Het forteiland Pampus wil weer zelfvoorzienend en duurzaam worden.

Plus Achtergrond

Slapen op een onbewoond eiland? Het kan nu op Pampus

Het forteiland Pampus wil weer zelfvoorzienend en duurzaam worden.

Slapen op een onbewoond eiland? Deze zomer kan het op Pampus, mede omdat het forteiland weer zelfvoorzienend en duurzaam wil worden.

Geen mooiere zonsondergang boven Amsterdam dan vanaf Pampus. Dichtbij genoeg om het silhouet van de stad te herkennen en ver genoeg om de zon te zien zakken tegen de achtergrond van IJburg, de A’DAM Toren en de Pontsteiger. “Het is echt een onbewoond eiland,” klinkt het vanuit de vriendinnengroep die vorige week de eer had om als eerste een nacht op Pampus te kamperen. “Met een echte sterrenhemel. Net als op vakantie.”

En toen kregen ze zaterdagochtend ook nog de primeur van het eerste glaasje op Pampus gereinigd water. Per schip haalt het monumentale fort elke dag drieduizend ­liter water uit Muiden, en directeur Tom van Nouhuys wil daarvan af. Uit een experiment met een nieuwerwets filter­systeem moet blijken of het eiland voor schoon water kan losbreken van het vasteland.

Het zal voorlopig geen drinkwater zijn en het wordt de bezoekers nog niet voorgeschoteld; de Nederlandse wet stelt hoge eisen aan die kwalificatie. Van Nouhuys vindt het een mooi beeld: de zandbank waar het eiland op rust is het ­eerste filter. Het voor het leger ontwikkelde systeem haalt het water uit het IJmeer daarna ook nog door een koolstoffilter en een uv-filter, tot 250 liter per uur. Als het op den duur ook nog door een nanofilter gaat, durft Van Nouhuys politiek Den Haag wel te vragen of dit drinkwater mag ­heten. De smaak is in elk geval prima.

Een eigen watervoorziening betekent voor Pampus een terugkeer naar de situatie van 1895, toen het fort werd gebouwd als onderdeel van de Stelling van Amsterdam. Pampus werd de sluitsteen van de waterlinie die kon worden opgetrokken door rond de hoofdstad hele stukken land onder water te zetten. Maar in een oorlogssituatie kon het drinkwater voor de tweehonderd manschappen natuurlijk ook niet uit Muiden komen. Hoewel het in 1933 verlaten fort zwaar in verval raakte, is nog goed te zien hoe destijds regenwater vanaf het dak werd opgevangen in een reservoir van bijna negentigduizend liter. Van Nouhuys: “Voor als de nood aan de man was.”

Zelfvoorzienend eiland

Het hedendaagse Pampus heeft met Waternet en de TU Delft onderzoek gedaan naar de mogelijkheid door regenwater zelfvoorzienend te worden. “Maar dan moet je in een droge zomer een enorme buffer hebben,” zegt Van Nouhuys. “Oppervlaktewater ligt technisch nog het meest voor de hand.”

Het is maar een voorbeeld van de manier waarop Pampus voor eens en altijd zijn eigen boontjes wil doppen. Zelfvoorzienend worden is het richtsnoer bij de restauratie van het monumentale fort. Zo is het al na de komst van Van Nouhuys, zeven jaar geleden, besloten. “We hadden oude dieselaggregaten, die nodig vervangen moesten worden. Het was een hele worsteling: moesten we niet gewoon een kabeltje trekken naar de wal?”

Wie overnacht op Pampus, krijgt veel van de geschiedenis van het eiland mee. Beeld Marc Driessen

Een stroomkabel en dan meteen maar een waterleiding had de exploitatie van het in financiële nood verkerende eiland in één klap een stuk goedkoper gemaakt. En toch besloot de stichting achter het monument dat niet te doen. “Je helpt de hele genetica van het eiland om zeep. Daarmee doen we onze eigen historie tekort. We dachten: dat moet toch anders kunnen.”

De aantrekkingskracht van het onbewoonde eiland is groot, weet Van Nouhuys. Het is een romantische gedachte dat je het hier zelf zal moeten rooien. Maar als je het hem vraagt, heeft het eiland ook een boodschap voor de maatschappij van nu. Pampus wil zijn bezoekers met de neus op de feiten drukken: “We moeten allemaal leren omgaan met schaarste. Energie en water zijn in de toekomst niet ­altijd voorhanden. Hoe gaan we daarmee om?”

“We willen graag dat mensen dit meekrijgen: je bent hier op een eiland en dat betekent dat dingen wat anders gaan dan anders. Je kunt hier niet eindeloos bestellen en consumeren. Dat kan natuurlijk nooit, maar dat vergeten we makkelijk omdat we de maatschappij hebben ingericht alsof dat wel zo is.”

Energie opwekken

Duurzaamheid bleek op Pampus mooi samen te vallen met zelfvoorzienendheid. “Het doet recht aan onze geschiedenis als we dat weer voor elkaar krijgen.” 

Het eiland wil ook zijn eigen energie opwekken en probeert in een moestuin een deel van de groenten te telen voor de keuken van het restaurant. Dat past bij de functie die Van Nouhuys ziet voor musea en erfgoed. “Ik wil niet dat Pampus zo’n eiland wordt waar je naartoe gaat en denkt: schattig hoe onze voorouders dat hebben opgelost. Ik wil dat wat in 1895 is bedacht een inspiratiebron is voor hoe het we nog steeds doen. Anders blijft het bij leuke weetjes.”

Dat is ook de gedachte achter de attractie die Pampus dit jaar heeft geopend in een van de reusachtige geschuts­koepels. Zogenaamd stappen we in een luchtballon vanwaaruit de Stelling van Amsterdam te zien is – en daarmee de bedoeling die Nederland in de negentiende eeuw had om zich bij een inval desnoods in de hoofdstad terug te trekken achter een linie van water. “Binnen de Stelling van Amsterdam was alles erop gericht dat er voorraden waren om het zo lang mogelijk uit te houden. Denk aan de graanvoorraad in de Silodam, de pakhuizen in de Sarphatistraat en een grote waterkelder onder het Museumplein.”

Nederland in het klein

Ook het 21ste-eeuwse Pampus moet woekeren met zijn voorraden. Op het eiland staat al een testopstelling met gerecyclede autoaccu’s die ervoor zorgen dat de diesel­generatoren minder hoeven te draaien. Uiteindelijk zullen een grote batterij en een slim energiesysteem moeten anticiperen op de pieken en dalen die wind- en zonne-energie nou eenmaal met zich meebrengen. Liefst al in 2022, als Almere de tuinbouwtentoonstelling Floriade ­organiseert, draait Pampus op duurzame energie. Maar hoe? Het nieuwe paviljoen dat het eiland de komende jaren wil bouwen zal energie besparen en ruimte geven aan zonnepanelen, maar dat is waarschijnlijk niet genoeg.

De overgang naar duurzame energie is nog een zoektocht. Drijvende zonne­panelen zijn een optie, maar of dat nou te rijmen is met de beschermde natuur van het IJmeer? Of wordt het toch windenergie? Net als voor de hele provincie is het voor Pampus de vraag of joekels van windturbines het open landschap verzieken. “We gaan hier ­natuurlijk niet zeven windmolens neerzetten.”

Wie overnacht op Pampus, krijgt veel van de geschiedenis van het eiland mee. Beeld Marc Driessen

Aan de andere kant: het fort draaide waarschijnlijk deels op windenergie. Er zijn geen foto’s van, maar in het bestek voor de bouw van het forteiland leest Van Nouhuys over een zogeheten Amerikaanse windmotor, die de slotgracht van het eiland droog moest houden. Dus wie weet. “We hoeven het niet weg te stoppen. We willen de bezoekers Pampus graag laten zien als microcasus van de overgang naar duurzame energie. Hier kunnen we in het klein de ­afwegingen laten zien die overal in Nederland spelen.”

Van Nouhuys gaat voor langs de vervallen ‘Vredesprivaten’, de toiletten voor wachtlopende soldaten langs de buitenrand van het fort. Alleen te gebruiken in vredestijd, vandaar de naam. Bij een belegering lagen de toiletten midden in het schootsveld. Pampus wil de toiletten graag in oude staat terugbrengen en ze in gebruik nemen voor de ruim vijftigduizend bezoekers die het eiland per jaar trekt.

Dineren en kamperen

Deze zomer zijn kampeerders op het eiland welkom (zie kader). Pampus heeft de laatste jaren veel evenementen bedacht die geld in het laatje brengen, van veelbezochte winter- en zomerdiners (zevenduizend couverts per jaar) tot een speciale editie van het Grachtenfestival en van een zwemronde om Pampus tot een vliegerfestijn. “Het is nog altijd geen vetpot. Je wordt niet rijk van een ­eiland.” Niet alle evenementen zijn een optie. De mogelijkheid van een dancefestival is overwogen, maar toch door­gestreept. Het past niet bij de duurzame weg die Pampus is ingeslagen.

Van Nouhuys ziet de evenementen als een vorm van crowdfunding. De zestig tot tachtig vrijwilligers kijken nog altijd met pijn in het hart terug op de crisisjaren, toen het eiland zelfs afscheid moest nemen van de populaire fortwachters. Maar Van Nouhuys denkt met het kamperen en de zomerdiners nieuw publiek te bereiken. “Ze komen dan misschien met de intentie om hier eten of te slapen, maar je geeft ze wel meteen het verhaal van Pampus mee: het unieke eiland in de Stelling van Amsterdam als ­zelfvoorzienend systeem. Ik wil niet alleen geld, ik wil ook een crowd.”

Overnachten

Om geld in het laatje te brengen voor de restauratie van de ‘Vredes­privaten’ biedt Pampus deze zomer de mogelijkheid om op het eiland te kamperen. Honderd kampeerders tegelijk krijgen die gelegenheid en zijn daarvoor 49,50 euro per persoon kwijt, inclusief de overtocht, de toegang tot het fort en een vegetarische barbe­cue. 

Het kan ook exclusie­ver: je kunt met zes personen het onbewoon­de eiland voor jezelf hebben, ­inclusief een royaal diner en een overnachting in een tent gemaakt van hergebruikte spijkerbroeken. Dan loopt de prijs op tot 379 euro voor 2 personen. De overnachtingen zijn te boeken via campspace.com/nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden