Margarethe Tiesel als slachtoffer en Jonas Dassler als moordenaar Fritz Honka in Der goldene Handschuh.

Plus Interview

Regisseur Fatih Akin: ‘Lelijkheid is ook onderdeel van de mens’

Margarethe Tiesel als slachtoffer en Jonas Dassler als moordenaar Fritz Honka in Der goldene Handschuh. Beeld Boris Laewen

In zijn tiende speelfilm toont Fatih Akin (46) onomwonden de daden van seriemoordenaar Fritz Honka, die het in Hamburg in de jaren zeventig op prostituees had voorzien.

“Ik voelde me bijna een jonge rockster,” zegt ­Fatih Akin ­lachend. De regisseur heeft geen probleem met de wisselende ontvangst van zijn nieuwste film Der goldene Handschuh, een verfilming van de gelijknamige Duitse bestseller over de echte Hamburgse seriemoordenaar Fritz Honka, die in de jaren zeventig minstens vier vrouwen vermoordde.

Sterker nog: de regisseur geniet zichtbaar van de ophef wanneer hij in een groepsgesprek op het afgelopen filmfestival van Berlijn vertelt over de première van de avond ervoor. “Het leek wel of Iggy Pop op het podium stond, zo levendig reageerde de zaal. Iedereen joelde en schreeuwde, en er liepen mensen weg omdat ze het walgelijk vonden. Die groepservaring is precies waarom ik nog steeds geloof in cinema.”

Niet dat het hem er met Der goldene Handschuh op voorhand om te doen was zichzelf als bad boy te presenteren, benadrukt hij. “Maar nu het zo is, geniet ik er maar van. Het boek waarop ik de film baseerde, heeft de reputatie bruut en wreed en weerzinwekkend te zijn. Fijn dus dat men nu hetzelfde zegt over de film.”

Terughoudend

Toch is het geweld in de film geen plat effectbejag, vindt Akin. “Het uitgangspunt was om Honka’s moorden zo eerlijk mogelijk in beeld te brengen. We worden vandaag de dag in film en televisieseries en in het nieuws gebombardeerd met gewelddadige verhalen. Geweld is zo alom­tegenwoordig dat we er bijna niet meer over nadenken. Ik wilde duidelijk maken hoe heftig het is om iemands leven te nemen.”

Honka aasde op vrouwen aan de zelfkant van de maatschappij. De film is vernoemd naar de 24 uurskroeg vol verlopen figuren waar hij zijn slachtoffers oppikte. Velen van hen waren prostituees, allen waren ze berooid. “Het enige dat de vrouwen die Honka vermoordt nog hebben is hun leven – en Honka pakt ze ook dat nog af. Zijn derde slachtoffer, een oudere vrouw, overleefde een concentratiekamp, maar ze overleefde Honka niet. Dat is triest en wreed, dat moest ik tonen.”

‘Bij de première liepen er mensen weg omdat ze het walgelijk vonden.’ Beeld Brian Dowling/getty

Toch kiest Akin er op cruciale momenten voor een beetje terughoudend te zijn – dan verschuilt zijn camera zich net om een hoekje terwijl Honka een vrouw verkracht met een knakworst, of richt Akin de blik op Honka’s gezicht terwijl die een ander slachtoffer met een ­hamer te lijf gaat. “Natuurlijk, ik maak keuzes over wat ik wel en wat ik niet laat zien, over wat het publiek nodig heeft,” benadrukt Akin. “Dat baseer ik op mijn instinct en eigen morele grenzen.”

Lachen én huilen

Hetzelfde geldt voor de afwisseling tussen geweld en lichtere, soms ronduit komische scènes, zegt Akin: het is ­instinctief. “Het leven draait om lachen én huilen, toch? Guns and roses. Alle goede horrorfilms hebben een beetje humor. Ik heb er wel voor gewaakt geen humor toe te laten bij de moorden, maar in de rest van de film moet het ­kunnen.”

Toch was Akins belangrijkste leidraad dat de film zo realistisch mogelijk moest zijn, stelt hij. Niet alleen in het ­geweld en het effect daarvan, maar ook in de wereld die hij schetst, het Hamburg van de vroege jaren zeventig. “Sommige mensen noemen de manier waarop ik de stamgasten in die kroeg in beeld breng nu grotesk, maar geloof me: zo is het gewoon. Als je vandaag naar die bar gaat, want hij zit er nog steeds, dan zie je dezelfde soort mensen. Tegenwoordig draait alles om schoonheid, iedereen zit in de sportschool en maakt eindeloos selfies voor Instagram, maar lelijkheid is ook onderdeel van de mens.”

Om dat te benadrukken voorzag Akin zijn hoofdrolspeler Jonas Dassler, een rijzende ster in de Duitse filmwereld, van een afzichtelijk uiterlijk voor zijn intense rol. Daarin had hij nog verder kunnen gaan, stelt de regisseur. “Honka was fysiek een heel lelijke man. Gebroken tanden, handen als kolenschoppen – maar ik had het geld niet om die klauwen met special effects na te maken! Het belangrijkste voor ons waren zijn ogen, die extreem scheel kijken. Een collega van me benadrukte hoe belangrijk dat is – de ogen zijn de vensters naar de ziel, en bij Honka is die toegang verrot.”

Visie op Duitsland

De lelijkheid van de mens leidt ook naar de reden dat Akin ­deze film wilde maken. Der goldene Handschuh geeft nergens expliciet tekst en uitleg over Honka’s walgelijke ­daden en biedt weinig tot geen psychologische of sociologische context. “Honka was ziek, wat hij deed was pathologisch – het was niet de maatschappij of zijn kindertijd die hem zo heeft gemaakt. Ja, hij is als kind verkracht en hij heeft in een concentratiekamp gezeten. We hebben dat ook gedraaid, maar in de montage zeiden al mijn instincten dat het er niet in moest. Omdat het een excuus werd voor zijn daden, terwijl er zo veel andere mensen zijn die vergelijkbare dingen meemaakten maar geen seriemoordenaar werden.”

Voor sommige critici maakt die weigering om Honka’s daden uit te leggen het geweld van de film gratuit. Die mensen kijken niet goed genoeg, vindt Akin. “Kijkers die een beetje nadenken over wat ze zien, krijgen volgens mij allerlei handvatten voor interpretatie. De film geeft mijn visie op Duitsland, mijn thuisland. Een land waar op dit moment een grote beweging is die de Tweede Wereldoorlog en de trauma’s die daaruit voortkwamen wil vergeten.”

De trauma’s van de oorlog zijn nog altijd niet verwerkt, de wonden liggen nog open, stelt de regisseur. “Dat is een deel van wat je in de film ziet: de arbeidersklasse bestaat uit een getraumatiseerde generatie, en het enige wat de staat doet is ze alcohol geven – ‘neem er nog maar een, het is goedkoop’. Vergeet niet: Duitsland was toen een heel rijk land, met het wirtschaftswunder, maar waar er winnaars zijn, zijn er ook verliezers, en daar voel ik me door aangetrokken.”

Benieuwd naar onze recensie van Der goldene Handschuh? Je leest haar hier. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden