PlusVoorpublicatie

Abdelhak Nouri, een onvervulde droom

Khalid Kasem schreef met medewerking van de familie een boek over Abdelhak Nouri, een sensationele voetballer en een schitterend mens in wording. Totdat op die ene julidag in 2017 alles misging.

Abdel Nouri scoort de 5-0 tegen Willem III in zijn debuutwedstrijd.Beeld ANP/Stanley Gotha

Mohammed Nouri
Berkane, Marokko, 8 juli 2017

Het seizoen 2017-2018 moest het jaar worden van Abdelhak. Ajax had een trainer die gek was van hem. Marcel Keizer had hem in het seizoen 2016-2017 onder zijn hoede in Jong Ajax, het jaar waarin Abdelhak gekroond werd tot Speler van het Jaar in de eerste divisie. Hetzelfde jaar waarin Frenkie de Jong het predicaat Talent van het Jaar opgespeld kreeg.

Er was geen grotere fan te vinden van de ­voetballer Abdelhak Nouri dan Keizer, en die bewondering was wederzijds. Toen Abdelhak na zijn eerste trainingsweek onder Keizer thuiskwam, praatte hij onophoudelijk over hem, over zijn trainingsmethoden, voetballiefde, de in­spiratie die hij hem gaf. Abdelhak was fan van de trainer zonder noemenswaardige voetbal­carrière, eigenlijk iemand die haaks stond op de hele Cruijffrevolutie. Geen oud-voetballer met een imposante carrière, maar een trainer die het als speler niet verder had geschopt dan sc Cambuur, De Graafschap en FC Emmen, nadat hij een blauwe maandag voor Ajax had gespeeld.

Maar ondanks zijn ‘beperkte’ carrière als speler raakte hij direct een snaar bij spelers als Donny van de Beek, Frenkie de Jong en Abdelhak, technisch begaafde talenten. Jongens die feilloos aanvoelden of een trainer oprecht was en hield van voetbal. Het was daarom geen vraag maar een feit dat Abdelhak zijn belofte ging inlossen en zijn droom ging waarmaken om dat seizoen de 34ste landstitel aan de fans van Ajax te schenken. Achter op zijn shirt prijkte dit nummer als een constante herinnering aan ­deze belofte.

•••••

Mohammed was enthousiast over dit vooruitzicht en wilde geen minuut missen van wat nu al een speciaal seizoen zou worden. Hij had ook dit jaar met André van de Beek, de vader van Donny, afgesproken om samen af te reizen naar Oostenrijk. Het was de bedoeling dat ze ook net als altijd gezamenlijk een accommodatie zouden huren. De families Nouri en Van de Beek legden een vergelijkbare betrokkenheid aan de dag als het ging om de carrière van hun voetballende zoons. De beide families leken vooral op de buitenlandse trips één te zijn.

Vader Mohammed Nouri en Abdelhak (midden rechts) in slagerij Buzhu op de Haarlemmerdijk, 2005.Beeld Privecollectie

Mohammed verkeek zich echter op de tijd die een verbouwing in Marokko kostte. Hij veronderstelde dat er slechts een aantal kleine zaken aan de woning in Marokko aangepast hoefde te worden. Hij zou op tijd terug moeten kunnen zijn om gezamenlijk met de familie Van de Beek op reis te gaan, maar de Hollandse voortvarendheid en professionaliteit zijn niet te vergelijken met de stroperigheid en laksheid in Marokko. Door al het achterstallige onderhoud aan de ­woning duurde de verbouwing inmiddels al een maand, zonder uitzicht op een einde. Elk stukje dat in de woning vernieuwd werd, zorgde voor een kettingreactie aan andere, kleine zaken die ook aandacht behoefden. Van vroeg in de ochtend tot laat in de avond werd er doorgewerkt, maar het ging hem niet meer lukken om op tijd terug te zijn in Nederland. Mohammed moest de familie Van de Beek teleurstellen; het zou de eerste keer zijn dat niemand van de familie ­Nouri bij Abdelhak in het buitenland zou zijn.

•••••

Abdelhak was superfit naar Oostenrijk vertrokken. Een paar dagen daarvoor liep hij met gemak de bosloop in het Amsterdamse Bos. Donny en Frenkie zaten na deze traditionele start van het seizoen helemaal stuk, terwijl Abdelhak lachend het tafereel gadesloeg. Hij was optimaal voorbereid op dit speciale seizoen, maar op het trainingskamp in Oostenrijk veranderde dat. In de dagen voor de wedstrijd belde Abdelhak zijn vader. Dat was niet ongewoon, maar het was wel ongewoon dat hij hem belde omdat hij zich niet lekker voelde. Huilend hing hij aan de lijn, maagklachten, hij had zich niet vaak zo slecht gevoeld. Hij kreeg medicatie van de clubarts, maar die hielp niet veel. Ook zijn enkel- klachten zorgden ervoor dat hij niet helemaal in zijn element was. Mohammed sprak er met hem over: of hij de dokter al had geraadpleegd? Wat die zei?

In Artis, 2000.Beeld Privecollectie

Abdelhak liet zich niet kennen en zei dat het wel weer wat beter ging. Hij beloofde samen met de arts te kijken wat het beste voor hem was. ­Mohammed bleef achter met een onbehaaglijk gevoel. Een gevoel dat je alleen achteraf kunt verklaren. Het is natuurlijk moeilijk als je kind je in tranen opbelt, maar hij was in goede handen, de medici zouden wel weten wat ze deden en hoe ze hem moesten helpen. Het was de laatste keer dat Mohammed de stem van Abdelhak hoorde.

•••••

Terwijl hij met verfspullen de trap van het huis in Berkane op loopt, hoort Mohammed onaf­gebroken zijn telefoon overgaan en voelt hij het trillen van de berichten die binnenkomen. Met in zijn linkerhand de emmer met verf haalt hij met zijn rechterhand de telefoon uit zijn broekzak. Nog nooit heeft hij zoveel berichten op zijn telefoon zien staan.

Het eerste bericht dat hij leest is van André van de Beek, de vader van Donny: Wees niet bang, wij zijn hier en wij zullen hem bijstaan. Hij krijgt meer foto’s en berichten binnen, er is iets ernstigs aan de hand met Abdelhak. Het wordt hem zwart voor de ogen, de emmer met verf glipt uit zijn handen.

Een paar seconden later komt hij bij. De trap is van boven tot onder besmeurd met verf en de verfspatten hebben de smetteloos witte muren op slag veranderd in een kunstwerk van Jackson Pollock. De emmer ligt onderaan de trap en de verf zoekt een weg over de Marokkaanse tegels in het trappenhuis. Het hengsel van de emmer, dat net nog zo stevig in zijn hand lag, ligt nu ­verbogen op de derde trede van beneden. Mohammed opent zijn ogen en moet zich eerst oriën­teren. Door de val heeft hij last van zijn rug, maar al snel verdrijft de gedachte aan zijn zoon de pijn. Mohammed is alleen in Marokko terwijl zijn zoon vecht voor zijn leven in Oostenrijk.

Abdelhak met een shirt voor Rody, het broertje van Donny van de Beek (r) dat ernstig ziek was.Beeld Archief Veensche Boys

Hij probeert iemand te pakken te krijgen, de ­onmacht 3000 kilometer van huis is groot. Ook in Berkane sijpelt het bericht door dat er iets aan de hand is met Abdelhak. Buren, kennissen en familieleden komen naar zijn huis. Iedereen spreekt door elkaar heen, maar niemand weet wat er aan de hand is. Na herhaalde pogingen neemt eindelijk Abderrahim op, zijn oudste zoon. Hij is in Amsterdam en kijkt de wedstrijd thuis. Mohammed vraagt aan hem wat er aan de hand is. Abderrahim kan alleen maar zeggen dat het niet ernstig is en dat het goed komt, dat het waarschijnlijk een flauwte is vanwege de ­hitte en zijn enkelklachten. Niets om zich zorgen over te maken.

Abderrahim wil niet te veel zeggen, wil vooral zijn vader geruststellen, maar Mohammeds gevoel zegt dat er iets ernstigs aan de hand moet zijn. Naarstig zoekt hij naar beelden van de wedstrijd, maar die wordt nergens uitgezonden in Berkane. Dan maar via internet, maar hij ziet ­alleen foto’s van zijn zoon die op de grond ligt, en van een ambulance die op het veld staat. De situatie wordt niet veel duidelijker, de wanhoop neemt toe. Hij moet zo snel mogelijk naar Abdelhak. Het eerste vliegtuig dat beschikbaar is brengt hem naar België, van daaruit volgen nog twee aansluitende vluchten voordat hij voet zet op Oostenrijkse bodem.

Donny van de Beek
13 juli 2017

Geuzenveld en Nijkerkerveen liggen hemelsbreed ongeveer 45 kilometer uit elkaar, maar de familie Van de Beek en de familie Nouri lijken in veel opzichten op elkaar. De deur staat altijd open en het is dan ook niet ongewoon dat op een willekeurige doordeweekse dag tien tot vijftien mensen op de bank zitten, tv-kijken, iets drinken. Er is altijd genoeg eten voor iedereen.

Voor Donny en Appie was dit normaal, als Donny in Geuzenveld was of Appie in Nijker­kerveen was alleen het taalgebruik anders. Bij Donny thuis is er weinig taboe en schaamte, ­alles kan besproken worden, sterker nog: alles wordt ook besproken. Bij Appie thuis zijn taboe en schaamte in overvloed aanwezig. Andere achtergrond, maar de omstandigheden bij beide gezinnen zijn in de kern niet heel erg verschillend.

Op de buitenlandse trips reisden de hele ­familie Van de Beek en een deel van de Nouri’s regelmatig samen en verbleven dan ook vaak ­samen. Het begrip gemeenschapszin heeft bij hen nog echt betekenis. Je kunt je voorstellen dat de saamhorigheid groot is tussen families van spelers die praktisch hun hele leven bij Ajax voetballen. Er is niemand die iets kan zeggen over de ontberingen en opofferingsgezindheid die de carrière van een jong kind bij een topclub met zich meebrengt, behalve zij die dit van dichtbij meemaken. De vreugde van de suc­cessen en de stress bij blessures, de keuzes van trainers, de groeipijnen van de kinderen. De jaarlijkse schifting: welke spelers mogen blijven en welke spelers worden bedankt voor hun diensten? De talloze kilometers en het einde­loze wachten bij trainingen, besprekingen, wedstrijden. Deze ouders verdienen net zo goed het predicaat ‘topsporters’.

•••••

De wereld van Appie en Donny veranderde met het seizoen, door het goede spel werd de aandacht groter, liepen de tribunes vol, maar er was niemand in hun omgeving die ze liet zweven. In 2014, het jaar dat ze samen in Malta het Europees kampioenschap voor spelers onder zeventien jaar speelden, leerden ze elkaar pas echt goed kennen. Drie weken lang lagen ze bij elkaar op een kamer, deelden hun emoties, zorgen en blijdschap. Familie en vrienden stonden centraal, dromen over een zegetocht langs Euro­pese velden was waarover ze het hadden. Verbeeldingskracht is het belangrijkste dat je op die leeftijd hebt; als je het niet kunt zien, kun je het niet bereiken. Op het hoogste niveau spelen, grote clubs kapot voetballen. Die droom leefde bij Appie nog meer dan bij Donny.

Het was voor Donny geen vraag maar een absolute zekerheid dat Appie en hij het middenveld van Ajax 1 zouden vormen. Dat hadden ze al laten zien tijdens fameuze wedstrijden in de Youth League, waar zoveel mensen op afkwamen dat de hekken van De Toekomst gesloten moesten worden. Het zinderde op de tribune als Appie aan de bal kwam, niemand kon zijn ogen geloven als hij weer iets wonderbaarlijks uit de hoge hoed toverde.

De voetbal­schoenen die Abdelhak Nouri droeg toen hij drie was.Beeld Privecollectie

Of bij Jong Ajax met Andre Onana, Frenkie de Jong, Kenny Tete, Jaïro Riedewald, Appie en Donny. Een wereldelftal dat fantastisch voetbal speelde. Niet elke wedstrijd werd gewonnen. De Jupiler League betekende goed voetbal spelen, maar tegelijkertijd in De Koel in Venlo de eerste de beste corner om de oren krijgen omdat het ontbrak aan lengte. Het was een belangrijke les in hardheid, duelkracht. Deze lessen en de spelvreugde compenseerden veel van het verlies. De ster van Appie was rijzende en hij werd met ontzag tegemoet getreden. De tegenstanders wisten dat ze hem fysiek de baas zouden zijn, maar ze durfden hem ook weer niet te ­onbesuisd aan te vallen omdat ze wisten dat hij met een simpele voetbeweging twee of drie man in de luren kon leggen.

Maar het was niet het talent of vernuft waar Appie de meeste indruk mee maakte, ook niet zijn gogme. Het was vooral de manier waarop hij in het leven stond. Op 28 mei 2014 waren Appie en Donny net terug van het EK in Malta toen weer een beslissingswedstrijd tegen PSV op het programma stond. In de reguliere competitie stonden beide ploegen aan het einde van de rit gelijk en daarmee moest het kampioenschap beslist worden in een wedstrijd op neutraal terrein. Veenendaal was deze keer het decor.

Het was eigenlijk de verwachting dat Appie en Donny geen bijdrage meer zouden leveren aan het kampioenschap, als Ajax ‘gewoon’ de resterende wedstrijden van de reguliere competitie zou winnen dan was het kampioenschap al ­binnen voordat zij teruggekeerd zouden zijn uit Malta. Maar door een onverwacht gelijkspel uit bij Groningen twee weken daarvoor mochten ze meedoen aan dit toetje van de competitie. Omdat Ajax een beter doelsaldo had, zouden ze genoeg hebben aan een gelijkspel, als er ­tenminste na verlenging een gelijkspel op het scorebord zou staan. Bij rust was de eindstand al bereikt, vier doelpunten waren eerlijk over beide ploegen verdeeld. Na 120 minuten volstond deze score voor de huldiging van Ajax als kampioen van de eredivisie onder 19.

Namens Donny zat alleen vader Van de Beek op de tribune, een zeer uitzonderlijk tafereel. Normaliter was iedereen aanwezig, moest er een bus gehuurd worden om alle familieleden uit Nijkerkerveen te vervoeren. Maar de gezondheid van het jongere broertje van Donny, Rody, maakte dat de zorg voor hem belangrijker was dan een potje voetbal. Rody werd diezelfde dag geopereerd aan een tumor in zijn rug. ­Donny was met zijn gedachten bij zijn broertje, Appie voelde met hem mee. Onder zijn voetbalshirt had hij een shirt aan met de beeltenis van Rody, met daarop de tekst ‘STERKTE!’. Het waren dit soort gebaren die Appie maakte wie hij was, waarom hij zo geliefd is.

Abdelhak Nouri in actie tijdens de oefenwedstrijd Ajax tegen Werder Bremen.Beeld ANP

Alles eindigt op die warme zaterdagmiddag in Oostenrijk. Donny heeft de eerste 45 minuten gespeeld, heeft gedoucht en loopt nu in zijn trainings­kleding langs de tribune waar zijn fami­lie zit, langs het veld waar supporters rijen dik staan. Handen in de zak. Nu ze in Oostenrijk ­tegen een grote Duitse club spelen, is het bier en Bratwurst wat je ruikt en ziet. De volledige familie Van de Beek is naar dit trainingskamp ge­komen. Het is voor hen geen onbekend terrein, ze hebben hier een huisje en hebben zo vaak in dit gebied geskied dat alles vertrouwd voelt.

Donny loopt aan de overkant van de dug-out in rustig tempo om het veld heen, achter de goal langs, om zich bij de andere spelers op de bank aan te sluiten. De tussenstand is niet belangrijk, het is een gemoedelijk potje voetbal. In de namiddag­zon is het goed toeven.

Appie gaat plotseling zitten op het veld, en dan liggen. Enkelklachten waarschijnlijk, denkt Donny, maar het duurt lang. Iedereen is gefixeerd op de behandeling op het veld. Donny kijkt Hakim Ziyech aan, vragende ogen. Meer mensen bemoeien zich met de behandeling. Klaas-Jan Huntelaar wijst naar zijn tong, de blik in zijn ogen zorgt voor een paniekreactie. Wat kun je in godsnaam aan je tong hebben, denkt Donny.

Minuten gaan voorbij, op een gegeven ­moment wordt er gesproken over een hart­aanval. Een telefoon wordt in zijn handen gedrukt, Mo, Appies broer, belt uit Turkije. Stamelen, struikelen over woorden, niets zinnigs komt eruit. De ­paniek slaat toe. Donny kan zijn emoties niet onder bedwang krijgen. Hij had zichzelf voor­genomen om zo koel mogelijk te antwoorden om de familie niet ongeruster te maken dan noodzakelijk, maar de manier waarop hij Mo te woord staat, zal waarschijnlijk het tegenover­gestelde tot gevolg hebben.

Spelers, staf en fans kijken gespannen toe terwijl Abdelhak Nouri op het veld in Oostenrijk wordt behandeld, nadat hij ineen is gezakt.Beeld ANP

De situatie op het veld lijkt wel uren te duren, op een gegeven moment worden de spelers naar binnen geleid, het geluid van de helikopter verstoort het gesnik en gehuil in de kleedkamer. ­Iedereen vindt geruisloos zijn plek in de bus, de stoel van Appie blijft leeg. Niemand beseft wat er zojuist is gebeurd. Mo belt elke twee minuten, Donny heeft geen woorden, geen zinnen, geen analyse, helemaal niets wat kan helpen.

•••••

Carel Eiting, vriend en net zoals Donny en Appie een product van de jeugdopleiding van Ajax, voegt zich bij Donny in de gym. De woorden verstommen, Donny voelt de betrokkenheid van zijn teamgenoot, hij begrijpt waarom hij hem opzoekt. Hij kan alleen niets teruggeven op dit moment. Hij moet hier niet blijven, hij moet daar zijn waar ze hem het hardst nodig hebben. De meeste spelers zijn na het horen van het nieuws over de conditie van Appie naar huis vertrokken.

Donny moet naar Mo toe. De relatie tussen hem en Appie is vergelijkbaar met die tussen hem en Mo. Het komt regelmatig voor dat ­Donny met Mo afspreekt zonder dat Appie dat weet. Ze delen allemaal dezelfde passies, dezelfde voorkeuren. Houden van mooie dingen, ­kleding, auto’s. Hetzelfde geldt trouwens voor de relatie tussen Rody en Appie, ook zij hebben een speciale band, mogen elkaar graag, voelen zich familie van elkaar. Het is nu belangrijker dan ooit dat hij bij de familie Nouri is. De wereld weet sinds vandaag dat het niet goed zal komen met Appie, dat hij al die dingen die hij met zoveel flair deed niet meer zal kunnen doen.

Vader Mohammed Nouri wordt bij thuiskomst opgewacht door een zee aan mensen, nadat Abdelhak in het ziekenhuis is opgenomen.Beeld ANP

Herman Pinkster, spelersbegeleider van Ajax, rijdt Donny naar Geuzenveld. Hij is op geen ­enkele wijze in staat om zelf te rijden. Daar aangekomen houden groepjes mensen zich op voor de deur van de woning die hij zo vaak heeft ­betreden, zijn tweede thuis. Cameraploegen leggen alles vast. Dit is de eerste dag van een ­wekenlange periode waarin Donny elke dag na de training of na de wedstrijd naar Geuzenveld rijdt. Hij wil daar zijn, moet daar zijn. Hoe vaak heeft hij niet op de kamer gelegen van Appie en Mo? De hele nacht lachen en kletsen, praten over de verre toekomst en die van iets dichterbij. Vaak genoeg hadden Rabia en Mohammed geen idee dat er een logé boven lag te slapen totdat aan de ontbijttafel opeens een blonde jongen aanschoof met slaperige oogjes.

Het voelt voor Donny goed om deze weken op Appies plek te slapen, in zijn bed te gaan liggen en de hele nacht met Mo te praten over vroeger, over wat geweest is en zo mooi was. Appie was familie, hij was het die altijd stilstond bij kleine dingen die een grote impact konden hebben op anderen. Donny voelt de kracht en de energie om door te gaan door fysiek zo dicht mogelijk bij de plek te zijn die Appie altijd zoveel heeft ge­geven.

‘Er is zoveel meer dan alleen de tragiek van zijn geknakte droom’

Khalid Kasem (1978) is ­advocaat, schrijver en docent in de beroeps­opleiding voor advocaten. Hij is mede-eigenaar van advocatenkantoor De Vries & Kasem, mental coach voor topsporters en geeft leiderschapstrainingen voor het bedrijfsleven.

“Ongeveer een jaar geleden. Wel hield ik vanaf het begin af aan een logboek bij om zoveel mogelijk herinneringen vast te leggen. Dit vooral voor de jongere zusjes van Abdelhak. Ik zag ze in de nasleep van de tragedie in Oostenrijk vaak verloren staan, eigenlijk niet goed beseffend wat er allemaal aan de hand was. Ik wilde dat ze later op een waarheidsgetrouwe manier zouden kunnen terugkijken op deze tragedie. Gaande­weg ontstond het idee om een boek te schrijven, vooral ook omdat er zoveel meer te vertellen is over Appie dan alleen de tragiek van zijn geknakte droom.”

“Dat is een lastige balans. Je wilt vaak veel meer vertellen dan je kunt vertellen. Maar tijdens het schrijven van dit boek heb ik mij niet geremd gevoeld. Het vertrouwen dat de familie in mij heeft gesteld gaf mij ook de ruimte om het boek vorm te geven zoals ik gedaan heb, die warme band zorgde ervoor dat zij bereid waren hun gevoelens en herinneringen te delen die zij niet eerder aan iemand hebben toe­vertrouwd. Het meest ­dankbaar ben ik voor de reactie van de familie Nouri, het boek ontroerde hen.”

“De enige insteek die ik heb gekozen voor dit boek was dat het een waarheidsgetrouw beeld moest zijn van een speciale jongen, met op en buiten het veld unieke kwaliteiten. Het beeld van een liefhebbend gezin dat oog heeft voor elkaar en hart voor de samenleving. Je kunt geen verhaal maken over Abdelhak of zijn familie zonder uit te komen op de verbindende rol die zij spelen, hun empathisch vermogen, de liefde voor elkaar en de stad waarin zij leven. De familie Nouri heeft tot op de dag van vandaag zo veel hartverwarmende berichten gekregen, zo veel blijken van medeleven. Dat ontroert hen enorm. Het geeft troost dat empathie de grote stad nog niet verlaten heeft.”

“De eerste zes maanden na de gebeurtenis in Oostenrijk is Abdelhak Nouri als dossier behandeld en niet als mens, als collega, als vriend. Door de directie zijn keuzes gemaakt waar zij in retrospectief waarschijnlijk ook minder gelukkig mee zijn. Het gaat bij gebeurtenissen zoals deze niet om in juri­dische zin gelijk te hebben, het gaat om empathie, betrokkenheid, geborgenheid. Zorgen dat je niet terechtkomt in het moeras van discussie en debat maar de tijd die je daar aan kwijt bent gebruiken voor betrokkenheid en verbinding.”

“Het is jammer dat die lessen kennelijk niet geleerd zijn, ook nu prevaleert het zoeken naar het juridische gelijk boven een oplossing die recht doet aan Abdelhak. Een recept dat eerder ook al geleid heeft tot onbegrip en ongenoegen, tot verwijdering. Kennelijk kan alleen een rechtvaardige oplossing gevonden worden door dan maar het geschil door een derde te laten beslechten.”

“Het schrijven van dit boek is het dankbaarste en tege­lijkertijd het moeilijkste dat ik ooit heb mogen doen. De mooie momenten werden vaak afgewisseld met het rauwe verdriet, de pijn van het niet meer kunnen. Het is per definitie moeilijk om iemand met wie je zo begaan bent, alles af­genomen te zien worden, zeker als dat iemand is die zo veel goedheid in zich had als Abdelhak.”

“De familie Nouri heeft mij ­tijdens het schrijven van dit boek ook veel geleerd: lessen over nederigheid, dankbaarheid en relativering. Hoe je zelfs op de moeilijkste momenten krachtig kunt zijn, oog voor een ander kunt hebben. De pijnlijke herinnering aan 8 juli 2017 heeft bij iedereen die ik gesproken heb een onherstelbaar litteken achter­gelaten. Gelukkig zorgt het levend houden van de herinnering aan Abdelhak ervoor dat die pijn wordt verzacht.”

Ronald Ockhuysen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden