Amsterdammer helpt Amsterdammer

Matouma wil een oppas voor de kinderen: ‘Mijn man en ik willen verder groeien in het leven’

Matouma Kourouma (28) is moeder van vier dochters en ook nog student. Vanwege haar stage kan ze de kinderen niet altijd van school halen. Daarom vraagt ze een bijdrage voor een oppas. Kosten: 600 euro.

Matouma Kourouma wordt verzorger in het ziekenhuis, als ze steun krijgt voor een oppas tijdens haar stage. Beeld Eva Plevier
Matouma Kourouma wordt verzorger in het ziekenhuis, als ze steun krijgt voor een oppas tijdens haar stage.Beeld Eva Plevier

Vanaf het bankje tegenover haar flat in Amstelveen zwaait Matouma Kourouma vrolijk naar een buurman. “Dit is best een gezellige buurt. Via mijn kinderen heb ik veel mensen leren kennen, andere moeders ook,” vertelt ze.

Contact is belangrijk voor Kourouma. Een groot deel van haar leven is ze erg eenzaam geweest. Ze groeide op in het West-Afrikaanse land Guinee, waar ze, vanwege de ziekte van haar vader, bij een oom en tante in huis woonde.“Tot mijn vijftiende ging ik daar wel naar school, maar ik kon me vaak niet concentreren, omdat ik dan dacht aan hoe moeilijk het thuis was,” vertelt ze.

Kourouma moest hard werken van haar oom en tante.“Om water te halen moest ik zeven kilometer lopen met een grote jerrycan op mijn hoofd. En we hadden natuurlijk geen wasmachine. Een keer per week moest ik alle was doen, met de hand, voorovergebogen. Daar heb ik nu nog steeds rugpijn van.”

Uitgehuwelijkt

Als ze weigerde of moe was, werden oom en tante kwaad en kreeg Kourouma niet te eten. Op haar zeventiende werd ze, tegen haar wil, uitgehuwelijkt aan een veel oudere man die al drie vrouwen had. “Ook daar mocht ik nergens tegen ingaan,” vertelt Kourouma met haar ogen neergeslagen. “De andere vrouwen waren ouder dan ik, dus die moest ik gehoorzamen. Ze waren nooit lief tegen me, sloegen me.”

Op haar achttiende kreeg Kourouma haar eerste kind, een dochter. Kort daarna besloot ze te vluchten. Ze betaalde een smokkelaar die haar het land uit hielp, waarnaartoe vertelde hij haar niet. “Ik had geen idee waar ik terecht zou komen. We hadden geen internet, dus ik wist helemaal niet hoe de rest van de wereld eruitzag.”

Tweeling

Haar dochter moest ze in Guinee achterlaten bij een vriend, die voor haar zou zorgen tot Kourouma ergens landde. In 2010 ontdekte ze in het azc in Brabant dat ze opnieuw in verwachting was, van een tweeling dit keer. “Dat was stressvol, maar ik was ook heel erg blij. Ik was helemaal alleen in Nederland, kende niemand. Mijn baby’s waren wel mijn familie.”

Per toeval ontmoette ze in de bus een andere vrouw uit Guinee, die haar in contact bracht met een man die met vluchtelingen werkte. “Hij had zo met me te doen, met mijn baby’tjes… Hij werd onze ‘opa’. Nog steeds is hij er voor ons – met de kinderen, of om te helpen met moeilijke brieven,” vertelt ze stralend.

Kort na de geboorte van haar tweeling kreeg Kourouma een verblijfsvergunning en een woning in Amstelveen, waarna ook haar oudste dochter naar Nederland kon komen (zie kader). Ze leerde Nederlands en begon aan een opleiding. “Ik wilde leren, maar het was wel zwaar. Ik was veel alleen, down.”

Toch stribbelde ze tegen toen haar beste vriendin haar wilde koppelen aan een nieuwe man. Een Guinese man, woonachtig in België. “Na veel aandringen van mijn vriendin heb ik hem toch maar ontmoet. Ze had gelijk, hij is lief, echt een goede man. We zijn naar Guinees gebruik getrouwd en hebben nog een kindje gekregen.”

Opvangprobleem

Nu ze er niet meer alleen voor staat, wil Kourouma verder leren. Ze is begonnen aan de opleiding verzorgende individuele gezondheidszorg. “Het was altijd mijn droom om in het ziekenhuis te werken als verpleegkundige, maar daarvoor kan ik niet goed genoeg lezen en schrijven. Nu word ik verzorger, ook erg leuk.”

Voor de opleiding loopt Kourouma stage bij Cordaan in de Jan van Galenbuurt. Ze vindt het fijn om te werken, maar omdat haar man ’s middags Het Parool bezorgt, zit ze met een opvangprobleem. Daarom vraagt Kourouma om een bijdrage van 600 euro, zodat ze de rest van dit schooljaar twee middagen in de week een oppas kan betalen. “Mijn man en ik willen verder groeien in het leven, maar om dat te doen hebben we hulp nodig met de kinderen.”

Stuur uw reactie met vermelding van telefoonnummer naar aha@parool.nl

Gezinshereniging voor vluchtelingen

Vluchtelingen raken veelal gescheiden van hun directe familie wanneer ze hun thuisland verlaten. Wanneer een vluchteling in Nederland een verblijfsvergunning heeft gekregen, kan hij of zij daarom gezinshereniging aanvragen. Gezinsleden (man/vrouw/kinderen) die aankomen in Nederland krijgen dan dezelfde status en rechten als het familielid dat hun voorging.

Een aanvraag tot gezinshereniging dient wel binnen drie maanden na het verkrijgen van de verblijfsvergunning te worden gedaan, anders gelden er striktere regels voor deze familieleden. In 2019 reisden 4179 mensen via deze regelingen hun familie in Nederland achterna.

Marcel van der Heijden. Beeld Eva Plevier
Marcel van der Heijden.Beeld Eva Plevier

De wens van vorige week: ‘Eenzaamheid is een van de ergste dingen die je kan overkomen’

Na het overlijden van haar man, vijf jaar geleden, raakte Kaltoum El Oikili (51) in een isolement. Een driewieler met trapaandrijving zou helpen weer wat meer naar buiten te treden. Marcel van der Heijden doneert.

Op 18-jarige leeftijd trok Kaltoum El Oikili vanuit het Rifgebergte in Marokko, via het Spaanse San Sebastian, naar Nederland. Ze trouwde met een bekende van haar vader en sindsdien woont ze in de Indische Buurt. Hoewel het leven in Amsterdam comfortabeler was dan haar jeugd in Marokko en Spanje, had El Oikili het hier niet makkelijk. Op haar 21ste werd haar eerste dochtertje doodgeboren, iets waar ze tot vandaag veel verdriet van heeft. Ook was haar man veel van huis.

Toen hij tien jaar geleden een hersentumor kreeg, heeft El Oikili alles op alles gezet om zijn laatste jaren zo aangenaam mogelijk te maken. Toch trok zijn dood diepe breuklijnen door het gezin, waardoor zij in een isolement kwam. Vrijwilligerswerk bij hulporganisatie Life & Style was het enige dat haar nog de deur uit kreeg. Nu zou El Oikili graag wat meer van de stad willen zien en vaker naar buiten gaan, maar dat is lastig vanwege een nare hernia. Een driewieler met trapaandrijving zou een enorme uitkomst zijn.

Ondernemer Marcel van der Heijden (37) levert graag een bijdrage. “Acht jaar geleden overleed mijn vader en sindsdien wordt mijn moeders actieradius bepaald door haar elektrische scootmobiel. Kaltoums verhaal raakte me. Als we iets hebben geleerd het afgelopen jaar is het wel dat eenzaamheid een van de ergste dingen is die je kunnen overkomen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden