PlusAchtergrond

Leuk of niet: dit kun je maar beter nu alvast weten over je pensioen

Onvermijdelijk: wie 65 wordt, denkt aan zijn pensioen. Hoewel je tegenwoordig later AOW krijgt, kan je financiële situatie dan al veranderen. Waar moet je rekening mee houden?

null Beeld Yoko Heiligers
Beeld Yoko Heiligers

Pensioenleeftijd

De leeftijd waarop je AOW krijgt, het basispensioen van de overheid, is op dit moment 66 jaar en 4 maanden. Die leeftijd wordt elk jaar iets opgeschroefd. In 2024 is de leeftijd 67 jaar. Die stijgt dan nog langzaam door tot uiteindelijk 68 jaar. De AOW bedraagt circa 1338 euro per maand voor een alleenstaande en 909 euro voor een gehuwde of samenwonende, inclusief vakantiegeld.

“Veel mensen hebben tijdens hun werkende leven verschillende potjes pensioen opgebouwd,” zegt finan­cieel planner Iris Brik. “Vooral bij de wat oudere mensen vallen die potjes vrij rondom hun 65ste levensjaar. Het levert financieel voordeel op om er een beetje mee te schuiven. Je kunt er bijvoorbeeld voor kiezen door te werken tot je AOW-leeftijd en de maandelijkse uitkering pas later te laten uitbetalen. De uitkering wordt dan iets hoger. Dat kan voordelig zijn omdat de belasting lager is na het bereiken van de AOW-leeftijd.”

Eerder stoppen

Je mag altijd eerder stoppen met werken, maar dan moet je de periode tot de AOW wel overbruggen met eigen geld. Als je pensioen hebt opgebouwd, kun je dat gaan opnemen vanaf vijf jaar voor je AOW-leeftijd. Alleen krijg je dan maandelijks een lager pensioenbedrag dan wanneer je zou doorwerken tot je AOW-leeftijd. Ook kun je ervoor kiezen in deeltijd te gaan werken en een gedeelte van je pensioen te laten uitkeren.

“Het is nu nog lastig om eerder dan vijf jaar voor de AOW-leeftijd te stoppen,” zegt Brik. “Ook mag je niet opnieuw gaan werken als je bent gestopt. In het nieuwe pensioen­akkoord zijn de regels veel flexibeler. Er is afgesproken dat je tot tien jaar voor je AOW-leeftijd mag stoppen, maar ook weer kan beginnen als je dat wilt.” De nieuwe pensioenwet treedt uiterlijk 1 januari 2023 in werking (zie kader ‘Nieuw akkoord’).

Doorwerken

Sommige mensen kunnen niet wachten tot ze van hun oude dag kunnen gaan genieten, maar er zijn ook mensen die er niet aan moeten denken om te stoppen met werken. Gelukkig hoeft dat ook niet. Het wordt zelfs steeds gemakkelijker om door te werken na je AOW-leeftijd, want de overheid stimuleert dat. Je kunt in loondienst blijven bij een werkgever als die dat goed vindt. Maar je kunt ook kiezen voor een bijbaan. Of je gaat aan de slag als zelfstandig ondernemer.

Je kunt je pensioen laten uitbetalen naast het inkomen dat je verdient uit werk. De AOW krijg je sowieso uitbetaald. Waarschijnlijk wordt het straks ook mogelijk om de AOW-uitkering uit te stellen, zodat je meer krijgt als je later stopt met werken.

Minder belasting

Voor werkenden zijn er op dit moment twee belastingschijven: 37,1 procent voor een inkomen tot 68.508 euro en 49,5 procent voor een inkomen vanaf dat bedrag. Voor AOW-gerechtigden zijn er drie schijven. Er is een eerste schijf van 19,2 procent voor een inkomen tot 35.129 euro. Vanaf dat bedrag gelden dezelfde schijven als bij niet-gepensioneerden. “Maar houd er rekening mee dat de belastingaftrek dan ook lager wordt,” zegt Brik. “Dat is van belang voor de hypotheekrente en eventuele alimentatie.”

Ouderen hebben naast de gebruikelijke heffingskortingen ook recht op (alleenstaande) ouderenkorting bij de aangifte. Als je pensioen krijgt voordat je de AOW-leeftijd hebt bereikt, kun je niet gebruikmaken van de lage schijf. “Soms is het beter om eerst spaargeld op te maken en pas pensioen op te nemen als je gebruik kunt maken van de lagere schijf,” adviseert Brik. “Spaargeld levert nu toch niks op.”

Minder hypotheekaftrek

“Veel mensen kopen nog een huis nadat hun kinderen de deur uit zijn gegaan. Daarom hebben pensioen­gerechtigden vaak nog een hypotheek,” zegt Brik. “Aftrek van hypotheekrente kan echter lager uitvallen als het inkomen lager wordt en in een andere belastingschijf komt. Ook mag je maximaal dertig jaar hypotheekrente aftrekken. Na die periode worden brutolasten nettolasten. Dat kan veel geld schelen, zeker bij mensen die dertig jaar eerder een aflossingsvrije hypotheek hebben afgesloten.”

Ook na de pensioengerechtigde leeftijd kun je een hypotheek krijgen. “Dat weet niet iedereen,” merkt Brik. “De bank kijkt of je voldoende inkomen hebt om de rente en aflossing te betalen. Daarnaast moet het onderpand voor de bank voldoende dekking bieden voor de lening. Vanaf de leeftijd van 58 jaar rekent de bank met je pensioeninkomen en kun je dus misschien minder lenen.”

Voordeeltjes

Omdat koopkracht niet is gebonden aan ouder worden zijn veel seniorenkortingen afgeschaft. Toch kunnen ouderen nog aanspraak maken op enkele voordeeltjes. In de bus, tram en metro ontvang je vanaf 65 jaar automatisch 34 procent korting met een persoonlijke ov-chipkaart. Ook voor treinreizen zijn er speciale aanbiedingen en voordeelabonnementen voor 65-plussers. Die kun je vinden op de website van de NS.

Sommige steden kennen een stadspas voor senioren, waarmee je korting krijgt op bijvoorbeeld musea. Diverse attractieparken, zoals de Efteling, Toverland, Linnaeushof en recreatiepark Duinoord, geven een paar euro korting op een toegangskaart. En als je toch voldoende vrije tijd hebt, kun je misschien ook goedkoop naar de film gaan. De meeste bioscopen hebben speciale aanbiedingen voor middagvoorstellingen voor senioren.

Nieuw akkoord

Alle betrokken partijen zijn er nog niet helemaal uit, maar het staat vast dat ons pensioenstelsel op de schop gaat.

Bijna alle oude regelingen vervallen en worden vervangen door een nieuwe regeling die voor iedereen gaat gelden. Na een overgangsfase moet het nieuwe pensioenstelsel per1 januari 2023 een feit zijn.

“Dat geldt dan ook voor mensen die al met pensioen zijn,” zegt Brik. “Dus het raakt ons allemaal. Het verschil met de oude regeling is dat pensioenen gaan meebewegen met de beurs. Dat kan voordelig uitvallen, maar ook minder voordelig.”

“In het huidige stelsel betalen de jongeren voor de ouderen; ook dat wordt anders. Straks spaart iedereen zijn eigen potje bij elkaar en heb je geen harde toezegging meer dat je een vaste uitkering krijgt. In plaats daarvan spaar je een bedrag en aan de hand daarvan krijg je een uitkering die fluctueert met de beurs. Dat kan invloed hebben op je planning. Als je bijvoorbeeld eerder wil stoppen met werken, lukt dat niet als de beurs net in elkaar is geklapt.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden