PlusOuder & kind

Serge over dochter Beitske: ‘Ze stelt mijn geduld regelmatig op de proef’

Toen Serge op vijftigjarige leeftijd vader zou worden, was hij weleens onzeker over hoe dat zou uitpakken. Inmiddels is hij dol op zijn ondeugende dochter. ‘Er is niemand op de wereld met wie ik zo kan stikken van het lachen.’

Serge en Beitske. Beeld Harmen de Jong
Serge en Beitske.Beeld Harmen de Jong

Serge Verheugen (57):

“Ik wist altijd al dat ik vader wilde worden, maar het kwam er lang niet van. Toen ik alsnog vader werd, waren de kinderen van vrienden aan het afstuderen of promoveren, ­sommigen werden zelfs al ouders.

Natuurlijk was ik ook weleens onzeker over hoe het vaderschap zou uitpakken op mijn leeftijd. Mijn vrienden maakten er een keer grappen over tegen een serveerster in een ­restaurant: vond ze mij niet een veel te ouwe lul om nog vader te worden? Het meisje vertelde toen dat zij en haar vader vijftig jaar schelen, net als Beitske en ik dus, en dat het niets ­uitmaakt omdat ze een geweldige band met hem had. Het was alsof de kosmos iemand langsstuurde om te ­vertellen dat het goed was.

De eerste keer dat ik Beitske zag, was tijdens de hartjesecho, op de dag van mijn vijftigste verjaardag. ­Meteen na de bevalling tekende ik in het ziekenhuis het geboortekaartje: een meisje met een dikke, zwarte bos haar, zoals de Stampertjes uit Pluk van de Petteflet, met afdrukken van verfhandjes om haar heen. Al veertig jaar maak ik elke dag een tekening, ik heb ook al heel veel tekeningen van Beitske gemaakt.

Ze heeft een sterke eigen wil en stelt mijn geduld regelmatig op de proef. Ik denk dat het de bijvangst is van laat vader worden dat dit me nauwelijks moeite kost; er moet heel veel gebeuren voordat ik uit mijn slof schiet.

Er is niemand op de wereld met wie ik zo kan stikken van het lachen als met Beitske. Veel gesprekken gaan tegenwoordig vooral over serieuze zaken – politiek, werk en corona – maar met Beitske wordt er elke dag gelachen. Ook van de dingen die ze vervelend vindt, zoals douchen, maken we iets leuks. Als ze er eenmaal onder staat zingt ze luidkeels liedjes in zelfverzonnen Engels. Beitske is heel ondeugend, ik houd haar daarin niet tegen. Ik moet alleen maar heel hard lachen als ik een leeg ijsstokje in de vriezer vind.

Als ze bij mij voorop de fiets zit, praten we veel en hebben we het over van alles. Ik vind het belangrijk om dingen met haar te bespreken en te overleggen, ik neem haar serieus. Als ik fouten maak, dan corrigeer ik die. Ik leg uit wat er gebeurde en maak excuses indien nodig. Ik wil Beitske zo bijbrengen dat dat goed is om te doen, dat wij en de wereld daarvan groeien.”

Beitske Verheugen (6):

“Papa maakt altijd grapjes, we lachen heel veel samen. Soms tover ik hem om tot de ‘Deftige dame’, die praat heel anders dan papa. Ik vertel dan allemaal dingen die ik niet aan papa zou vertellen, over alles wat ik heb gedaan die dag.

Papa is kunstenaar en mama werkt met boeken, ik vind dat ik daarmee geluk heb; ik houd van tekenen en van verhalen schrijven. Ik heb mijn eigen boek om in te tekenen, ik teken het liefst vormen. Toen ik nog niet echt kon schrijven, maakte ik een recept voor Beitske Soep. Je ziet geen letters op het papier, maar ik weet zelf precies wat er staat. Ik maak de soep altijd samen met papa.

Een keer per week mag ik een ijsje, en dat is op ‘Vrijsdag’. De nieuwste roze Magnum vind ik het allerlekkerst. Ik wil altijd kijken naar Drakenjagers, maar dat mag niet van papa, hij noemt het boze filmpjes en denkt dat ik door die filmpjes óók boos wordt, maar dat is dus echt niet waar. Hij heeft liever dat ik naar leerzame filmpjes kijk, zoals de The Magic School Bus. Ik vind het leuk dat ik altijd heel veel met papa kan spelen, dan ben ik een ninja en is hij een cheeta of een mug, en dan stoeien we. Boven mijn bed bouwde hij een soort rek, waarin ik kan slingeren.

Ik word weleens heel boos, dan ga ik gillen en knijp ik heel hard in mijn handen. Ik heb nu met papa afgesproken dat als ik weer driftig word, ik heel hard in papa’s hand mag knijpen. En wanneer hij niet in de buurt is, moet ik tot tien tellen. En als dat niet helpt, tel ik nog een keer tot tien. Dat werkt gelukkig, want het is ­helemaal niet fijn om me zo boos te voelen.

Mijn lievelingsknuffel is konijn, ik heb er wel zes – voor als er eentje kwijtraakt. Ze zijn allemaal hetzelfde, maar toch zie ik verschil. Vroeger had ik een speen, maar daar moest ik mee stoppen, toen ben ik gaan duimen. Papa en mama duimden vroeger ook allebei, papa vertelde dat hij gewoon in de klas duimde.

Sinds dit schooljaar zit ik op een nieuwe school, maar op de nieuwe school is het gelukkig ook leuk, en ik heb al vijf nieuwe vrienden gemaakt.”

Serge Verheugen (57), artistic designer
Beitske Verheugen (6), groep 3 van de 5e Montessorischool

Beitske woont de helft van de tijd met Serge in een huurhuis in Oost en de andere helft met haar moeder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden