Plus Filmrecensie

Praten met en niet over mensen met een beperking

In Zie mij doen van Klara van Es heeft de kijker het gevoel dat hij lang met de bewoners is opgetrokken, en sluit de kijker alle bewoners in het hart.

Zie mij doen Beeld -

Praten over andere mensen is een stuk makkelijker dan met hen praten. Je hoeft maar naar het debat over immigratie te kijken om dat te constateren.

De Vlaamse filmmaker Klara van Es neemt wel de moeite om niet over mensen te praten, maar ze zelf aan het woord te laten. Het heeft tot nu toe drie aangrijpende documentaires ­opgeleverd.

In Verdwaald in het geheugenpaleis (2010) portretteerde Van Es in een tehuis drie dementerende vrouwen die bij vlagen nog op hun situatie kunnen reflecteren, maar ­beseffen dat hun geheugen ze uiteindelijk volledig in de steek zal laten en dat ze in een gesloten verpleegafdeling zullen eindigen.

Verdriet en vrolijkheid wisselen elkaar af. Dat deze vrouwen weten wat hen te wachten staat, ligt als een beklemmende deken over de film.

In Carnotstraat 17 (2015) liet Van Es (illegale) migranten in een oud vervallen pand in Antwerpen, dat vroeger een legendarische bioscoop was, aan het woord over hun ­ervaringen en verwachtingen.

Dat ze vijf jaar (!) wekelijks een dag langsging bij de bewoners, die haar niet alleen als een filmmaker, maar ook als een sociaal werker zagen, ­bezorgt de film een meerwaarde, want het maakt de band voelbaar die Van Es met de bewoners opbouwde.

Dat is ook het geval met Zie mij doen, waarin Van Es in een tehuis een groep mensen met een verstandelijke ­beperking portretteert. Groep is eigenlijk niet het goede woord, want het gaat Van Es juist om de individuele verschillen tussen deze mensen.

Die zijn groot, want tegenover iemand als Sofie, die slechts in klanken kan communiceren, staat de verbaal begaafde Jessica, die uitstekend over haar leven kan praten en de 'normale' wereld een spiegel voorhoudt. "Ik vind dat wij soms slimmer zijn dan mensen zonder beperking," zegt ze met een verwijzing naar ouders die niet goed zijn voor hun kinderen.

Ook haar opmerking dat mensen met een beperking 'evenveel recht (hebben) als een gewoon mens om deel te nemen aan de samenleving', kan de 'normale' wereld zich ter harte nemen.

Even makkelijk benaderbaar als Jessica is de Chinese jonge knul Quan, die in een rolstoel zit. We voelen zijn verdriet als zijn in België wonende familie met kerstmis naar China gaat, maar hem niet meeneemt, zodat hij de feestdagen in het tehuis zal moeten doorbrengen.

Uit stugger hout gesneden is de autistische Mathias, die een feilloos geheugen heeft voor data en uit zijn hoofd weet op welke dag 30 december 2038 valt.

Ook met Zie mij doen heeft Van Es bepaald geen 'hit and run'-documentaire gemaakt, want drie jaar lang bezocht ze het tehuis wekelijks voor het maken van de in fraai zwart-wit gedraaide film.

Ook nu weer betaalt zich dat uit in een film waarin het vertrouwen tussen de maker en de geportretteerden in elke scène voelbaar is. Na afloop heeft ook de kijker het gevoel dat hij lang met de bewoners is opgetrokken.

Zie mij doen is een overtuigende illustratie van de ­opvatting van de legendarische Amerikaanse filmcriticus Roger Ebert dat film een 'empathiemachine' is. Tegen het einde van de documentaire hebben we alle ­bewoners in ons hart gesloten.

Zie mij doen

Regie Klara van Es
Te zien in Eye, Het Ketelhuis

Wekelijks een overzicht van de nieuwste hotspots, uitgaanstips, films en restaurants in je mailbox? Schrijf je dan nu in voor de Stadsgids-nieuwsbrief van Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden