Proefwerk

Mayur (7,5)

Indiaas restaurant Mayur, sinds 1981, werd het afgelopen jaar drastisch opgehipt. Het blijft er ouderwets lekker.

Mayur aan de Korte LeidsedwarsstraatBeeld Rink Hof

Mayur was één van de eerste Indiase restaurants van de stad. Balraj aan de Haarlemmerdijk bestaat nog net iets langer.

Als het eindelijk koud wordt wil ik geen stamppot of snert, maar snak ik naar vindaloo, samosa's, raita en onion bhaji. En ik zal het maar eerlijk toegeven: stiekem ben ik zo'n barbaar die bij een Indiaas restaurant de pappadums - knapperige 'kroepoek' van zwarte linzen of split-mungbonen met komijn- die je er standaard als hapje vooraf krijgt - vaak het allerlekkerste vindt.

Ik ben niet de enige: toen ik een lange, donkere, waterkoude winter in Londen woonde ging ik bijna wekelijks Indiaas eten, in een straat met wel honderd Indiase restaurants waar je door vriendelijke (of ronduit opdringerige) Tamils en Bengali's wordt binnengelokt met een zangerig 'Pappadum? Free pappadum?' - als een klankdicht.

Nederland heeft om koloniale redenen lang niet zo'n uitgebreide Indiase restaurantcultuur als Engeland, maar er is wel degelijk een aantal behoorlijke zaken. Mayur bestaat sinds 1981, en is daarmee één van de eerste van Amsterdam - de oudste is Balraj op de Haarlemmerdijk die er vier jaar eerder al was.

Inrichting
De wat stoffige inrichting van het grote Mayur werd het afgelopen jaar door de zoon van de Indiase familie die de zaak runt dramatisch gemoderniseerd: de zaak is nu chic, duister, zacht en loungy, met kaarslicht, oude houten deuren en geinige details.

Door een raam achterin kijk je de keuken in, waar de koks hun spiezen in de tandoor steken, de grote, cilindervormige oven van klei zoals je die in Noord-India veel ziet (maar deze manier van roosteren is niet uitsluitend Indiaas: het gebeurt helemaal tot in Irak).

De bediening is voorbeeldig aardig en voorkomend. Er is, naast een voor dit type zaak zeer uitgebreid wijnaanbod, een interessante cocktailkaart met veel oosterse ingrediënten (wel enigzins aan de prijs).

Menu
Het menu is heel traditioneel; wat gefrituurde en geroosterde voorgerechten, twee biryani's, tandoorgerechten en een rij curry's (waarvan een lange lijst vegetarisch). Ook zijn er twee 'tasting menu's' die een mezze-achtige opzet hebben, met allemaal kleine bakjes. Die nemen we: éénmaal regulier (€37,50) en éénmaal vegetarisch (€34,50).

Het gewone menu begint met een keur aan hapjes uit de tandoor: stukjes sappige kip in verschillende marinades, lamsvlees en een garnaal. Het vlees is, alvorens aan lange spiezen te worden geroosterd, pittig gemarineerd; eerst in yoghurt en daarna in de bekende knalrode kruidenmix.

Oorspronkelijk kwam die rode kleur van het vele chilipoeder, maar tegenwoordig wordt ook vaak kleurstof toegevoegd. Het smaakt allemaal goed, al is bij de grote garnaal het darmkanaal niet verwijderd, wat echt een beginnersfout is die we toch nog vrij regelmatig tegenkomen. Garnalenpoep, mensen, dat is niet lekker.

Vegetarisch
In het vegetarische menu beginnen we met een samosa, een gefrituurd pasteitje gevuld met aardappel en doperwtjes. Het deeg is mij iets te dik (ik hou meer van de knapperige filo-driehoekjes) maar de vulling smaakt goed. Een pakora (ook wel bekend als onion bhaji) is een fritter van ui en (vaak) aardappel in een kikkererwtenbeslag. Deze is vers en heerlijk.

Tussendoor delen we een mulligatawny (€7,50): gladde linzen-kerriesoep met een citroentje, vrij subtiel maar opwekkend qua pittigheid en kruiderij. De soep is eigenlijk Brits: het originele Indiase gerecht was geen soep maar een saus, die geserveerd werd met rijst. Die rijst vinden we nu nog terug ìn de soep.

Beide hoofdgerechten zijn een soort schilderspaletten van kleurige bakjes rond een middenbord. Het vlezige gedeelte (met onder andere lamscurry, chicken tikka masala, butter chicken) is prima en wederom lekker, maar niet hemelbestormend.

Het vegetarische palet bevalt beter, met erg lekkere saag (een zachte saus van spinazie met veel fenegriek en andere kruiden), goede paneer (Indiase verse kaas) in een milde saus op basis van cashewnoten, tomaten, room en boter, een smakelijke linzencurry, geroosterde, pittige bloemkool en een werkelijk verrukkelijke auberginecurry. Beide hoofdgerechten worden begeleid door lekker gistige naan, aloo matter (aardappelen en doperwten), prima rijst en raita.

Dessert
Als dessert delen we een bordje kulfi, Indiaas ijs van gecondenseerde melk met gehakte pistache. Die is (zoals vaker) een beetje gekristalliseerd, maar wel smakelijk.

Mayur blijft een traditioneel Indiaas restaurant in een modern jasje - de prijzen liggen wel iets hoger dan gemiddeld, maar de ingrediënten zijn goed en het is allemaal vrij subtiel gekruid en mooi gebalanceerd.
Echt iets voor een heel koude avond.

Hiske VersprilleBeeld Linda Stulic
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden