PlusFilmrecensie

The Lighthouse is een kostelijk excentrieke traktatie

Na een bejubeld debuut over religieuze intolerantie in de 17de eeuw richt Robert Eggers (36) zich in The Lighthouse op twee vuurtorenwachters in het stoomtijdperk. Het gaat er ruig aan toe.

Beeld Eric Chakeen

In een verraderlijke zee ligt een klein, desolaat eiland. Op de woeste rots zijn twee kerels tot elkaar veroordeeld. De veteraan en de noviet hebben één taak: de vuurtoren moet elke nacht licht in de duisternis verspreiden. Dat is geen peulenschil, aan het eind van de 19de eeuw in het hoge noorden voor de oostkust van de Verenigde Staten. Het baken voor de scheepvaart draait op een giftig mengsel van kolen, stoom, lampolie en het zweet en doorzettingsvermogen van de vuurtorenwachters.

Het minimalistische zwart-witdrama The Lighthouse ontleent spanning en sensatie aan een simpel gegeven, dat meesterlijk wordt uitgewerkt. Er kan veelvuldig gegniffeld en gelachen worden, maar enige huivering is onontkoombaar. Wat overheerst is bewondering voor de compromisloze houding en het vakmanschap van de filmmaker, die door roeien en ruiten gaat om ons naar de jaren negentig van de 19de eeuw te transporteren.

Robert Eggers is zijn naam. De 36-jarige Amerikaan brak vijf jaar geleden door met zijn eigenzinnige debuutfilm The VVitch: A New-England Folktale, die bij de première op filmfestival Sundance als een sensatie werd onthaald. De film belandde door dat succes in distributie­kanalen die niet berekend waren op een traag opgebouwde tragedie rond een pioniersgezin dat een archaïsch oud-Engels dialect spreekt en anno 1630 met religieuze intolerantie en hekserij te maken krijgt.

Met de versimpelde titel The Witch werd Eggers’ debuut als horrorfilm verkocht. In Nederland kreeg de film op filmfestival Imagine en in de pers een warm onthaal, maar distributeur Universal Pictures zag geen brood in een bioscoopuitbreng. We mogen dus in onze handjes wrijven dat diezelfde distributeur The Lighthouse wel naar het grote doek loodst, waarbij de rolverdeling ongetwijfeld de doorslag gaf. Het duel rond de vuurtoren wordt uitgevochten door Willem Dafoe en Robert Pattinson.

Eggers dook in zijn streven naar historische accuratesse voor zijn debuutfilm diep in de geschiedenisboeken en archieven; en hij deed dat ook voor de opvolger. De compacte opzet, locatie en rolverdeling bieden hem alle ruimte om intrigerende details van het vuurtorenwerk in het stoomtijdperk naar voren te halen, maar hij past wijselijk voor een technische uiteenzetting van de praktijk. Het maakt het gezwoeg van de twee kerels tot een reeks mysterieuze rituelen met een symbolisch karakter.

De vuurtorenwachters, gespeeld door Willem Dafoe en Robert Pattinson.Beeld A24 Pictures

Een enorme fallus

De door Dafoe vertolkte veteraan maakt de dienst uit en weigert de werking van Het Licht nader te verklaren. Zorgvuldig sluit hij de gietijzeren toegangspoort naar de top van de vuurtoren af, want alleen hij mag bij Het Licht komen. Het heerschap heeft meer regels, die meestal met mystificaties omhuld zijn en op de scheepvaart teruggrijpen. Meeuwen zijn soms vervelend, maar wee de man die hen iets aandoet: er huizen geesten van dode matrozen in die beesten!

Dergelijke waarschuwingen zijn allicht aan dovemansoren gericht, want de zwoegende noviet raakt gaandeweg steeds gefrustreerder en daar komt opstand en heibel van. Door de gespannen krachtsverhouding, de mystificaties en het formidabel archaïsche taalgebruik doet het duel aan het toneelwerk van Harold Pinter denken. De gruwelijke waanbeelden en bovennatuurlijke elementen plaatsen The Lighthouse ook in een horrortraditie.

Eggers nam de film op in dramatisch en contrastrijk zwart-wit met een zogeheten Movietonebeeldkader, dat rond 1930 even in zwang was toen de zwijgende film naar geluid overging. Het is het smalste en dus hoogste beeldkader uit de filmgeschiedenis. Dat is bij uitstek geschikt voor een stormachtig duel van twee kerels rond een enorme fallus. Die grap is Dafoe noch Pattinson ontgaan: de acteurs doen er in hun spel geregeld nog een schep bovenop.

Een en ander maakt The Lighthouse tot een kostelijk excentrieke traktatie en bevestigt opnieuw dat Eggers voor de duvel niet bang is.

The Lighthouse

Regie Robert Eggers
Met Willem Dafoe, Robert Pattinson
Te zien in Cinecenter, City, Eye, Filmhallen, Kriterion, The Movies, Rialto

Alternatieve versie

Voor het onderdeel Critics’ Choice VI: On Collectivity op het afgelopen Rotterdamse filmfestival IFFR maakte de Amerikaanse filmmaker en -criticus Kevin B. Lee een inleidend video-essay bij The Lighthouse. Daarvoor gebruikte hij geen enkel beeld uit Robert Eggers’ zwart-witdrama, maar creëerde hij met fragmenten uit 26 films met Robert Pattinson en Willem Dafoe een eigen versie van The Lighthouse. In 6 minuten komen onder meer Harry Potter and the Goblet of Fire, Twilight en High Life (Pattinson) en The Last Temptation of Christ, Platoon en At Eternity’s Gate (Dafoe) voorbij. Het video-essay is te zien op vimeo.com/kevinblee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden