Plus Interview

Phil Bloom als fotograaf: ‘Ik zie mijn hele leven terug’

Kunstenaar Phil Bloom (73) exposeert in de Embassy of Art voor het eerst haar foto’s. Onder de titel Phil Photo, foto’s als dagboek. ‘Ik ga er rustig voor zitten, kijk goed om me heen, en dan druk ik pas af.’

Japan, 2000. Beeld Phil Bloom

Dat krijg je ervan als je spullen laat slingeren. Kris van der Hart, met zijn vrouw Sybila Baumann eigenaar van de private artspace Embassy of Art in Noord, was op atelier­bezoek bij Phil Bloom. Bloom is in de eerste plaats schilder. Maar Van der Hart zag fotomapjes liggen, en zijn nieuwsgierigheid was gewekt.

“Dat is precies wat ik leuk vind, de onbekende kant van een kunstenaar,” zegt Van der Hart in zijn artspace. “We gaan je fotowerk doen, zei ik tegen haar. Hier zie je goed door de jaren heen wat haar drijft, wat haar opvalt. Dat is het mooie van dit soort dagboekfotografie.”

Hij verlaat de ruimte en we zien achter Phil Bloom, die aan een tafeltje zit, haar ingelijste zwart-witfoto’s aan de wanden hangen. Vanaf morgen is in de Embassy of Art de allereerste foto-expositie van Phil Bloom te zien: Phil Photo, foto’s als dagboek.

Phil Bloom, met die blauwe tatoeage op haar deels kale hoofd. Op haar 27ste werd ze getroffen door een hersenbloeding. Begin deze eeuw deed ze een tweedelige performance, een statement om daarmee af te rekenen. Eerst werd een gedeelte van haar haar afgeschoren (Brainscan & Haircut) en later werd de tatoeage op haar hoofd aangebracht (Brain Tattoo Altai). Eigengereid is ze nog steeds, en je moet haar vooral niet vertellen wat ze moet doen. Maar tegen de expositie in Noord zei ze toch geen nee.

“Ik ben heel benieuwd wat men ervan zal vinden. Het is ook wel een beetje spannend. Ik fotografeer al vanaf mijn twintigste, maar ben er nooit mee naar buiten getreden. Schilderen staat bij mij nog steeds op de eerste plaats. Maar als ik nu zo om me heen kijk, blijkt dat die fotografie van mij toch ook belangrijk is.”

Parijs. Beeld Phil Bloom

“Ik heb veel gereisd. Eerst vanuit Amsterdam naar Londen, Parijs, Ibiza. Vanaf mijn dertigste heb ik vier, vijf jaar in Amerika gewoond, en ben toen naar het verre oosten ­gegaan, centraal-Azië, Japan, en toen nog naar Lapland en Rusland. En ik heb eigenlijk constant gefotografeerd. Nu zie ik dus dat al die foto’s een verhaal vertellen. Wat voor een verhaal? Nou, geef daar maar eens een antwoord op. Ik weet het niet zo goed.”

Performance op tv

We maken een rondje langs de foto’s. Eerst een wand met grote foto’s met daarop bomen. “Geen idee wat voor een bomen het zijn, daar ben ik niet mee bezig. Je vindt die ­bomen mooi, en dan fotografeer je ze. Ik was toen heel erg bezig met bossen. Dat gaf me rust, en ik had dat nodig. Als een tegenwicht. Heel dubbel, zoals mijn leven was. Ik had heel veel publiciteit gekregen, nu ja, je weet wel...”

Ja. Hoepla!

Hoepla! was een televisieprogramma van de VPRO. Een programma dat ‘opeens’ wereldberoemd werd op 9 oktober 1967. Toen de destijds 21-jarige Phil Bloom, vanuit Den Haag verzeild geraakt in progressieve Amsterdamse kringen, geheel naakt op televisie verscheen. Een mijlpaal, want ze was de eerste die dat deed. Het was een performance, kunst, want ze wilde als kunstenaar gekke dingen doen, ageren tegen de truttige, naoorlogse maatschappij. Het leidde tot commotie, kamervragen en internationale aandacht.

Male Soho NYC, 1989. Beeld Phil Bloom

“Performance op tv was nog onbekend, en het ging niet over seks, of erotiek. Ik keek ook heel kwaad. Ik heb er geen spijt van, maar het optreden heeft ook tegen me gewerkt, omdat ik als kunstenaar een tijd niet serieus ben genomen. Marina Abramovic met haar geruchtmakende performances verscheen een jaar later op het toneel. Zij heeft ­alles kunnen doen wat ze wilde. Zij werd geaccepteerd, bij mij ging het de verkeerde kant op...”

Terug naar de bossen. “Ik hou van het pure, het spontane. Kijk, ik neem die omgevallen boom gewoon mee. Ik hou niet van mooie parken, dat kant en klare. Dat is het ­tegenovergestelde van mij. Wat zeg je? Of ik mezelf ook niet als kant en klaar beschouw? Haha, vast niet.”

Ze ziet zichzelf als autodidact op het gebied van de fotografie. Ze heeft de basis wel geleerd op de Rietveld Academie, maar heeft het verder alleen uitgezocht. “Ik ben een voorstander van analoge fotografie, en ben daardoor heel bewust bezig. Ik ben niet iemand die snel foto­fotofoto doet ofzo. Ik ga er rustig voor zitten, kijk goed om me heen, en dan druk ik pas af. Je hebt mensen die doen klatstklatsklats, maar ik weet altijd precies wat ik wil fotograferen. Al heb ik onbewust wel altijd oog gehad voor ­kaders.”

Ze wijst op een grote foto die ze maakte op Ibiza. We zien een uithangbord van een bar. “Ik was denk ik 25. Daar ­zaten Harry Mulisch en Hugo Claus altijd. Nee, niet op ­deze foto. Waarom ik deze foto maakte? Ik kan op die waaromvragen geen antwoord geven hoor. Het gaat onbewust, denk ik. Kijk, die grote Franse stier. Die maakte ik tijdens een reis langs de kust van Normandië en Bretagne, in een tijd dat het niet goed ging met mijn eerste man en ik ­alleen was. Ik vond dat gewoon een mooi beeld.”

Antwerpen, 2004. Beeld Phil Bloom

We zien verder foto’s die Bloom nam in India, in Duitsland (een stuk Berlijnse Muur), en in Amerika. “Die is ­gemaakt in Central Park, en die met die malloten ook in New York. Die ene kijkt boos, maar hij is ook gestreeld ­omdat iemand een foto van hem neemt.”

En dan begint ze er zelf over. “Je kunt je afvragen: waarom is het zo belangrijk dat je altijd maar die foto’s wil ­maken? Ik had er niet specifiek een doel mee, een tentoonstelling of zo. Al wilde ik wel de schoonheid vastleggen, het mooie. Ik had toch een gevoel dat het moest. Het zit denk ik volledig in mijn onderbewuste. Maar nu kom ik er wel achter, na vijftig jaar, dat het iets belangrijks is wat ik heb gedaan. Ja, het is een soort dagboek, als je al die ­foto’s achter elkaar legt. Maar die foto’s zijn voor mij geen geheugensteuntje. Ik weet, lineair, alles nog. En ik zie, in fragmenten, mijn hele leven op die foto’s terug.”

Gevoel voor schoonheid

Phil Bloom fietste als 15-jarig meisje vanuit Voorburg naar het Gemeentemuseum in Den Haag om naar kunst te gaan kijken. “Mondriaan. Dat vind ik heel erg mooi. En dan fietste ik heel blij weer terug naar huis. Hoe kan het in godsnaam dat ik dat deed? Mijn familie had niets met kunst te maken, terwijl ik als kind altijd zat te tekenen en te kleien. Het zit in mijn bloed, gevoel voor schoonheid. Dat is mijn enige verklaring.”

Phil Bloom, zelfportret. Beeld Phil Bloom

“Na de middelbare school ging ik naar de Koninklijke Academie en de Vrije Academie in Den Haag, en daarna naar de Rietveld. Ik wilde heel graag schilderen, maar toen dacht ik: ik ben een vrouw, en ik heb geen geld, en toen ben ik de richting grafisch ontwerpen gaan doen. Keurig afgestudeerd, met lof. Een tijdje heb ik gewerkt als grafisch vormgever, maar het was mijn werk niet. Ik dacht: ik ben kunstenaar! En toen heb ik alsnog de opleiding schilderen aan de Rijksakademie in Amsterdam gedaan.”

En nu dus haar eerste fototentoonstelling. “Ik ga gestaag door, hoor. Misschien is het antwoord op de vraag waarom dat er een onbedwingbare behoefte in mij schuilt om schoonheid te maken. Ik zag net op de pont hiernaartoe ­iemand op een bankje wegdromen. Met dat water, die golven, dat vond ik zo’n mooi beeld. Ja, ik heb een foto ­gemaakt.”

Phil Photo, foto’s als dagboek. Van 6 t/m 8/9, en op 13 en 14/9. Embassy of Art, Sperwerlaan 23. Zie ook embassyofart.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden