PlusBart van der Put

Kunnen we ons nog onderdompelen in een filmfestival?

Kunnen we ons nog onderdompelen in een filmfestival? Filmcriticus en landrot Bart van der Put worstelt met de drooglegging.

Beeld Het Parool

De stad was een walmende bende. De vuilnismannen ­waren al weken in staking. Het vuil en de ratten deerden ons niet, want we beleefden als nieuwbakken Amsterdammers het ene avontuur na het andere. Op een avond liepen we langs Tuschinski waar we werden aangesproken door iemand van een filmfestival. Of we de première van de nieuwe Fellini wilden bijwonen. De nieuwe Fellini? ­Natuurlijk wilden we dat.

Zo belandden we met hoogopgewerkt vogelverschrikkerhaar in doodgraverstenue bij de Nederlandse gala­première van Fellini’s E la nave va. Er waren meer gasten. Alle hoofdrolspelers van de film zouden na de voorstelling op het podium verschijnen en mijnheer Fellini was onderweg, verklaarde de gastheer.

We bevonden ons op de eerste editie van een nieuw internationaal filmfestival. Na de vermakelijke kennismaking met het maritieme circus van Fellini bleek de maker aan het ziekbed van zijn moeder te zijn gekluisterd. Maar hij had een telegram gestuurd. Fellini!

Ik vond E la nave va niet zo goed als Amarcord, Roma of Casanova en het was jammer dat mijnheer Fellini verstek liet gaan, maar Amsterdam stelde niet teleur. In Eindhoven zaten we begin 1983 in de zaal met Wim Verstappen en een luidruchtig beschonken Rijk de Gooyer, bij de Brabantse première van hun botersmokkelfilm De Zwarte Ruiter. Een half jaar later werden we voor Tuschinski van de straat geplukt voor de nieuwe Fellini. Omdat we er op gekleed waren.

Felliniaanse draai

Ons avontuur ging nog jaren door, maar het nieuwe internationale filmfestival was geen lang leven beschoren. Het met airbrushtechniek nageschilderde hoofd van Marilyn Monroe op de lelijke festivalposter zal niet hebben geholpen. Er gaat zeker iets mis wanneer je de galapremière van de nieuwe Fellini niet uitverkoopt. Maar het is herhaaldelijk benoemd: een stad als Amsterdam verdient een groot filmfestival met een internationale uitstraling. Zoals ze dat in Rotterdam hebben.

Amsterdam heeft ook een internationaal filmfestival van belang, maar het Idfa richt zich uitsluitend op documentairefilms. Daar krijgen ze geen telegram van Fellini. Maar ik had er in 2002 wel een onderhoud met de Canadees Damian Pettigrew, die zijn twaalf uur durende interview met de onsterfelijke Italiaan tot de fraaie documentaire Fellini: Je suis un grand menteur had bewerkt. Het gesprek begon ongemakkelijk, omdat mijn mineraalwater bij de kennismaking geheel over de broek van de Canadees ging en hij er desondanks op stond drie kwartier over Fellini, diens imago en het cinefiele leven te praten.

Terwijl de pantalon langzaam opdroogde, werden we ons beiden bewust van de Felliniaanse draai die het ongelukje aan het onderhoud gaf. En het was al een rare doorkijksituatie: een interview over een interview met een leugenachtige filmmaker, die met Intervista zelf al een film over het fenomeen interview had gemaakt. Die natte broek kon er wel bij.

Splijtzwam

Komende week is er een festival dat me ook de nodige herinneringen bezorgde. Het in april afgelaste Imagine Filmfestival organiseert een verschrompelde hybride editie, met festivalfilms op het beeldscherm thuis, een enkele première in Eye en een handvol voorstellingen in een dunbevolkt Kriterion. Daar zat het stampvol toen beroemde genrefilmmakers als de Amerikaan Wes Craven (Scream) en de Italiaan Dario Argento (Suspiria) de oeuvreprijs van het festival in ontvangst namen. Argento bezocht het festival vaker. Er was altijd opwinding, want de Italiaan wordt aanbeden door zijn fans.

De regisseur deed iets terug voor Amsterdam. Hij verwerkte Rembrandts De Nachtwacht in zijn bizarre gruweltrip The Stendhal Syndrome, waarin dochter Asia Argento in het doek stapt wanneer ze door het syndroom wordt overmand. De uitwerking van dat prikkelende idee liet te wensen over, maar de beproevingen waaraan de maker zijn dochter blootstelde, hadden een enorme impact toen de film op het festival werd vertoond. Het was een splijtzwam in de zaal en er werd lang over nagepraat.

Daarmee was de verschrikkelijke film een aanwinst voor een evenement dat filmvertoningen aan publieke interviews, talkshows en verhitte gesprekken verbindt. Dat heerlijke publieke circus maakt een festival tot een festival, waarin je net als Asia even kunt verdwijnen omdat je overmand wordt door alles wat je ziet, hoort en meemaakt.

Imagine sluit dit jaar in Kriterion af met het hoogst actuele Sea Fever, een puike Ierse genrefilm waarin het overtreden van grenzen bij de visvangst een apocalyptische wending krijgt. Het cruiseschip van Fellini stuitte op een vluchtelingenvloot, de Ieren stuiten op een levensvorm die de mens maar beter kan mijden. Maar de moderne mens verlegt voortdurend grenzen, waardoor het nu ­onmogelijk is geworden om je in een festival onder te dompelen. Dat is een aderlating voor de filmkunst. Het is ook fnuikend voor het culturele leven in de stad. En een bezoeking voor wie graag even kopje-onder gaat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden