PlusInterview

Wanda Bommer: ‘Ik laat God terugkomen op zijn plan’

In haar zesde roman De Ark zet Wanda Bommer (50) een decadent dancefestival op een schip af tegen de ondergang van de mensheid. ‘Het ­hele moderne hedonistische leven komt voorbij.’ 

Schrijfster Wanda Bommer in de Koningin Maxima-zaal in het Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT)Beeld Nosh Neneh

Het is erg. Vreselijk. Echt heel erg. Wanda Bommer over hoe de coronacrisis ook de evenementensector midscheeps heeft geraakt. Van jongs af aan werkte ze in het Nederlandse clubcircuit en was ze voor verschillende bands tourmanager, merchandiser, chauffeur en roadie ineen.

Bommer is geboren Amsterdamse, maar getogen in het Westfriese Groote­broek. Zodra ze de mogelijkheid had – toen ze zeventien was en de middelbare school haar ­verzocht had nooit meer een voet op het schoolterrein te zetten – ging ze terug naar Amsterdam, waar ze werk vond bij een boekingskantoor.

Sinds begin jaren negentig werkt ze voor De Dijk. Ze is getrouwd met gitarist en producent Jan-Bart (‘JB’) Meijers, van onder meer de Common Linnets. Ze weet waar ze het over heeft als ze praat over de crisis en gaat gebukt onder het besef dat we niet weten wanneer het weer normaal wordt, óf het weer normaal wordt.

“Ik vind het gebrek aan perspectief heel ingewikkeld. Bij bokswedstrijden worden van die roffeltjes uitgedeeld, ik weet niet hoe die heten, van die snelle stootjes. Die krijgt de cultuursector al een hele tijd. Met één harde knal als ­deze erbij liggen we misschien voor de rest van de geschiedenis knock-out.”

De crisis geeft Bommers nieuwe roman De Ark, die vandaag verschijnt, een extra lading. Het decor daarvan is een ­wereld waarin de mens door klimaatverandering, over­bevolking en pandemieën op de rand van de afgrond staat – een tweede zondvloed dreigt, door de mens zelf opgewekt. Dit inspireert de hoofdpersoon, bestsellerauteur ­Leonoor Levie, tot een boek waaraan het Bijbelverhaal over de ark van Noach ten grondslag ligt. Op partycruise The Ark, een vierdaags festival op de Middellandse Zee, hoopt ze de link te vinden naar de hedendaagse samen­leving.

“Ik had mijn manuscript af vlak voor de lockdown, vlak voor het hier ook echt erg werd. Dat had ik natuurlijk niet voorzien. Sinds oud en nieuw had ik in zelfquarantaine gezeten om te schrijven. We hadden net een huis op Bonaire gekocht toen ik klaar was, en ik was bezig met een groot evenement in de Ziggo Dome dat we in de laatste week van DWDD zouden aankondigen. Ik was in een enorme feeststemming, ik dacht: dit wordt me toch een gezellig voorjaar, ik ga helemaal los.”

Maar toen kwam er een zee van leegte en zorgen waarin haar creativiteit opdroogde, met man en dochter van ­negentien aan huis gekluisterd in De Jordaan. “Mensen zeiden: jammer dat je boek af is, je zou nu lekker veel tijd hebben gehad om te schrijven. Ik was juist blij dat het af was. Er werd me gevraagd een stuk te schrijven over wat we nu meemaken, maar het was alsof de muze had besloten ook anderhalve meter afstand te houden. Mijn leven was gevuld met vragen als: wat is hier aan de hand? Hoe komen we hier doorheen?

Eigenbelang prevaleert

In Bommers boek is het juist de mens die als een soort ­bacteriële infectie de aarde aantast. “Het gaat meer over waar we mee bezig waren voor corona: de staat van de ­wereld. Nu gaat het alleen over mensen in leven houden; met de coronacrisis zien we weer hoe het eigenbelang van de mens prevaleert.”

Zoals ze in De Ark schrijft: de mens waant zich het meesterstuk van de schepping, overal boven staand. “In relatie tot het coronavirus kun je stellen dat de mens nog steeds denkt: de natuur komt met een virus en wij gaan daar even een stokje voor steken.”

The Ark Cruise, het dancefeest dat ze beschrijft, bestaat echt. “Een beetje jammer dat het niet poëtischer is gegaan. Maar ik zag een advertentie voor het feest en dacht: dat moet walgelijk zijn. Dus ik ga erheen ik dan ga ik mijn verhaal daar situeren.” Maar tot haar eigen verrassing vond ze het hartstikke leuk. “Vroeger ben ik danseres geweest in de IT, ik was in die tijd echt een dancetypetje, ik voelde me zó! Dus ik kon niet alleen met een verhaal komen aanzetten over de ‘Chosen Ones’, zoals de passagiers worden ­genoemd. Ik moest veel breder gaan denken.”

In haar roman raakt Leonoor Levie aan boord verwikkeld met Ties van Gils, telg uit een crimineel geslacht en op de vlucht omdat zijn internationale netwerk wordt opgerold. Leonoor vindt in zijn levensverhaal haar boek, dat gaandeweg tot stand komt als intermezzo’s in De Ark.

“Het verhaal van Leonoor en Ties is een moderne versie van het Bijbelverhaal – het is heel losjes gebaseerd op het mannetje en wijfje op de ark van Noach. Het verhaal van Ties’ familie die van generatie op generatie naar de ­verdoemenis gaat, is in feite ook een arkverhaal, het zijn allerlei arkjes door elkaar. Ik ben helemaal niet met de Bijbel opgevoed, maar het verhaal van De ark van Noach zou ik nu uit mijn hoofd kunnen declameren.”

Interview met God

Verrassende derde lijn van de roman is een interview met God, een wereldpremière die live wordt uitgezonden vanuit de Koningin Máxima Zaal in het Koninklijk Instituut voor de Tropen. God heeft besloten zich als daad van ­mededogen op aarde te manifesteren om uit te leggen dat het niet de aarde is die vergaat, maar de mensheid. En dat dat een stuk ordentelijker kan verlopen als de mens afziet van verdere voortplanting.

“Ik kon daar helemaal op doorfantaseren, mijn gedachten helemaal de vrije loop laten. Soms heb je schrijfsessies waarbij je een paar uur helemaal weg bent. Dan denk je later: huh, heb ik dat geschreven? Ik laat God terugkomen op zijn eigen plan. Dat Noach vlees mocht eten als beloning voor doorstane beproevingen is funest geweest, ziet hij nu in. En dat ‘vermenigvuldig u’ – als hij dat niet had gezegd, had moeder aarde in deze tijd opgelucht adem gehaald.”

Als wij mensen uitsterven, zegt Bommer, zou dat het ­beste zijn voor de aarde wat we kunnen doen. “Als we nu zouden stoppen met voortplanten, houdt God ons voor in mijn boek, hoeft niemand gewelddadig te sterven en ­worden de omstandigheden beter voor de mensen die nu opgroeien. En alles wat God in het interview zegt, komt subtiel ook weer voorbij in de hoofdstukken die op The Arc spelen. Alles is aan elkaar gelinkt. Op die boot komt het ­hele moderne hedonistische leven voorbij.”

Haar eerste verhaal schreef ze toen ze vijf was. Hut meisje n hut paard. De wens om te schrijven was altijd aanwezig, maar begonnen romans liepen vast. Pas toen ze in 2001 moeder werd en als gevolg daarvan meer thuis zat, kon ze meters maken en begon ze aan de Schrijversvakschool. In 2008 debuteerde ze met de roman Boom.

Haar droom, een ‘Bommerplankje’ in de boekenkast, is met roman zes volop in wording. Een boek met het droste-effect van een schrijver die aan boord gaat van The Arc, die schrijft over een schrijver aan boord van The Arc. Maar ze is fantast bij uitstek, zegt Bommer, al heeft ze er ook geen moeite mee persoonlijke dingen te beschrijven. “Natuurlijk zit er heel veel van mijn persoonlijke leven in. Zo heb ik net als ­Leonoor in mijn boek een borstamputatie gehad. Ik weet op het moment dat zoiets gebeurt al: dat komt in een volgend boek. In De Ark komen dingen voor die waar en niet waar gebeurd zijn. Samen is dat een waarachtige wereld geworden.”

Wanda Bommer, De Ark, Uitgeverij Brandt, €20.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden