PlusInterview

Topmodel Rianne van Rompaey over Amsterdam en haar burn-out

Rianne van Rompaey (24) is een van ’s werelds succesvolste modellen. Ze was te zien in een filmproject van Inez & Vinoodh en de Franse Vogue wijdde het hele September issue aan haar. ‘In deze business ben je zo weg als ze je even niet zien.’

‘Mijn ouders vonden het bizar dat ik op mijn 22ste een huis kon kopen.’Beeld Inez & Vinoodh

Ietwat ongemakkelijk reageert Rianne van Rompaey op een fan die in café-restaurant Libertine op haar af stapt. Het gebeurt haar niet vaak in Amsterdam, de stad waar ze meestal onder de radar is. Ze werkt ook zelden voor de Nederlandse markt.

Van Rompaey – Nederlandse moeder, Belgische vader – is net 24 geworden, op 3 januari (‘moeilijke dag, ik vier het zelden’), en lijkt al een half leven achter de rug te hebben. Zes jaar geleden, tussen haar vwo-eindexamens door, liep ze haar allereerste show en meteen was het bingo. Het culmineerde afgelopen jaar alleen al in de covers van zowel het maart- als het meinummer van de Franse Vogue, in modekringen de heilige graal. Daarna volgde de klapper: maar liefst vier verschillende covers van het September issue, het duizendste nummer van diezelfde Vogue, en ook nog alle modeseries in het blad. En vooruit, in ­diezelfde maand ook nog drie covers van WSJ., het magazine van The Wall Street Journal. In december werd ze op models.com ook nog door de industrie verkozen tot tweede in de verkiezing Model of the Year, pal achter de Zuid-Soedanese Adut Akech.

Haar geheim? “Rianne kan een knop omzetten en meteen in haar rol zitten,” zegt Mo Karadag, ­haar agent en creative director van Paparazzi Model Management, het bureau dat eveneens Doutzen Kroes vertegenwoordigt. “Ze voelt nul gêne of angst, kan zich volledig overgeven en is altijd enthousiast, een soort labrador­puppy.” Van Rompaey denkt daar anders over: “Mijn vrienden noemen me ‘baby fox’, vanwege mijn babyface en oranje haar. Lief en krachtig.”

Weinig luxe

Hoewel haar leven zich voornamelijk in het buitenland afspeelt, besloot Van ­Rompaey zich in Amsterdam te settelen. “Ik voelde een sterke behoefte om hier wortel te schieten, een eigen nestje te bouwen. Mijn werk is zo vluchtig; fotoshoots duren één à twee dagen en dan vlieg je weer door. Een jaar geleden kocht ik een bouwval in Zuid met een hoog Villa Kakelbontgehalte. De verf bladderde van de kozijnen. Alles moest gestript worden, zowel binnen als buiten, maar ik was meteen verliefd. Het project geeft me ook houvast en rust. Amsterdam is voor mij de plek waar ik even uit de mode-industrie stap en kan opladen.”

In Parijs, het modellenmekka, voelt ze ook meer druk om te presteren. “Ik vind het lekker om in mijn rol van model te kruipen als ik op het vliegtuig stap, maar thuis kan ik gewoon die andere Rianne zijn. Tijdens shoots schiet ik in mijn extraverte stand, want ik hou van entertainen. Thuis ben ik rustiger en vind ik het heerlijk om tijd door te brengen met vrienden die niet in de industrie werken, mijn ouders en mijn halfzusjes van 6 en 3 in Wageningen.”

Haar ouders vonden het bizar dat hun dochter op haar 22ste een huis kon kopen, vertelt Van Rompaey. “Dat is het voor mij ook. Maar ze vinden het uiteraard fijn om te zien dat ik mijn leven aan het opbouwen ben en ook iets zinnigs doe met mijn geld. Ik heb een financieel team om me heen verzameld voor advies bij investeringen. Ik ben geen verkwister. Ik geef mijn geld voornamelijk uit aan vakanties, dat is oké toch? Ik koop niet zoveel kleding en heb geen dure auto, ik doe alles op de fiets. Ik heb wel een – gekregen – tassencollectie die de spuigaten uitloopt, maar verder is mijn leven niet zo luxueus. De grootste luxe is dat ik een schoonmaakster heb, eens in de twee weken.”

Jong geleerd

Van Rompaey draait al een tijd mee aan de top, en haar carrière begon meteen met een knaller. Op haar veertiende werd ze op straat ontdekt door een scout van een ander modellenbureau, maar haar moeder had daar geen goed gevoel bij. Gewapend met foto’s van haar dochter stapte ze daarom bij het gerenommeerde Paparazzi binnen, waar ze meteen enthousiast waren. Enkele testshoots volgden en toen ontwerper Nicolas Ghesquière vier jaar later zijn eerste show voor Louis Vuitton gaf, waar alle ogen binnen de industrie op gericht zouden zijn, bedacht Karadag dat dit weleens Van Rompaey’s moment kon worden.

Rianne van Rompaey op de cover van Vogue Paris.Beeld Vogue

Van Rompaey: “Hij heeft ze gesmeekt of ik naar de casting mocht komen en voilà, Nicolas boekte me als exclusive, wat inhoudt dat ik dat seizoen nergens ter wereld nog een andere show mocht lopen. Mo is altijd goed geweest in mij zo exclusief mogelijk houden. Hard to get, haha. Best eng, want hij zegt soms nee tegen grote merken en opdrachten, maar dat heeft er wel toe bijgedragen dat ik, in deze vluchtige wereld, na zes jaar nog steeds goed werk.”

Nieuw gezicht

Wat ook zeker geholpen heeft, is dat Grace Coddington, creative director at large van de Amerikaanse Vogue, dol op haar is, mede vanwege haar zwak voor roodharige modellen. Daarvan zijn er niet veel aan de top. “Eigenlijk niet, nee. Karen Elson staat bekend om haar rode haren. En tot vorig jaar Natalie Westling, die sinds zijn transitie Nathan heet. Kiki Willems is ook rood. En Grace zelf natuurlijk. We hebben een hele goede relatie. Ze is een legendarische stylist met een heerlijk gevoel voor humor.”

Karadag vult aan: “Rianne’s persoonlijkheid maakt dat mensen graag met haar willen werken. Dat ze daarbij ook nog prachtig rood haar heeft en mooi is, alla. Maar even plat gezegd: in deze industrie wemelt het van de knappe mensen.”

Men is er ook allergisch voor alles wat maar een beetje naar ‘oud’ riekt. Vandaar dat tegenwoordig zelfs pre-castings plaatsvinden, voorafgaand aan showcastings, om koortsachtig de interessantste nieuwe gezichten binnen te slepen. Karadag: “Op het moment dat een new face de vliegtuigtrap afdaalt in New York, is ze alweer oud nieuws voor de Milanese modeweek twee weken later. Casting directors en ontwerpers zijn doodsbang iets te missen. Dalen de verkopen van een modehuis, dan neemt de druk om te presteren toe, waardoor alle betrokkenen soms niet meer ­helder kunnen denken. Ik stuur een meisje soms het volgende seizoen gewoon weer als new face naar castings. Vaak weten ze niet eens meer dat ze haar al hebben gezien.”

Van Rompaey heeft in de loop der jaren een band met diverse fotografen opgebouwd en haar professionaliteit wordt zeer gewaardeerd – vandaar die titel ‘runner-up Model of the Year’. Gaat de teller nu omhoog voor commerciële klussen?

Karadag: “Nee, die verkiezing van models.com is gewoon leuk, en dat is het. De kracht van een campagne of cover is inmiddels wel verzwakt. Dat komt doordat veel modellen tegenwoordig zelf content maken voor sociale media. Gigi Hadid die een filmpje maakt waarin ze met een Fendi­tas rondloopt en daar 500.000 likes voor krijgt, is meer waard dan een cover van Vogue Paris. Het gaat veel meer om een image. Dat kun je creëeren met een editorial, of een zelfgemaakte foto.”

Beeld Mikael Jansson

“Soms kan een serie of creatieve samenwerking een model naar een hoger niveau tillen. Het kunstproject Pretty Much Everything, tien filmpjes met monologen, gemaakt in samenwerking met fotografenduo Inez & Vinoodh voor WSJ., is er zo een. We leven in een tijd waarin alles snel, sneller, snelst moet, maar ik merk gelukkig ook dat mensen het weer waarderen als iets met liefde is gemaakt.”

Een heel nummer van de Franse Vogue gewijd aan Rianne van Rompaey. Wat deed u toen u het telefoontje kreeg?

Van Rompaey:“Het initiële idee was dat er in vier steden geschoten zou worden, met telkens een ander model. Ik had net de fotoshoot in New York gedaan, toen het model voor Londen plotseling wegviel. Hoofdredacteur Emmanuelle Alt boekte mij in paniek. En ja, toen stond ik met haar op de set in Londen en zei: best raar dat ik straks twee steden heb gedaan, en twee andere meiden Milaan en Parijs. ‘Rianne, it’s genius,’ zei ze. ‘You’re gonna do them all.’” Lachend: “Zie je, vandaar dat vosje.”

Er hangt een beetje een mysterie om u heen; zo verschijnt u zelden op modefeestjes. Mag dat niet van uw agent?

Karadag: “Jawel hoor, maar ze heeft er gewoon geen behoefte aan. Rianne heeft haar eigen vriendenclub. Veel jonge meiden denken dat ze zich overal moeten laten zien, maar het is juist de kracht is om dicht bij jezelf te blijven. Best moeilijk, want je krijgt in deze industrie al jong ontzettend veel veren in je kont. Daardoor kun je jezelf gemakkelijk verliezen.”

U krijgt natuurlijk ook veel uitnodigingen voor events van hotshots uit de industrie. Bent u niet bang om die af te slaan?

Karadag: “Van Johan Kroes, de vader van Doutzen, heb ik ooit de wijze les geleerd: Maak nooit keuzes uit angst.”

Als fotograaf Steven Meisel een feest geeft en Van Rompaey is in town, maar heeft geen zin, dan verzint u een smoes?

Karadag: “Ja, dan kan ze gewoon niet en dat vindt niet iedereen leuk. Ik heb schreeuwende mensen aan de telefoon gehad. ‘Weet je wel wat ik voor haar heb gedaan,’ roepen ze dan. Maar het heeft niets met respect te maken, het gaat om keuzes. Ik ben verantwoordelijk voor Rianne, niet voor iemands feest. Er werken veel ego’s in deze business die het ­normaal vinden dat een model voor een feestje een avondje overvliegt naar New York. In het verleden werd dat ook vaak gedaan, maar die hedonistische tijden liggen achter ons.”

Geen feestjes op een miljoenenjacht in de Caraïben dus?

Van Rompaey: “Nee, dat vind ik niet zo interessant, een beetje zonde van mijn tijd zelfs.”

Van Rompaey op de cover van Vogue Korea.Beeld Vogue

In 2016 kreeg u een burn-out.

“Zo heftig, ik lag echt voor pampus. Veel werken in combinatie met mijn hoge gevoeligheid en perfectionisme hadden ervoor gezorgd dat ik op en in de war was. Mo heeft tegen heel wat klanten nee verkocht. Doodeng, want in deze business ben je zo weg als ze je even niet meer zien.”

Hoe merkte u dat u op was?

“Ik sliep niet meer, was paniekerig en zelfs naar de supermarkt was al enorm stressvol: zo veel mensen, zo veel keuzes, felle lichten. Ik was zwaar overprikkeld en heb een halfjaar thuis gezeten, een verschrikkelijk periode. Na zes maanden belde ik Mo dat ik weer voorzichtig wilde beginnen, een week later gleed ik thuis uit en brak mijn knieschijf. Het universum had gesproken en me gevloerd omdat ik er nog niet klaar voor was.”

Zes weken in het gips, ik ken de foto’s.

“Een bevriende fotograaf uit Californië, Colin Dodgson, is midden in mijn burn-out twee weken overgekomen om me te verzorgen. Bij mijn ouders in Wageningen vonden we gips van toen ik 11 was en mijn been had gebroken, daar hebben we voor de lol foto’s mee gemaakt. Toen ik daarna de knieschijf van mijn andere been brak, is Colin als een idioot teruggekomen om ook daar foto’s van te maken. Ze zijn verzameld in het boek Street of Bushes, een dierbaar document van mijn helingsproces. Althans, dat zie ik erin. Er staat ook een hilarische foto in waarop ik met mijn scootmobiel – daarmee scheurde ik zes weken door Amsterdam – voor een open brug sta.”

Na die periode werd u weer met open armen ontvangen in de modebusiness, maar u doet nog maar weinig shows.

“Nee, shows doe je vooral in het begin van je carrière om de aandacht op jezelf te vestigen. Daarbij vind ik show season vrij intens. Een maand lang parkeer je je persoonlijke leven langs de zijlijn en leef je van fitting naar show naar fitting. Iedereen om je heen is gestrest, backstage wordt er veel aan je gezeten. Omdat ik vrij gevoelig ben, vind ik dat nogal heftig. Het leuke van mijn werk is het persoonlijke contact en samen met creatieve geesten iets moois maken. Tijdens fashion week word je een wandelende paspop.”

Van Rompaeys eerste grote show in 2014 .Beeld Hollandse Hoogte / Allpix Press SARL

U heeft nu uw pijlen gericht op acteren, staat sinds kort ook in uw profiel op models.com: ‘other credits: actor’.

“Ja, te gek. Als tiener zat ik al bij de Spelgroep in Wageningen, waarmee we Shakespeare en oude Griekse tragedies opvoerden in theaters. Ik heb altijd actrice willen worden en krijg gelukkig steeds vaker karaktergericht werk en jobs met fotografen die regieachtige dingen willen doen. De stap naar film is nog niet gemaakt, maar ik heb geen haast.”

U deed auditie voor de rol van dochter van Laura, gespeeld door Isla Fisher, in Nocturnal Animals. Was regisseur Tom Ford erbij?

“Helaas niet, alles gaat tegenwoordig digitaal. Ik kreeg een scène opgestuurd en heb die samen met mijn acteercoach Sheila Gray gefilmd. De feedback was zeer positief, maar ik was te lang. Isla Fisher is blijkbaar niet zo groot. Ach, alles op zijn tijd. Ik heb diverse meetings gehad met agenten in Los Angeles, maar ik ben nu vooral bezig mezelf klaar te stomen voor het moment dat het juiste project op mijn pad komt. Zo werk ik nu ook met een voicecoach aan mijn dialect en volg ik workshops in L.A..”

U heeft 90.000 volgers op Instagram en bent daarmee enorm interessant voor merken, maar u lijkt moeite te hebben met selfies.

“Klopt, dat vind ik lastig. Voor mij is er een scheiding tussen werk en privé. Ik neem mijn werk heel serieus, maar mezelf niet zo. Dus als ik een selfie maak, voel ik me een beetje dom.”

U blijft wel rebels af en toe uw borsten plaatsen.

“Ja, ik vind Instagram hypocriet. Een foto van mijn eerste shoot met Mikael Jansson, waarop ik naakt door een veld ren, werd er meteen afgehaald. Belachelijk. Als ik dat wil, moet ik toch gewoon mijn eigen tieten kunnen laten zien? Ik krijg vaak de vraag of ik ook naaktshoots doe. Als het voor mij goed voelt, waarom niet? Waarom kan ik wel mijn armen en niet mijn borsten laten zien? Voor mij is er geen verschil.”

Is de mode-industrie veranderd nadat casting director James Scully de beerput opende over onder meer machtsmisbruik en de slechte behandeling van modellen?

“Zeker. Het hele #MeToo-verhaal heeft daar ook toe bijgedragen. Er zijn bij shows nu backstage masseurs en een psycholoog aan­wezig en mensen die betrokken zijn bij een show zijn mondiger, maar we zijn er nog niet. Ik denk wel dat de industrie zich nu meer realiseert dat modellen vaak nog jonge jongens en meisjes zijn en dat de wereld behoefte heeft aan een afspiegeling van de maatschappij op de catwalk.”

Van Rompaey’s volgende grote droom: acterenBeeld Emmanuel Sanchez-Monsalve

Iedereen dient slank te zijn, maar er zijn backstage alleen croissants en muffins, hoor ik weleens.

“Onderling maken modellen wel de grap dat je tijdens de Milanese modeweek dagenlang niet poept omdat er backstage alleen maar witte minisandwiches, ieniemini croissantjes en koekjes zijn. Daar zitten geen vezels in. Ik heb gelukkig al vroeg geleerd goed voor mezelf te zorgen, want in de rush heeft iedereen wel iets anders aan zijn hoofd.”

U vliegt naar Japan, komt ’s nachts aan en dan is er alleen een minibar vol chocola en chips.

Karadag: “Wij boeken voor Rianne altijd hotels met 24/7 roomservice. Als ze landt staat een chauffeur klaar en op lange vluchten vliegt ze businessclass. Ze moet uitgerust aankomen om te kunnen performen. De klant betaalt veel geld en heeft hoge verwachtingen, als model ben je toch een soort artiest of topatleet.”

Van Rompaey: “Er was een tijd dat ik in een compleet blauw Adidastrainingspak reisde, omdat ik het grappig vond om al die zakenmannen in pak een beetje te verwarren. Je zag ze denken: wie is dat? Vast een popster of filmster.”

Karadag, knipogend: “Mogelijk krijgen ze daar binnenkort nog gelijk in ook.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden