PlusReportage

Professioneel freerunnen in Zuidoost: ‘Zie het als buitenspelen’

In september is in Amsterdam-Zuidoost de Free Run University geopend, een opleiding voor freerunners. De sport wint aan populariteit, ondanks de recente afwijzing van het Internationaal Olympisch Comité. ‘Volwassenen zien vooral heel veel drempels.’

Freerunner Luciano Balestra in zijn Free Run University in Zuidoost.Beeld Marc Driessen

Denk maar niet dat je zijn Free Run University in Zuidoost binnenkomt zonder een rondleiding te krijgen. Luciano Balestra (25) is met zakenpartner en vriend Gaetano ­Carretto de trotse eigenaar van vier vestigingen waarin de ­urban sport wordt beoefend. “We zijn pioniers in Nederland,” zegt Balestra na het betreden van het pand, dat op het eerste gezicht lijkt op een sporthal die vol staat met houten klimblokken en klautermuren. “Niemand in ­Nederland is zo met deze sport bezig als wij.” Hij ging er vol voor op zijn achttiende, nadat hij eerst aan capoeira, snowboarden en breakdance had gedaan.

Free Run University heeft vier vestigingen: Uithoorn, Heerenveen, Houten en het hoofdkwartier in Amsterdam, nabij de Johan Cruijff Arena. Balestra en Carretto willen de sport groter maken in Nederland en zien bij alle vestigingen een groeiend enthousiasme.

In zijn sportkleding vertelt Balestra, voor sommigen misschien bekend als onfortuinlijke deelnemer van het ­televisieprogramma Kamp van Koningsbrugge, over ­freeruntechnieken en laat daarbij niet na ze te demonstreren. Ogenschijnlijk zonder inspanning maakt hij vaults, reusachtige sprongen om afstanden te overbruggen, en flips, verschillende soorten salto’s. Het gemak waarmee hij de technieken uitvoert, doet katachtige voorouders vermoeden. Tijdens het gesprek van een uur blijft hij de sprongen herhalen.

Geen angst

De Amsterdammer is geen stilzitter. Voortdurend loeren zijn ogen naar afstanden tussen blokken die hij met een sprong kan overbruggen. Met dezelfde blik wandelt hij ­dagelijks door de stad. Wees niet verbaasd als Balestra midden in een gesprek een ziedende aanloop neemt om vervolgens een sprong van drie meter tussen twee ­muurtjes te maken, of een salto van een trapleuning.

Laatst werd hij nog door voorbijgangers vreemd aangekeken toen hij zijn ledematen stond los te zwaaien in het Vondelpark. Het leven van Balestra speelt zich af in een grote speeltuin.

“De kracht van de herhaling is heel belangrijk in het freerunnen,” zegt Balestra. “Hoe vaker je een sprong maakt over een bepaalde afstand, hoe makkelijker het wordt. Het lichaam leert een afstand te overbruggen.”

Angst kent Balestra, een van de beste freerunners ter ­wereld, niet. Zelfs niet bij sprongen op grote hoogte, legt hij uit, terwijl hij op drie meter hoogte balanceert op een buis van een paar centimeter. “Soms ziet het er heel ­gevaarlijk uit, maar je moet jezelf mentaal onder controle houden. Deze sprong lijkt bijvoorbeeld heel eng, omdat ik op een klein oppervlak ben geland, maar op de grond heb ik dit duizenden keren geoefend. De techniek blijft hetzelfde. Alleen sta ik nu op hoogte. Zo leren we de kinderen de technieken ook als ze zich bij de Free Run University aanmelden. Daarna gaat het vanzelf.”

Beeld Marc Driessen

Kinderen komen graag bij de freerunopleiding van de twee vrienden. Tegenover een les voor volwassenen staan vijftien kindergroepen per week. “Volwassenen zien vooral heel veel drempels. Het is eng en moeilijk. Kinderen doen het gewoon.”

Competitie-element

Volgens Balestra past de sport in een nieuwe manier van ­leven, waarin mensen een zo volledig mogelijke lichaamstraining willen op tijden dat het hen schikt. En het liefst zonder er uren voor uit te trekken. Free­runnen kan altijd en overal, maar als je echt beter wilt worden, is de Free Run University met de aanwezigheid van een groot aantal attributen en obstakels dé plek.

In de aard van de sport zit ook de tegenstrijdigheid. Veel freerunners minachten het competitie-element. Je springt met elkaar, niet tegen elkaar. Balestra: “Zie het als buitenspelen. De een is niet beter in buitenspelen dan de ander. Ook sprongen zijn niet te vergelijken.”

Door de nominatie van de sport voor de ­Olympische Spelen van 2024 in Parijs ontstonden twee stromingen. Het Internationaal Olympisch Comité wilde freerunnen toevoegen aan het evenement om een sneller, spectaculairder en blitser imago te krijgen en zo jongeren te trekken. Na BMX en skateboarden paste freerunnen in dat plaatje.

Niet olympisch

Carretto was van de ene stroming, hij hekelde het competitie-element en stopte met professioneel freerunnen. Balestra droomde van een medaille en ging door. Hij hoeft niet ten koste van alles te winnen van anderen, maar met wedstrijden ziet hij wel kansen om de populariteit van de sport te vergroten. Afgelopen week werd bekend dat ­freerunnen toch niet olympisch werd, tot grote teleurstelling van Balestra die inmiddels leeft als een topsporter met steun van Topsport Amsterdam.

Nu mikt Balestra op de wereldkampioenschappen. Met acht tot elf trainingen per week, waarin veel elementen uit andere sporten (fitness, vechtsporten, atletiek, dansen) zijn toegevoegd, ziet hij kansen om ooit officieel de beste te worden.

Dat zal dan zijn op het onderdeel Style, waarbij alles draait om creativiteit, uitvoering en de moeilijkheidsgraad. De ­uitvoering van de oefeningen mag volledig door de freerunners zelf worden ingevuld. Dat is anders dan bij Speed waarbij een parcours zo snel mogelijk moet worden afgelegd.

Volgens zijn eigen berekeningen heeft Balestra door zijn leeftijd nog een paar jaar om hard te trainen en zijn doelen te bereiken. Daarna zal hij waarschijnlijk weer doen wat hij het liefste doet: lekker buitenspelen op muurtjes en trappen.

Luciano Balestra: “Zie het als buitenspelen. De een is niet beter in buitenspelen dan de ander.Beeld Marc Driessen

Amber Alderden (12), uit Aalsmeer

“Mijn broer ging op free­runnen en een jaar geleden ging ik eens kijken. Het is heel leuk dat je allemaal ­verschillende dingen kunt doen. Ik kan al salto’s maken en over muurtjes springen. De leraren van Free Run ­University hebben mij echt beter gemaakt.

Soms zie ik in de wijk een leuk plekje en ga ik daar oefenen. Het liefst spring ik op gras, dan val ik minder hard.

Thuis heb ik met mijn broer ook een keer een freerunpark gebouwd van oude pallets. We sprongen van pallet naar pallet van verschillende hoogtes. Door de regen is het park kapot gegaan. Maar ik ga dat vast en zeker weer eens maken.

Voor nu is het heel erg balen dat we geen les krijgen door corona. Ik mis het enorm en hoop dat ik snel weer mag.”

Max van Rossum, uit Amstelveen

“Sinds mijn achtste spring ik overal op en af, maar echt freerunnen doe ik nu vier jaar. Het begon ooit met filmpjes op YouTube waarin ik mensen op muurtjes en daken zag. Dat wilde ik ook, dus begon ik met oefenen in de tuin van mijn ouders en op straat. De mensen op het filmpje leken zich helemaal vrij te voelen, dat sprak me aan. Geen begrenzing door tijd of lijnen, zoals in veel andere sporten het geval is.

Freerunners zijn bijna automatisch al vrienden van elkaar. Het is een hechte gemeenschap: na een mooie sprong, geeft iedereen elkaar een boks. Je juicht met elkaar en treurt met elkaar. Dat is heel vet.

Net als mijn leraar Luciano wil ik de WK halen. Daarom probeer ik nu al heel veel te trainen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden