PlusInterview

Tinkebell: ‘Soms voel ik dat ik dingen even wil ­fiksen’

Kunstenares Tinkebell (41) wil de wereld redden. Ze is de stem van de slachtoffers van de Fukushimaramp en steunt de ex van PVV-Kamerlid Dion Graus in de misbruikzaak. Een drijfveer: ‘Ik ben door niemand gezien.’

Tinkebell. Beeld Imke Panhijzen
Tinkebell.Beeld Imke Panhijzen

Ze zou nu eigenlijk in Japan zitten: 11 maart is het precies tien jaar na ‘Fuku­shima’, de aardbeving, tsunami en kernramp die bijna 20.000 mensen het leven kostten. Vijf jaar lang werkte ­kunstenaar Tinkebell naar die ene datum toe – maar ja, de lockdown. Ze had een paar kunstprojecten in de red zone, het gebied direct rond de getroffen kern­centrale. En nu is een van die projecten vernield, gewoon omdat ze er niet was.

Het ging over een familie in de red zone. Hun huis, met alles wat erin stond, moest worden vernietigd. “De dochter had bij haar geboorte een piano gekregen van haar grootmoeder. Niet dat ze kon spelen. Alleen Vader Jacob, dat had ik opgenomen. Ik zou het verwerken in een mechaniekje, waardoor die piano het uit zichzelf zou spelen, met bewegende toetsen en alles. De vader zou een podium bouwen van het hout waarvan ook hun huis was gebouwd, en dat zouden we terugzetten midden in het dorp, als monument. Maar die piano is er nu niet meer. Heel verdrietig.”

Tinkebell, 41 jaar geleden geboren als Katinka Simonse, zette zich de afgelopen decennia in voor meer zaken die haar raakten. Ze streed voor het kinderpardon en tegen strafbaarstelling van illegaliteit, ze hield zich bezig met vluchtelingen­kinderen in Moria. Ze kocht haantjes op om op de markt te verkopen: wie tegen het einde van de dag niet verkocht was, zou door de shredder worden gehaald – zoals in de vleesindustrie dagelijks gebeurt.

En nu is ze betrokken bij een actie om de ex-vrouw van PVV-Kamerlid Dion Graus, die haar zou hebben gedwongen tot seks met zijn beveiligers, de allerbeste advocaat te bezorgen. Tinkebell wil de wereld ­redden. Graag in volle omvang, zegt ze. “Dat zou wel aardig zijn, als dat lukt.”

Maar googel Tinkebell en het eerste wat je vindt is: die vrouw van die kat. In 2004 werd ze bekend door het project My ­dearest cat Pinkeltje – de kat die ze doodde om er een tas van te maken. Want waarom zou je wel een koe mogen doden om er een paar schoenen van te maken, maar geen huisdier? Daar denken heel veel mensen anders over, blijkt – met de bedreigingen die ze sindsdien ontving, heeft ze een boek kunnen vullen.

Vindt u het niet vervelend dat iedereen steeds weer over die kat begint?

“Er is telkens weer een nieuwe generatie die ontdekt dat ik besta. Dat wijf dat haar kat heeft vermoord, die moet dood. Ik heb gisteren dus weer een paar uur op het politiebureau gezeten. Nu zijn het hackers, mensen die claimen bij Anonymous te horen. Ze hebben me een ultimatum gesteld: ik moet binnen 72 uur al mijn socialemedia-accounts deleten en mijn excuses aanbieden voor mijn bestaan. Anders publiceren ze al mijn privégegevens. Het project heet Kill Tink.”

Hoe serieus is dat?

“Het cyberteam Amsterdam is er druk mee. Het is heel vervelend: via allerlei ­programmaatjes krijg ik steeds honderden e-mails tegelijk binnen, wordt er geprobeerd in te breken in mijn accounts, wordt mijn website aangevallen. De beheerder is er al dagen mee bezig, dus die heeft ook aangifte gedaan. Waar ik nu heel kwaad over ben: de kinderen in Moria met wie ik contact heb, zijn aan mij gelinkt via Instagram. Die hackers hebben hun allerlei berichten gestuurd dat ze voor me moeten oppassen, dat ik gevaarlijk ben, dat zij ook op Lesbos zijn en hen in de gaten houden. Dit zijn getraumatiseerde kinderen die in de modder zitten en nu worden lastig­gevallen door dit soort idioten. Daar ben ik woedend over.”

Bent u niet bang?

“Ik ben boos en geïrriteerd. Googel me gewoon even, dan zie je dat ik geen puppy’s martel in mijn achtertuin.”

Hoe gaat u hiermee om?

“Ik ben in 2008 gestopt met het tellen van haat- en dreigmails. Ik zat toen over de 200.000. Het is gewoon te veel. Ik doe aangifte en hoop dat het cyberteam goed genoeg is om uit te vogelen wie het zijn.”

Heeft u ooit spijt gehad van de kat? Ik kan me voorstellen dat het contra­productief werkt, dat mensen niet meer horen wat u te zeggen heeft.

“Nee. Het is maar een heel kleine groep die zich zo laat horen. De meeste mensen zijn slimmer dan dat. Ik kan mijn werk niet laten bepalen door mensen die niet goed kunnen nadenken. Dat is niet mijn probleem. Mensen zoeken een dader voor al het kwaad. Ik ben heel makkelijk aan te wijzen als schuldige. Als jij je daardoor beter voelt, stuur me dan maar even een haatmail. Daar heb ik een speciaal mapje voor.”

Welk project heeft het meeste effect gehad?

“Dat weet ik eigenlijk niet. Ik merk wel dat ik, nu ik dit al meer dan twintig jaar doe, verbanden begin te zien. Toen ik begon waren mijn projecten allemaal onderwerpen, themaatjes. Maar nu heb ik door dat er niet zoiets bestaat als een ­autonoom onderwerp. Neem Fukushima. Na de aardbeving was er geen water, geen gas, geen elektriciteit. De enige vorm van communicatie in het getroffen gebied ­verliep via palen met luidsprekers.

“Er is toen omgeroepen dat mensen moesten evacueren, maar er is niet bij gezegd dat er een kernramp had plaats­gevonden. Dat hoorden die mensen pas een paar dagen later, toen de hele wereld het al wist. Toen hoorden ze ook pas dat ze nooit meer terug mochten. Dat heeft hun vertrouwen in de overheid en de wetenschap enorm geschaad. De medewerkers van de kerncentrale wisten wel dat er een ramp was gebeurd, dus die waren veel ­verder weg geëvacueerd, zonder iets te zeggen tegen de rest. Zo verloren Japanners ook het vertrouwen in de eigenaar van de kerncentrale. Drie betrouwbare bronnen van informatie vielen weg. De mensen zijn daar zo angstig van geworden, dat er alleen al tweeduizend mensen – en dit is alleen nog maar het officiële getal – zijn gestorven door de stress.”

"Ik kan mijn werk niet laten bepalen door mensen die niet goed kunnen nadenken. Dat is niet mijn probleem. "Beeld Imke Panhuijzen

Welk verband valt hier dan te leggen?

“Dat is wat er nu ook aan de hand is, met het coronavirus. Aan het begin van de pandemie was er ook geen informatie. Daardoor ontstonden angst en wantrouwen. Als je angstig bent, blokkeert dat je denken. Je hersenen worden traag, alles vlakt af. Wanneer er dan ergens een uitspatting is, trek je daarnaartoe. Dat polariseert het denken en hoe we met elkaar omgaan, en dat vergroot weer het wantrouwen. Dat is wat in Japan is gebeurd en wat hier nu gaande is.”

Kunt u op basis van deze kennis iets voorspellen voor de komende tijd?

“Het wordt erger. Mensen gaan nog meer tegenover elkaar staan. Eigenlijk is dit een heel slecht moment voor verkiezingen. Maar tegelijk wil je ook dat een democratisch systeem zijn werk doet.”

U wilde dit interview liefst nog vóór de verkiezingen gepubliceerd zien. Waarom?

“Zodat ik kon zeggen dat mensen zich goed moeten verdiepen, of niet moeten stemmen.”

Niet stemmen?

“Als mensen zich niet willen verdiepen en zich niet willen inlezen, en afgaan op hun gevoel van: ‘O, die Mark Rutte, zie ik steeds op televisie, die lijkt me wel betrouwbaar, daar stem ik op’ – blijf dan thuis. Dat wilde ik graag gezegd hebben. Lees de verkiezingsprogramma’s, en als je het echt niet weet: stuur me een DM, een appje of een mailtje, dan wil ik echt wel even meekijken.”

Wat schrijft u dan terug?

“Ik vraag dan wat ze belangrijk vinden. En afhankelijk daarvan zeg ik: dan zou u hier- of hieraan kunnen denken.”

Zou u dan alsnog Mark Rutte aanraden?

“Zou kunnen. Wanneer zou ik dat doen? O ja, als je Shell bent.”

Ik begreep dat u lid bent van alle politieke partijen.

“Van veel, ja. Van de PVV kun je geen lid zijn, en ik heb net wel getwijfeld of ik weer de contributie zou overmaken aan Forum voor Democratie. Als lid bij Forum heb je niets te zeggen. En nu zijn er ook geen bijeenkomsten, dat was altijd nog wel aardig. Ik vond het cool met mijn lidmaatschapspasje te kunnen zwaaien. Het lelijkste pasje ooit, trouwens. Grappig, want er is geen politicus die zich zo druk maakt over vormgeving als Thierry Baudet.”

Wat heeft zo’n lidmaatschap dan voor zin?

“Om de wereld te veranderen, moet je de wereld begrijpen. Als je lid bent van een partij, leer je hoe dingen werken en snap je de beweegredenen beter. En in beschaafde partijen heb je als lid inbreng. Kun je moties indienen, mag je stemmen. Dus over het algemeen is het heel zinvol om lid te worden van partijen waarmee je het oneens bent, omdat je dan iets kunt veranderen.”

U heeft u op uw 34ste laten steriliseren. Waarom was dat?

“Ik wilde het verhaal vertellen dat we met te veel mensen zijn. Dat het fosfaat opraakt, de grondstof die nodig is om planten te verbouwen, dus dat we op termijn niet meer de hele wereldbevolking kunnen voeden.”

Hoe vind je een arts die daaraan meewerkt?

“Dat was helemaal niet zo ingewikkeld. Mijn huisarts zei: ik kan een poging doen om je om te praten, maar ik ken je goed genoeg om te weten dat je het dan op een andere manier gaat fiksen. Dus ga maar. En met zijn doorverwijzing was het binnen een paar weken geregeld.”

Heeft u er geen spijt van?

“Nee. Ik ben er wel verdrietig over. Ik sta er nog steeds achter dat ik het heb gedaan. Het was belangrijk.”

Is het het waard geweest?

“Zeker. Het fosfaatprobleem kwam voor het eerst op de politieke agenda en is er niet meer af geweest. Naar aanleiding van de film die ik erover maakte, is besloten dat dierlijke fosfaten moeten worden herwonnen en hergebruikt. Dat kan zomaar honderdduizenden levens redden.”

Het is een enorm offer.

“Dat is het ook, ja. Als kunstenaar ben je verhalenverteller. Ik vertel verhalen die urgent zijn. Mijn werk is om bij elk verhaal een manier te bedenken die zo erg binnenkomt dat jij weken van slag bent en het gaat fiksen. En met die ‘jij’ bedoel ik degene die bij machte is er iets aan te doen. Het was niet het leukste om te doen, dat is een understatement, maar het is gelukt. Dat is het kutte aan mijn werk: ik zoek naar de allerbeste manier en doe dan geen concessies. Dat dit de allerbeste manier was, was gewoon vette pech.”

Toen de basisscholen werden gesloten en de kinderen dus weer thuiszaten, schreef u een aantal columns in deze krant over hoe u tijdens uw jeugd bent mishandeld.

“Ik groeide op in een heel onveilig gezin, maar eigenlijk was ik een vrolijk, eigengereid kind. Ik ben nu ook een eigengereid mens natuurlijk, maar als kind had ik het niet zo door. Ik was gewoon de hele tijd aan het knutselen en aan het bouwen. Mijn vader had een zaak aan huis, hij was meubelstoffeerder. Daar zat een grote werkplaats achter, waar mijn moeder me liet tekenen, schilderen en kleien. Mijn vriendinnen kwamen daar ook, want bij ons mochten dingen vies worden. Als zij er waren, was de kans veel kleiner dat mijn vader zou binnenkomen en het fout zou gaan. Hij was altijd vrij stiekem. Me uitschelden en nare dingen zeggen deed hij alleen als er niemand bij was. Dat hij me schopte en sloeg, hebben wel veel mensen gezien. Mijn nichtje was er een keer bij toen hij me van de trap af schopte.”

Wat is daar toen mee gebeurd?

“Niets. Dat is het ingewikkelde van ­kindermishandeling: dat praten mensen gauw goed. Mijn vader zei dat hij suikerziekte had en dat hij daardoor soms wat opvliegend was. Of dat ik echt heel vervelend was op dat moment. Dingen werden goedgepraat.”

Heeft u het zelf aangekaart?

“Zeker. Ik ben naar counselors geweest, naar ouders van vriendinnen, naar het Riagg. Maar het heeft niets opgeleverd. Een counselor van school stuurde me op mijn 15de door naar het Riagg toen de voetafdruk van mijn vader in mijn buik was blijven staan. Niet de hardste trap die ik ooit had gekregen, integendeel, hij had gewoon een schoen naar mijn buik gegooid en die was heel ongemakkelijk terechtgekomen zodat er een bloeduitstorting was ontstaan. Meestal had ik niet zo gauw blauwe plekken.”

"Mijn nichtje was er een keer bij toen hij me van de trap af schopte.”Beeld Imke Panhuijzen/ Visagie en haarstyling: Pascale Hoogstraate @ EEAgency Jas: Lisa Konno, Schoenen: Rosdorff

Wat gebeurde er toen?

“Ik kwam op een wachtlijst terecht voor een pleeggezin, maar daarvoor moest eerst met mijn ouders worden gepraat. Dat wilde ik niet, ik zag de bui al hangen, maar het moest. Ik weet niet precies wat daar is besproken, behalve dat mijn ouders thuiskwamen, mijn vader me helemaal in elkaar heeft geslagen en alle hulp stopte. Een paar maanden later ben ik op kamers gegaan. Misschien lag het wel aan mij, dacht ik, of was dit normaal. Je kent alleen je eigen situatie, hè? Mijn eerste herinnering is dat mijn vader me op de verjaardag van mijn kleine zusje van de tafel met taart wegsleurt en op mijn hoofd slaat.”

Uw ouders zijn later gescheiden. Heeft u het uw moeder verweten dat ze dit liet gebeuren?

“Eerst wel. Nu weet ik dat ze gewoon heel erg verliefd was op mijn vader. Hij verzint verhalen – van elke drie zinnen die hij uitspreekt is er één niet waar. En hij is heel charmant. Dus ik neem mijn moeder niets kwalijk. Eigenlijk vind ik dat zij net zo erg, of erger, een slachtoffer is geweest, omdat zij moet leven met dat schuld­gevoel.”

Hoeveel invloed heeft uw jeugd nu nog?

“Ik weet niet of ik helemaal ben gemaakt door hoe ik ben opgegroeid, ik ben ook gewoon wie ik ben. Maar wat wel zo is: ik ben duidelijk een slachtoffer geweest. Ik ben door niemand gezien, door niemand serieus genomen, door niemand geholpen. Ik denk dat ik daardoor slachtoffers sneller herken.”

Zoals Joyce, de ex-vrouw van Dion Graus.

“Bij Joyce voelde ik aan alles dat er iets aan de hand was. Het was ongezond hoe weinig ruimte Dion Graus haar gaf, hoe zij daar niet mocht zijn. En ik kende de verhalen over de exen die hij mishandeld had. Dus toen heb ik haar erop aangesproken. Ik heb er net een column over geschreven. Ik kan er zo kwaad om worden dat er ook nu, zo veel jaar na de #MeToo-discussie, bijna geen enkele zedenzaak wordt opgelost. Er is bijna geen verkrachter die wordt veroordeeld, omdat er vaak geen bewijs is. Dus nu ben ik betrokken bij een crowd­fundingsactie met een groep vrouwen, zodat Joyce een topadvocaat kan inhuren. Dat lijkt me het minste wat wij als vrouwelijke bevolking kunnen fiksen met elkaar. Dat was mijn boos-zijn van deze week.”

Waar haalt u de energie vandaan?

“Soms voel ik dat ik dingen even wil ­fiksen. Ik weet dat ik dingen kán veranderen. En op het moment dat je ziet dat het ergens misgaat, heb je een verantwoordelijkheid. Maar soms heb ik ook weleens een dag dat ik denk: vandaag ga ik de hele dag in bad. Dat is mijn lockdownaankoop, een opvouwbaar bad dat precies in mijn douche past. Een lelijk, plastic ding. Ik heb hem met tape moeten vastplakken, maar hij doet het. Daar kan ik uren in zitten, Netflix kijken.”

Jeugdfoto van Tinkebell. Beeld Eigen archief
Jeugdfoto van Tinkebell.Beeld Eigen archief

Katinka Simonse (Tinkebell)

10 juni 1979, Goes

1990-1995
Het Goese Lyceum

1997-1998
Mbo Reclame, Boxtel

1998-2000
Fontys Academie voor Beeldende Vorming, Tilburg

2003-2005
Sandberg Instituut Amsterdam,
MFA Design

2004
Maakt handtas van kat Pinkeltje

2008
Publicatie Dearest Tinkebell, ­gebundelde bedreigingen

2014
Film Save our Children

2014-2018
Columnist OneWorld Magazine

2016-2017
Columnist bij Het Parool

2018
Publicatie Het gevaar van angst – hypochonderen in Fukushima

zomer 2020-nu
Columnist bij Het Parool

Tinkebell woont samen met drie katten en een kip.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden