Interview

Judith Zilversmit over de PS van het Jaar: ‘Alle verhalen moeten raken’

Judith Zilversmit voor de PS van het Jaar. Beeld Het Parool

PS sluit het jaar weer af met een dubbeldik zaterdagmagazine: PS van het Jaar. Met langere verhalen dan normaal, waar je eens goed voor kunt gaan zitten. Het wordt géén terugbliknummer, belooft chef Judith Zilversmit: ‘Met PS van het Jaar ga je vol goede zin 2020 in.’

Aan een glazen wand op de redactie van Het Parool hangen alle pagina’s van de eindejaarsbijlage: een interview met burgemeester Femke Halsema, een fotoreeks met moslima’s die als succesvolle influencers tienduizenden volgers hebben, een portretserie van Amsterdammers die in het holst van de nacht hardlopen – in het kader goede voornemens – en een verhaal over mannen die geen kinderen kunnen krijgen.

“Het is 
een mooie mix van lichte en zwaardere verhalen geworden,” zegt Judith Zilversmit, chef van de dagelijkse bijlage PS en het zaterdagmagazine PS van de Week. 

Wat maakt een verhaal geschikt voor PS van het Jaar?

“PS gaat hoofdzakelijk over het leven in de stad, dus ook in het eindejaarsnummer moet het gaan over onderwerpen en verhalen die in de stad spelen. Dat kunnen follow-ups zijn van nieuwsverhalen – het menselijke verhaal achter het nieuws, bijvoorbeeld – maar ook persoonlijke verhalen waarin lezers zich kunnen herkennen. Journalist Tom Grosfeld, die pas 25 is, schreef voor PS van het Jaar bijvoorbeeld vanuit zijn nieuwsgierigheid een stuk over ‘agendahedonisme’: de drang om vijfjarenplannen vol ambities op te stellen. Een eigentijds onderwerp, waar ongetwijfeld meer mensen mee worstelen. Dat geldt ook voor het verhaal over mannen met ‘slecht zaad’, die openhartig vertellen dat dit probleem hen aantast in hun mannelijkheid. De moslimabloggers zijn op hun eigen manier inspirerend – niet alleen omdat ze de diversiteit van de stad vertegenwoordigen, maar ook omdat ze als twintigers al veel bereikt hebben. Alle verhalen moeten raken.”

Veel andere kranten hebben een dik interviewnummer rond kerst; PS van het Jaar verschijnt op de laatste zaterdag van het jaar. Waarom is daarvoor gekozen?

“Interviewbijlages maakt iedereen al; het leek ons interessanter alvast naar het komende jaar te kijken, of in ieder geval dat gevoel van ‘wat komen gaat’ en nieuwsgierigheid op te roepen. Aan het einde van het jaar zijn bovendien veel mensen vrij, is de kerstdrukte achter de rug en hebben lezers tijd om er echt even voor te gaan zitten. Daarom is PS van het Jaar een dikker nummer, met 130 pagina’s in plaats van de gebruikelijke 56. Er is ruimte voor langere verhalen dan normaal. Denk aan het verhaal over Mr. Kaor, dat Lex Boon vorig jaar voor het eindejaarsnummerschreef (waarmee Boon onlangs een Mercur voor beste reportage won, red.). We kunnen nog meer uitpakken met beeld en tekst.”

Wordt er niet teruggeblikt naar 2019?

“Nee. In de laatste week van het jaar plaatsen we in de dagelijkse PS elke dag een interview met een markante Amsterdammer die terugblikt, dus in PS van het Jaar kunnen we ons volledig richten op het nieuwe jaar. Wat gaan we doen? Wat zijn de trends op eetgebied? In het grote interview vertelt Femke Halsema wel over wat er dit jaar gebeurd is, maar ook zij heeft het over de toekomst. Met PS van het Jaar ga je vol goede zin 2020 in.”

Hoe komt PS van het Jaar tot stand? 

“We beginnen er elk jaar steeds vroeger over na te denken. Van sommige verhalen wist ik al: die gaan naar PS van het Jaar. Die had ik ‘opgespaard’. Dit jaar hadden we in september een grotere redactievergadering dan normaal. Daar zijn een paar verhalen voor PS van het Jaar uitgekomen; andere zijn uiteindelijk geplaatst in PS van de Week omdat ze minder goed in de mix pasten. Dat is vaak een gevoelskwestie – een verhaal over het taboe op miskramen en een verhaal over het taboe op onvruchtbaarheid bij mannen in één nummer vind ik niet goed samengaan. Als een onderwerp meteen gesprekken op de redactie oplevert, weet ik dat het leeft en er een verhaal in zit. En als een collega iets wil schrijven vanuit eigen nieuwsgierigheid, levert dat ook vaak een goed verhaal op. De invalshoek is natuurlijk belangrijk: waarom moeten mensen dit verhaal nú lezen, wat gaan we er precies mee vertellen? En het interview moet altijd een persoonlijke insteek hebben, anders raakt het niet. Het moet inspireren of er moeten herkenningspunten in zitten, en dat gaat vaak niet als iemand alleen maar over zijn of haar werk vertelt. Wat drijft iemand? Dan moet je net even doorvragen om door de buitenkant heen te breken. De tone of voice van het magazine is daarin net anders dan die van de nieuwskrant.”

Bedenk je zelf ook verhalen?

“Ja continu, die sluimeren altijd in mijn hoofd. Ik haal vaak onderwerpen van straat of uit gesprekken, ik sta altijd aan. Meestal loop je letterlijk tegen dingen aan. Zo was ik op een presentatie van Viktor & Rolf toen Rawdah, een van die moslima-influencers, binnenkwam. Fiona Hering, die voor Het Parool over mode schrijft, was er ook. Ik heb haar ter plekke gevraagd of zij de serie wilde maken. En ik sprak chef-kok Joris Bijdendijk, die vertelde dat hij altijd ’s nachts hardloopt. Ik dacht meteen: daar zit een verhaal in. Welke ‘gekkies’ doen dat nog meer?”  

Bemoei je je als chef met elke letter?

“Ik bemoei me met alles ja, letter en beeld, al probeer ik er elk jaar iets minder voortdurend bovenop te zitten – de dagelijkse PS en PS van de Week gaan ook nog gewoon door. Aan de andere kant is het de aard van het beestje, vrees ik: altijd overal een mening over hebben. Als alle pagina’s aan de muur hangen, voordat het nummer naar de drukker gaat, kijk ik ook altijd nog goed naar de koppen, beelden en de volgorde van de artikelen. Ik neem alles mee naar huis, dan leg ik de printjes helemaal uit in mijn woonkamer en zie ik meteen: dit verhaal moet naar voren, die ander naar achteren. Er moet een ritme in zitten. Na een lang leesverhaal wil ik bijvoorbeeld een wat luchtiger stuk hebben met veel beeld. De volgorde staat niet vast; ik heb wel acht planken gemaakt (een schematisch overzicht van de indeling, red.). Het blijft iets moois om te maken, dus je wilt het wel goed doen.”

Je bent sinds vier jaar chef bij PS en PS van de Week. Is het weekendmagazine onder jouw leiding veranderd?

“Dat denk ik wel. Zo’n magazine krijgt toch ook de signatuur van degene die de lijnen uitzet. Ik denk dat het Amsterdamser is geworden, met meer oog voor de zachte en sociale aspecten van de stad. Het magazine richt zich op mensen of verhalen en reportages die bijzonder zijn en stelt zich de vraag hoe we in deze hectische tijden, waarin Amsterdam nogal snel verandert, greep op het leven proberen te houden. Verder letten we nu nog meer op diversiteit: we laten mensen met verschillende culturele achtergronden aan het woord en zorgen ervoor dat de experts die we raadplegen bestaan uit mannen én vrouwen. We maken een magazine voor iedereen. En altijd vanuit het idee dat het leven het waard is geleefd en gevierd te worden; een belangrijke pijler van Het Parool. Dat betekent niet dat we niet kritisch zijn, maar dat bij ons bijzondere verhalen alle ruimte krijgen.”

Hoe ziet 2020 eruit voor de dagelijkse bijlage en het magazine?

“In de dagelijkse PS willen we directer inspelen op de actualiteit. Niet door hard nieuws te brengen – daar is de nieuwskrant voor – maar door te duiden en het effect van nieuws op individuele Amsterdammers te laten zien. Met PS van het Jaar wil ik in 2020 nóg eerder beginnen, zodat we zelfs de tijd kunnen nemen om een heel jaar aan een stuk te werken. En in PS van de Week blijven we streven naar de mooiste en verrassendste verhalen over het leven in de stad. Ons magazine is, als het goed uitpakt, het sociale en culturele kompas van de stad.”

PS van het Jaar verschijnt op zaterdag 28 december bij Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden