Plus Recept van de dag

Makreel met koriandersalsa

Samuel Levie staat op de bres voor goed voedsel en zoekt de verhalen achter ons dagelijks eten.

Samuel Levie Beeld Mark van der Zouw

Mijn ouders hebben al sinds ik me kan herinneren dezelfde keuken. Zwarte kasten met houten frames, een granito aanrecht en een net iets te laag hangende afzuigkap afgewerkt met wit hout. Aan die afzuigkap stootte ik minstens honderd keer mijn hoofd en op die afzuigkap stond een herinnering van mijn zusje aan degene die zijn hoofd stootte. Of eigenlijk aan iedereen die aan het koken was. De strekking was: ‘In deze keuken wordt niet met ­peterselie of koriander gekookt. Als je dat wel doet dan eet ik niet mee. Of ik ga kotsen.’ En dus werd er bij ons thuis niet met koriander gekookt.

Misschien speelt mijn zusjes korianderfobie en antikruidentirannie er wel in mee dat ik nu het liefst in ongeveer elke maaltijd een bos koriander verwerk. Koriander is een absoluut favoriet kruid. De mens is in twee soorten in te delen. De soort die wel van koriander houdt: ik dus. En de soort die koriander als extreem zepig ervaart en er dus van wegblijft: mijn zusje.

Van de week stond ik in de keuken toe te kijken hoe ­iemand keurig de blaadjes van een bos koriander stond af te plukken om ze vervolgens fijn te snijden en de steeltjes weg te gooien. Ik moest even slikken toen ik zag dat het grootste deel van mijn favoriete kruid in de prullenbak eindigde. Ik vroeg een beetje rond in mijn omgeving en wat bleek? Mensen gooien koriandersteeltjes massaal weg! Waarom? Joost mag het weten.

Als koriandergrootverbruiker en -liefhebber is het tijd om in te grijpen. Voor wie het nog niet wist: koriander kun je in zijn geheel eten. De fijne blaadjes pluk je over een soep, doe je in je taco of verwerk je in een salsa. De stelen kun je ragfijn snijden en op dezelfde manier serveren. ­Koriander gaat goed met pit en zuur, maar verliest snel smaak en wordt muffig als je hem verhit. Veel koriander op het laatste moment. Daar wordt alles lekkerder van.

Makreel met koriandersalsa

Ingrediënten
2 makrelen
olie
4 jalapeño’s
1 bos koriander
2 bosuitjes
1 tl grof zeezout
1 el wittewijnazijn
sap van 1 limoen
3 el olijfolie
2 gekookte maiskolven

Bereiding
Wrijf de twee makrelen in met zout en leg minstens een uur koud in de koelkast.

Leg de jalapeño’s op de barbecue en blaker rondom tot ze verkolen. Je kunt het buitenste schilletje er nu makkelijk aftrekken.

Snijd de bos koriander en de bosui en doe deze samen met de jalapeño’s en een theelepel grof zeezout in een vijzel. Vijzel tot de blaadjes zijn gebroken. Doe hier de wittewijnazijn en ­het limoensap bij en vijzel tot er een papje ontstaat. Roer hier nu ook de olijfolie doorheen.

Smeer de maiskolven en makrelen in met een beetje olie. Grill de makrelen en de mais op de barbecue. Serveer met koriandersalsa. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden