PlusNieuws

Ajacied Piet van der Kuil (89) blikt terug: ‘Ik bracht vis aan Nel Cruijff en ging dan latje trappen met Johan’

Piet van der Kuil voetbalde voor Ajax en PSV. In de aanloop naar de bekerfinale kijkt de 89-jarige oud-international terug op zijn rijke loopbaan. ‘Ik bracht de vis bij moeder Nel Cruijff, en daarna ging ik latje trappen met Johan.’

Dick Sintenie
Bennie Muller, Coen Moulijn en Piet van der Kuil voor de interland Nederland-Bulgarije in 1960 (gewonnen met 4-2).  Beeld ANP /  ANP
Bennie Muller, Coen Moulijn en Piet van der Kuil voor de interland Nederland-Bulgarije in 1960 (gewonnen met 4-2).Beeld ANP / ANP

Koffie graag. Met alles erin. Piet van der Kuil zakt rustig achterover op de hoek van de driezitsbank van zijn vriend Rob Schippers. Of hij een brok speculaas wil? “Natuurlijk.” Van der Kuil is 89 jaar, maar nog behoorlijk kwiek. Zijn handen rusten op zijn buik, zijn voeten komen net bij de grond. Hij is klein van stuk, de voormalige aanvaller van VSV, Ajax, PSV, Blauw-Wit en Telstar. Rechtsbuiten was hij. Snel en handig. En Van der Kuil had een venijnig schot. Met links en rechts. Hij speelde officieel 40 interlands in het Nederlands elftal. “43,” zegt hij gedecideerd. “Kijk maar in het KNVB-boek.”

Het was een mooie lichting waarvan hij deel uitmaakte: Faas Wilkes, Abe Lenstra, Coen Moulijn, Kees Rijvers. Toch kwam Oranje in die jaren nooit uit op een EK of WK. Van der Kuil deed met het Olympisch elftal wel mee aan de Spelen van 1952 in Helsinki, waar met 5-1 werd verloren van Brazilië. Maar hij herinnert zich vooral de trainingen van Fanny Blankers Koen. “Daar ging ik graag naar kijken. Een fascinerende atlete. Ze presteerde in Finland minder dan vier jaar eerder in Londen. Ik wist waarom. Ze had last van een steenpuist.”

Met 9 doelpunten in 40... ehh... 43 interlands was Piet van der Kuil jaren achtereen een vaste waarde in het Nederlands elftal, maar zijn grootste internationale succes vierde hij misschien wel naast het veld, toen de Fifa hem opnam in het wereldelftal, met sterren als Garrincha, Lev Yashin en Váva. Prachtvoetballers, maar ze konden in zijn ogen niet tippen aan Faas Wilkes. “De beste met wie ik heb gespeeld. Niet te houden als hij ging dribbelen. Beter dan Abe.”

Door de neus geboord

Van der Kuil hoopte in het kielzog van de tien jaar oudere Wilkes naar een buitenlandse profclub te kunnen, maar een transfer naar het Italiaanse Fiorentina werd hem door Ajax door de neus geboord. Wilkes had langs zijn neus weg geïnformeerd wat Van der Kuil ongeveer moest kosten. Nog geen ton, was het antwoord. Toen puntje bij paaltje kwam vroeg Ajax een torenhoog bedrag: 350.000 gulden. “Ik zei: geen bal trap ik meer voor die club. Heb ik ook niet gedaan. Ik voelde me besodemieterd. PSV kocht me uiteindelijk voor 130.000 gulden.”

Toch heeft Van der Kuil een gouden tijd gehad in Amsterdam, van 1955 tot 1959. Hij werd landskampioen in 1957 en maakte in vier jaar 53 competitiegoals. Van der Kuil stapte elke dag op zijn brommer om naar de training te gaan. Van IJmuiden naar Amsterdam. “Maar eerst langs de visafslag. Met een kist verse vis ging ik een aantal vaste adresjes af in Betondorp. Nel Cruijff, de moeder van Johan, was een van mijn klanten. Ik ben nog eens met die brommer in de polder van de weg gegleden, zo de sloot in. Al die vissen dreven in het water. Ik heb alles, hup, weer in die kist gegooid en keurig bezorgd.”

Latje trappen

Van der Kuil lacht smakelijk om zijn eigen anekdotes. Hij vertelt scherp over een tijd die toch bijna zeventig jaar achter hem ligt. Over de kleine Johan Cruijff onder meer, die als jeugdspeler van Ajax de voetbalschoenen van Van der Kuil poetste. “Een boef hoor, die Jopie. Net als ik eigenlijk. Ik was ook een boef. Johan was altijd aan het voetballen, bij het poortje vlak bij zijn huis. Ik nam hem wel eens mee om een balletje te trappen in het stadion. Niemand mocht die grasmat van De Meer op. Ome Jan Lens, de terreinknecht die op het stadion woonde, bewaakte dat veld met zijn leven. Maar hij kneep een oogje toe als Johan en ik gingen latje trappen.” Bewonderend: “Dat kreng kon ’m raken, hoor, met die spillepoten.”

Bij Ajax waren doelman Eddy Pieters Graafland, Rinus Michels, Ger van Mourik en Wim Anderiessen zijn ploeggenoten en later ook Sjaak Swart en Bennie Muller. Op 20 november 1957 speelde de club voor het eerst in de Europa Cup I. Een uitwedstrijd tegen SC Wismut, in Karl-Marx-Stadt, de voormalige DDR. “Een reis met de trein. Overal waar we gingen in die stad, liep de Polizei met je mee. Zenuwachtig werd je ervan.” Ajax won met 3-1. Van der Kuil maakte er twee. “Ik heb het eerste Europese doelpunt van Ajax op mijn naam staan. Toch bijzonder.”

Bij PSV voetbalde Van der Kuil vijf jaar. Ook in Eindhoven won hij de landstitel. Er heerste een andere cultuur in Brabant, veel minder vrijgevochten dan in Amsterdam. Maar hij had een goeie ploeggenoot en vriend in Jantje Louwers. “Hij nam me altijd mee uit jagen. Fazanten, konijnen. Net over de Belgische grens, in een bosrijk gebied. Jan kon goed schieten en ik was heel snel. Als hij zo’n fazant schoot, moest ik rennen.” Hikkend van de lach: “Eigenlijk was ik zijn hond.”

Instrumentenmaker

“We zijn vaak achterna gezeten door de politie, maar nooit gepakt. Jan had van die opgevoerde auto’s, van zijn broer, die deed in tweedehands wagens. De fazanten deelden we uit op de club. Aan de spelers, maar ook aan ome Frits Phillips en aan zijn zwager die toen de grote baas was van het bedrijf, ingenieur Frans Otten. Van Otten moest ik iets doen naast het voetbal. Ik kreeg de kans instrumentenmaker te worden. Ben ik op school gegaan. Maar ja, ik maakte mijn huiswerk niet. Het schoot niet op. ‘Ik kan ook niet zo goed leren,’ zei ik tegen Otten. Ging hij voor me staan en ik hoor nog die stem: ‘Piet, jij komt bij mij elke ochtend op kantoor je huiswerk maken’. Zat ik daar. Kon ik verdorie niet meer jagen met Louwers.”

Voetbal is voor Piet van der Kuil altijd belangrijk gebleven, ook na zijn actieve loopbaan. Hij was jaren trainer, bij Telstar onder meer en bij verschillende amateurclubs. En hij was assistent van Barry Hughes bij HFC Haarlem. Tot op hoge leeftijd bestierde Van der Kuil zijn eigen voetbalschool. “Jeugd trainen is het mooiste wat er is,” zegt Van der Kuil. “Ik was dik in de zeventig, maar ik deed alles nog voor.”

Het voetbal volgt hij nog wel, op afstand. Bij Telstar komt hij slechts mondjesmaat en bij Ajax eigenlijk niet meer. “Je kan alles op tv zien. En ik ben 89 hè, de jaartjes gaan tellen.” Met autorijden is hij gestopt. Oud-Ajaxkeeper Heinz Stuy woont in de buurt. Die brengt en haalt hem geregeld, en houdt een oogje in het zeil. Net als Rob Schippers, zijn jeugdvriend. Sinds zijn vrouw Tineke is overleden eet Van der Kuil twee keer per week bij zijn zus. Bij VSV, zijn eerste club, komt hij nog wel over de vloer. Om te kijken naar Donny, zijn kleinzoon. “Mooi hè? Zijn we tachtig jaar verder, loop ik nog steeds dat balletje achterna.”

Veltman: ‘Piet was bijna 70, maar deed alles zelf voor’

Honderden talenten uit de regio IJmond heeft Piet van der Kuil training gegeven onder wie Joël Veltman (ex-Ajax en nu Brighton & Hove Albion) en de broertjes Orkun en Ozan Can Kökcü. Die laatste speelt bij Telstar, die eerste is basisspeler van Feyenoord. Van der Kuil: “Ik struinde zelf de velden af in de regio. Als ik talentjes zag, nodigde ik ze uit voor de extra trainingen.” Veltman was acht jaar toen hij op de voetbalschool terechtkwam. “Ik speelde bij VV IJmuiden, op de velden naast het stadion van Telstar. Daar werden ook de trainingen gegeven op zondagochtend. Piet van der Kuil deed alles zelf voor, ook al was hij toen al bijna 70. Veel technische oefeningen, passen en trappen. Ik herinner me vooral dat hij ontzettend aardig was. Heel sociaal en goed met de jeugd. Ik heb er tot mijn tiende getraind, toen kwam ik via de talentendagen bij Ajax terecht.”

Luister onze Ajaxpodcast Branie:

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden