Plus Achtergrond

Rouwen om een gestorven huisdier is niet langer taboe

In het Nederlands Uitvaart Museum Tot Zover is de expositie De Laatste Aai te zien. ‘Rouwen om een huisdier is niet langer taboe.’

Liefde is: haar omringen met bloemen, Simone Henken (2016). Beeld Simone Henken

In de vensterbank ligt een hondenriem. Zo een met uitrolbare lijn en een stevig handvat. De slijtage is zichtbaar in het diffuse licht dat door de vitrage valt. Ze verraadt veelvuldig gebruik, over een lange periode wellicht, maar nu ligt die riem er maar te liggen. De logische conclusie: de hond die lang aan de andere kant van de lijn heeft gelopen, is er niet meer, maar de riem, díe blijft.

Het is een sober stilleven van fotograaf Satijn Panyigay, gemaakt in opdracht van Nederlands Uitvaart Museum Tot Zover, dat een expositie wijdt aan het verlies van dieren. “Tegenwoordig zijn huisdieren steeds meer gezinslid. Rouwen om een gestorven huisdier is niet langer taboe,” zegt Laura Cramwinckel, curator van de tentoonstelling.

Ik ruik hem nog steeds, Satijn Panyigay (2019). Beeld SatijnPanyigay

Maanden werkte ze aan De Laatste Aai. Het werd een visuele analyse over de dood van geliefde huisdieren en alle gebruiken daaromheen.

Er hangen ontroerende portretten van stervende en ­gestorven maatjes, gecombineerd met uitdagende werken die bij de relatie tussen mens en beest en tussen baas en huisdier een vraagteken zetten. Bekendst is wellicht de bonttas van kunstenares Tinkebell, die ze in 2004 maakte van de door haar zelf gevilde huis­kater. Met de tas zorgde ze ­wereldwijd voor opschudding.

Volgens Cramwinckel was de tijd rijp voor deze tentoonstelling. “De laatste twintig jaar heeft Nederland er niet ­alleen dertig dierencrematoria bij gekregen, maar ook ­negentien dierenbegraafplaatsen. Het verdriet wordt nog wel ondermijnd door de omgeving, maar de wijze van ­afscheid nemen van huisdieren lijkt steeds meer op een menselijk vaarwel.”

Dat sentiment komt terug in de foto’s van ‘nabestaanden’: baasjes die hun dieren niet helemaal willen loslaten, kaarsjes branden, tien urnen op de kast hebben staan of zelfs hun lieveling laten opzetten. Cramwinckel: “Oké, dát doe je dan weer net niet met je oma”.

Oog in oog, Tineke Schuurmans (2016). Beeld Tineke Schuurmans

Onverschilligheid

Tot Zover legt met de expositie nadruk op onze ambivalente houding tegenover dierenwelzijn en legt de vinger op de zere plek: er is een groot gat tussen de liefde voor een dier dat we ‘kennen’ en de ­onverschilligheid rondom anonieme beesten, in bijvoorbeeld de vleesindustrie.

Voor een serie foto’s van slachtvarkens bezocht fotograaf Tineke Schuurmans maandenlang een varkensboer in Deurne. Ze zoomde er in op de tientallen neergeslagen ogen. Triest en gesluierd door blonde wimpers, ­lopen de haast menselijke varkensogen over van emotie. Aan de museumbezoeker om te filosoferen over welke emotie dat zou moeten zijn.

Naast de foto’s van de varkens – ervan gescheiden door niet meer dan een glazen deur – portretten van een stervende hond die met de ­onvoorwaardelijke liefde van een baasje wordt overladen.

At Rest, Emma Kisiel (2011-2014). Beeld emma-kisiel

De expositie confronteert zo voorzichtig. Waarom krijgt een brave labrador een aai over de bol, maar slaan we zonder morren een bromvlieg dood? En waarom betalen we graag een paar tientjes om varkens te knuffelen in Amstelveen, maar leggen we dezelfde week afgeprijsde speklappen op de barbecue?

Alle vragen zorgen in Tot Zover voor licht ongemak, een gevoel dat het museum met open armen verwelkomt. Cramwinckel: “Juist daar willen we niet aan voorbijlopen. Je mag hier stilstaan bij verdriet én tragiek. Ook als dat om een dier gaat.”

Afscheid Skyla, Christel Mitchell (2014). Beeld christel_mitchell

De Laatste Aai, t/m 19 januari 2020, Tot Zover, Kruislaan 124

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden