PlusReportage

Sfeer, lekker eten en een harde werker in Ganzenhoef: Kai Hing Li (80) staat nog dagelijks in de familietoko

In Toko Kai Hing komt sinds 1975 heel Ganzenhoef bij elkaar. Oprichter Kai Hing Li (80) staat nog elke dag tussen de schappen. Met zijn zoon Ramon, nu eigenaar, zag hij de wijk veranderen. ‘Het voelde op Ganzenhoef zoals in Suriname – als thuis.’

Eva Selderbeek
Kai Hing Li in Toko Kai Hing: ‘In China begon ik op mijn achtste met werken.’ Beeld Dingena Mol
Kai Hing Li in Toko Kai Hing: ‘In China begon ik op mijn achtste met werken.’Beeld Dingena Mol

“En, wat gaan we eten vandaag?” De vaste klanten van Toko Kai Hing begroeten elkaar grijnzend. Wie er voor het eerst komt, heeft misschien een gevoel van herkenning: tussen de schappen met specerijen, flessen Fernandes en porseleinen serviesgoed namen artiesten als Famke Louise en Bizzey hun videoclips op. Omdat de sfeer in de winkel hen zo aantrok, zegt eigenaar Ramon Li (44), die van achter in de winkel komt aanlopen. Onderweg wordt hij drie keer aangesproken. “Mag ik iets vragen?” “Jij altijd, schat,” antwoordt Ramon. Even een praatje, dat is waar veel klanten voor komen.

Ramon mag dan het aanspreekpunt zijn, kloppend hart van de zaak is nog altijd zijn vader. Kai Hing Li vult op zijn hurken een schap met plastic bakjes als Ramon hem roept. “Dit is dus mijn held,” zegt hij. Kai Hing Li lacht, maar lofbetuigingen zijn niet aan hem besteed. Dat hij op zijn tachtigste nog altijd dagelijks aan het werk is, vindt hij niet meer dan normaal. “In China begon ik op mijn achtste met werken.”

Kai Hing Li ontvluchtte zijn geboorteplaats Shenzhen uit angst voor het communisme, en zocht eerst in Hongkong en daarna in Suriname een thuisbasis. Vlak voor de Surinaamse onafhankelijkheid verliet het gezin Li opnieuw huis en haard om hun geluk te beproeven in Amsterdam-Zuidoost. De toko die ze in 1975 begonnen, werd de allereerste winkel in Ganzenhoef.

“In de Bijlmer voelde ik me meteen thuis,” vertelt Kai Hing Li. “Het voelde als Suriname.” Toko Omoe, het Surinaamse woord voor oom en de bijnaam van de toko én zijn oprichter, is een mengelmoes van culturen. Onder de Chinese draken en lampions aan het plafond gaan de lekkerste Surinaamse gerechten over de toonbank. Kai Hing Li roept iets in het Chinees naar Ramon, en schakelt vloeiend over op Surinaams voor een grapje tegen zijn klanten.

Heksenketel

Ramon – opgegroeid in de toko – zag langzamerhand de wijk veranderen. “Als kind zat ik op een witte school in Almere, waar wij de enige Chinezen waren. In het weekend kwam ik in de heksenketel van Ganzenhoef terecht. Dat was écht rauw. In de toko werd gevochten, er gingen bolletjes over tafel, soms kreeg iemand een schroevendraaier in zijn nek.”

Ook Kai Hing Li herinnert zich deze tijd goed. “Een keer heeft iemand geprobeerd me te overvallen. Die hebben we de straat uitgejaagd, drie man met messen erachteraan. Iedereen wist meteen: deze toko moet je met rust laten.” Niet zo gek dus, dat toenmalig koningin Beatrix langs de winkel liep tijdens haar bezoek aan de buurt. Kai Hing Li: “Ze wilde hier wel naar binnen, maar het mocht niet van haar beveiliging.”

Toch heeft hij zich zelf nooit onveilig gevoeld. “Je kunt alles oplossen door vriendelijk met mensen te praten. Als iemand hier iets stal, vroeg ik wat diegene nodig had. Ik heb in China zelf honger gekend, dus hongerige mensen konden van mij altijd een broodje, iets te drinken of een pak melkpoeder voor hun baby krijgen. Hier hoefde niemand te stelen.”

De wijk is niet meer hetzelfde, het rauwe is eraf. En ja, beaamt Ramon, dat is in veel gevallen beter voor de mensen. Maar niet per definitie voor de zaken; sommige buurtbewoners verloren hun, illegale, inkomstenbron. Ramon: “Buurtbewoners hebben minder te besteden of vertrekken uit de wijk. Gentrificatie is het gif dat oude wijken heeft veranderd, nu ook de Bijlmer. De mensen die hier wél komen wonen, doen boodschappen in de Albert Heijn aan de overkant.”

Everet Jamanica (54) komt al meer dan 25 jaar in de toko. “Voor die legend,” zegt hij over Kai Hing Li. Maar vooral om ‘een van de lekkerste broodjes van de wijk’ te halen. Broodjes zoutvlees en pikante kip, de gerechten waarmee de toko groot is geworden. Veel nieuwe bewoners van de wijk eten liever een vegetarisch broodje tofu, aldus Ramon. “Mijn oude klanten moeten elk dubbeltje omdraaien. Als er iets over is, komen ze hier een extraatje halen.” Winst draait de toko sinds corona nauwelijks meer. Dat geldt ook voor de andere tien toko’s in en rondom het winkelcentrum, zegt Ramon. “We proberen allemaal ons hoofd boven water te houden.”

Noord-Hollander in een Chinees jasje

Kai Hing Li gaat door met het vullen van de schappen. Steeds wordt hij aangesproken. Waar ligt de bakbanaan, wat kost de kokosmelk? Uit zijn handgeschreven prijskaartjes worden niet alle klanten wijs. Ramon: “Ik probeer hem niet eens meer te corrigeren op de spelfouten. Dan krijg ik ervan langs. Ik ben misschien eerste stuurman, mijn vader blijft de kapitein: een oude stuurse Noord-Hollander in een Chinees jasje.”

Kai Hing Li is nog lang niet van plan de zaak los te laten, hij houdt vast aan zijn routine. Toch zal de toko moeten veranderen, ziet Ramon. Het stadsbestuur moet ondernemers in Zuidoost helpen overeind te blijven, om die reden geeft hij als bestuurslid bij gebiedsorganisatie Zuidoost City de ondernemers een stem. “Ik hoop dat we de vrijheid krijgen om lokale producten aan te bieden, of van de toko meer een horecaplek te maken. We moeten het huiskamergevoel hier veel meer centraal stellen.”

Hoe houd je dit vast als omoe Kai Hing er straks niet meer is? Ramon: “Ik schaam me weleens als ik naar zijn werkethiek kijk, die man stopt nooit. Maar dat inspireert mij ook om door te gaan. Ik denk dat de toko staat voor het nieuwe Zuidoost, waar het oude gerespecteerd en gekoesterd wordt, én plek is voor nieuwe ontwikkelingen.”

Ramon zoekt naar een manier om zijn vaders gedachtegoed levend te houden. “Als Amsterdam straks 750 jaar bestaat, is de toko daar vijftig jaar onderdeel van. Dat lijkt mij een mooi moment om in mijn vaders naam iets op te richten. Dat kan een standbeeld of een foundation zijn, maar zijn naam moet hier blijven resoneren. Ook als ik het niet volhoud om de toko draaiende te houden.”

Dat zou een gemis zijn, zegt vaste klant Judith Andrade (53). Het voordeel van Toko Kai Hing is juist dat ze hier álles hebben. “Ik hoef niet naar vier winkels. Ik haal voor zeven euro al een lekker bakje eten, kan nog wat boodschappen meenemen en zelfs mijn haarproducten kopen.”

Voorlopig gaan Ramon en zijn vader gelukkig nog nergens heen. Rond lunchtijd stroomt de toko vol. “Sorry schat,” zegt Ramon tegen een dame die al even voor de kassa staat te wachten. Met een lach: “We zijn rommelig en niet perfect. Ik laat mijn klanten gewoon wachten als ik sta te praten. Ze vergeven ons gelukkig een hoop!”

De bestverkopende producten van Toko Kai Hing

- Tjauw-Min met Moksi Meti: een miegerecht met geroosterd vlees. Van oudsher een bestseller, zegt Ramon Li. “Een fusie van Kantonese, Surinaamse en Chinese invloeden.”

- Nasi Hongkong Style: deze witte nasi met twee vleessoorten is een van de signature dishes van Toko Kai Hing.

- Bananenchips, pejeh: koekjes van cassavemeel en pinda en brong brong: Surinaamse rijstkoekjes.

- Gemberbier van Blesi (vertaling: een zegen): een familie uit Zuidoost maakt dit gemberbier.

- Bharos pindakaas en sambal: een klein familiebedrijf in Suriname maakt dit al drie generaties.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden