PlusReportage

Verslaafd aan steps: ‘Hier kan geen psychiater tegenop’

Stepsles bij Splash op de Lijnbaans-gracht, met vooraan instructeur Devon Ress.Beeld Jakob Van Vliet

Steps? Dat is toch iets uit de jaren tachtig? Bij sportschool Splash gaan ze er gewoon mee door. De steppers vormen een kleine familie. ‘Het is mijn lust en mijn leven.’

De agenda van schrijver Adriana Pingas (66) is druk en ­onregelmatig, maar er is één onverzetbare afspraak waar ze alles omheen plant: de stepsles voor gevorderden van instructeur Devon Ress, elke woensdagavond bij sportschool Splash op de Lijnbaansgracht. Pingas: “Als ik moet reizen, zorg ik dat ik donderdagochtend vertrek of dinsdagavond ­terugkom. Ik móet hier zijn op woensdag.” Maar o, als ze even mag onderbreken – ze moet nu echt bij de deur gaan staan. De les gaat zo beginnen en als ze nu niet positie ­inneemt, heeft ze straks geen goede plek in de zaal.

Het is 19.00 uur stipt, iedereen pakt een step van de stapel en hup, daar beginnen de eersten al stevig door te stappen, de step op en af. Instructeur Ress is een knap en fit ­type met staalblauwe ogen en een kort broekje dat hij telkens nog een beetje omhoog trekt. Niemand is vandaag voor het eerst, dus kan Ress zonder instructies de warming-up muziek aanzetten en al snel stappen, hupsen en draaien de deelnemers in vliegende vaart over de step. ­Devon brengt intussen het microfoontje van zijn headset naar zijn mond om met kermisgalm een ‘It’s mámbo-­timeee’ de zaal in te slingeren.

Onderdeel van aerobics

Dit is steps: blije muziek in versnellinkje drie en dan op zo veel mogelijk manieren die step over. De zeven mannen en dertien vrouwen in Ress’ les voeren met een aanstekelijke flair en gemak de meest ingewikkelde choreografieën uit op een remix van dancekraker Pump It Up.

“Bijna iedereen doet dit al tien jaar, of langer,” vertelt een vrouw van rond de veertig in een van de weinig rustpauzes tijdens het steppen. “De sfeer is zo goed hier en het is zó leuk om te doen. Devons muziek is ook altijd geweldig.” Later zal sportschool-eigenaresse Astrid Robert (54) vertellen dat ze vermoedt dat Ress zijn muziek elke week laat mixen door een professionele dj; zijn geheim prijsgeven doet hij niet.

Steps is een ‘conditionele les met als basisprincipe het ­op- en afstappen van een stepbankje,’ zo vertelt de definitie op de site van Splash Health Centre. Steps ontstond in de ­jaren tachtig als onderdeel van aerobics en sindsdien prijkte de stepsles bij veel sportscholen vast op het lesrooster.

Stepshoogtepunt

Nu nog heeft de stepsles dat onmiskenbare retro-aerobicsgevoel. Misschien is het de combinatie van danspasjes op de opgevoerde muziek en de vrolijke, in hun handen klappende mensen. Heel wat anders dan de serieus zwoegende lijven bij een hitt-workout of crossfit-sessie.

Na het stepshoogtepunt in de jaren negentig en nul, kwamen de grote budgetketens opzetten in fitnessland. Daarmee verdween steps veelal van het programma. Omdat ­instructeurs elke week moeten zorgen voor nieuwe ­muziek en een choreografie, is steps bewerkelijker in de voorbereiding dan een lesje bodypump of spinning. De steppers van vanavond zeggen dat het in Amsterdam ­alleen hier bij Splash of bij Medico Vision in het Olympisch Stadion nog goed kan.

Opgeruimd gevoel

Splash-eigenaar Robert ziet ook dat het aanbod door de jaren heen steeds verder is afgezwakt. “Kijk naar Sports World in Oost, dat vorig jaar is overgenomen door Trainmore. Sindsdien zijn de stepslessen daar verdwenen. Niet omdat de leraren er niet meer zijn of ­omdat de mensen het niet meer leuk vinden, maar omdat het niet in het concept past van die ketens.”

Zo is de stepsles vanzelf een bijzonderheid geworden, iets wat Robert graag aanpakt om Splash mee te kunnen onderscheiden. “Je kunt bij ons vijf dagen in de week lessen volgen, waaronder een les voor gevorderden en een ­extra lange les van anderhalf uur. Mensen komen er spe­ciaal voor.”

Opeens staat Robert op van haar kruk. “Líeve Carla! Ik kom je even een knuffel geven.” Een dame met een bontgekleurde lange winterjas komt op Robert af, ze is al 27 jaar vaste klant bij Splash en heeft net meegedaan met de steps­les. Wat het steppen voor haar betekent? “O, mijn lust en mijn leven, echt waar. Het maakt me helemaal blij en gelukkig, daar kan geen psychiater tegenop.”

Na afloop van de les zeggen haar medesteppers hetzelfde. “Het is de enige manier waarop ik écht loskom van de zorgen van thuis en van werk,” vertelt de Spaanse Araceli Gil (44). “Je bent zo gefocust op de pasjes, dat er niets ­anders in je hoofd bij past. Ik loop met een opgeruimd hoofd weer naar buiten,” vult Adriana Pingas aan. Ze stept drie, vier keer in de week.

Een tweede huis

Al snel blijkt dat deze woensdagavondgroep wat meer ­interactie heeft dan de gemiddelde sportschoolklas. Ze hebben een Facebookgroep met z’n allen, Stepaholics ­genaamd, waarin ze foto’s en informatie uitwisselen. Elk jaar is er een gezamenlijk etentje of een barbecue, ­jarigen nemen taart mee naar de les en na afloop blijft de groep ­zomaar een uur hangen om nog wat na te kletsen. “We hebben een aantal mensen in de groep die in de mode werken, een aantal uit de reclamewereld. Heel interessant ­altijd!” zegt Toni Borsattino (48), trainingmanager bij een consultancybureau.

Ook in slechte tijden zorgt de groep voor elkaar. Splash-­eigenaar Robert: “Af en toe word ik geappt: ‘Astrid, we missen Charles al een tijdje in de les.’ Dan ga ik als een soort moeder-overste op onderzoek uit en na een belletje blijkt dat Charles zijn middenvoetsbeentje heeft gebroken. Dat laat ik de groep dan weer weten en vervolgens sturen ze hem met z’n allen een kaartje. Toen hij maandag weer voor het eerst in de les was, kreeg hij spontaan van iedereen een hug en een applaus.”

Het woord familie keert vaak terug deze woensdagavond. “We zorgen allemaal een beetje voor elkaar, heel warm,” zegt vaste stepper Carla. Even later pakt Robert de ansichtkaart erbij die ze van Carla kreeg, als dank voor het nieuwjaarsfeest een paar weken geleden. Ze schrijft: ‘Ik weet niet of je het weet, maar Splash is voor mij mijn tweede huis. En niet alleen voor mij, hoor.’

Robert vertelt over de afgelopen drie jaar. Haar man, Theo Robert, de oprichter en het charismatische gezicht van Splash, overleed in juli 2017. Astrid Robert nam de boel over, maar dat was niet altijd gemakkelijk. De boel managen, de concurrentie voorblijven, alles draaiende houden. “Ik heb wel vier keer een aanbod gekregen om dit pand te verkopen, maar kijk nou wat Splash voor de mensen betekent.” Ze knikt naar Carla, die net de lift instapt richting huis. “Dat wil ik echt voor geen goud missen.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden