Plus Interview

Kensingtons Eloi Youssef: ‘Ik leef bewuster nu’

Beeld Linda Stulic

Eloi Youssef (32), frontman van Kensington, vertelt voor het eerst openhartig over de geboorte van zijn dochter en de schaduwkanten van zijn eigen jeugd. Volgende week komt het album Time uit. ‘Ik ging helemaal op in dat plaatje van seks, drugs en rock-’n-roll.’ 

Het was oudejaarsavond 2015 toen het leven van Eloi Youssef een niet voorziene wending kreeg. De zanger had een maand eerder voor het eerst met Kensington in de Ziggo Dome gespeeld. Wegens een explosieve vraag naar kaarten waren het twee uitverkochte avonden geworden, en niet de geplande één.

Vlak na de euforie van de megashows was er ook hartzeer: Youssefs relatie was stukgelopen. Pijnlijk, maar het leek hem na een lange ‘aan-uit-aan-uitrelatie’ wel de juiste beslissing. En dus keek hij vol verwachting naar het nieuwe jaar. Kensington ging internationaal toeren en nóg vaker in de Ziggo Dome spelen. Youssef nodigde de band en meer vrienden uit voor een feestje bij hem thuis. Nog voor de klok twaalf uur sloeg, draaide zijn blik op de toekomst volledig door één telefoontje. Zijn ex-vriendin belde. Boodschap: je wordt vader.

“Ik voelde meteen: dit gaat een heel heftig jaar worden. We hadden met de band afgesproken om met Armin van Buuren over de hele wereld te gaan optreden en we zaten midden in het maakproces van het album Control. Uiteindelijk heb ik veel geschreven over de verwarrende maanden die volgden. Het nummer Control bijvoorbeeld. Gaat over weten dat er iets groots aankomt waarvoor je niet bewust hebt gekozen. Ik vond het moeilijk geen controle over de situatie te hebben. No Control/How Wonderful/How horrible, schreef ik.”

Volgens mij hebben niet veel mensen dat uit de liedteksten gehaald. Ik denk dat weinig mensen weten dat u een dochter heeft.

“Dat vond ik in het begin ook prettig. Ik wist nog niet hoe de geboorte mijn leven zou beïnvloeden. Wilde dat in alle rust uitvinden. Het was iets te puur, iets te echt om buiten mijn privékring te vertellen. En wat ook speelde: ik had nog moeite helemaal te accepteren dat de situatie voor mijn kind niet ideaal zou worden.”

“Maar nu weet ik: ik kies hier met volle overgave voor. Ik ben dolblij met de drie dagen per week die ik met mijn dochter doorbreng. Dat is gewoon de waarheid en die wil ik kunnen uiten. Ik vertrouw erop dat mensen daarmee ook goed kunnen omgaan.”

Op het nieuwe album Time staat het lied What Lies Ahead. Daarop klinkt de toekomst hoopvol en angstig tegelijk.

“Het is een soort vervolg op Control. Sophia zat in mijn hoofd toen ik de tekst schreef. To fear what lies ahead now/ But I know that I will do everything for you again. Wat ik bedoel: ik vond het eng toen we begonnen en daarbij is een nieuwe grote angst gekomen: dat mijn kind iets overkomt. Maar ik zou het allemaal zo weer doen. Die puurheid die ze meebrengt, is het allemaal waard. Mijn leven is totaal veranderd. En beter geworden.”

Op een koude herfstochtend schenkt Youssef kruidenthee uit een Chinese theepot in zijn appartement in het centrum van Utrecht. “Kun je de frituurlucht nog ruiken?” vraagt hij. “Sophia en ik hebben gisteren geprobeerd zelfs chips te maken. Nog best aardig gelukt, maar ik krijg de geur niet weg.” Een verstuiver blaast vochtige lucht door de woonkamer met open keuken.

Het huis is half muzikantenheiligdom, drie gitaren, een mengpaneel en een glanzende zwarte piano, en half peuterpaleis met kleurboeken, tekenstiften en een net afgebroken kartonnen hut. In de boekenkast ernaast staan biografieën van Barry Hay en Mötley Crüe naast de Maankaraktergids. Op de salontafel ligt het handboek Transactionele Analyse. Youssef nestelt zich in kleermakerszit op de hoekbank.

Hij heeft het dubbele bovenhuis net betrokken. Een verhuizing die volgde op acht weken in het Canadese Vancouver. Daar smeedde Youssef met Kensington het vijfde album, Time, dat volgende week verschijnt. De plaat voelt, zo zegt de zanger en tekstschrijver, als een belangrijke stap voorwaarts. De sleutelwoorden, aldus Youssef: authenticiteit en soberheid. “Alle regels die we onszelf hadden opgelegd, ‘dit of dat kan niet, want dat is niet cool’, hebben we overboord gezet. Het moest écht zijn.”

En wat is daardoor verdwenen uit jullie muziek?

“Vooral veel bombast. Ik ben nog steeds heel trots op de sound die we hiervoor hebben neergezet, maar het voelde niet goed dat nóg een keer te doen. De thematiek op dit album is puurder, rauwer. Het past gewoon minder om liedjes dan helemaal vol te proppen met bombast.”

Dat was wel de sound die de band veel succes heeft gebracht. Zei er van jullie vieren niemand: ‘Ho even, zo klinkt Kensington nu eenmaal.’

“We hebben er nauwelijks discussies over gehad. Het liep gewoon zo. Juist als we tijdens het schrijven op iets uitkwamen dat ons bekend voorkwam, zeiden we tegen elkaar: ‘Maken we het omdat we het nu echt willen schrijven of omdat we deze methode goed kennen en weten dat het werkt?’ Dat laatste zou gaan knagen. Oké, op vorige platen staan een paar nummers die wel op die manier ontstonden, maar dat wilden we niet meer.”

Beeld Linda Stulic

Control was de plaat waarop u voor het eerst persoonlijk werd. Hoe kenschetst u Time?

“Ik denk ‘beschouwend’. Rivals, de voorganger van Control, kwam tot stand uit een heel ambitieuze drive. Met veel nadruk op de grote refreinen. Bij Control zat ik tekstueel nogal in de slachtofferrol; dit gebeurt me allemaal, hoe verwerk ik dat. Zo schreef ik: pak een emotie die langsdrijft, vergroot die uit en je hebt de basis voor een tekst. Vaak ging ik bewust terug naar pijn van vroeger. Sorry bijvoorbeeld. Dat is echt zwelgen.”

“Nu wilde ik een stapje opzij: van een afstandje kijken hoe onze levens, maar ook de rest van de wereld, ervoor staan. Ik schrijf over milieuproblematiek op Chronos Pt. 1 en Ten Times The Weight is een ode aan mijn muzikale held Chris Cornell.”

Voorheen had u baat bij een donkere stemming om een goed lied te schrijven?

“Ja. Maar ik merkte hoe ik langzaam verslaafd raakte aan die lage energie waarin je dan terechtkomt. Ik begon te denken dat het leven echt zo somber was. Maar die gedachten zijn, zo ben ik gaan begrijpen, geen vast gegeven, maar het gevolg van eerder trauma.”

“Dat werd allemaal extra duidelijk toen Sophia kwam. O shit, dacht ik toen ik de navelstreng doorknipte. Ik voelde voor het eerst onvoorwaardelijke liefde. Ik raakte ervan in paniek. Bemerkte dat ik nooit goed geleerd had hoe dat moest, zo veel van iemand houden. Dat leerproces heb ik de afgelopen jaren doorlopen.”

Wat is de pijn van vroeger waarover u praat?

“Opgroeien met twee ouders die nooit geleerd hebben om lief te hebben, om aan te raken. Die allebei vanuit oude pijn aan hun ouderschap zijn begonnen. Hoewel ze het onbewust deden, creëerde dat bij ons thuis een onveilige situatie.”

Hoe?

“Wat me toen het meest heeft geraakt, is het negeren. Ik heb jarenlang met mijn vader in een huis gewoond zonder dat hij een woord tegen me sprak. En wat is de logische reactie van een jonge puber? Die denkt dat het zijn schuld is. Het is niet de enkele keer dat ik een klap in mijn gezicht kreeg die uiteindelijk het meeste pijn deed, het was het voortdurende gevoel van spanning en angst.”

“Vooral nu ik zelf een kind heb en zie hoe onschuldig en puur zo’n wezentje is, vraag ik me af: hoe kan het dat je dat als ouder niet ziet? Dat je zo’n kind nooit knuffelt? Nooit de liefde geeft waar hij om vraagt? Dat kan toch niet?”

Wat zou uw antwoord nu zijn?

“Ik begin het steeds beter te begrijpen. Laatst nog had ik een goed gesprek met mijn vader. Hij zei: ‘Ik wilde in elk geval niet hetzelfde doen als mijn vader bij mij deed.’ Zijn opvoeding bestond uit veel geweld. Hoeveel heb je moeten verduren als je denkt dat compleet niets doen het beste is? Toch is hij op een bepaalde manier wel zijn eigen trauma te lijf gegaan. Dat bracht een bepaalde connectie teweeg: ik moet aan de slag omdat ik de pijn uit mijn jeugd absoluut niet aan mijn dochter wil doorgeven.”

Kon uw moeder geen tegenwicht aan de situatie bieden?

“Dat was voor haar niet te doen, nee. Er werd niet gesproken in huis. Door beide volwassenen niet. Als puber kun je vervolgens twee dingen doen: je helemaal aanpassen of rebelleren. Dat laatste deed ik. Ik zocht het in alcohol of drugs, en rende weg als ik me onveilig voelde. Of het nou ging om sluimerende dreiging of de echt fysieke vorm: ik vluchtte naar vrienden of vriendinnen en later ook naar de band.”

Jullie woonden in een rijtjeshuis in Bunnik. Tot wanneer bent u daar gebleven?

“Ik wilde er zo snel mogelijk weg. Moeilijk omdat ik na de havo niet ging studeren, maar allemaal van die slecht betaalde shitbaantjes had. Ik werkte in een bibliotheek, schepte ijs of hielp in de catering. Ik weet nog hoe ik bij dat laatste bedrijf de vloer stond te boenen, toen ik onze single Let Go de hele dag op 3FM hoorde. Maar goed, dan ben je nog niet meteen waar je wilt zijn natuurlijk.”

“Ik weet nog dat ik achttien werd en van huis wegliep, maar mijn ouders me terughaalden en dwongen die verjaardag thuis te vieren.” Stilte. “Het was toen gewoon krankzinnig thuis. Die dagen waren de meest ellendige, eenzame van mijn leven.”

Wat gebeurde er toen thuis?

“Ik wil niet alle details terughalen. Maar ik weet nog dat ik tegen mijn vader riep: ‘Je bent gek!’ En daarna was ik echt weg.”

Hoe is jullie relatie nu?

“Ik ga weer vaker naar hen toe: ik wil dat gat helen. Met mijn moeder kan ik goed praten. Ze is in therapie en werkt aan zichzelf. Met mijn vader is het stroever. Hij heeft spijt. ‘Het was onmacht,’ zegt hij. Ik koester geen wrok. Toch komt af en toe die woede van toen op. Maar die kan ik inmiddels vrij goed kanaliseren. Rossen op een boksbal of in m’n eentje de auto in en dan even flink schreeuwen, channelen en voelen. Dan ben ik het kwijt.”

Wanneer deed u dat voor het laatst?

“Niet zo heel lang geleden. Co-ouderschap gaat niet altijd helemaal vanzelf, helaas. Ik doe mijn uiterste best Sophia daarvan niets te laten merken. Dus rijd ik soms even een extra rondje in de auto en ben ik het kwijt. Op het podium lukt het soms ook. Dan schreeuw ik aan het einde van een set alles eruit.”

Is er daarvoor een lied het best geschikt?

“St. Helena. Zonder twijfel. Een keer zeiden de jongens na afloop: ‘We moesten even onze oortjes uitdoen, zo hard was het.’ Dat lied gaat over een relatie waarin twee mensen elkaar niet begrijpen, hoe goed ze hun best ook doen, al hun emotionele bagage belemmert de communicatie. Die twee zitten helemaal vast.”

Zo verliepen uw relaties ook?

“Deels wel, ja. Inmiddels kan ik gelukkig veel beter over mijn emoties praten. Klein bijkomend voordeel: dat is handig bij het schrijven van teksten.”

Heeft u veel relaties gehad?

“Vier vanaf mijn negentiende, denk ik. Alleen de laatste, met de vrouw met wie ik mijn dochter heb, duurde echt lang. Dat is de laatste zeven jaar een kwestie van steeds opnieuw proberen en weer stoppen geweest. We zijn nu puur co-ouders. Dat is voor iedereen het beste.”

Hebben jullie wel besproken of jullie situatie de juiste was voor de komst van een kind?

“Of we eraan gedacht hebben de zwangerschap te stoppen, bedoel je? Daar waren we het vrijwel meteen over eens: nee. Onbewust voelde ik, denk ik, ook dat het goed voor mij zou zijn.”

“Toch knaagt het soms ook hoor. In mijn grote droombeeld van vroeger zag ik mezelf aan het stuur van een auto. Met de vrouw van wie ik houd naast me en de rest van het gezin achterin. Op weg naar een glooiend berglandschap. Vrijheid en avontuur. Dat had ik graag aan mijn kind meegegeven.”

U kunt het ook alleen met uw dochter doen?

“Als ik eerlijk ben: als ik daar aan denk, voelt dat best zwaar. Misschien als ze wat ouder is en je niet bij elke stap achter haar aan hoeft te rennen. Daarom zijn we in Vancouver ook even met z’n drieën op pad gegaan. Dat was fijn, maar geen lange-termijnoplossing.”

U heeft geen nieuwe relatie?

“Nee. Ik ben daar niet klaar voor nu. En er is iets bijgekomen natuurlijk. Ik kijk naar een vrouw niet alleen meer met de blik: vind ik haar een fijn persoon. Maar ook met de vraag: zou zij een goede moeder zijn? Ik merk dat ik het niet meer interessant vind als iemand niet aan beide voorwaarden voldoet. Dan zou het alleen als tijdverdrijf voelen. Waarom zou ik daarvoor kiezen?”

Wel een contrastrijk leven. De ene avond zingen in de Johan Cruijf Arena, de dag erna samen met een peuter tussen de kleurboeken.

“In de Arena was Sophia er ook bij. Het is de enige keer dat ik na een show heb moeten huilen. Onze manager kwam met een filmpje van mijn dochter die met zo’n grote koptelefoon op naar het podium staart. Het was al best wel een ontlading, al die weggevallen spanning van zo’n grote show. maar toen ik dat zag, was het niet een traantje, maar echt voluit huilen.”

Stilte. “Kijk, een deel van mij vindt het opvoeden nu het belangrijkste werk dat ik heb. Er is ook echt een transformatie gaande: ik vind die dagen met haar de fijnste van de week.”

Een paar jaar geleden vertelde u hoe u op het laatste moment een vakantie met uw broer afzegde omdat Kensington een optreden kon doen. De band komt niet langer op één?

“Het is duidelijk: als je een kind krijgt, is dat het belangrijkste in je leven. Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen tegen mijn ex te zeggen: ‘Je doet het maar lekker alleen. Want het komt me nu even niet uit.’ Ik voelde dat dit mijn grootste verantwoordelijkheid zou worden.”

U voelt u ook verantwoordelijker voor de rest van de wereld, vertelde jullie gitarist Casper Starreveld. Zo bent u vegetariër geworden.

“Ik ben veel meer bezig met hoe we onze planeet doorgeven, ja. Dat was ik altijd al wel, maar sinds de geboorte van Sophia heb ik meer respect voor het leven gekregen. Hoe bijzonder het is, wil ik ervaren zonder dat het ten koste gaat van andere wezens.”

“Ik leef sowieso bewuster nu, heb mijn smartphone weggedaan. Te veel afleiding. Heel soms beantwoord ik tien minuten mailtjes op mijn iPad als Sophia er is. Dat leg ik dan goed aan haar uit. Maar verder wil ik niet worden afgeleid.”

Bent u anders naar de ambities van de band gaan kijken?

“De band staat niet langer meer op één. Dat was wel zo. Alles week voor Kensington. Nu plan ik alles heel goed. Zomaar ergens een interviewtje tussendoor? Daarvoor lever ik geen dag met mijn dochter in. En nu we met Kensington in de Arena hebben gespeeld, is kwantiteit niet meer mijn grootste ambitie. Als we straks weer in de clubs optreden, vind ik dat net zo mooi. Die houding hoor je nu ook in de muziek. Het is wat organischer en echter.”

Waarom hadden jullie hiervoor een laagje om die echtheid heen met galm op de stem en echoënde gitaren? Die bombast werd door recensenten vaak bekritiseerd.

“Dat was logisch. Waar had die kritiek anders over moeten gaan? Wat kan de journalistiek anders doen bij een band die groeit tot voor Nederland ongekende hoogte? Die gaan ze echt niet nóg meer de lucht in schrijven. De kritiek werd, en dat vind ik eigenlijk wel mooi, nooit echt inhoudelijk. Het was vooral haat over de positie die we hadden bereikt. Ik ben wel benieuwd hoe straks over Time wordt geschreven. Misschien dat de pers in de ingetogenheid toch iets vindt dat even onze positie doet vergeten.”

Bent u toch nieuwsgierig? Eerder zei u recensies niet meer te lezen.

“Ik lees ze weinig, maar ben wel benieuwd naar de teneur. En ik weet: deze hele reis is voor ons hoe dan ook nodig geweest. Als daar iemand met een kladblokje naast wil staan, prima. En als kritiek gegrond is, en het resultaat van je echt ergens in verdiepen, lees ik het graag.”

Na jullie optreden op Werchter in 2016 werden jullie afgemaakt in de Belgische pers. Humo vroeg zich af of de Albert Heijn tegenwoordig ook bands verkoopt.

“Een andere recensie begon met de zin: ‘Mijn moeder zei altijd: vertrouw nooit een man met een hoed op.’ Nu was ik vooraf al gewaarschuwd: ‘Hoeden vinden ze hier uitsloverig Hollands. Kun je niks anders op je hoofd zetten?’ Kom op zeg. Hoe oppervlakkig kun je zijn? Moet ik me dan anders gaan kleden voor een beter stukje in de krant? Ik ben blij dat ik me niet heb aangepast. Het was een stap in de goede richting.”

Had u dat eerder anders gedaan?

“Best lang heb ik het idee gehad dat ik de rol van rockster moest spelen. Maar die gedachte is helemaal verschoven. Ik ben geen rockster, maar een muzikant en liedjesschrijver.”

“In de jaren vlak na onze eerste radiohit ging ik helemaal op in dat hele plaatje van seks, drugs en rock-’n-roll. Was gelijk handig om de ellende bij ons thuis mee te verdoven. De afgelopen jaren doe ik helemaal geen drugs meer en drink ik nauwelijks alcohol. Ik heb ervoor gekozen de pieken, maar ook de dalen weer helemaal te voelen.”

Beeld Linda Stulic

Wat voor drugs gebruikte u?

“Laten we het erop houden dat ik bijna alles geprobeerd heb. Waar ik dan ook vrij veel bij dronk. Het was mijn feesttijd en ik heb ervan genoten. Maar als je er te lang in blijft hangen, krijgt dat gedrag een triest randje. Helemaal nu ik terugkijk, denk ik: wat erg dat ik dat gat aan liefde en genegenheid op die manier moest opvullen.”

“Ik ben nu 32. Volwassen worden hoeft niet per se superserieus te zijn, maar je moet wel verantwoordelijkheid nemen. Niet alleen voor mijn dochter, maar ook voor mijn vrienden en familie. Die heb ik allemaal nogal verwaarloosd.”

“Want het ging in die jaren alleen maar om mij. Je kon me een emotioneel verhaal vertellen, maar ik luisterde maar half. Ik heb toen veel mensen pijn gedaan. Ik doorzie wel hoe het werkte: die rebel die zijn ouderlijk huis ontvluchtte en klein werd gehouden, kreeg ineens een podium en allemaal liefde van het publiek. Zie je nou wel, dit gedrag loont, denkt die jongen dan. Daarvan is het moeilijk afstand doen.”

“Nu zie ik: het gaat niet om de bevestiging die ik krijg, maar juist om het raken van de mensen daar voor m’n neus. Ik sta in dienst van de muziek in plaats van mijn ego.” 

Het album Time verschijnt vrijdag 15 november. Op 5, 6 en 7 december speelt Kensington in de Ziggo Dome.

Eloi Youssef

28 juni 1987, Utrecht

1991-1995 Maaspleinschool, Utrecht

1995-1999 Anne Frankschool, Bunnik

1999-2002 Vmbo, Christelijk Lyceum Zeist

2003-2005 Havo de Breul te Zeist

2005 Kensington ontstaat uit de middelbareschoolband Quad

2010 Eerste single: Youth. Opvolger Let Go is de eerste radiohit. Beide staan op debuutalbum Borders

2012 Home Again van het tweede album Vultures (2012) is de eerste grote hit van de band

2014 Het derde album Rivals haalt drie keer platina

2015 Kensington speelt twee keer in een uitverkocht Ziggo Dome

2018 Het grootste concert in een uitverkochte Johan Cruijff Arena

Eloi Youssef is vader van een dochter en woont in Utrecht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden