PlusAchtergrond

Vastgelegd: de schoonheid van een leeg Schiphol

Afgedekt en afgezet. Fotograaf Maarten Kools legde vast hoe dat eruitziet: Schiphol tijdens de pandemie. Vanaf volgende week zal het er weer iets drukker zijn.

Beeld Maarten Kools

‘Klein Schiphol’ heet het, of ‘Kern Schiphol’; een karikatuur van een vliegveld. Een uitgemergelde luchthaven waarvan vijf van de zeven pieren en een groot deel van de terminals zijn geamputeerd.

Vanaf 27 maart, toen steeds meer landen hun luchtruim sloten, werd het vliegveld ontmanteld. Klein Schiphol was meer dan genoeg voor het handjevol vluchten dat overbleef nadat de coronacrisis de luchtvaart had gewurgd. De rest van het vliegveld ging in quarantaine. Afgedekt, afgezet, afgebakend.

Beeld Maarten Kools

Buiten, op de grotendeels overbodige platforms en ­pieren – en zelfs op een van de landingsbanen – werden honderden vliegtuigen geparkeerd die vanwege de lockdown in de wereld in één klap vleugellam raakten.

90 procent van de vluchten verdween, 97 procent van de passagiers. Nummers twee en drie van de luchthaven, Transavia en Easyjet, staakten hun activiteiten helemaal. KLM hield een ruggengraat van verbindingen overeind, vooral om de stroom coronacargo over de wereld enigszins intact te houden. Vracht, jarenlang het ondergeschoven kindje, hield de luchthaven overeind: waar de reizigers wegbleven, steeg de cargo een kwart.

Beeld Maarten Kools

KLM-toestellen die in maart halsoverkop aan de grond waren gezet, werden zelfs na smeekbedes van producenten als Philips weer in de lucht gebracht om coronavracht – van beademingsapparatuur tot mondkapjes – op gang te houden. Waar de vrachtruimen vol zaten, stonden de passagierscabines erboven leeg. Tot zelfs daar de vracht op stoelen werd gebonden.

Langzaam opkrabbelen

Aan de donkere wolken zat ook een zilveren lijn. Het aantal klachten over vlieghinder daalde tot een dieptepunt; ­geklaagd werd er hoogstens over dat enkele toestel dat soms overkwam, zo onverwachts was het geluid van straalturbines. Het luchtruim, normaliter het exclusieve ­domein van verkeersvliegtuigen, was zo leeg dat de luchtmacht vrijuit met straaljagers en helikopters oefende en kaartenmakers eindelijk hun kans schoon zagen en massaal heen en weer vlogen om de Schipholregio in beeld te brengen.

Beeld Maarten Kools

Voor fotograaf Maarten Kools (50) is de luchthaven een ‘een heerlijke visuele vorm’. “De rood-witte linten, die plastic schermen; het lijkt wel een filmset. Nu valt des te meer op dat het een artificiële ruimte is, puur ingericht op doeltreffendheid. Strak, leeg en enigszins schrijnend.”

Deze maand ontwaakt het vliegverkeer uit zijn coronacoma, heel langzaam. Transavia pendelt na tien weken stilstand weer voorzichtig naar de Algarve en 25 andere ­vakantiebestemmingen, KLM breidt zowel in Europa als intercontinentaal telkens een stapje verder uit, Easyjet begint op 1 juli weer.

Beeld Maarten Kools

Maar om van klein Schiphol weer groot Schiphol te ­maken, is het nog te vroeg. Zelfs met langzaam opkrabbelen, rooit het vliegveld het nog in afgeslankte versie. Grootgebruiker KLM voegt weliswaar rap bestemmingen toe, maar zal in juli nog altijd op hoogstens 30 procent van haar normale vluchtschema zitten.

Wanneer het afdekzeil wel weer kan verdwijnen, durft de luchthaven nu nog niet te voorspellen. Als het eenmaal ­zover is, zal Schiphol zeker drie jaar nodig hebben om terug te keren naar de half miljoen vluchten die het tot voor kort jaarlijks had. De zo vurig bevochten groei daarna, kan nog wel eens dit hele decennium vergen, als het afdekplastic allang weer is vergeten.

Beeld Maarten Kools
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden