Plus Recept van de dag

Knallers van Zweedse kaneelbroodjes

Liesbeth Maliepaard is een freelance reclamemaker die ook haar kinderen wil laten smullen.

Liesbeth Maliepaard. Beeld Mark van der Zouw

Ik heb gebokst, planningen gemaakt, rekeningen betaald en verstuurd, gewerkt aan een droombaan, ben keihard naar huis gefietst en nu moet ik omschakelen. Kat eten geven, was in de machine, avondeten bedenken. Heb ik daar nog schijfruimte voor in mijn hoofd? Ik kus m’n iPaddende zoon en vraag: “Wat zullen we eten?” Zonder op te kijken van zijn schietspel: “Lasagne.”

“Oké,” zeg ik meteen. Nu kijkt hij wel op: “Echt?!”

“Ja, echt. En ik zou trouwens ook nog die Zweedse kaneelbroodjes maken...” Ik heb het m’n kinderen beloofd, want we waren in Zweden van de zomer en we missen ze. Zoon gaat buiten spelen.

Snel kneed ik het deeg. Dat moet toch nog rijzen. Ondertussen luister ik een heerlijke Oprah’s Super Soul Conversation. Iets over ‘the awakened family’. Ik zet de uien vast op voor de bolognese en probeer op te slaan dat ik mijn dromen en verlangens dus niet op mijn kinderen moet projecteren.

Waar is de boodschappentas? Ik ga de deur uit en mijn zoon komt net weer binnen met een vriend. “Ga je naar de Dirk?” vragen de jongens hoopvol. “Wil je dan met ons mee vuurwerk kopen bij de Action?” Ik onderhandel hard en weet er twee keer rugmassage, twee keer vaatwasser uitruimen en één keer koffie uit te slepen. Het mag! De jongens kunnen het nauwelijks geloven.

De boodschappen zijn binnen no time gedaan. En dan door, door, door, de roltrap op naar Action. Van het ‘categorie 1 fop- en schertsvuurwerk’ kiezen we honderd crackling balls, één pak fonteintjes en één pak knal­erwten. Puur geluk. Voor onze deur steken we vast een fonteintje af.

Daarna begint het echte vuurwerk. In de keuken. Binnen een uur zet ik lasagne én knallers van kaneelbroodjes op tafel. En ik ben óók nog op tijd voor de voorlichtingsavond voortgezet onderwijs.

Zweedse kaneelbroodjes

Ingrediënten
Voor ± 12 stuks

Deeg
500 g bloem
2 tl kardemom
1 tl zout
250 ml volle melk
60 g roomboter
30 g suiker
14 g (2 zakjes) instant gist

Vulling
60 g roomboter op kamertemperatuur
200 g donkerbruine basterdsuiker
2 tl kaneel
1 losgeklopt ei

Bereiding
Doe de bloem, kardemom en zout in een kom. Verhit in een kleine pan de melk, boter, suiker en gist tot de boter gesmolten is. Giet bij het bloemmengsel en kneed minstens 10 minuten tot een mooi soepel deeg. Laat in de kom afgedekt met een vochtige theedoek 1 uur rijzen.

Zet de oven aan op 240ºC. Meng dan de ingrediënten voor de vulling met een mixer tot een gladde massa. Bestuif het aanrecht met wat bloem en rol het deeg uit tot een grote rechthoek. Besmeer de helft met vulling en klap het deeg dubbel. Druk goed aan. Snijd het deeg in repen van 1 cm. Wikkel telkens 3 reepjes om elkaar, alsof je een bolletje wol maakt.

Het eerste reepje om je vinger; de andere twee om de eerste heen. Zorg dat de uiteinden zo veel mogelijk aan de onderkant zitten. Vorm zo circa 12 bolletjes ‘wol’. Leg ze op een bakplaat met bakpapier, druk ze iets plat en bestrijk met ei. en bak in circa 15 minuten mooi goudbruin.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden