PlusAchtergrond

Vakkenvullers: ‘Klanten gedroegen zich grimmig’

Beeld Marit Goossens

Het wordt hamsteren genoemd, deze weken in de supermarkten, maar het lijkt eerder op plunderen. In het begin zelfs verschillende keren per dag. Winkel­medewerkers zijn verbijsterd. ‘Alle meel kopen? Waarom?’

Ze wist niet wat haar overkwam. Op de middag van donderdag 12 maart, toen het kabinet aankondigde alle bijeenkomsten van meer dan honderd man te verbieden, stroomde het opeens vol in de supermarkt in de Oosterparkbuurt. “Van die donderdag tot en met zondag, hebben we het dubbele van onze normale omzet gedraaid,” zegt de teamleider, die liever anoniem blijft. Pas nu, bijna twee weken later, zit haar supermarkt weer op het normale ­omzetpeil.

Nederlanders sloegen van het ene op het andere ­moment massaal wc-­papier (!) pasta, conserven, diepvriespizza’s en andere houdbare producten in. Supermarkten draaiden meer omzet dan met de kerst. En het hamsteren lijkt nog niet helemaal voorbij: eerder deze week werd bekend dat zo’n 40 procent van de bevolking gewoon doorhamstert. Bij een verdere aanscherping van de coronamaatregelen staan dezelfde taferelen ons nog eens te wachten. Hoe ervaren de mensen dat die het boodschappen doen überhaupt mogelijk maken?

Volgens Femke Wolff (20), student aan de universitaire pabo, leidt het hamsteren tot chaos in haar supermarkt in Abcoude. Ze werkt er al 4,5 jaar als caissière. “Ik heb het nog nooit zo druk meegemaakt,” zegt ze. “De dag voor kerst was vergeleken hierbij nog rustig.”

De sfeer in de winkel was volgens Wolff gespannen. “Klanten gedroegen zich grimmig. Soms vroeg een klant me of er wc-papier was, en dan merkte je dat diegene echt een rol wc-papier nodig had. Bij al die mensen die hamsterden, zag je dat dat niet zo was.”

Het dubbele aan vracht

Ook magazijnbeheerder Rico van Brummelen (27) heeft, in zijn Albert Heijn aan het Cornelis Troostplein, klanten gehad die van alles uithaalden om aan hun verzamelwoede van wc-papier te voldoen. “Er was een man die toen we de vrachtwagen aan het lossen waren, al vroeg of hij vijf pakken kon meenemen. Dat ging natuurlijk niet.”

Van Brummelens supermarkt heeft een van de drukste dagen ooit beleefd, met dagen waarop het dubbele aan voorraad binnenkwam. Hij merkt dat niet ­iedereen redelijk reageert op het feit dat veel spullen op zijn. “De werkdruk ligt daardoor wel wat hoger.”

Dat herkent ook Tenisha Nahar (22), die bij de broodafdeling in een supermarkt op het Haarlemmerplein werkt. “Op 13 maart draaiden we de grootste omzet ooit. Door de hoge werkdruk is er ook meer vraag naar medewerkers, en zelf nam ik de stress soms ook even nog mee naar huis.”

Ondanks de gespannen sfeer deden zich zelden ongeregeldheden voor. Van vakkenvullers die zich moesten verdedigen was geen sprake. Voor IJsbrandt Ekker (16), die drie dagen per week in een supermarkt in de Oosterparkbuurt werkt, was het – gek genoeg – een verlichting van de werkdruk. “Normaal moet ik oudere producten vooraan plaatsen in het schap, en dat kost best veel tijd. Maar nu maakte het niet uit wat ik vulde.” Hij kon daardoor meer vullen in dezelfde tijd. “Alles ging toch weg.”

Volgens de teamleider in de supermarkt is de sfeer er nog altijd goed. “We zitten dicht bij het OLVG en het is sowieso een lieve buurt. We hebben veel klanten die in de zorg werken en elkaar helpen met boodschappen doen.”

Ook Jiri Moonen (48) besloot een handje te helpen, in de Albert Heijn bij het Bos en Lommerplein, waar hij al vijftien jaar komt. De freelancer in de toerismebranche deed twee weken geleden boodschappen op de dag dat het hamsteren was begonnen. “Ik merkte toen dat de zaak vol stond met karren, maar dat niemand aan het vullen was.”

Moonen had om half elf ’s ochtends zijn eigen boodschappen afgerekend en stond om twaalf uur de vakken te vullen, vrijwillig. “Wat ik lees in de media, herken ik in mijn buurt niet. Men is niet zo onaardig. Er waren zelfs klanten die ons succes wensten met de drukte. Over het ­algemeen houden mensen wel rekening met elkaar.”

Ouderen in paniek

Ook Audrey Kusters (20), student politics, psychology, law and economics, besloot bij te springen in een ­supermarkt. “Ik heb tijdelijk geen werk vanwege het coronavirus. Niemand heeft meer een oppas nodig, en ik help ook bij het organiseren van hockeykampen, maar alle hockeyclubs zijn dicht. Ik ben niet zo goed in niets doen en vroeg me dus af: hoe kan ik mezelf nuttig maken?”

Sinds vorige week is ze aan de slag bij ­online verssupermarkt Crisp. Ze werkt in het magazijn in de Jan van Galenstraat. “Het is extreem druk. Mensen kunnen nog steeds maar moeilijk een tijdslot selecteren voor ­bezorging.” Ze denkt dat de drukte nog wel even aanhoudt. “Wij beginnen al in de nacht, om de drukte aan te kunnen. Ik ben deze week vier ochtenden al om zes uur ­begonnen, maar er is ook een shift die om vijf uur begint en tot één uur ’s nachts duurt.”

In de supermarkt bij het Oosterpark zijn er nog ­altijd een paar tekorten. “We hebben al dagen geen meel meer, omdat mensen dat opkopen,” zegt de teamleider. “Waarom? Geen idee. Maar oudere klanten raken daarvan wel een beetje in paniek.”

Caissière Wolff heeft een klant bij de broodafdeling in Abcoude inderdaad acht pakken meel zien inslaan. “Ik vraag me dan af: wat heb je daaraan? Dan gun je het een ­ander dus ook gewoon niet,” zegt ze. Gelukkig kan ze er met haar collega’s over praten en er ook wel om lachen.

Ook bij vakkenvuller Ekker blijft de sfeer er goed inzitten. “Alleen moeten we zo veel mogelijk apart van elkaar vullen, dus kan ik niet meer veel praten met mijn collega’s.”

Het hamsteren mag misschien zijn afgenomen, maar de supermarktmedewerkers staan nog voor genoeg uitdagingen. Zo heeft de teamleider van de supermarkt in de Oosterparkbuurt te ­maken met een ‘roostertechnisch drama’: al bij de lichtste verschijnselen worden medewerkers immers geadviseerd thuis te blijven. “Daardoor hebben we veel meer zieken dan normaal. Maar gelukkig zijn mensen van het hoofdkantoor bijgesprongen in de grote filialen. Ik er deze week al zes diensten bijgenomen.”

Hesje ‘houd afstand’

De vakkenvullers en caissières moeten er in de winkel ook voor zorgen dat klanten voldoende afstand houden. Soms gaat dat vanzelf: zo kreeg broodmedewerker Nahar een vrouw voor zich die een hesje droeg met de tekst ‘1,5 meter!!!’. Op het Cornelis Troostplein houden mensen gelukkig netjes afstand van elkaar, zegt magazijnbeheerder Van Brummelen, maar in de Oosterparkbuurt dragen de vakkenvullers aan met de tekst ‘houd afstand’. Caissière Wolff krijgt nog weleens rare blikken als ze mensen vraagt wat verder van haar af te gaan staan. “Mensen kijken me dan aan alsof ze niet weten waar ik het over heb. Maar ik wil ook niet ziek worden.”

Toch zijn er nog steeds mensen, ook in de risicogroep, die met de pet gooien naar de maatregelen, zegt Wolff. “Een vaste klant, een vrouw van in de 90, van wie je denkt dat die zou omvallen bij een zuchtje corona. En die zegt dan: ‘Wat een onzin, ik mag niet eens meer bij mijn vriendinnen langs.’ Daar moet ik dan toch wel om lachen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden