Plus Portretten

Vier kantinebazen over hun vak: ‘Ik werk 80 uur per week’

Carla van Vliet (50): ‘Je moet stevig in je schoenen staan. In het begin proberen ze je uit.’ Beeld Marjolein van Damme

Op school, het werk of bij de sportvereniging: de kantine is vaak een tweede huiskamer. Vooral dankzij kantinebeheerders met liefde voor hun vak. Aan het assortiment is door de jaren heen nog niet veel veranderd. ‘Nee joh, gewoon een vette hap. Dat hoort bij voetbal.’

Carla van Vliet (50) werkt bij Lust Catering en beheert sinds zes jaar de kantine van Damen Shiprepair Amsterdam.

De eerste dag dat Van Vliet in de kantine van de scheepswerf kwam werken, verschoof ze meteen de tafels. “Ze stonden me aan te staren van: wat ben jíj nou aan het doen? De langwerpige tafels stonden eerst in rijen naast elkaar. Het was net een gevangenis of een ouderwetse school. Ik heb ze in vierkante blokken gezet, zodat je elkaar aan kunt kijken. Veel gezelliger toch!”

Elke lunchpauze is Van Vliet het vertrouwde gezicht voor de werknemers. Ze belegt hun broodjes, weet precies wie er boter op wil en wie ketchup of mayonaise. Meerdere keren per week heeft ze warme snacks of maakt ze een specialiteit, zoals brood met saté.

De directie heeft wel eens geopperd om biologische broodjes aan te bieden. “Heb ik niet gedaan,” zegt Van Vliet. “Het is hier wel een mannenwereld. Die jongens werken keihard, vaak in de kou. Dan willen ze daarna een warme snack of een uitsmijter. We geven ze wel de keuze en hebben ook broodjes gezond, fricandeau, rosbief of zalm.”

Van Vliet is een van de weinige vrouwen in het bedrijf. “Je moet stevig in je schoenen staan. In het begin proberen ze je uit, krijg je allerlei opmerkingen naar je hoofd. Aan mijn nieuwe collega vroegen ze bijvoorbeeld of ze een biertje konden krijgen. ‘Van Carla mag dat ook altijd,’ zeggen ze dan. Helemaal niet waar natuurlijk,” zegt ze lachend. “Maar ze helpen me ook. We hebben hier een liftje waar geen karren in kunnen. Als ik veel kratten moet sjouwen, vraag ik of ze die voor me naar boven willen tillen. Als beloning krijgen ze een blikje fris of een patatje van me.”

De mannen weten inmiddels dat ze met Van Vliet niet moeten sollen. “Er zat eens een man met een e-smoker in de kantine. Ik vroeg hem daarmee te stoppen. De volgende keer zat hij gewoon weer te roken. Ik schreef met stift ‘Verboden te roken. Ook voor e-sigaret’ op zijn plek. Kon ik later met Jif wel wegpoetsen. Ik hoorde wat gemompel toen hij het zag. Hij heeft daarna niet meer in de kantine gerookt.”

Elke dag begint Van Vliet met plezier aan een nieuwe werkdag: “De omgang met de jongens is erg leuk. En eten is mijn passie. Dit werk is de ideale combinatie.”

Marcel Linthorst (52) beheert sinds twaalf jaar de Johan Prasing Kantine van voetbalclub DEVO ’58.

De Johan Prasing Kantine is vernoemd naar kantinebeheerder Johan Prasing, die zeven jaar geleden overleed. Hij zorgde voor de broodjes bal, tapte de biertjes, waste de voetbalkleding en hield de keuken schoon. Wie hem in de maling nam, kon revanche verwachten. Dan kneep Johan een tube mayonaise of ketchup leeg op je hoofd. En als het hem te laat werd, zette hij de brandweerspuit op de mannen om ze naar huis te jagen.

Prasing is niet meer, maar de kantine is nog altijd zo roemrucht dat niet alleen supporters, maar ook mannen uit de buurt er een pilsje komen drinken. Een postbode die vijftig jaar geleden bleef hangen, is inmiddels 84 jaar en nog steeds vaste bezoeker.

Marcel Linthorst (52): ‘Als iemand naar de wc is, water in zijn bierflesje doen. Dat soort geintjes.’ Beeld Marjolein van Damme

Linthorst nam het kantinebeheer twaalf jaar geleden over. Hij krijgt daarbij hulp van vrijwilligers die bardiensten draaien. “Ik coördineer dat en ben ook degene die hierheen rijdt als het brandalarm ’s nachts afgaat. Op vrijdagmiddag trek ik op de velden altijd de lijnen. En ik doe de was. Samen vouwen we die op.”

Vier dagen per week is Linthorst bij DEVO ’58 te vinden. “Het is mijn tweede, misschien zelfs wel mijn eerste thuis.”

De nazit in de kantine wordt nooit overgeslagen. “Als het eerste elftal verloren heeft, zitten we even met gebogen hoofd, maar na een halfuurtje staan we alweer te proosten. Natuurlijk halen we ook geintjes uit. Als iemand naar de wc is, water in zijn bierflesje doen. Dat soort dingen.”

“Gezond aanbod? Salades? Nee joh, gewoon een vette hap. Gehaktbal met een klodder satésaus. Dat hoort bij voetbal.”

Sinds 1985 is de kantine van binnen nauwelijks veranderd. De bekerkasten, de elftalfoto’s aan de wand, het ouderwetse zwarte bord met de witte schuiflettertjes: ‘borrel/vieux €2, Jagermeister €2, Heineken €1,60, zakje snoep €0,60, warme snacks: vraag aan de bar.’

“De gordijnen, de witte valletjes, de lampen. Ze zijn echt jaren tachtig. Toen we die lampen wilden vervangen, protesteerden zelfs de jongste spelers.”

“We hebben wel wat veranderd, hoor. Eerst hadden we rieten stoelen. Dat was niet hygiënisch. En voor de bruine tegeltjes in de keuken hebben we nu een plaat geplakt. Het opspattend vet ging in de voegnaden zitten.”

“Verder laten we alles bij het oude. Met succes. De mensen die hier komen, voelen zich meteen thuis en willen vaak niet meer weg.”

Coen Kollen (78), zijn vrouw Diana (73), zoon Dennis (52), schoondochter Ilse (52) en kleindochter Jamie (27) runnen samen sportkantine De Remise in Landsmeer.

Sportcafé De Remise in Landsmeer is typisch een kantine uit de jaren tachtig. Houten caféstoeltjes, schrootjesplafond, kasten vol glimmende bekers en vaantjes, speelautomaten, een royale bar met een slinger feestlichtjes en kunstklimop. En altijd diezelfde man die de glazen spoelt. Bij De Remise staat sinds 1981 Coen Kollen met zijn vrouw Diana achter de toog. Later kwamen ook zijn zoon, schoondochter en kleindochter daarbij.

“De hele sporthal én de kantine beheren wij. We maken de zes kleedkamers en twee sporthallen schoon, zorgen voor het onderhoud en sluiten na afloop alles af. Ik werk zo’n tachtig uur per week,” vertelt Dennis Kollen.

Zijn moeder Diana is om acht uur ’s morgens al aanwezig om de koffie klaar te zetten. “Doordeweeks is er schoolgymnastiek. In het weekend komen vaak familie en vrienden mee naar sportwedstrijden om aan te moedigen. Voor hen is het prettig als er ’s ochtends al iemand is en ze koffie kunnen drinken. Dat is lang niet overal meer zo.”

Stampvol zit de kantine alleen nog op hoogtijdagen, bij belangrijke wedstrijden of kampioenschapsfeestjes. “Het is niet meer vanzelfsprekend dat sporters na afloop blijven hangen. Vroeger gebeurde dat na elke training of wedstrijd, nu is er op sommige avonden maar een handvol mensen. Maar dan blijven we toch open,” zegt Coen Kollen.

‘We hadden yoghurt gekocht, maar ik heb alles weg moeten gooien. Niemand nam het’ Beeld Marjolein van Damme

In de sporthal wordt zaalvoetbal, volleybal en basketbal gespeeld. Dennis is altijd op de hoogte van de sportprestaties. “Als ze verloren hebben, beur ik ze op. Hebben ze dik gewonnen, dan weet ik dat het gezellig wordt. Het verschilt per sport wat mensen bestellen. Volleyballers drinken graag een buitenlands biertje. Voetballers houden het meestal bij bier of een Bacardi-cola. Dan zorg ik dat ik daar genoeg van in huis heb.”

De familie Kollen probeerde volgens de campagne De Bewuste Kantine gezondere producten in het assortiment op te nemen, maar in de praktijk werkt het niet.

“Mensen nemen na het sporten toch liever iets warms: een portie bitterballen of een frikandel. En dat geldt óók voor de dames. We hadden kuipjes yoghurt gekocht, maar ik heb alles weg moeten gooien. Niemand nam het.”

Coen knikt: “Nee, dat was geen succes.” Hij is in al die tijd nooit gestopt met werken en wil nog wel even door. “Ik vind het contact met de mensen erg leuk. Iedereen kent elkaar. Het is een soort huiskamer.”

Nicole Waalwijk (53) is samen met haar man Ad eigenaar van het bedrijf Schoolcatering Diemen. Zij beheren verschillende schoolkantines. Op vrijdag staat Nicole altijd in de kantine van Open Schoolgemeenschap Bijlmer.

Om één uur, als de grote meute binnenkomt, staan ze klaar: de broodjes geitenkaas met honing, mozzarella pesto, halalworst en ossenworst. Yoghurt met muesli en een beetje honing en partjes fruit. Nicole Waalwijk heeft ze die ochtend zorgvuldig bereid.

Eén dag in de week is het kipdag, weten de leerlingen. Sommigen verheugen zich erop. “Dan verkopen we kipburgers en broodjes met kipnuggets. Uit de oven natuurlijk, géén frituur.” Dat was vroeger wel anders. Toen verkocht Waalwijk nog gewoon blikjes cola, AA Drink, croissants, saucijzenbroodjes, roze koeken en donuts.

Tegenwoordig houdt het Voedingscentrum met het programma De Gezonde Kantine nauw toezicht op de gezonde voeding van tieners. “Het brood moet bruin zijn, de yoghurt mager en de wraps volkoren. En dat is ook goed, hoor. De uitdaging is een gezonde, betaalbare variant te verzinnen die de leerlingen tóch lekker vinden.

Vooral de broodjes mozarella pesto zijn populair. Ook voor de kinderen die glutenvrij eten of een allergie hebben, zoek ik een oplossing. Per school verschilt het ook sterk wat ze graag willen. Eerder werkte ik op het Mundus College en daar waren de leerlingen gek op yoghurt met honing.”

Het meest geniet Waalwijk van het contact met de leerlingen. “Vooral meiden zijn praatgraag. Ze vertellen me van alles. Dat ze ongesteld zijn, verkering hebben, hoe ze hun tentamens hebben gemaakt. En de jongens maken me vaak aan het lachen met hun gevatte opmerkingen.”

“Toen mijn kinderen jonger waren, liep ik een keer met ze over de kermis in Diemen. Ineens stopte naast ons een busje. Het raampje ging open. Ik vond het een beetje eng, wist niet wat ze wilden. Totdat ik heel hard hoorde roepen: ‘Hé juf, broodje kipcorn?’ Het was gewoon een stel jongens van school die mij herkenden!”

“Soms komt op straat een volwassen dame naar me toe: ‘Juf! Kent u me nog?’ Dat is dan een meisje dat vijftien jaar geleden bij mij in de kantine kwam. Het leuke is dat je een andere verstandhouding met de leerlingen hebt dan de docenten. Bij mij komen ze alleen maar wat te eten kopen. Ik hoef ze niks te leren en niet zo streng te zijn.”

“Dat maakt de omgang losjes en vrolijk. Nu de zomervakantie voorbij is, heb ik weer veel zin om ze terug te zien in de kantine!”

Nicole Waalwijk (53): ‘Vooral meiden zijn praatgraag. Ze vertellen me van alles.’ Beeld Marjolein van Damme

Niet alleen vet en zoet

Johan Derksen vroeg zich aan tafel bij Voetbal Inside hardop af of gezond eten in voetbalkantines mogelijk was. Hij dacht van niet. Volgens Wilfred Genee kon dat wel.

De discussie leidde tot een weddenschap. Inzet was vijftig kantines zo ver te krijgen dat ze naast vet en zoet ook een gezonde hap serveren. Genee won de weddenschap en trok vijftig voetbalkantines over de streep.

Sportkantines die mee willen doen kunnen zich gratis aansluiten bij De Bewuste Kantine. Het gaat er in de campagne niet om vet en zoet te verbieden. De keuze blijft aan de klant, maar er moet wel iets te kiezen zijn. Dus naast een broodje kroket ook een gezonde variant. In het assortiment zitten bijvoorbeeld recepten voor gezonde smoothies, salades, tomatensoep en het ‘Balletje Breed’ van 100 procent rundvlees.

Lekker Bezig is onderdeel van het project. Het is een doorlopend programma van de Sligro en de KNVB, speciaal voor voetbalverenigingen. De campagne moet bijdragen aan een gezonde leefstijl voor alle voetballers.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden