PlusReportage

Stramme vingers bestaan niet: Amsterdammer Willem van Vollenhoven is 100 jaar en treedt nog altijd op als pianist

Willem van Vollenhoven (100) kreeg in 1928 zijn eerste pianoles. De Amsterdammer treedt sinds dertig jaar op in buurthuizen en zorgcentra. Daarvoor komt hij vanuit Buitenveldert naar het centrum – vaak op de fiets.

Marloes de Moor
De 100-jarige Willem van Vollenhoven treedt op in het Dr. Sarphatihuis in Amsterdam. Beeld Dingena Mol
De 100-jarige Willem van Vollenhoven treedt op in het Dr. Sarphatihuis in Amsterdam.Beeld Dingena Mol

Er is weleens verwarring geweest over zijn naam. Dachten ze dat die andere Van Vollenhoven kwam optreden: Pieter van Vollenhoven, echtgenoot van prinses Margriet en bekend van het pianotrio De Gevleugelde Vrienden met wijlen Pim Jacobs en Louis van Dijk. En dan de vage teleurstelling dat hij het helemaal niet was! Hij leek zelfs niet op hem met zijn sierlijke, grijze haardos.

Die domper wil Willem van Vollenhoven (100) zijn publiek én hemzelf besparen en dus gebruikt hij sindsdien de artiestennaam Willem de Koning. Al weten zijn toehoorders inmiddels ook zonder dat pseudoniem precies wie hij is.

Van Vollenhoven speelt al zo’n dertig jaar piano in wijkcentra en verzorgingshuizen als De Vreugdehof, het Dr. Sarphatihuis en verpleeghuis Leo Polak. Voordat het coronavirus uitbrak schoof hij dagelijks ergens achter het klavier. Op de zangochtenden in het Dr. Sarphatihuis liep zelfs de halve buurt uit en zaten dik tweehonderd mensen in de entreehal naar hem te luisteren.

Nu de zorgcentra hun activiteiten langzamerhand weer oppakken, is Van Vollenhoven weer elke dinsdag van de partij om liedjes als Geef mij maar Amsterdam en Bij ons in de Jordaan te begeleiden. Soms komt hij zelfs op de fiets vanuit Buitenveldert naar het Dr. Sarphatihuis aan de Roetersstraat. Zijn fietstassen gevuld met partituur, een leeslampje en een lessenaar, geknipt uit de bodem van een kartonnen doos.

Druk verkeer? Van Vollenhoven, geboren en getogen Amsterdammer, verwerpt dat idee met een lach: “Druk? Neuh, dat gaat prima. Boodschappen doe ik ook op de fiets, anders moet je zoveel tillen. Maar vandaag ben ik met de RMC-taxi voor ouderen. Want ja, ik ben inmiddels 100.”

Ook oud, wil hij maar zeggen.

Toonladders oefenen

Uitbundig lentelicht valt door de hoge ramen van de entreehal. Achter de zwarte, glimmende vleugel grijpt Van Vollenhoven energiek in de toetsen, beweegt mee met de melodie. Levenslust in zijn motoriek. Nu eens met een pretlach, dan weer geconcentreerd, met naar binnen getrokken lippen.

Misschien wel net als in 1928, toen hij als zesjarige zijn eerste pianoles van juffrouw Ton kreeg. “Een idee van mijn moeder. Ik weet nog dat ik meteen naar de piano liep. ‘Ho, ho,’ zei juffrouw Ton, ‘we gaan eerst andere dingen doen.’ Ze haalde een stuk muziekpapier tevoorschijn en begon daar noten op te schrijven. Eerst moest ik met mijn rechterhand toonladders oefenen, daarna met mijn linkerhand. Steeds opnieuw. Dat studeren was soms wel een opgave, maar daar moest ik doorheen. Pas later zie je dat je bepaalde kennis nodig hebt om ergens te komen.”

Bij de padvinderij begeleidde Van Vollenhoven kampliedjes als My Bonnie is over the Ocean en al op zijn zestiende volgde zijn eerste concert. Samen met een violist en een jongleur gaf hij een optreden in het toenmalige Weesperziekenhuis. “Ik voelde me gevleid dat ze me vroegen en weet nog hoe leuk ik het vond om voor publiek te mogen spelen. Steeds vaker werd ik gevraagd. Ik trad op met combo’s en bandjes bij feestjes, cabaret, toneelverenigingen en revueavonden.”

Van Vollenhoven deed dat altijd naast zijn werk als vertegenwoordiger in tekenmaterialen. “Ik heb van pianospelen nooit mijn beroep gemaakt, omdat ik mijn andere werk te leuk vond om op te geven. Mijn vrouw zei ook: ‘Je weet nu waar je aan toe bent.’ En daar had ze gelijk in. Het veranderde toen ik 65 werd en met pensioen ging. Vanaf dat moment kon ik iedere dag spelen, zo vaak als ik wilde.”

Alleen verder

In 2000, een jaar na de dood van zijn vrouw, leerde van Vollenhoven zangeres Carolien Schellekens kennen. De twee kregen een relatie. “We konden het bijzonder goed vinden en speelden veel samen. Met ons eigen programma traden we op in theaters en zorgcentra. Totdat zij alzheimer kreeg. Dan is het gedaan met je. In 2016 overleed ze. Op een zeker moment belden ze weer op: ‘Wat doe je? Ga je nog optreden?’ Moeilijk, want we hadden het altijd samen gedaan. Ik dacht aan wat Carolien zou hebben gezegd: gewoon doen. Toen ben ik alleen verder gegaan. Tot corona kwam, trad ik dagelijks op in wijkcentra en verpleeghuizen. Dat moet nu weer een beetje op gang komen.”

Van Vollenhoven woont in Buitenveldert en redt zichzelf daar uitstekend. “Alleen koken doe ik niet. Ik heb wel eens een kookles voor de man gehad, maar wie wordt daar gelukkig van? Ik niet. Je moet eerst alles kopen, wassen, snijden; dat kost enorm veel tijd en kan veel makkelijker. De Hema Daghap raadden ze me eens aan. Het woord alleen al! Ik heb van alles geprobeerd, maar heb nu een goed adresje dat elke dag heerlijke, zoutarme maaltijden levert. Die kunnen zo in de magnetron.”

Van Vollenhoven zou graag met iemand samen willen musiceren: ‘Maar die vind je niet zo eenvoudig in mijn leeftijdscategorie.’ Beeld Dingena Mol
Van Vollenhoven zou graag met iemand samen willen musiceren: ‘Maar die vind je niet zo eenvoudig in mijn leeftijdscategorie.’Beeld Dingena Mol

Als Van Vollenhoven niet pianospeelt, maakt hij fietstochten door de polder, knoopt gesprekken aan met onbekenden, ontmoet leeftijdgenoten – veelal tachtigers en negentigers – en ‘stoeit met tekenmaterialen’, zoals hij dat zelf noemt. “Een bezigheid die samenhangt met mijn vroegere werk. Ik vind het leuk om verschillende soorten potloden of waskrijt uit te proberen.”

Muziek speelt steeds de grootste rol. Naar een verjaardagsfeest gaat hij liefst alleen als hij er ook piano kan spelen. Zijn repertoire telt inmiddels ruim tweeduizend stukken, van volksliedjes tot klassiek. “Soms zit er ineens een melodie in mijn hoofd en bedenk ik dat ik hem zus of zo kan spelen. Dat probeer ik en schrijf hem vervolgens uit. Ik schrijf ook muziek op de computer in een soort stenostijl. Dat scheelt, want dan hoef ik geen enorme pakken papier mee te nemen. Met één A5’je ben ik klaar.”

Handen op elkaar

In verloren uren luistert hij soms operafragmenten van Verdi. “Dan bedenk ik hoe Verdi het geschreven heeft, wat hij dacht op dat moment. Een andere keer luister ik Chopin, die ook prachtige melodieën heeft gecomponeerd. “

Niet als herinnering of troost. Wars van nostalgie of sentiment wuift hij die suggestie resoluut weg. “Neuh. Geen herinneringen. Nee hoor, helemaal niet. Ik ben met muziek bezig en daar blijft het bij.”

Wel zou hij graag weer met iemand samen willen musiceren. “Maar die vind je niet zo eenvoudig in mijn leeftijdscategorie. Er moet wel een bepaald niveau en een klik zijn. Soms is het contrast te groot en dan werkt het niet. Ik wil dat het samen goed klinkt, zodat we de handen van het publiek op elkaar krijgen. Het zou mooi zijn als ik iemand vind met wie dat mogelijk is.”

Reacties op zijn leeftijd

In de pauze van zijn optreden ontfermen zorgverleners van het Dr. Sarphatihuis zich over hem met een mengeling van zorgzaamheid en behoedzaam ontzag, als over een fraaie, zeldzame vaas die niet gebroken mag worden. “Wilt u thee? Rust u maar even uit.”

“Als ik zo toch eens 100 kon worden,” verzucht een medewerkster.

De vaak verbaasde reacties op zijn leeftijd is hij inmiddels gewend. “‘100? Daar ziet u niet naar uit!’ zeggen ze dan. Laatst hebben ze me nog als een soort factotum getoond in voetbalstadion de Arena in het kader van een 100-plusonderzoek van het VU-ziekenhuis. Daar doe ik aan mee. Na mijn dood mogen ze mijn hersenen en alle organen hebben. Ze onderzoeken hoe het kan dat mensen zo oud worden. Het antwoord daarop weet ik niet. Mijn dochter, die bedrijfsarts is, evenmin. Ik leef mijn leven naar mijn gevoel en verstand. Als die overeenkomen, heb je een goed leven.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden