Review

Jerry Lee Lewis in de HMH

Jerry Lewis tijdens een optreden in Los Angeles op 28 oktober 2010. Fotot EPA Beeld
Jerry Lewis tijdens een optreden in Los Angeles op 28 oktober 2010. Fotot EPA

Om misverstanden te voorkomen: De rol van Jerry Lee Lewis voor de popmuziek laat zich nauwelijks overschatten. Zijn bijdrage aan de rock-'n-roll is even essentieel als imposant. 75 is hij en gisteravond stond hij weer eens in de Heineken Music Hall. Maar hoeveel respect 'The Killer' ook verdient, ditmaal, in Amsterdam, stond je toch vooral naar fysieke aftakeling te kijken.

Dat hij amper veertig minuten speelde - het voorprogramma van zijn jongere zus Linda Gail Lewis duurde aanzienlijk langer en zijn begeleidingsband leidde hem een kwartier in - is het punt niet. Het gaat immers niet om de kwantiteit. Ernstiger is dat Lewis zijn songs alleen nog maar 'uit kan spelen' en ze op geen enkele wijze meer impact of verdieping meegeeft.

Goed beschouwd kan Lewis' immense betekenis voor de muziek vastgeprikt worden op één enkel jaar, van zomer 1957 tot zomer 1958. Het jaar van zijn klassieke, dampende rock-'n-rollhits Whole lotta shakin' goin on en Great balls of fire.

Het jaar dat hij zijn woeste podiumshow ontwikkelde waaraan hij zijn koosnaam 'The Killer' dankt. Met als apotheose die keer dat hij met Chuck Berry geprogrammeerd stond en de oudere Berry, zeer tegen de zin van Lewis, als laatste mocht spelen. In zijn slotnummer Great balls of fire goot Lewis een blikje benzine leeg over het klavier, stak dat aan, beukte het nummer onder gejuich van het publiek op de vlammende toetsen ten einde, sloeg de klep van piano dicht en beet bij het verlaten van het podium Berry toe: ''Nou jij nigger, probeer daar nog maar eens overheen te komen!''
Maar het was ook het jaar van de neergang, toen de Britse en Amerikaanse pers hem neersabelden om zijn huwelijk met zijn dertienjarige nichtje. Jerry Lee Lewis zou nooit meer zo'n ster worden als Elvis.

Sinds het verschijnen van de film over zijn leven, Great balls of fire uit 1989, speelt Lewis vaker op de Europese concertpodia dan hij vroeger ooit gedaan heeft. Maar de jaren gaan tellen. In de matig gevulde Heineken Music Hall zit hij vrijwel het hele optreden als een mummie op de kruk. Zijn vingers spelen weliswaar nog de pianoakkoorden en -loopjes, maar die zitten in zijn genen verankerd. Lewis' stemgeluid is nog krachtig, maar articuleren is er nauwelijks meer bij.

Hij werkt zich door elf korte liedjes, begeleid door vier generatiegenoten. Tijdens de laatste maten van slotnummer Whole lotta shakin' goin on staat hij op, schopt wat onhandig de kruk opzij, draait zich om en laat zich één keer met de billen op het klavier zakken. Dan sjokt hij het podium af. (PETER BRUYN)

Jerry Lee Lewis
9/11 Heineken Music Hall

undefined

De Amerikaanse 'rocker' Jerry Lee Lewis gebruikte zelfs zijn ellebogen om piano te spelen. Archieffoto ANP Beeld
De Amerikaanse 'rocker' Jerry Lee Lewis gebruikte zelfs zijn ellebogen om piano te spelen. Archieffoto ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden