PlusAchtergrond

Schuilen op stand: onderduiken voor de Duitsers in ‘leeg’ Paleis op de Dam

In de Tweede Wereldoorlog hielden onderduikers zich schuil in het Koninklijk Paleis, terwijl de Duitse Wehrmacht haar intrek nam in hotel Krasnapolsky. Op 5 mei worden op vijf locaties op de Dam verhalen uit de oorlog verteld, waaronder dat van Ben Portegies Zwart, die zat ondergedoken in het Paleis.

Hanneloes Pen
In oorlogstijd waren de Duitsers alomtegenwoordig op de Dam. Op deze foto: parade 
van de Nationale Jeugdstorm (NJS) op het plein, gezien naar de ingang van de Paleisstraat.  Beeld Stadsarchief
In oorlogstijd waren de Duitsers alomtegenwoordig op de Dam. Op deze foto: parade van de Nationale Jeugdstorm (NJS) op het plein, gezien naar de ingang van de Paleisstraat.Beeld Stadsarchief

Ben Portegies Zwart (1916-2003), Kattenburger van ­geboorte, was een felle communist. Hij was werkzaam op de scheepsreparatieafdeling bij de Amsterdamse Droogbak Maatschappij (ADM) in Noord en in de oorlog vader van twee kinderen van drie en vier jaar oud. Toen hij op weg naar zijn werk in 1942 op de pont werd gevraagd werk te doen voor het verzet, zei hij volmondig ja.

“Hij was in dienst opgeleid tot marconist, was zeer ­principieel en had een enorm rechtvaardigheidsgevoel. Hij vond discriminatie verschrikkelijk en was voor gelijkheid van alle mensen,” vertelt zijn dochter Annemieke Kamo­schinski-Portegies Zwart (72).

Hij werd gevraagd om informatie over de militaire in­stal-laties door te seinen naar Rusland. Het verzoek was afkomstig van de groep van verzetsman Daan Goulooze. Portegies Zwart ontving de informatie die hij moest ­seinen van een koerierster.

“Daarnaast ontving hij informatie vanuit Rusland zelf. Hij kon deze berichten zelf niet decoderen, maar schreef de codes op dunne velletjes en verstopte die papiertjes in een zaklamp. In het Vondelpark overhandigde hij de zaklamp weer aan de koerierster,” vertelt zijn dochter.

Sicherheitsdienst

De zender waarvan hij gebruikmaakte, ging van woning naar woning. “Het was voor hem zeer beangstigend. Hij moest buiten spertijd de straat op, omdat hij vooral in de avonduren berichten doorseinde. De Duitsers reden ­bovendien met radiopeilwagens rond om zenders te ­traceren.”

Zijn vrouw vertelde hij nooit iets over zijn verzetswerk, zegt Annemieke. Haar vader hield het bijna een jaar vol, tot hij in juni 1943 werd verraden. “De bovenbuurman belde naar de ADM om te vertellen dat de Sicherheitsdienst bij hem voor de deur stond. Met een directiebootje ging mijn vader terug naar de overkant, omdat hij de pont niet meer durfde te nemen. Hij ging naar het huis van zijn oudste zus, waar hij van Goulooze hoorde dat de groep was ­opgerold en dat hij moest onderduiken.” De partij regelde daarop onderduikadressen voor hem in Friesland.

Zijn vrouw werd direct opgepakt en naar de Euterpe­straat gebracht, waar ze zo’n zes tot zeven weken gevangen zat en werd verhoord. Portegies Zwart had zijn vrouw nooit iets verteld over zijn werkzaamheden. “Ze kon de SD geen informatie geven. Die ging daarop naar ons huis om de zender te zoeken.”

‘Veel te koud’

Portegies Zwart verbleef twee jaar lang op zo’n dertig verschillende onderduikadressen. Soms keerde hij even terug naar Amsterdam. “Hij wisselde vaak van adres. Als hij de zaak even niet vertrouwde, was hij weer weg.”

Zijn opzienbarendste onderduikadres was het Koninklijk Paleis op de Dam, waar opzichter Adriaan Perfors (1909-1987) de scepter zwaaide. Perfors werkte al als elektricien in het Paleis. Toen er een nieuwe opzichter werd gezocht, solliciteerden meerdere hoge militairen en commissarissen van politie, maar men zocht liever iemand die overweg kon met de gecompliceerde elektrische installatie en de verwarmingsinstallatie. Vanwege de dikke buiten­muren was het in het Paleis altijd erg koud. Perfors ging er in 1939 als opzichter aan de slag.

Tot lang na de oorlog dacht men dat het Koninklijk ­Paleis, een van de weinige grote gebouwen in de stad die tijdens de oorlog niet waren bezet, leeg had gestaan. Niets bleek minder waar. In de oorlog stond Perfors zijn mannetje. Hij bracht schilderijen uit het Paleis in veiligheid, ­verstopte kostbaarheden achter een gemetselde muur, verborg er communicatieapparatuur en hield belang­stellende Duitsers die er hun intrek wilden nemen, onder wie de Duitse luchtmacht, buiten de deur met het verhaal dat het veel te koud was in het gebouw.

Ben Portegies Zwart. Beeld privéarchief
Ben Portegies Zwart.Beeld privéarchief

Ook verschafte Perfors onderdak aan diverse ­onderduikers. Behalve Portegies Zwart zat er ook een Joodse arts, Leo van Lier (1913-1980), onder­gedoken – met zijn bouvier – en een aantal jongens die de Arbeitseinsatz wilden ontlopen.

Memoires

Portegies de Zwart kwam er in 1943 en maakte er Kerstmis mee. In zijn latere memoires, die hij na de oorlog op advies van een psychiater had opgeschreven, vertelde hij: ‘Ik heb mij nergens veiliger gevoeld dan daar, mede door de rustige houding van Adriaan en Truus (zijn vrouw, red.).’

En: ‘Het voetbalspel werd vaak tevoorschijn gehaald en met enig lawaai werd er dan wel gespeeld en door vals spel van anderen verloor ik dan wel eens. Fijn vond ik het ook om met hem (Perfors, red.) rond te lopen in de diverse ­zalen en kamers van het Paleis. Wij zijn zelfs wel boven op het dak van dit gebouw met zijn hele dikke muren ­geweest.’

Over Van Lier: ‘Als er onraad was, liepen we samen naar de kelder.’

In zijn memoires beschrijft hij ook hoe hij tijdens zijn ­onderduik in Amsterdam zijn kinderen een aantal keren vanaf een afstandje heeft gadegeslagen, toen die voor zijn huis aan het spelen waren. ‘Wat ik een paar keer heb gedaan, is dat ik goed vermomd met een bril en een pet op door de Reinaert de Vosstraat langs de Gloriantstraat ben gereden. Ik heb de kinderen dan zien spelen (…) Het viel dan heus niet mee om niet even met de fiets te blijven staan, laat staan hen aan te spreken.’

Uiteindelijk voelde hij zich ook in het Paleis niet veilig meer. Na een korte tijd besloot hij weer weg te gaan. Hij heeft uiteindelijk tot het einde van de oorlog onder­­gedoken gezeten.

Compliment Wilhelmina

Na de oorlog sprak Portegies Zwart niet over zijn ervaringen. Dochter Annemieke: “In de oorlog was alles geheimzinnig, maar na de oorlog ook – en zeker ten tijde van de Koude Oorlog. Als wij mijn vader er iets over vroegen, vertelde hij weinig tot niets. En als hij iets zei, dan deed hij dat in weinig bewoordingen en emotieloos.”

Na zijn dood vonden zijn kinderen in de box van het ­appartement welgeteld 986 kleine multomapblaadjes, volgeschreven met zijn memoires. Het waren aantekeningen over onder meer de oorlogsjaren, die hij op advies van de psychiater had geschreven.

De Dam tijdens de Duitse bezetting: het woord ‘Stop’ op verkeersborden was vervangen door ‘Halt’.  Beeld Stadsarchief
De Dam tijdens de Duitse bezetting: het woord ‘Stop’ op verkeersborden was vervangen door ‘Halt’.Beeld Stadsarchief

“Hij was na de bevrijding weer bij de ADM gaan werken, maar week voor het bedrijf in 1947 uit naar Zuid-Afrika. Een jaar later was hij weer terug. Hij was erg rusteloos, had een kort lontje en was zeer voorzichtig in het geven van ­informatie over anderen. In de jaren zestig stuurde de huisarts hem naar een psychiater, omdat het niet meer ging,” zegt zijn dochter.

Zijn memoires zijn in 2008 in boekvorm verschenen: Van jongen tot grootvader. Een zandkorreltje in de geschiedenis van de mens.

Portegies Zwart is Perfors altijd dankbaar gebleven dat hij zijn nek voor hem had uitgestoken. In zijn boek memoreert hij: ‘Toen Wilhelmina en prins Bernhard de eerste keer na de oorlog weer in het Paleis waren, werd Adriaan bij haar geroepen en kreeg hij een groot compliment van haar voor alles wat hij gedaan had. Zij wist overal van.’

Annemieke Kamoschinski-Portegies Zwart vertelt donderdag om 12 uur het verhaal van haar vader.

Willemijn Perfors, die in 1945 in het Paleis ter wereld kwam, vertelt om 12 en 14 uur het verhaal van haar vader Adriaan Perfors.

Kaarten reserveren: paleisamsterdam.nl

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden