden