PlusInterview

Naz Kawan (28) runt een duurzaam naaiatelier in Amsterdam: ‘Iemand anders betaalt de prijs voor goedkope kleding’

Naz Kawan: ‘Ik voelde pas trots toen de kleermakers aan het werk konden.’ Beeld Guy Offerman
Naz Kawan: ‘Ik voelde pas trots toen de kleermakers aan het werk konden.’Beeld Guy Offerman

Naz Kawan (28) produceert met atelier A Beautiful Mess duurzame kleding. Al haar kleermakers vluchtten, net als zijzelf, ooit voor oorlog en geweld. Samen strijden ze voor een rechtvaardige mode-industrie. ‘Alleen praten over het mooiste jurkje is niet meer van deze tijd.’

Ze noemt het ‘een verhaal uit duizenden’. Na een aanslag in haar geboorteland Irak, waarbij ze ernstig gewond raakte, vluchtte Naz Kawan met haar moeder en zusje naar Nederland. “Er moesten veel mensen vluchten. Ik ben niet zo bijzonder, hoor.”

“We woonden in Erbil, in het Koerdische deel van Irak. Mijn herinneringen zijn schaars. Wat me bijstaat, zijn twee lieve nonnen die me naar de peuterschool brachten. Ik weet niet of dat echte herinneringen zijn of iets wat ik denk te weten omdat het me later is verteld.”

Kawan (28) kijkt niet graag achterom. “Je hebt geen invloed op je verleden, wel op de toekomst. Dat heb ik van mijn moeder geleerd.”

Het gezin kwam terecht in de Achterhoek. Naz hield van de natuur waarin ze opgroeide. Ze ging branding studeren aan het Amsterdam Fashion Institute (Amfi), en daarna bedrijfseconomie in Almere.

Haar liefde voor mode en een betere wereld kwam samen in haar naaiatelier, A Beautiful Mess, waar ze sinds januari 2019 met een team van kleermakers met een vluchtelingenachtergrond duurzame mode maakt. Inmiddels heeft ze diverse grote opdrachtgevers, waaronder Tommy Hilfiger en Tony Chocolonely.

Dat haar team bestaat uit mensen die door oorlog naar Nederland moesten vluchten, vindt Kawan niet meer dan logisch. “Ik heb een hekel aan het woord vluchtelingen. Alsof je iets tijdelijks bent. Het zijn vakmensen, de beste van de wereld. Ze wonen nu hier en willen hun leven weer opbouwen. Iedereen verdient een tweede kans zonder de eeuwige vluchteling te hoeven zijn.”

Kawan weet piekfijn uit te leggen waar ze mee bezig is. Ze hapert geen enkele keer in haar verhaal. “We produceren niet ver weg, maar gewoon in Amsterdam. Nu nog in de voormalige Bijlmer­bajes, straks aan de Overschiestraat, vlak bij het Hoofddorpplein. Onze kleermakers combineren ambachtelijk vakmanschap met moderne technologie. De werkwijze is duurzaam en waar het kan circulair. Het materiaal dat we gebruiken, bestaat uit restpartijen en ingezameld textiel.”

Met drie andere ondernemers zette Kawan april vorig jaar de Mondmasker­fabriek op. Ook van die onderneming zijn lokale productie en sociale impact de pijlers. Er werken meer dan veertig mensen met een vluchtelingen­achtergrond.

We zitten in een café in de Ferdinand Bolstraat. “Dit is een van mijn favoriete plekjes. Kijk, aan de overkant zie je de oude stamkroeg van André Hazes. Er is altijd gezelligheid.”

Kawan vertelt dat het spannende tijden zijn. “Ik sta op een punt het roer om te gooien. A Beautiful Mess gaat verhuizen, half augustus. Ook gaan we in de nabije toekomst over op een nieuwe naam. Er zijn op dit moment diverse initiatieven onder de naam A Beautiful Mess. Ook in het in buitenland. We willen ons onderscheiden.”

Een volledig naaiatelier verhuizen, dat lijkt me een hele klus.

“Het is lastig omdat we een werkplaats zijn. Met industriële machines waarvoor krachtstroom nodig is. Die is niet overal beschikbaar. Het machinepark maakt daarbij ook best wat geluid. Er staan veel kantoorpanden leeg, maar daar zitten ze niet te wachten op het geluid van een naaiatelier.”

“En tegelijkertijd gaat alles gewoon door. We hebben veel verschillende projecten lopen. Dat is ontzettend mooi om te zien, het betekent dat de vraag naar lokale producten is gestegen. Een positieve les uit de pandemie is dat de mode-industrie en de toelevering niet bestand zijn tegen een wereldwijde lockdown. Ik hoop dat we ons steeds meer gaan realiseren hoe ­in­efficiënt het is om onze kleding aan de andere kant van de wereld te laten maken.”

Kleinschalige naaiateliers zijn uit het stadsbeeld verdwenen, zegt ze. “De textielindustrie is naar Azië verhuisd. Zo’n vijftig jaar geleden hadden we nog tientallen Amsterdamse ateliers waar kleding werd gemaakt, maar nu zijn ze zeldzaam. Dat is ontzettend jammer.”

Wat voelde je toen je voor het eerst je eigen naaiatelier binnenliep?

“Daar stond ik toen niet echt bij stil. Het lijkt achteraf een grote prestatie, maar op dat moment was ik alleen maar bezig met nadenken over hoe ik ­projecten kon binnenhalen. Een bedrijf starten is een ingewikkelde klus en de combinatie van duurzaamheid en sociale impact maakt het een nóg grotere uitdaging. Ik wist niet of het überhaupt ging lukken. Alles wat ik op papier had staan, moest nog gebeuren. Het gevoel van trots kreeg ik pas toen de kleermakers achter hun naaimachines aan het werk konden. Mensen met twintig, soms wel dertig jaar ervaring die alles zijn kwijtgeraakt en nu weer in hun kracht staan. Dat zijn de gelukzalige momenten.”

Hoe kijk je aan tegen de huidige modewereld?

“Ik ben kritisch-optimistisch. Ik weet hoe de gehele supply chain in elkaar zit, ik zie veel kansen om het beter te maken. Mijn interesse in mode is er altijd geweest. Niet zozeer de esthetische kant van fashion, maar meer de producten, de materialen en de herkomst van onze kleding. Waar ik op vastloop, is onrechtvaardigheid binnen de industrie en het gebrek aan transparantie. Het is niet te achterhalen wie onze stoffen allemaal hebben aangeraakt voordat ze hier in Nederland aankomen. Grote bedrijven komen daar gewoon mee weg. Ik moet zeggen dat het in onze Amsterdamse ­bubbel vrij goed gaat. Er zijn veel duurzame initiatieven die bij­dragen aan een schonere industrie.”

‘Pissig worden heeft totaal 
geen zin 
en past ook 
niet bij mij.’ Beeld Guy Offerman
‘Pissig worden heeft totaal geen zin en past ook niet bij mij.’Beeld Guy Offerman

“Alleen praten over het mooiste jurkje is niet meer van deze tijd. Daar ligt de ­sleutel voor veranderingen. Mode gaat om trends, designers, merken en modehuizen. Het menselijke aspect en het vakmanschap ­ontbreken in dit rijtje. Dat vind ik vreemd, want vroeger leefde dit wel in Nederland. Alsof we het stilletjes zijn kwijtgeraakt.”

Waar ligt het begin van de oplossing?

“Het begint altijd met creativiteit. Dat is iets wat we in Nederland kunnen inzetten voor positieve verandering. We moeten stoppen met ons focussen op het mooiste item van het seizoen en meer aanzien creëren voor hoe en waar iets gemaakt is. Kleding wordt nog steeds als ­dis­posable gezien, als wegwerproduct. Die gedachte wil ik veranderen. Een product heeft een verhaal en het is aan ons dit te vertellen.”

“De disbalans zit ’m heel erg in de wil, die er ongetwijfeld is, en de verleiding van bijvoorbeeld een Primark die midden in het centrum van Amsterdam wordt neergezet. Het is geen eerlijke wedstrijd voor de kleine, duurzame, creatieve initiatieven in een speelveld met grote, rijke bedrijven. Ik hoop dat we in Nederland gaan beseffen dat iemand anders de prijs betaalt voor de goedkope kledingstukken in de rekken.”

Word je weleens pissig als je iemand met een Primark-tas over de Dam ziet slenteren?

“Ik ben niet kritisch op de consument. Wel op de bedrijven. Bij de consument vind ik hoop. Ik heb de hoop dat mensen zich steeds bewuster worden van wat ze willen dragen. Ik wil de consument laten nadenken over koopgedrag, omdat we als collectief meer macht hebben bedrijven te beïnvloeden. Pissig worden heeft totaal geen zin en past ook niet bij mij.”

Het lijkt erop dat grote bedrijven duurzaamheid ook belangrijk gaan ­vinden. Althans, dat zeggen ze. Worden we in de maling genomen?

“Veel grote merken lanceren naast de reguliere collectie ook een duurzame lijn. Dat is in de kern natuurlijk goed omdat ze een stap maken, maar het is eigenlijk de verkeerde manier. Hun producten worden nog steeds gemaakt aan de andere kant van de wereld.”

Vaak wordt gezegd: als we de textiel­industrie hierheen halen, hebben de werknemers in Azië geen banen meer. Zit daar een kern van ­waarheid in?

“Zo zwart-wit is het niet. De industrie in Azië zal geen knauw krijgen als wij in Nederland het initiatief nemen de textielproductie terug te halen. En we moeten ergens beginnen. Ik geloof in lokaal produceren, maar ben realistisch genoeg om te snappen dat we nooit honderd procent lokaal kunnen leveren. Gelukkig zijn er over de hele wereld creatievelingen die elkaar versterken.”

Bijvoorbeeld?

“Ik werk samen met een initiatief uit New York: Queen of Raw. Dat heeft patent op een technologie waarmee je wereldwijd stof kunt traceren.”

Wat moeten we ons daar precies bij voorstellen?

“Jaarlijks vernietigen we miljoenen ­tonnen kleding. Queen of Raw traceert en registreert dit materiaal en redt het van de brandstapel. Eind 2020 hebben we via deze samenwerking vierduizend meter afgenomen. Daar hebben we zesduizend schorten van gemaakt voor een grote klant. Ik hoop dat we over tien à vijftien jaar onze Nederlandse mode volledig uit het landelijke textieloverschot kunnen maken.”

Zijn hier genoeg kleermakers om het vakmanschap opnieuw op de kaart te zetten?

“Binnen de vluchtelingenstroom zitten veel mensen die afkomstig zijn uit Syrië. De textielindustrie daar was voor de oorlog vergelijkbaar met wat het nu in India of Bangladesh is. Deze vakmensen zijn massaal naar Europa gevlucht. Veel naar Italië, waar mode natuurlijk een grote rol speelt. Dus ja, er zijn ontzettend veel mensen die het vak in Nederland nieuw leven kunnen inblazen; een hele stroom mannen en vrouwen die ervoor opgeleid zijn. Daarvoor is wel nodig dat we ze als volwaardig zien in plaats van als tweederangsburgers die hier overal achter in de rij moeten aansluiten.”

De plekken zijn beperkt. Ook jij kunt niet iedereen een kans geven.

“Dat vind ik wel lastig. Ik wil zoveel mogelijk mensen helpen. Er komen veel telefoontjes en brieven binnen van kleermakers die ook dolgraag voor A Beautiful Mess willen werken. Stuk voor stuk vakmensen voor wie ik nog geen plek heb. Dat is erg frustrerend.”

Veel van je werknemers waren ooit slachtoffer van oorlog en geweld. Hou je daar extra rekening mee?

“Iedereen is gefocust op de ­toekomst. Ik werk niet met vluchtelingen, maar met getalenteerde vakmensen. Er wordt een beeld geschetst dat mensen met een vluchtelingen­achtergrond een kwetsbare doelgroep zijn. Maar het zijn vooral gewoon mensen zoals jij en ik. Sterke mensen die veel hebben meegemaakt en een nieuwe start willen maken.”

‘Geen mens wil behandeld worden als 
een hulpeloos wezen.’ Beeld Guy Offerman
‘Geen mens wil behandeld worden als een hulpeloos wezen.’Beeld Guy Offerman

“Een van de grootste fouten is dat we mensen zo snel mogelijk aan het werk ­willen helpen, maar er niet wordt gekeken naar het talent van het individu. Een achtergrond hoort geen belemmering te zijn. Dat moet en kan anders.”

Heb jij je ooit ‘de vluchteling’ gevoeld?

“Ik ben als ieder ander. Ik zie de wereld als een groot geheel. Een plek waarin we allemaal kleinere mechanismen zijn. Als je zelf hebt ervaren hoe het is om in een vreemd land te belanden, raak je je gevoel van nationalisme kwijt. Ik voelde me niet Nederlands en niet Irakees. Wat ben ik dan, dacht ik weleens. Maar dat gevoel werd niet veroorzaakt door hoe mensen mij behandelden. Het kwam uit mijzelf.”

“Ik heb op jonge leeftijd veel meegemaakt en ben daardoor snel volwassen geworden. Grote veranderingen brengen je terug naar de basis. Die basis is voor mij dat niemand ondergeschikt is aan de ander. Het gaat om wat we samen kunnen bereiken. Geen mens wil behandeld worden alsof hij een hulpeloos wezen is. Het enige wat je wil, is je waardigheid terugkrijgen. En dat kan alleen als je een nieuw, volwaardig bestaan mag opbouwen. Daar ligt de essentie.”

Kawan is ambassadeur bij One Young World, een organisatie uit Londen die jonge leiders uit de hele wereld selecteert die zich hard maken voor duurzaamheid of sociale impact. Ze worden toegesproken en begeleid door mensen als de Canadese premier Justin Trudeau, Richard Branson, voormalig Iers president Mary Robinson, John Kerry en Desmond Tutu. Op diverse congressen, zoals CogX in Londen en ChangeNow in Parijs, dragen zij hun ambassadeurschap uit. En ze houden ­sessie met verschillende counselors.

Kawans laatste sessie was een een-op-eengesprek over de vluchtelingencrisis met de Britse film- en theaterregisseur ­Stephen Daldry (The Crown, Billy Elliot). “Hij heeft ook The Good Chance Theatre opgericht. Die organisatie gebruikt in vluchtelingenkampen storytelling om mensen hun gevoel van waardigheid terug te geven. Hij zei: ‘If your life is in suspension, one of the things that is stolen from you is your narrative. The past has gone, the present is only what is in front of you. And the future is unknown.’ Storytelling werkt helend.”

Ook belandde Kawan in de Top 100 Women in Social Enterprise, een door het Euclid Network en de Europese Commissie opgestelde lijst met vrouwen die zich met hun bedrijf inzetten voor de maatschappij. “Dat is een enorme eer. Ik vind het mooi dat er een feministisch kantje aan zit. Het doel is te inspireren, zodat we hopelijk in de toekomst meer vrouwen in de bestuurskamers zien.”

Ik las dat je ondanks dit alles weleens wordt onderschat. Hoe is dat mogelijk?

“Dat komt doordat ik een jonge vrouw ben. Mensen met meer ervaring denken soms dat ze een loopje met je kunnen nemen omdat je jong en onervaren bent. Het heeft niets met de inhoud te maken. Natuurlijk voel ik me dan klein gemaakt. Alsof ik een klein meisje ben. Dat duurt gelukkig maar heel even, een seconde of vijf. Ik vat dingen niet snel persoonlijk op en heb een dikke huid. Boos worden verdient mijn energie niet.”

“Door wat ik heb meegemaakt, ken ik twee soorten problemen: grote en kleine. Iets is zelden een groot probleem. En kleine problemen zie ik als een kans om tot een oplossing te komen. Ik heb een groot moreel kompas dat me heeft geleerd altijd vanuit de inhoud te handelen.”

Je bent iemand die een hoop bagage met zich meedraagt...

“Ik heb een aanslag overleefd. Achteraf is dat een medisch wonder te noemen. Ik wil liever niet vertellen wat er is gebeurd. Ik ben op jonge leeftijd mijn onschuld verloren. Ik heb gezien hoe onrecht zich kan uiten en heb het direct gevoeld. Het heeft me gevormd tot de vrouw die ik nu ben en het zegt alles over het werk dat ik doe. Het is de essentie van mijn bestaan.”

Vormt dit ook de basis voor A Beautiful Mess?

“Ik ben dankbaar voor de veiligheid die we hebben teruggevonden. We zijn ontzettend goed opgevangen in Nederland. Mijn moeder heeft me geleerd mijn focus op de toekomst te houden en in onmogelijke situaties kansen te zien en te creëren. Als je alles kwijtraakt, ga je anders naar de wereld kijken. Je kijkt vooruit. Ik vind het lastig om in het moment te leven en ben altijd bezig met wat er gaat komen. Toekomstgericht leven maakt dat duurzaamheid zo belangrijk voor me is. Die passie is een product van wat ik heb meegemaakt.”

Je hebt het vooral over de talenten van andere mensen. Vind je het lastig om over jezelf te praten?

“Ja, sommige dingen vind ik lastig om te delen, omdat ik niet vind dat het daarover moet gaan. Ik ben bang dat het afleidt. Over details uit het verleden praat ik liever niet omdat de toekomst belangrijker is. Wat er allemaal is gebeurd, heeft me littekens gegeven, maar ik heb ook heel veel geluk gehad. Op dat geluk ligt mijn focus.”

“Het geluk dat ik heb in het leven moet ik teruggeven in mijn werk. Het mag niet voor niks zijn. Ik hoop dat ik mensen kan inspireren en kan laten zien dat de kracht van het individu positieve verandering teweeg kan brengen. Ieder mens telt. Ieder mens heeft talent. Ieder mens verdient het om het beste uit zichzelf te halen. Er gebeuren altijd dingen waarop je geen invloed hebt. Daarom moeten we ervoor zorgen dat je iets moois maakt van alles waar je wél invloed op hebt.”

null Beeld

Naz Kawan

Erbil (Irak), 24 januari 1993

1997 Aangekomen in Nederland
1999 Basisschool Jan Ligthart, Zelhem
2005 Rietveld Lyceum, Doetinchem
2014-2015 Studie branding, Amsterdam ­Fashion Institute
2015-2019 Studie bedrijfseconomie, Hogeschool Windesheim, Almere
2019 Oprichting A Beautiful Mess
2019 Ambassadeur bij One Young World
2020 A Beautiful Mess wint de Tommy Hilfiger Award voor meest innovatieve en inclusieve start-up in de mode-industrie
2021 Belandt in de Top 100 Women in Social Enterprise

Kawan woont in het centrum van Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden