PlusAchtergrond

Rob van der Vecht kent al zijn 200 handballers bij naam

Bij handbalvereniging Westsite wordt nooit gestemd over een nieuwe voorzitter. Rob van der Vecht (76) zwaait er sinds 1967 de scepter en denkt niet aan stoppen – ook corona brengt hem niet van zijn stuk.

Rob van der Vecht: 'Ik heb me er inmiddels bij neergelegd dat ik 105 jaar oud word en tot die tijd in functie blijf.'Beeld Nosh Neneh

Is hij de langstzittende voorzitter bij een sportclub van ­Nederland? Van Europa? Van de wereld misschien? “Zeg het maar, ik ben in elk geval nog nooit iemand tegengekomen die langer deze functie vervult.” Rob van der Vecht is de verbazing gewend als hij over de looptijd van zijn echtverbintenis met de handbalclub vertelt.

Het bijna levenslange voorzitterschap van Westsite vindt zijn oorsprong op het oude Cartesius Lyceum, vertelt Van der Vecht na een korte wandeling langs de asfalt- en zandvelden van het sportcomplex van Westsite op Riekerhaven. In het clubhuis, gebouwd in 1979, neemt hij plaats op een oranje stoel. De bodywarmer blijft aan. De verwarming staat uit, de laatste weken is het stil op de plek waar Van der Vecht decennialang meestal drie keer per week kwam, als het kon vaker.

Ook al geeft de voorzitter het liever niet toe, hij is verliefd op de vereniging met al haar leden. Stuk voor stuk kent hij ze alle tweehonderd bij naam, inclusief de namen van hun ouders. De liefde is bijna net zo sterk als die hij voelde op het Cartesius Lyceum eind jaren vijftig, toen zijn ogen voor het eerst vielen op de negen maanden jongere Carla. De docent wees ze aan elkaar toe bij een dansdemonstratie aan de eerstejaarsleerlingen. “We bleven aan elkaar hangen. Letterlijk.”

Carla was een bekwaam handbalster. Van der Vecht honkbalde, roeide en zwom, totdat bij een sportkeuring een overtraind hart werd geconstateerd. Als tijdverdrijf speelde hij doelrechter bij handbalwedstrijden van Carla. “Korte tijd later vroegen ze of ik de handbalafdeling van omnisportvereniging A.W.V., de voorloper van Westsite, wilde voorzitten. Ik nam de taak op me, niet wetende dat ik ruim vijftig jaar nog dezelfde functie zou hebben. Dezelfde vrouw heb ik overigens ook nog, zestig jaar later.”

“Het voorzitterschap mag je gerust een ­manier van leven noemen. Zeker als je echtgenote meehelpt, meedenkt en er volledig achter staat. Handbal hoort bij ons ­gezin, onze zoon heeft het ook jaren gespeeld.”

Terras op het zuiden

Van der Vecht maakte bijna de volledige geschiedenis van de club mee. In de jaren dertig waren de handballers ­onderdeel van A.W.V. (Amsterdam West Vooruit) op hetzelfde terrein waar nog steeds wordt gespeeld. Door de aanleg van de A10 en A4 werd de voetbaltak door ruimtegebrek losgesneden van de omnivereniging en verhuisde die naar Ookmeer. De handbalclub bleef achter met de naam Westervogels. Daarop volgde nog een fusie, waardoor de naam Westsite ontstond.

Op Riekerhaven was het vroeger een wirwar van sportverenigingen. Van der Vecht somt moeiteloos zes verdwenen clubs op die door de uitpuilende stad hun heil elders moesten zoeken. Alleen Westsite bestaat nog, achter in de hoek weggedrukt tegen de A4, tussen een wooncomplex met statushouders en Nederlandse jongeren. “We zijn de Galliërs in het groeiende rijk van de Romeinen.”

Dat ging al die jaren niet zonder slag of stoot. Van der Vecht streed voor de club en had daardoor meerdere aanvaringen met de gemeente Amsterdam. Dat begon al met de aanleg van het clubhuis. Van der Vecht wilde een terras op het zuiden, met het zicht op de velden. Geen sprake van, vond de gemeente, en het bouwplan werd afgekeurd. Van der Vecht reed vervolgens naar de Stopera om met een ambtenaar in zijn auto terug te keren op Riekerhaven. De geestdriftige voorzitter overtuigde de ambtenaar.

Een vergelijkbaar scenario voltrok zich enige jaren geleden, toen de gemeente aankondigde dat Riekerhaven zou worden afgestoten. Westsite kreeg een paar maanden de tijd om een andere plek te vinden in de stad. Van der Vecht weigerde mee te werken en wees met succes op het verenigingsrecht. “Daar zat ook een gevoel van emotionele binding bij. Alle 50.000 stenen van dit clubgebouw heb ik zelf in handen gehad, ik laat dit niet zomaar achter. De club was financieel gezien ook nog eens kerngezond. Opnieuw mochten we gelukkig blijven.”

Internationals

In al die jaren hield Van der Vecht het ledental van West­site op peil. Landelijk daalden de aantallen van 120.000 naar 53.000 handballers, bij Westsite bleven er altijd tussen de 200 en 250 mensen spelen. Het overgrote deel van de leden is vrouw. Waar met pijn en moeite nauwelijks een seniorenploeg van mannen op de been kan worden gebracht, zijn de vrouwen juist succesvol. Het vrouwenteam is op dit moment zelfs de beste ploeg van Europa bij het ­beachhandbal. Van der Vecht vertelt trots over de internationals die Westsite levert aan het Nederlandse team.

Hij mist de internationals, net als alle andere leden van Westsite, die in de winter trainen en wedstrijden spelen in de Calandhal. “De nieuwe coronamaatregelen zijn wel een klap. Voor mij, maar ook voor de club. Het is een zware periode. In principe mag ik niet meer komen bij de club, ook niet tijdens trainingen van de jeugd. Ik zoek het gevaar niet uit mezelf op. Ik hoor toch bij de doelgroep van het coronavirus.”

“Ik ben het contact met mijn leden kwijt. Elke week stond ik hier twee avonden en ook op zondag. Een praatje met hem, een praatje met haar, ik wil weten hoe het met de mensen gaat.”

Als voorzitter ligt de grootste uitdaging in deze periode op financieel gebied. Westsite krijgt per jaar ongeveer 60.000 tot 70.000 euro per jaar binnen. “Dat bedrag ­bestaat voor het grootste deel uit contributie van de leden. De rest komt van twee grote toernooien die we in het voorjaar organiseren. Die inkomsten hebben we dit jaar, en waarschijnlijk volgend jaar, al niet.”

Een andere bron van inkomsten zijn de enkele festivals die op het braakliggende terrein naast de sportvelden worden georganiseerd. Van der Vecht stelt het clubhuis ter ­beschikking in ruil voor een paar duizend euro. Ook dat bedrag valt weg.

“Gelukkig kregen we 4000 euro uit de Tozo-regeling. Daarmee sloten we het afgelopen boekjaar af met een verlies van 2000 euro. Zonder nieuwe regelingen, toernooien en festivals krijgen we pas het lopende boekjaar een echte knauw. Voor nu voorzien we een tekort van 15.000 euro. Die klap kunnen we als Westsite nog opvangen omdat we het geld van de festivals altijd opzij hebben ­gezet, maar veel langer moet de coronacrisis niet gaan ­duren.”

Voor Van der Vecht is één ding wel zeker: als voorzitter leidt hij zijn club door deze crisis. En ook nog daarna. Zelfs als over zeven jaar de plannen van de gemeente doorgaan, waardoor vier grote flatgebouwen het hele terrein van Riekerhaven in beslag zullen gaan nemen.

“Het visieplan is goedgekeurd. Als Westsite moeten we dan op zoek naar een nieuwe plek. Ik heb me er inmiddels bij neergelegd dat ik 105 jaar oud word en tot die tijd in functie blijf. Over mijn opvolging hoeft binnen de club voorlopig niet te worden ­gesproken. Ik blijf tot mijn dood de voorzitter van Westsite, en dat blijft hartstikke leuk en eervol om te doen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden