PlusReportage

Op pad met sportschoolhouder en oud-portier Bert(je) Kops: ‘Soms vloog er eentje de gracht in’

Bert Kops (58) balanceerde soms tussen de onder- en bovenwereld, maar werd worstelkampioen, coach van topvechters en eigenaar van de bekende sportschool aan de Amstel. Nu verschijnt zijn biografie.

Bert Kops wijst in de Vrolikstraat naar het appartement waar hij, op driehoog, ter wereld kwam. Beeld Jakob van Vliet
Bert Kops wijst in de Vrolikstraat naar het appartement waar hij, op driehoog, ter wereld kwam.Beeld Jakob van Vliet

Moesten we het prototype ‘joviale Amsterdammer’ schetsen, dan tekenden we Bert Kops – al is hij de gespierde, ­betonnen variant met de bloemkooloren die een worstelkampioen passen. Passanten kennen hem van het bankje voor zijn vechtsportbolwerk aan de Weesperzijde, zijn vele kennissen groetend, babbelend, dollend met zijn vechters.

Binnen trainen alle rangen en standen. In Kops Gym maakt niemand enig onderscheid tussen de advocaat en de straatjongen met wat sneetjes op zijn kerfstok. “Ik wil het gewoon niet weten, wat je wel of niet gedaan hebt,” is Kops’ heldere mantra.

We gaan langs vijf plekken in de stad die bepalend waren in zijn leven.

Vrolikstraat, geboortehuis

Kops wijst naar het appartement op driehoog, hoek Vrolikstraat en Beukenweg in Oost. “Daar, dat was ons balkonnetje. Het voelt nog steeds raar als ik er andere mensen zie. Hier ben ik geboren, drie jaar na mijn zus Greetje (met wie hij de sportschool uitbaat) en anderhalf jaar voor mijn jongste zusje Mary. Zij sliepen samen op één kamer, ik had er een voor mezelf.”

De buurt is veranderd. “Na ons vertrek is het eerst een stuk slechter geworden, inmiddels is het veel beter.” Op een steenworp afstand ligt het Beukenplein, lang gedomineerd door parkeerplekken, nu met horeca variërend van wijnbar, burgertent tot cerveceria. “Leuk toch? Top geworden.”

Kops ging naar de Linnaeusschool in de Derde Oosterparkstraat. Zijn beste vriend was zijn neef Marco, die verderop in de Vrolikstraat woonde. “Marcootje en ik speelden gek genoeg vooral binnen. Mijn moeder was als de dood dat me buiten wat gebeurde of dat ik stomme dingen zou doen.”

Bert Kops senior was inmiddels een gevierd worstelaar, die internationaal prijzen won. Hij is de reden dat Bert ­junior ‘Bertje’ heet. “Die ouwe was écht top, zo ver ben ik niet gekomen.”

De kleine Bert Kops judode als 6-jarige verderop in het Oosterpark naast de tennisbaan, in het gebouwtje van MEO (Muiderpoort en Omstreken). Worstelen mocht op die leeftijd nog niet.

Aan de  Kloveniersburgwal, met worsteltenue. Beeld Jakob van Vliet
Aan de Kloveniersburgwal, met worsteltenue.Beeld Jakob van Vliet

Kloveniersburgwal, Hercules

Aan de Kloveniersburgwal in de binnenstad, waar nu een pizzeria zit, begon op driehoog de worstelcarrière van Bert Kops junior. Hij was zeven. Hij heeft voor de fotograaf een worsteltenue van toen bij zich. “Pa werkte bij De Nederlandsche Bank en kwam hierboven in de lunchpauze trainen met internationaal vermaard vechtsportkampioen Chris Dolman. Bij worstelclub Hercules.”

Senior richtte ­eigenhandig een jeugdafdeling op. Daar ging junior heen. Tot het gezin in 1969 naar Purmerend verhuisde. Al vanaf zijn elfde trainde de kleine Kops met halters, als puber was hij beresterk. Vanaf zijn dertiende werd hij steeds Nederlands kampioen.

Van een internationale doorbraak kwam het niet – om twee redenen. Op de eerste komen we zo terug: Bert ging ’s nachts leven. De tweede reden was botte pech. Hij was bijna twintig en in topvorm in de aanloop naar een worstel-WK in Parijs toen hij medio 1982 met zijn auto op een boom botste – op weg naar zijn training bij Chris Dolman.

Hij kwam van de kazerne in Soesterberg, waar hij in militaire dienst zat. Pal voor het ziekenhuis van Soest verloor hij de macht over het stuur. “In een levensgevaarlijke bocht, maar ik was ook overtraind. Ik klapte vol op die boom, mijn rechterbeen was helemaal naar de klote en mijn kaak zat in mijn nek. Een ambulancebroeder zag het gebeuren. Hij heeft mijn leven gered. Hij heeft mijn kaak weer naar voren geslagen. Het bloed golfde eruit. Anders was ik gestikt. Toen hij die kaak had teruggeslagen heb ik hem in een reflex nog een stomp op zijn kop gegeven. ­Arme jongen.”

Kops werd uren geopereerd. Zijn kaak was verbrijzeld, zijn rechterbeen op acht plaatsen gebroken. Knie- en ­enkelbanden waren gescheurd. Acht maanden later werd Kops toch weer Nederlands kampioen. Hij gaf zijn sjerp aan de ambulancebroeder. Maar zijn carrière had een ­onherstelbare deuk opgelopen.

Zijn O-benen? “Oók door dat ongeluk.”

Bij Casa Rosso. Beeld Jakob van Vliet
Bij Casa Rosso.Beeld Jakob van Vliet

Oudezijds Achterburgwal, Casa Rosso

Topvechters zijn geliefd in het criminele milieu. Als lijfwacht, als sterke arm bij incasso’s. Zoals zo veel van zijn vrienden en kennissen, balanceerde Bert Kops op de rand van de bovenwereld en de onderwereld.

Dat begon op de Wallen. Als 17-jarige Nederlands kampioen worstelen mocht hij van ‘Zwarte Joop’ de Vries toetreden tot het gilde dat de deur bewaakte van diens sekstheater Casa Rosso op de Oudezijds Achterburgwal – en van gokhallen in de buurt. Samen met vechtsporticonen Chris Dolman, Wim Ruska en bekende krachtpatsers als Jan Stapper. Meestal waren de uitstraling en reputaties ­afdoende om dronken lastpakken buiten de deur te houden. “Een enkele keer vloog er eentje de gracht in.”

Kops deed, vooral in Purmerend, ook wel aan protectie. Vechtpartijen ensceneren in horecazaken, zogenaamd de rust herstellen en je laten inhuren als portier om verder ­gedoe te voorkomen. De zwaarste criminelen zochten toenadering. De in 1991 geliquideerde maffiabaas Klaas Bruinsma, de inmiddels tot levenslang veroordeelde Dino Soerel. Kops is blij dat hij ze afhield.

Eén keer ging een incasso niettemin he-le-maal mis. In 1995 zou Kops met wat andere kleerkasten in Arnhem ruim twee ton incasseren van ‘Amsterdamse Beppie’. “Een oplichter. Wij dachten dat het geld in tassen klaar zou staan. We hadden geen wapens, geen bivakmutsen, niks. Zijn vrouw schiet zo mijn vriend dood. Ik moest vechten voor mijn leven met die Amsterdamse Beppie, een beer van een vent. Die vrouw schoot ook op mij, maar het pis­tool was leeg.”

Het akkefietje kostte Kops acht maanden cel, omdat het stel aangifte deed van een overval. “We hadden zelf ­natuurlijk naar de politie moeten gaan, maar we zijn in ­paniek terug naar Purmerend gereden.”

In de sportschool aan de Weesperzijde. Beeld Jakob van Vliet
In de sportschool aan de Weesperzijde.Beeld Jakob van Vliet

Weesperzijde, Kops Gym

Die ‘stomme fout’ in 1995 was extra onnodig omdat de ­familie Kops in 1985 in stappen de huidige sportschool had overgenomen. De oude Kops wilde zijn zoon koste wat kost weghalen van de Wallen. “Hij had helemaal gelijk. Toen ik jaren later eens terugkwam, zag ik pas goed wat een bende het was. Al die junkies en dealers, en om de hoek de Zeedijk waar normale mensen niet heen dorstten.”

In het vechterswalhalla aan de Weesperzijde komen amateurs én toppers worstelen, kickboksen, boksen, fitnessen en meer. Eindelijk zijn de touwen van de befaamde boksring na de coronalockdown weer gespannen. ­Momenteel zijn mixed martial arts-vechter Gegard Mousasi en kickbokser Levi Rigters de sterren, maar velen gingen hen voor, zoals kampioen Peter Aerts.

Voor het werk van Kamp Seedorf: ‘Iemand tipte me: Bertje, ze zijn je aan het schilderen! Ik meteen kijken. Wat een eer!’ Beeld Jakob van Vliet
Voor het werk van Kamp Seedorf: ‘Iemand tipte me: Bertje, ze zijn je aan het schilderen! Ik meteen kijken. Wat een eer!’Beeld Jakob van Vliet

Zeeburgereiland, muurschildering

Ook in de druilerige regen stráált Bertje Kops op het Zeeburgereiland. Streetartcollectief Kamp Seedorf heeft op een muur langs het tracé van tram 26 tien Amsterdamse sporthelden vereeuwigd in een kleurrijke muurschildering. Kops prijkt in het midden, tussen Abdelhak Nouri en Stanley Menzo. “Iemand tipte me: Bertje, ze zijn je aan het schilderen! Ik meteen kijken. Wat een eer! Ik lijk best goed, niet?”

‘Kopsie’ maakt nog maar een filmpje voor op Instagram. “Trots? Mán! Supertrots!” De pose waarmee hij is vastgelegd, geïnspireerd door een foto in Het Parool, kunnen we na onze stadstour dromen. Op alle locaties zagen we een fiere Bertje Kops met een brede grijns, zijn stalen rechtervuist gebald naast zijn middel.

Gerlof Leistra, Patricia Jimmink en Govert Wisse: Kops, worstelfenomeen aan de Weesperzijde, uitgeverij Just Publishers, €21,99

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden