Beeld Sjoukje Bierma

Wanneer word ik een man die in zijn auto de krant leest?

PlusMaarten Moll

Nooit gedacht dat ik het zou doen. In mijn badjas naar buiten.

Toch is het gebeurd, dit weekeinde. Even snel de hond uitlaten. Iets over achten in de ochtend. Op de slippers die iedereen lelijk vindt, ergens in zo’n enorme Franse supermarché gekocht voor een paar euro, maar die zo lekker lopen. Ongeschoren. Met ongekamde haren. (Op de camping loop ik er gesoigneerder bij.)

Een gevoel van decorumverlies.

Ik voelde me bekeken. “Zo ben ik niet!” wilde ik roepen, “vergeet dat u me zo gezien heeft.”

Als Beppie niet naast me had gelopen hadden buurtbewoners vast de politie gebeld.

Het was frisser dan ik dacht. En natuurlijk moest Beppie vlak bij het water in de poepstand gaan staan. Nat gras tussen mijn tenen.

Aan de overkant van het water kwam de onberispelijk geklede man van halverwege de zestig voorbij. Nette, schone schoenen. Altijd gladde wangen. Soms al de geur van een dure eau de toilette. Zijn witte hond laat enorme drollen die de man nooit opruimt.

Ik keek hem na en liep nog tientallen meters langs de Oosterringdijk met een gevuld groen poepzakje losjes in mijn hand te zwaaien tot ik bij een prullenbak was.

En toen zag ik ook de man in de auto. Een geparkeerde auto.

De man zat achter het stuur en las de krant.

Ik bleef nog even dralen (en omdat ik met de hond was, was er voor de buurtbewoners geen aanleiding om de politie te bellen omdat bij de geparkeerde auto’s een zonderlinge man rondhing.)

De man sloeg bedaard een bladzijde om. Hij was bij een stuk over de tweede coronagolf.

Beppie snuffelde aan een molshoop.

Wat bezielt een man om ’s ochtends vroeg in de auto de krant te gaan lezen?

Hommeles thuis? Wellicht was dit de juiste plek om ongestoord van zijn krant te genieten (jengelende kinderen, onrustige huisdieren, vluchten voor huishoudelijke taken). En van een kop koffie, want ik zag hem de dop van een thermoskan losdraaien. Hij schonk de koffie in een mok met daarop het embleem van PSV.

De man zag er heel erg tevreden uit. Ik zag hem vergenoegd zuchten na de eerste slok. Deze man had zijn eigen universum geschapen.

Hij nam de krant weer op.

Beppie had zijn snuit diep in de molshoop geboord. De wind kwam onder mijn badjas. Naar huis.

Ik liep langs de auto, de man was op de sportpagina’s verzeild geraakt. Hij greep naar zijn mok. Ik kon net horen dat er rustige muziek op stond.

Wanneer zou ik een man worden die op zaterdag­ochtend in zijn auto de krant gaat lezen?

Ik wierp een blik op de bijrijdersstoel.

Jammer. Er lag geen pakje zelfgesmeerde boterhammen.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden