PlusAchtergrond

Studentenflat Acta bestaat 10 jaar: ‘Het nummer van onze gang staat op mijn been getatoeëerd’

Acta, de roemruchte studentenflat aan de Louwesweg in Nieuw-West, bestaat tien jaar. Bewoners van toen en nu halen herinneringen op, aan hechte vriendschappen, onvergetelijke feestjes en onvermijdelijke viezigheid. ‘Mijn gang was als een nieuw gezin.’

Tim Igor Snijders
Gui: 'In februari vorig jaar kwam de politie met meerdere busjes en honden een feestje in het gebouw opbreken. Intens.' Beeld Daphne Lucker
Gui: 'In februari vorig jaar kwam de politie met meerdere busjes en honden een feestje in het gebouw opbreken. Intens.'Beeld Daphne Lucker

Gui (26, achternaam bij redactie bekend), verhuisde hier zo’n twee jaar geleden naartoe.

“Ik kwam hier midden in de coronatijd wonen. Het was toen best een gekkenhuis. Tijdens de lockdown werd er veel in grote groepen gechilld en dat trok mensen aan van buiten. Dan kwam je random lui tegen in de gangen, die rondhingen in de hoop dat ze hier aan hun sociale trekken konden komen. In februari vorig jaar kwam de politie met meerdere busjes en honden een feestje in het gebouw opbreken. Intens.

Voor mij betekent Acta individuele vrijheid én gezamenlijkheid. Ik vond het een zegen dat ik hier woonde tijdens de pandemie, blij dat ik kon levelen en chillen met mijn negentien ganggenoten. Ik kreeg in die tijd ook een studio in Noord aangeboden, maar Acta leek me toch fijner. Hier was altijd iets gaande.

Op een goed Actafeestje zijn vrienden en aanhang, niet te veel onbekenden. Laatst was een gangfeestje zo vol met mensen dat ik bijna geen bewoners meer zag. Toen ben ik weggegaan. Ik vind het leuk dat mensen het leuk hebben, maar je moet snappen dat hier mensen wonen. Het is geen club. Al vergeet ik dat zelf soms bijna, met Radion om de hoek.

Acta kan ook energierovend zijn. Soms krijg ik last van mijn anxiety, dan zit ik drie dagen op mijn kamer omdat ik niemand wil zien. Toch is het is hier chill wonen. Ik denk dat ik nog wel een tijdje blijf, zeker zolang ik studeer.

Ik ben wel blij dat ik wat ouder was toen ik hier kwam wonen. Voor mijn achttienjarige zelf was Acta denk ik iets té vrij geweest.”

Emma Wortelboer: 'Buiten Acta had ik eigenlijk geen leven.' Beeld Daphne Lucker
Emma Wortelboer: 'Buiten Acta had ik eigenlijk geen leven.'Beeld Daphne Lucker

Emma Wortelboer (25), woonde hier tussen 2014 en 2017.

“In Acta komen uitersten samen. De fitboy die naar lijpe hardcore luistert woonde bij ons op de gang samen met types van de Rietveld. Toch werkte het, omdat je uiteindelijk wel íets gemeen had.

Als zeventienjarig meisje uit Twente was ik ook een uiterste. Ik wist niks van de wereld. Het enige dat ik wist, was dat ik naar Amsterdam toe wilde.

Ik had moeite een kamer te vinden, en ging na een tip hospiteren in Acta. Die avond had ik meteen een felle discussie met een van de bewoners, over de verschillende huizen van Zweinstein. Die jongen is nog steeds mijn beste vriend. Ik vond het leuk dat mensen in Acta weinig grenzen kenden, zeker in vergelijking met waar ik vandaan kwam. Je kon gewoon tegen elkaar schreeuwen.

Ik kwam in Twente uit een hecht gezin, en mijn huisgenoten waren voor mij als een nieuw gezin. We deden alles samen: naar de supermarkt, zwemmen in de Nieuwe Meer, halve dagen voor de tv hangen. Of we gingen uit in Radion, waar we als buren gratis tickets kregen. Toen de club net open was, waren we vaak de enigen daar.

Buiten Acta had ik eigenlijk geen leven. Officieel volgde ik een opleiding aan de HvA, maar ik studeerde helemaal niet. Na drie maanden stopte ik, omdat ik werd ik aangenomen voor de BNN Academy. Mijn auditiefilmpje heb ik nog in mijn kamer opgenomen. Omdat je moest studeren om in Acta te wonen, deed ik alsof door mijn baas elk jaar een soort brief te laten tekenen. Ik wilde gewoon niet weg.

Een hoogtepunt, in 2015, was ons gangfeest met het thema ‘beige’. In de strijd met andere gangen om het beste feest wilden wij naar nieuwe hoogten stijgen. We vroegen entreegeld, huurden dj’s in en verkochten lachgasballonnen. Er kwam zeker 150 man op af. Toen ik al die mensen in onze woonkamer zag dansen, allemaal in iets beige gekleed, werd ik bijna een beetje emotioneel.”

Whitley Roefs: 'Ik ben hier verliefd geworden.' Beeld Daphne Lucker
Whitley Roefs: 'Ik ben hier verliefd geworden.'Beeld Daphne Lucker

Whitley Roefs (27), woont af en aan zo’n acht jaar in het gebouw.

“Ik zei altijd dat ik nooit in een dorp zou wonen. Maar Acta is een dorp. Alleen wonen er dan enkel mensen met wie ik graag wil wonen.

Eerst woonde ik hier vier jaar. Toen ben ik voor een studie in Delft naar Rotterdam verhuisd. Toch was ik alsnog elk weekend in Acta. Bewoners zeiden dat ze mij vaker zagen dan sommige huisgenoten. Rond de tijd dat corona uitbrak, verhuisde ik terug. Ik had die periode anders niet getrokken.

Natuurlijk heeft Acta ook keerzijden. Het is vaak vies: muizen binnen, ratten buiten, bedwantsen op een van de gangen. Ik douche altijd met slippers aan. Ik ben het zo gewend, dat ik ook bij mijn moeder de douche in stap met slippers. O nee, bedenk ik dan, dat hoeft hier niet.

De hoogtepunten van acht jaar Acta? Dat vind ik moeilijk. Ik moet denken aan één zomer, toen bijna alle mannen van de gang op vakantie waren en de vrouwen overbleven. Met zijn achten brachten we veel tijd door samen en leerden we elkaar heel goed kennen. Dat bracht echt een gevoel van verbroedering – nee, verzustering!

En ik ben hier verliefd geworden. Mijn vriend woonde lange tijd in de kamer naast me. Eerst waren we alleen vrienden. Op de dag dat hij verhuisde, en zijn vader met al zijn spullen beneden stond te wachten, durfde hij me eindelijk uit te vragen.

Nu zijn we verloofd. In een moeilijk jaar voor ons beiden, waarin onze vaders overleden, vroeg hij me ten huwelijk. We wilden óók een positieve herinnering maken. Maar ik ga niet trouwen in Acta hoor, dat gaat me te ver. Als ik mijn master Engineering in Delft heb afgemaakt, verhuis ik.

Acta blijft altijd bij me. Op mijn been staat 4.2 getatoeëerd, ons gangnummer.”

Oud-bewoners Sarah Remmerts de Vries en Robin Gabriner met hun kinderen Louise (witte jurk) en Claire (paarse jurk): 'Er was een gangpoeper, die toesloeg in de lift, op de gangen, op iemands kamer.' Beeld Daphne Lucker
Oud-bewoners Sarah Remmerts de Vries en Robin Gabriner met hun kinderen Louise (witte jurk) en Claire (paarse jurk): 'Er was een gangpoeper, die toesloeg in de lift, op de gangen, op iemands kamer.'Beeld Daphne Lucker

Sarah Remmerts de Vries (30) en Robin Gabriner (33), kwamen zodra dat kon in het gebouw wonen.

Sarah: “We hebben nog meegewerkt aan de verbouwing van Acta tot studentenflat. Dat was verplicht als je hier wilde wonen.”

Robin: “48 uur in totaal: gipswandjes plaatsen, of muren isoleren met glaswol. In ruil voor het klussen kreeg je ook huurkorting.”

Sarah: “Acta was voor ons een manier om goedkoop samen te wonen.”

Robin: “We hadden al een relatie voor we hier kwamen wonen. Ik geloof dat ik hier de vierde persoon was die zich inschreef voor een kamer. Via via kreeg ik de plattegrond te zien, zodat ik twee kamers naast elkaar kon kiezen.”

Sarah: “Van de ene kamer maakten we ons woonkamertje, in de ander sliepen we.”

Robin: “In de begindagen was de sfeer in Acta anders, gemoedelijker. Voordat we introkken, spraken de bewoners van onze gang af in een café om elkaar een beetje te leren kennen. We verfden samen de woonkamer, hingen posters op, schilderijtjes van de kringloop. Als je bij ons binnenkwam, leek het eerder een hele grote huiskamer. Later ging Acta meer op een studentenhuis lijken. Er bleef afval in de gang liggen, er werden gaten geslagen in de dunne muurtjes.”

Robin: “Sommige bewoners pisten uit het raam. De wc’s bevonden zich aan het uiteinde van de gang. Wie aan de andere kant woonde, had ’s nachts geen zin om te lopen. En dan was er nog de gangpoeper, die toesloeg in de lift, op de gangen, op iemands kamer. De dader is geloof ik nooit gevonden.”

Sarah: “Omdat de de elektronica van het gebouw eerst nog niet helemaal op orde was, ging het brandalarm een tijdje bijna elke nacht af. Dat gelúíd!”

Robin: “Verschrikkelijk! Dan was er weer iemand dronken thuisgekomen, begonnen een tosti te maken en halverwege in slaap gevallen. Stond iedereen om 4 uur ’s ochtends buiten voor niks.”

Sarah: “Na anderhalf jaar Acta zijn we verhuisd naar Hilversum, waar we een appartement vonden.”

Robin: “Twee jaar daarna werden we de eerste bewoners van Acta die een baby kregen, voor zover ik weet. Louise is nu vijf, maar blijft de allereerste ‘Acta-baby’.”

Geschiedenis en cijfers

In de studentenflat aan de Louwesweg was tussen 1984 en 2010 het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam gevestigd. Vandaar de afkorting als naam. Sinds augustus 2012 wonen er studenten. In hetzelfde gebouw, eigendom van corporatie de Alliantie, bevinden zich ook de creatieve broedplaats Urban Resort en nachtclub Radion.

De studentenflat, een project van Socius Wonen, telt 460 kamers, verdeeld over zeven verdiepingen. Die bestaan weer elk uit vier gangen, met elk tussen de 12 en 20 kamers. Bewoners delen woonkamer, keuken, badkamer en wc’s. Tussen augustus 2012 en mei 2022 hebben in totaal 2579 studenten in het gebouw gewoond.

De looptijd van het project is tien jaar. Wat er hierna met de ‘oude Acta’ gebeurt, is niet bekend. De Alliantie kocht het complex in 2010 met de bedoeling het te slopen en nieuwe woningen neer te zetten.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden