PlusAchtergrond

Rode broek, brogues? De mode in het Gooi is nonchalanter geworden

De rode mannenbroek is er uitstervende, maar in het Gooi speelt mode nog altijd een belangrijke rol. Fiona Hering ging op pad en zag hybride schoenen, sportleggings die vacuümzuigen en voormalig Amsterdammers in ingetogen aardetinten.

Beeld Wollaert Carly

Rode broeken en degelijke katoenen wax-jassen van Barbour turven met een vork: met dat idee gingen we naar Laren, het summum van het Gooi. Gezellige dorpskern, fijne terrassen waar het zien en gezien worden is. “Een tikkeltje Forte dei Marmi, qua flaneren met schwung,” zegt José Boomgaard (55). Zij is eigenaar van sieradenwinkel Imitch, al 35 jaar een begrip in ’t Gooi. “Iedereen wordt hier blij, want je bent nooit te dik of te dun voor een ketting of oorbel.”

Vaste klant Pauline Bisschop van ­Tuinen-Wingelaar (34) komt er vaak voor een statementoorbel. “Ik gooi graag het accent op gekke schoenen en grote oorbellen om de aandacht van mijn taille af te leiden, want ik krijg standaard de vraag of ik zwanger ben.”

Sint in een Ferrari

Officieel is Wingelaar, zoals ze zich noemt, een echt ‘Goois meisje’: ze deed diverse malen mee aan varianten van het gelijknamige tv-programma. Geboren in Hilversum, op school gezeten in Laren. Ze woonde een aantal jaren in Amsterdam Oud-Zuid, maar echtgenoot ­Harmen (47) verdomde het om nog langer ‘de hoofdprijs voor een postzegel’ te betalen terwijl hij in Naarden-Vesting nog een ‘heel leuk huisje’ had. Tegenwoordig werkt Wingelaar, ongetwijfeld een van de nuchterste vrouwen uit het Gooi, vanuit huis in de ­Vesting als online content creator. Een heuse manager leidt alle aanvragen voor samenwerkingen in de juiste banen.

Nou, vertel het maar, welke mode is hip in Naarden? Op het schoolplein ziet ze veel ‘degelijke, klassieke merken’, zoals Mulberrytassen, Burberryjassen en schoenen van Tod’s. “Ik heb zelf ook Tod’s met de bekende nopjeszool, maar wel in Hermès­­oranje om een beetje jong te blijven. Walgelijk dat ik het woord gebruik, maar je hebt de nouveau riche én de Gooise kak. De eersten haal je er zo tussenuit. Dat zijn poppetjes met veel make-up, opgespoten lippen en een Chaneltas, een beetje de Cheryl Morero’s. De authentieke Gooise vrouw is wat klassieker.”

Bussum en Naarden zijn truttiger en degelijker dan Laren en Blaricum, weet ze. Ook op scholen is dat verschil te merken. “Sinterklaas komt in Laren rustig in een Ferrari aanrijden, terwijl hij hier – gelukkig – op een trekker komt en in Blaricum te paard. Heel degelijk. Hoewel, voorheen zaten Reinier en Diederik, nu 5 en 3, op een kinderdagverblijf in Bussum. Bij de deur stond een bord met daarop het dagmenu: iets in de trant van een Mediterraanse visschotel.”

Raskakker

’s Ochtends gaat Wingelaar ‘heel Goois’ voor praktisch nonchalant: een joggingbroek met T-shirt en Toralgympen. “De tijd van Uggs is geweest. Als het bloody hot is, draag ik Havaianas en een zo wijd mogelijk jurkje of kort broekje met T-shirt. Als ik bruin ben, vind ik dat ik nog zonder make-up kan. Een Chaneltas? Nee zeg, wás het maar zo’n feest, ik moet het met een Mulberrry doen. Geintje; ik ben er enorm blij mee. Gekregen van Harmen toen ik dertig werd. Ik zei wel plagend: in het ­vervolg nog een beetje doorsparen, hè!”

Het is in Naarden toch een beetje ‘doe maar gewoon’, zegt Wingelaar. “In Laren is dat echt anders. Daar staan vrouwen vaak ’s ochtends al met geföhnde haren op het schoolplein. Allemaal leuk en aardig, maar ik ga mijn wekker niet om vijf uur zetten.”

Pauline Bisschop van Tuinen-Wingelaar met zoons Reinier (l) en Diederik. ‘Laatst heb ik zo’n Thais vissersbroekje bij de jongens geprobeerd, maar dat zag er niet uit. Ik heb gewoon überkakkers.’Beeld Wollaert Carly

Pumps draagt ze alleen nog als ze een zitavond heeft. “Geef mij voor een avondje uit maar gezellige, tikkeltje gekke schoenen, enkellaarsjes in goud of panterprint bijvoorbeeld. In goed kakkersjargon: kek.”

Echtgenoot Harmen, makelaar en in het vastgoed, is volgens zijn vrouw ‘een raskakker’. “Zó klassiek. Er zit niks hips bij, al wil hij dat wel graag. Maar hij wordt armoedig in T-shirts met een v-hals. In een polo of linnen overhemd is hij zoveel aantrekkelijker. Tegenwoordig draagt Harmen gekleurde bermuda’s van Mr Marvis, matchend met die van de kinderen.”

Naar zijn werk draagt Wingelaars echtgenoot, geboren in het Gooi, standaard een nette lichtgrijze spijkerbroek, een wit overhemd en een jasje. “Als het kouder wordt, gaat er een trui met v-hals overheen. Sinds kort heeft hij ze ook in het oranje, roze en paasgeel en heeft hij een Ollie B. Bommel-achtig ruitjasje van Giordano. Zijn Dieselspijkerbroeken haalt hij bij de Broektiek in Bussum. En Harmen heeft een zwak voor zwembroeken van Sundek, de kids móéten ze ook.”

Wat dragen de kinderen verder zoal? “Rein heeft een heel wijs regenjasje in legergroen van Scotch & Soda, leuk met gympen of Bersteinlaarsjes eronder. Ik doe de kragen van de Ralph Lauren- of Tommy Hilfigerpolo’s van de jongens omhoog. Een heel leuke, zelfbedachte stijl in combinatie met de capuchontrui. Laatst heb ik zo’n Thais vissersbroekje bij de jongens geprobeerd, maar dat zag er niet uit. Ik heb gewoon echt überkakkers.”

Vijftigers op gympen

“De heren in het Gooi zijn altijd liefhebber geweest van brogues, maar de voorkeur ligt nu bij de gespschoen,” zegt Richard Hein (52), storemanager van schoenenwinkel Reinhard Frans in het centrum van Laren, waar handgemaakte schoenen worden verkocht. “De dubbele gesp doet het goed bij de wat jongere professionals, die ze soms ook openlaten. Sprezzatura, Italiaanse nonchalance naar voorbeeld van wijlen Fiatbaas Gianni Agnelli. Een designoverhemd met opengelaten manchetknoopjes, een mooie slank gesneden chino en loafers erbij. Maar natuurlijk zie je hier ook vijftigers op peperdure gympen, alle kleding net iets te strak.”

Richard Hein van schoenenwinkel Reinhard Frans: ‘De dubbele gesp doet het goed bij de wat jongere professionals.’Beeld Wollaert Carly

De oudere generatie kiest volgens Hein nog steeds voor bruin en bordeaux, en ook nog wel voor de rode broek of olijfkleurige corduroy broek. De loafers van Car Shoe zijn een begrip, met de kenmerkende balletjes onder de zool. Liefst zonder sokken, en in de winter met effen oranje exemplaren van kasjmier, tot midden op de kuit. “Ik verkoop ook kousen, die zijn geliefd bij de Jort Kelder-wannabe’s.”

Veel tieners dragen een slimfitjeans met T-shirt, dure sneakers of suède Clarks. Geen jasje, ook niet vaak een polo. En twee polo’s over elkaar, dat is al helemáál geweest, zegt Hein. Dat wordt bevestigd door een zelfbenoemde jonge kakker, die nu in Amsterdam studeert en anoniem wil blijven. “Door diverse uit de hand gelopen incidenten bij studentenverenigingen willen jonge kakkers niet meer geassocieerd worden met de cliché-kakkerlook. Dus geen polo’s of dure overhemden met nette schoenen in de studiebanken. Als er privé toch een overhemd of polo wordt gedragen, dan is ie van Ralph Lauren of Tommy Hilfiger, maar daar kan gewoon een leren jas of jack van The North Face overheen.”

Comfort is leidend – aan de voeten dan ook louter sneakers of Clarks met jolige Happy Socks. “Een roze trui over de schouders? Nee, dat kan al vijftien jaar niet meer. Eigenlijk zijn studerende kakkers net gewone mensen. Alleen nog te herkennen aan het ietwat lange, nonchalante haar, de zegelring uiteraard, en de Rolex. Die krijgt de doorsnee kakker standaard voor zijn achttiende verjaardag.”

De kekke kleurtjes van de echte Gooise kak krijgen tegenwoordig concurrentie van de import-Amsterdammers. Grofweg zijn de mannen in vier groepen in te delen. Traditioneel Goois gaat voor Harris Tweed en de corduroy broek, jongere Gooise kak voor Mr Marvis-bermuda’s, Car Shoes en kekke kleurtjes, tieners dragen sportief met designsneakers, en import-Amsterdams meer casual Italiaans in aardetinten.

Amsterdamse invasie

Martijn Lusink (41), algemeen directeur van Oger in de P.C. Hooftstraat, krijgt al jaren klanten uit het Gooi over de vloer.

En dan vooral de jongere Gooise man, benadrukt hij. “Want wij zijn iets te modieus voor de oudere Gooise man, die wat meer Engels georiënteerd is. Denk colberts van Harris Tweed die zo stijf zijn dat je ze in de hoek op de grond kunt zetten.”

Maar, zegt Lusink, er is de laatste tijd in het Gooi een invasie van jonge ondernemers die hun huis in Amsterdam goed verkocht hebben. “Deze jongens kopen graag Italiaans en kleden zich doordeweeks luxe casual in Piet Boon-kleurtjes: olijfgroen, mooie beigetinten, taupe. Weinig pakken, maar een slanke chino in krijtkleur ­gecombineerd met een zeer dun wollen coltruitje. Daar verkopen we ons scheel aan. Santoni’s of Hogans erbij. Als de hele look klassiek is, kiezen ze ook weleens voor designersneakers.”

In het weekend draagt de nu Gooise Amsterdammer graag stukgeverfde en afgewassen truitjes en shirts. Vaak gedragen op een beetje versleten Jacob Cohen-spijkerbroek van tussen de 300 en 550 euro. “Het is een van de meest gedragen broeken van het Gooi,” zegt Lusink. “Kwaliteit, veel stretch, mooie slanke fit. En daar dan een hybride schoen bij – een vreselijke naam, maar dat is iets tussen een sneaker en nette schoen in. Suède loafers van Loro Piana. Het ‘open walk’-model willen ze allemaal hebben. Weekendjassen? Veelal Herno of Woolrich.”

Sportlegging

De opgedofte dagjesmensen die Laren met name op zaterdag bezoeken – man en vrouw vaak matchend, desnoods de kinderen ook – pik je er zo uit. De bewoners lopen namelijk tot twee uur ’s middags in sportieve kleding. Dat sportkleding­cultuurtje is er volgens Bo Wilkes (34), moeder van Boyd, Julie en Loulou, 5 jaar tot 10 maanden, ingeslopen met de komst van de vele Amsterdammers in het Gooi. “De oudere vrouwelijke garde zie je nog wel in Purdeystijl, dat was vroeger een winkel hier: kokerrok tot net boven de knie, tweedjasje erop en een wat grove laars erbij. Maar de jonge garde is niet zo kak. Wel verzorgd, maar niet bezig met de ­allerlaatste trends. Een beetje casual chic, ­lekker vale jeans met daarop een mooie blouse, leren jasje, kort cowboylaarsje erbij, in de zomer Hermèsachtig slippertjes. Het moet vooral een beetje Amsterdams ogen.”

Bo Wilkes: ‘Als je je in zo’n broek van Deblon hijst, voel je je zó slank.’ Beeld Wollaert Carly

Wilkes brengt de kinderen vaak in een sportlegging naar school. “Een luxe, retoucherend broekje van Deblon, dat je helemaal slim trekt. Als je je erin hijst, hoef je niet meer te sporten. Dan voel je je zó slank.” Op het schoolplein pik je degenen die gaan werken er zo uit, zegt Wilkes. “De sportieve rest draagt mooie broekjes en sportschoentjes met een oversized trui of vest tot de knie. Het haar moet natuurlijk wel helemaal fantastisch zitten: een mooi gekrulde paardenstaart. Het idee erachter? Kijk wat een lekker kloffie ik aanheb, maar mijn make-up zit top! Bij mij schiet dat er vaak bij in. Mijn zoon heeft een nette zijscheiding, de haartjes van mijn dochters zijn keurig gevlochten, ik loop erachter met een make-uploze toet.” Nou ja, lopen? Wilkes brengt de kinderen naar school op een elektrische bakfiets van Urban Arrow. “Die gaan hier als warme broodjes over de toonbank.”

Zoon Boyd draagt vaak Ralph Laurenpolo’s of truien met een stoere spijkerbroek en gympen of Car Shoes. “Toen hij 3 was, had hij al lichtblauwe loafers van Tod’s, 180 euro. Ik had ze aan het einde van het seizoen gekocht, dus hij heeft ze maar een paar keer kunnen dragen. Doodzonde.”

Preppy stijltje

Miloe van Maarseveen de Roode (37) uit Blaricum heeft net een duurzaam kinderkledingmerk opgezet: LeMoi, met alleen linnen items in aarde­tinten. Ze studeerde aan het Amsterdam Fashion Institute (Amfi), is moeder van Bruun (2), Philly (4) en Pomme (5) en woont sinds drie jaar in Blaricum. “Ook ik kende alle vooroordelen, maar het viel alleszins mee. Gooise kledingcodes? Welnee, we zijn tegenwoordig behoorlijk nonchalant Amsterdams.”

Miloe van Maarseveen de Roode: ‘Ik ben nogal rommelig, meestal heb ik een halve messy bun op mijn hoofd.’Beeld Wollaert Carly

Haar kledingstijl heeft ze niet aangepast aan het Gooi; ze mixt nog steeds designermerken als Isabel Marant met Zara. “Wijde korte jurkjes in aardetinten met stoere cowboylaarzen, een strakke riem, oversized jas of sweater – dat preppy stijltje van Marant.”

In het beeld van de vrouw met geföhn­de haren op het schoolplein herkent ze zichzelf niet. “Ik ben nogal rommelig, meestal heb ik een halve messy bun op mijn hoofd.” Ook zij fietst op een Urban Arrow. “Daarmee is het zalig manoeuvreren door smalle straatjes. Ik moet wel hè, met drie kinderen en een hond. Maar eerlijk: als ik alleen een hond had, nam ik ’m ook.”

De Rode broek

“Geen idee waar dat ding vandaan komt,” zegt Spike Spijker van modeplatform Dress Like a Man op de Modefabriek over de rode broek. Hij heeft er wel een theorie over: ‘De dragers van dat soort opvallende broeken hebben hun schaapjes op het droge en daardoor ruimte in het hoofd om ‘iets geks’ aan te trekken. De gemiddelde Nederlandse man komt op vakantie vaak ook ineens met een felgekleurde zwembroek voor de dag. Mannen die er het hele jaar door warmpjes bij zitten, hebben waarschijnlijk altijd die vakantie­vibe. Ik mag er graag naar kijken, maar verbaas me erover dat broek en shirt vaak net niet matchen. Ze trekken rustig een rode broek aan met een rode polo die iets meer naar roze nijgt. Een tikkeltje verweerd en met een sjofel effect, net als oude Engelse excentrieke adel. Combinaties die een beetje schuren.”

Die excentriciteit bevestigt ook Madelief Hohé, conservator mode van Kunstmuseum Den Haag. “De rode broek – wij hebben er ook een in de collectie - heeft geen duidelijke oorsprong, maar verwijst naar vrijetijdskleding. Dat je als man kleur aan je garderobe durft toe te voegen, is een tikkeltje bohemien. Denk ook aan de paarse sok. Revolte in het Gooi: kijk mij eens lekker anders zijn. Begin 19de eeuw verdween de kleur uit de mannengarderobe, maar niet in de sportwereld en het leger. Daar moesten mannen juist zichtbaar zijn, om de ­tegenstander te imponeren. Heel onhandig in het leger, want je werd er een schietschijf mee. Tot de Eerste Wereldoorlog, toen het Britse leger ineens in camouflerend kaki verscheen.”

De geruite broek die in het Gooi wordt gedragen komt uit de sportwereld en de corduroy broek – een oerdegelijke stof – is van oudsher werkmanskleding, zegt Hohé. Museum ­Rotterdam bezit het corduroy pak van voormalig burgemeester André van der Louw uit de jaren zeventig. Je vindt corduroy ook in de paardensport en vrijetijdskleding.

Al deze kledingstukken geven van oudsher aan dat ­iemand vrije tijd had en geld om sport en hobby’s te ­beoefenen. Eind 19de eeuw werd dat een statussymbool: de nieuwe vrijetijdsbeleving van de rijke jeugd.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden