PlusReportage

Patatten jatten en afval roven – voor meeuwen is Amsterdam één grote supermarkt

null Beeld David Hup
Beeld David Hup

Ze stelen patatjes en trekken afvalzakken open: de (krijsende) zilvermeeuwen en kleine mantel-meeuwen zijn weer in de stad. Tot september blijven ze, om te broeden op de daken. Fotograaf David Hup volgde ze een heel seizoen.

Katharina Vlaanderen

“Ik wacht nu op een meeuw uit Marokko,” zegt meeuwenspotter Lou Spoor. Hij heeft de kleine mantelmeeuw met ringnummer YCJM tijdens zijn vele fietstochten al 130 keer gezien bij de Westermoskee in de Baarsjes. Vanaf de eerste weken van maart scheert deze meeuwensoort met donkergrijze vleugels – de ‘mantel’ – weer door het luchtruim van de stad. Het mannetje YCJM, dat minstens 9 jaar is, kan zich elk moment weer laten zien. Zijn vrouwtje overwintert ergens anders, in de stad zullen ze elkaar opwachten.

Ook de zilvermeeuw – groot, met lichtgrijze vleugels – komt weer in groten getale terug naar de stad na overwintering elders. Spoor houdt het allemaal nauwgezet in de gaten. Door foto’s te maken kan hij de ringnummers van meeuwen aflezen. Met behulp van databases van de Universiteit van Amsterdam en het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) achterhaalt hij vaak hoe oud de meeuw is en waar deze nog meer graag vertoeft.

Een onderzoeker vindt een net uitgekomen jong onder een zonnepaneel. Hoewel grinddaken en groene daken bescherming bieden, liggen de kuikens daar de hele dag in de volle zon. In de zomer zorgt dit voor veel sterfte onder jonge meeuwen. Beeld David Hup
Een onderzoeker vindt een net uitgekomen jong onder een zonnepaneel. Hoewel grinddaken en groene daken bescherming bieden, liggen de kuikens daar de hele dag in de volle zon. In de zomer zorgt dit voor veel sterfte onder jonge meeuwen.Beeld David Hup

De zilvermeeuw en de kleine mantelmeeuw, zogenoemde ‘grote meeuwen’, waren niet altijd onderdeel van ons straatbeeld. “Pas sinds de jaren tachtig zijn ze naar de steden gaan trekken,” zegt Roland-Jan Buijs. De veertiger ringt al meeuwen sinds zijn achttiende. Het begon als een hobby: nu doet hij onderzoek naar populaties door het hele land en adviseert hij bedrijven en gemeenten hoe ze kunnen omgaan met meeuwenoverlast. “In de ­duinen rukt de vos op en dat is een grote drijfveer voor de meeuwen om steeds meer naar de stad te komen,” zegt Buijs.

Weinig broedruimte

Vossen, maar ook steenmarters, worden steeds vaker gesignaleerd in gebieden waar meeuwen broeden. Desastreus, want deze dieren eten graag eieren en kuikens. “Een andere oorzaak ligt bij de uitbreiding van havengebieden,” aldus Buijs. Er blijft simpelweg minder ruimte over om te broeden. Landelijk gaat het daarom bergafwaarts met de zilvermeeuw en de kleine mantelmeeuw. Wat ook meespeelt, vermoedt Buijs, is dat vissers bijvangst sinds enkele jaren niet meer overboord mogen gooien; een belangrijke bron van voedsel valt hiermee weg.

Inmiddels zijn meeuwen niet meer weg te denken uit Amsterdam en de regio. Er zitten bijvoorbeeld kolonies bij het bedrijvenpark AMC, op het dak van een school in Amstelveen, maar ook in woonwijken. Grinddaken zijn favoriet, net als groene daken. Ook de schaduw van zonnepanelen biedt ideale beschutting.

Roland-Jan Buijs ringt een kleine mantelmeeuw.  Beeld David Hup
Roland-Jan Buijs ringt een kleine mantelmeeuw.Beeld David Hup

Buijs verwacht dat deze trend zich alleen maar voortzet. En dat zorgt voor overlast: meeuwen maken nu eenmaal enorm veel kabaal. “En dat doen ze ook om vier uur ’s ochtends. Sommige mensen zeggen: ‘Ik had vroeger een huilbaby, dit is net zo erg.’ Ook kunnen ze aanvallen als ze het gevoel hebben dat hun jongen worden bedreigd. Dan geven ze je zo een mep.”

Mensen die gek worden van de geluidsoverlast of vogelpoep op hun auto, nemen het heft in eigen hand en plaatsen een vlieger op het dak, of vernietigen soms nesten, wat illegaal is. De beste strategie om te voorkomen dat meeuwen op je dak gaan broeden, is het spannen van een net, zegt Buijs. “Maar,” vult hij aan, “daarmee verplaatst je alleen het probleem.” Andere daken, bijvoorbeeld op bedrijventerreinen waar minder overlast wordt ervaren, zouden daarom tegelijkertijd juist aantrekkelijk moeten worden gemaakt voor meeuwen.

Een zilvermeeuw verdedigt zijn territorium: een prullenbak op de Oudezijds Voorburgwal. Beeld David Hup
Een zilvermeeuw verdedigt zijn territorium: een prullenbak op de Oudezijds Voorburgwal.Beeld David Hup

‘Mag ik hem aaien?’

Niet iedereen stoort zich aan de vogels, mensen die ze leuk vinden heb je óók, benadrukt de expert in meeuwenoverlast. “Een van mijn klanten in Den Haag, een advocate, wilde een net laten plaatsen om te voorkomen dat een zilvermeeuw in het nieuwe seizoen zou terugkomen. Toen hebben we hem gevangen en geringd. Ze vroeg of ze ’m mocht aaien en heeft dat net uiteindelijk niet geplaatst. Nu krijg ik elk voorjaar een blij appje: ‘Hij zit er weer!’ Als mensen meer over de dieren weten, is er vaak meer begrip.”

Twee meisjes voeren een meeuw terwijl moeder een foto maakt. Meeuwen voeren kan gevaarlijk zijn, de snavel van de vogels is ontzettend scherp Beeld David Hup
Twee meisjes voeren een meeuw terwijl moeder een foto maakt. Meeuwen voeren kan gevaarlijk zijn, de snavel van de vogels is ontzettend scherpBeeld David Hup

Meeuwen en mensen delen in de stad dezelfde, schaarse ruimte en dat veroorzaakt frictie. Een onderwerp dat fotograaf David Hup (26) mateloos interesseert. Hij volgt al jaren de bruine beren die in ­Roemeense steden op zoek gaan naar voedsel. De dieren worden daar door ontbossing gedwongen prullenbakken te plunderen.

In Amsterdam ziet hij hetzelfde gebeuren met meeuwen. “Wij forceren meeuwen naar de stad te komen, ze doen het hier goed en broeden succesvol. Het is hier één grote supermarkt voor ze. We klagen daarover, maar door ons zijn ze juist hier; we gaan niet goed om met afval en verpesten broedgebieden.”

Meeuwen vallen massaal aan op nieuw afval op de afvalverwerking van Renewi. Beeld David Hup
Meeuwen vallen massaal aan op nieuw afval op de afvalverwerking van Renewi.Beeld David Hup

Hup zocht contact met Buijs en andere mensen die met meeuwen werken. Hij ging rondhangen bij patat- en viskramen en bij vogels voerende toeristen. En bij afval. In zakken op straat of nog beter: in de gigantische loods van afvalbedrijf Renewi, waar zakken uit de hele stad worden samengebracht en gesorteerd. Elke dag vliegen hier honderden meeuwen ­brutaal naar binnen om zich te laven aan de etensresten van de stad. Waar eten is, zijn meeuwen. Amsterdam is een voedselwalhalla en zelfs meeuwen die ver buiten de stad broeden, komen om die reden dagelijks op bezoek. Zo kreeg een zilvermeeuw uit Texel landelijke bekendheid met zijn optreden in de tv-serie Nederland van Boven: elke dag vloog hij naar Henk’s Haring op de Wallen.

Een groep jonge mantelmeeuwen wacht om geringd te worden. Beeld David Hup
Een groep jonge mantelmeeuwen wacht om geringd te worden.Beeld David Hup

Na een paar dagen heeft spotter Spoor de kleine mantelmeeuw YCJM nog steeds niet gesignaleerd. Hij is nog niet ongerust: “In vorige jaren kwam hij vaak eind maart en soms zelfs pas begin april, maar het hangt ook af van de weersomstandigheden.” Als het gaat om honkvast gedrag, spant dit exemplaar volgens Spoor de kroon. Nog nooit is de meeuw buiten zijn stekkie in de Baarsjes gezien. Als hij dit jaar weer komt, dan is het dáár, op zijn ­favoriete schoorsteen, dicht bij de Westermoskee.

Herken de stadsmeeuw

In de winter zie je vooral kokmeeuwen in de stad. Deze soort, die zowel bij zout als zoet water broedt, is ongeveer zo groot als een duif en krijst in katachtige uithalen. Aan het eind van de zomer heeft de kokmeeuw nog een zwarte kop, maar die wordt al snel verruild voor het winterkleed: een geheel witte kop met twee zwarte ‘oren’ aan weerszijden. De vleugels zijn lichtgrijs. In het voorjaar wordt de kop weer zwart.

Veel kokmeeuwen verlaten in de lente de stad om te gaan broeden op andere plekken. Dan wordt de kokmeeuw afgelost door de zilvermeeuw en de kleine mantelmeeuw, grote kustvogels. Vooral de zilvermeeuw heeft een indrukwekkende omvang, met een strenge kop en grote gele snavel. De vleugels zijn zilverkleurig. De zilvermeeuw gooit graag zijn kop achterover voor lange uithalen met luid en hoog ‘lachend’ gekakel. Een volwassen exemplaar heeft roze poten. De kleine mantelmeeuw heeft donkergrijze vleugels en is iets kleiner dan de zilvermeeuw met gele poten. Het geluid is vergelijkbaar met dat van de zilvermeeuw, maar is iets dieper en minder luid.

Drie puberende zilvermeeuwen vechten om overblijfselen van de viskraam op de Albert Cuypmarkt. Beeld David Hup
Drie puberende zilvermeeuwen vechten om overblijfselen van de viskraam op de Albert Cuypmarkt.Beeld David Hup
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden