Plus Achtergrond

Wat heb je aan schaamte, en hoe ga je ermee om?

Beeld XF&M

Darwin noemde schaamte de menselijkste emotie. Maar wat heb je er eigenlijk aan? ‘Je kunt minder last hebben van je schaamte als je die juist omarmt.’

Het idee dat je in de ogen van een ander waardeloos bent. En dat je die ander daar volkomen gelijk in geeft. Dat is de essentie van schaamte. Iedereen kent het gevoel: een pijnlijke, negatieve en zelfbewuste emotie. Je voelt je minderwaardig. Je voelt je uitgesloten. Je wilt door de grond zakken om de blik van de ander vermijden. Het is de blik die je confronteert met de waardeloze persoon die je bent.

Die definitie van schaamte komt van Louis Tas, de in 2011 overleden Amsterdamse psychiater. Bijna niemand heeft het begrip zo kernachtig omschreven als hij.

Tijs Goldschmidt kende Tas. Als evolutionair bioloog en schrijver (Darwins Hofvijver) maakte Goldschmidt deel uit van het ‘schaamteclubje’ dat Tas in de jaren 90 oprichtte. Op uitnodiging van Tas spraken verschillende wetenschappers over ‘de meest menselijke emotie’, zoals Charles Darwin schaamte noemde.

Kortstondig boos

Darwin, grondlegger van de evolutieleer, bestudeerde de levende soorten op aarde. Veel basale diersoorten hebben prikkels als honger en dorst, zag hij. Maar primaten – waaronder de mens – hebben daarnaast ook emoties als angst, vreugde, woede. En schaamte.

Lang is getwijfeld of ook chimpansees en andere mensapen zich kunnen schamen. “Ik herinner me dat collega Frans de Waal er twintig jaar geleden niet van overtuigd was,” zegt Goldschmidt. “We bekeken beelden van onderzoekers die een orang-oetan lieten falen op een taakje. Het dier sloeg de handen voor de ogen, maakte zich klein, wendde zich af en werd kortstondig boos.”

“Vervolgens deden onderzoekers een soortgelijk experiment bij een kind. Het toonde identiek gedrag, dat we bij mensen schaamte noemen. Maar dat beide gedragingen op elkaar leken, vormde voor De Waal toen niet het bewijs dat schaamte bij mens en dier dezelfde emotie is.”

Oeroude emoties

Maar De Waal is om, zo staat in z’n recentste boek, Mama’s laatste omhelzing. Had hij het gedrag van de orang-oetan twintig jaar geleden met een functionele term als ‘onderdanig’ omschreven, tegenwoordig noemt hij simpelweg de emotie: schaamte. Verwijzend naar Darwins evolutieleer – die stelt dat evolutie zelden iets totaal nieuws voortbrengt, maar bestaande eigenschappen aanpast – concludeert De Waal dat alle menselijke emoties variaties zijn op oeroude emoties van andere zoogdieren.

“Schaamte heeft een duidelijke evolutionaire functie,” zegt Goldschmidt. “Het zorgt ervoor dat groepsleden zich conformeren aan het collectief. Een lid dat de groeps­regels overtreedt, wordt veroordeeld door andere groepsleden. Dankzij het mechanisme van schaamte veroordeelt het dissonante groepslid echter ook zichzelf. Dat versterkt de groep en draagt bij aan overlevingskansen van de soort.”

De schaamtevolle mens bezorgt niet alleen de groep een bonus, maar ook zichzelf, zegt evolutionair psycholoog Joshua Tybur (Vrije Universiteit). Het grootste deel van de afgelopen tweehonderdduizend jaar heeft de homo sapiens de aardbol rondgetrokken in groepen van zo’n 150 jagers-verzamelaars. Het wemelde destijds van de andere diersoorten die sterk en gevaarlijk waren. Zonder groepsbescherming was het menselijke individu ten dode opgeschreven.

“Het collectief kon oneerlijke, onbetrouwbare mensen uitstoten,” aldus Tybur. “Mensen met een onbetrouwbare reputatie hadden dus een groot probleem. Schaamte helpt om je slechte reputatie te verbeteren. Door onderdanigheid en excuses wil je dat anderen hun negatieve perceptie van jou positief bijstellen. Dat kan ook door onbetrouwbaar gedrag te veranderen. Zoals een pijnprikkel het teken is om je hand snel van een brandende kachel te halen, zo is schaamte de aanleiding om je gedrag te veranderen en je sociale status te verbeteren.”

Emotioneel watermerk

Schaamte kent ook een fysieke component: blozen. Het uitzetten van bloedvaten in gezicht of hals is – tot ongenoegen van mensen die blozen – een reactie van het autonome zenuwstelsel. “Je hebt er dus geen enkele invloed op,” zegt fysioloog Jan Hindrik Ravesloot (Universiteit van Amsterdam). Geen enkel ander zoogdier bloost.

Tybur denk dat blozen een soort emotioneel watermerk is. “Degene die bloost, toont de ander daarmee dat de schaamte oprecht is,” aldus Tybur. “Dat maakt iemand dus heel betrouwbaar. Dat is een aanwinst voor de groep, omdat het een goede manier van samenwerken garandeert.”

Mannen en vrouwen schamen zich evenveel, tonen bijna alle onderzoeken aan, zegt Tybur. “We zijn allemaal even afhankelijk van sociale relaties, daarom zijn er geen noemenswaardige sekseverschillen.”

“Wel zijn er tegenwoordig verschillen tussen landen. Op plekken waar de familiebanden sterk en wijdvertakt zijn, zoals in het Midden-Oosten en Azië, komt meer schaamte voor dan in individualistische samenlevingen in het Westen.”

Beeld XF&M

Het nut van schaamte mag in evolutionaire en sociale zin goed te verklaren zijn, toch kunnen mensen er op individueel niveau veel last van hebben. Iemand die zich permanent en hevig schaamt, gaat daaronder gebukt. De kans op depressie, slaapproblemen of het vermijden van anderen neemt dan toe.

“Ik heb eens een vrouw in behandeling gehad die ontzettend bang was om naar haar werk te gaan, omdat zij ervan overtuigd was dat zij vreselijke fouten zou maken en dat anderen dat zouden opmerken,” zegt de Amsterdamse psychoanalyticus Frans Schalkwijk. “Vreselijk voor haar. Dan heb je nooit een goede dag.”

Psychologische kwalen kunnen dus het gevolg zijn van een, op zichzelf, nuttige emotie die een te grote rol opeist. Hetzelfde gebeurt bij ziekelijke angst. Ook die emotie levert een zinvolle bijsturing van het gedrag – het waarschuwt voor gevaar – maar wie aldoor gevaar ziet als het er niet is, krijgt een angststoornis.

Zelfbeeld

Schaamte ontwikkelt zich als jonge kinderen gevoelig worden voor de mening van anderen, zegt ontwikkelingspsycholoog Eddie Brummelman (Universiteit van Amsterdam). “Zo rond een jaar of twee, drie. Als tegenhanger van schaamte ontwikkelt zich dan ook trots.”

In die fase kan de bodem worden gelegd voor een te grote schaamtegevoeligheid. Als ouders de wensen en behoeften van het kind niet erkennen, kan het kind gefrustreerd raken en zich uiteindelijk voor de eigen wensen en behoeften gaan schamen. Zodanig, dat het op volwassen leeftijd nog steeds hindert, zegt psychoanalyticus Schalkwijk.

“Je kunt minder last hebben van je schaamte als je die juist omarmt,” zo schrijft Schalkwijk in z’n boek Onvolmaakt tevreden, omgaan met je innerlijke criticus. “Een man die vindt dat hij te dik is, is erbij geholpen als hij in zijn eigen identiteit opneemt dat hij ook meer kilo’s heeft. Met de nadruk op ‘ook’. Daarnaast is hij bijvoorbeeld een geduldige vader, een liefhebbende echtgenoot of een vingervlugge pianist. Als je je kwetsbare punt integreert in je zelfbeeld, verdwijnt de angst om voortdurend te worden ontmaskerd. Dat maakt het leven veel aangenamer.”

Toxische schaamte

Een triest verhaal is toxische schaamte, die voorkomt bij slachtoffers van mishandeling en seksueel misbruik, zegt Schalkwijk. “Zij nemen het zichzelf kwalijk dat zij kennelijk mensen zijn die je kunt mishandelen en misbruiken. Daarover voelen ze schaamte, woede en machteloosheid. Dat maken ze ongedaan door de beleving dat ze mishandeling of misbruik over zichzelf hebben afgeroepen: het lag niet aan de dader, maar aan henzelf. Ze beschuldigen zichzelf.”

In zulke gevallen is het onjuist en zelfs ziekmakend om schaamte te integreren in het zelfbeeld, zegt Schalkwijk. “De schaamte en woede die slachtoffers van misbruik ervaren, wordt naar binnen gekeerd. Een vijfjarige jongen die bijvoorbeeld stelselmatig door z’n vader wordt mishandeld, kan niet in opstand komen. Hij heeft de zorg en liefde van z’n vader nodig, dus is het veiliger om de schaamte en woede over vaders mishandelingen om te zetten in zelfbeschuldigingen. Op latere leeftijd moeten die schaamte en woede alsnog een uitweg vinden.”

Een overschot aan schaamte is een probleem, maar een tekort ook, zegt Schalkwijk. “Er zijn mensen die het vermogen missen om zich in anderen te verplaatsen. Ze gebruiken of misbruiken anderen voor hun eigen doelen, maar schamen zich daar helemaal niet voor. Het ontbreekt hun aan empathie, schaamte en aan schuldgevoel. Voor de samenleving vormt dat soort mensen een probleem. Ze walsen over anderen heen.”

Mits juist gedoseerd is schaamte echter een effectief middel om jezelf bij te sturen, zegt Schalkwijk. “Dan geef je jezelf een duw in de juiste richting, zonder anderen te schaden.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden